Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
merkt 1
mes 1
messen 1
met 224
meteen 1
metterdaad 4
middagmaal 3
Frequency    [«  »]
256 dat
241 niet
230 als
224 met
216 aan
206 op
201 is
Sint Benedictus
BenedictusRegel

IntraText - Concordances

met

                                                  bold = Main text
    Chapter, Verse                                grey = Comment text
1 Prol, 6 | tijde moeten wij Hem dan ook met zijn eigen gaven, die Hij 2 Prol, 9 | goddelijk licht, moeten wij met een aandachtig oor luisteren 3 Prol, 21| dan onze lendenen omgorden met het geloof en met de trouw 4 Prol, 21| omgorden met het geloof en met de trouw in het volbrengen 5 Prol, 23| ondervragen wij de Heer zelf met de woorden van de profeet: " 6 Prol, 26| spreekt in zijn hart; die met zijn tong geen bedrog pleegt;~ 7 Prol, 28| iets influistert, samen met zijn influisteringen wegstoot 8 Prol, 30| die in hen werkt, door met de profeet te zeggen: "Niet 9 Prol, 33| handelt, hem vergelijk Ik met een verstandig man, die 10 Prol, 36| worden de dagen van dit leven met het oog op een verbetering 11 Prol, 41| aan de Heer, dat Hij ons met de hulp van zijn genade 12 Prol, 49| zich het hart en snelt men met een onuitsprekelijk blije 13 1, 4 | 4 met de steun van de gemeenschap 14 1, 5 | in de woestijn, zijn zij met de steun van God sterk genoeg 15 1, 5 | zonder andermans hulp, alleen met eigen hand en arm veilig 16 1, 7 | 7 Doordat zij met hun werken de wereld trouw 17 1, 8 | 8 Zij leven met tweeën of drieën of zelfs 18 1, 13 | willen nu ertoe overgaan om met Gods hulp een regel op te 19 2, 1 | en de naam van overste met daden waar maken. ~ 20 2, 2 | klooster, want hij wordt met diens naam genoemd ~ 21 2, 9 | 9 Dan kan hij met de profeet tot de Heer zeggen: " 22 2, 12 | goed en heilig is meer nog met daden dan met woorden duidelijk 23 2, 12 | is meer nog met daden dan met woorden duidelijk maken, 24 2, 13 | leerlingen als strijdig met Gods wet heeft voorgehouden, 25 2, 22 | echter wel rekening houdt met hun verdiensten.~ 26 2, 24 | omstandigheden afwisselend met dreigementen en met vriendelijkheid 27 2, 24 | afwisselend met dreigementen en met vriendelijkheid te werk 28 2, 25 | karakters daarentegen moet hij met aandrang opwekken om nog 29 2, 26 | ze, zo goed als hij kan, met wortel en al uitroeien, 30 2, 28 | roede en lijfskastijding, met het oog op wat er geschreven 31 2, 28 | geschreven staat: "De dwaas is met woorden niet te verbeteren", ~ 32 2, 29 | en verder: "Sla uw zoon met de roede en gij zult zijn 33 2, 31 | van velen. De een moet hij met milde goedheid tegemoet 34 2, 31 | tegemoet treden, een ander met terechtwijzingen, weer een 35 2, 31 | terechtwijzingen, weer een ander met overredingskracht, ~ 36 2, 39 | 39 Zo zal hij altijd met vrees blijven denken aan 37 2, 39 | herder te wachten staat met betrekking tot de schapen 38 2, 40 | 40 en door anderen met zijn vermaningen beter te 39 3, 6 | dient ook deze laatste alles met beleid en billijkheid te 40 3, 9 | of buiten het klooster met zijn abt te redetwisten. ~ 41 3, 11 | kant echter moet alles doen met de vreze Gods en met inachtneming 42 3, 11 | doen met de vreze Gods en met inachtneming van de Regel, 43 3, 13 | geschreven staat: "Doe alles met raad, dan hoeft het u later 44 4, 1 | God de Heer liefhebben met geheel zijn hart, met geheel 45 4, 1 | liefhebben met geheel zijn hart, met geheel zijn ziel, met al 46 4, 1 | hart, met geheel zijn ziel, met al zijn kracht.~ 47 4, 23 | 23 Niet met zijn misnoegdheid bezig 48 4, 28 | 28 met hart en mond de waarheid 49 4, 29 | 29 Geen kwaad met kwaad vergelden.~ 50 4, 46 | 46 Met heel de drang van zijn hart 51 4, 57 | vroegere zonden dagelijks met tranen en zuchten~ in het 52 4, 62 | maar het eerst zijn, om met meer recht zo genoemd te 53 4, 73 | zonsondergang weer verzoenen met wie men onenigheid heeft.~ 54 4, 78 | werkplaats waar wij dit alles met toeleg moeten doen, is de 55 5, 9 | ogenblik volgen de beide dingen met de snelheid die voortkomt 56 5, 14 | traag, niet onverschillig of met gemopper of tegenspraak 57 5, 17 | daarentegen een leerling met tegenzin gehoorzaamt, en 58 5, 17 | gehoorzaamt, en niet alleen met de mond, maar zelfs alleen 59 6, 1 | bewaken om niet te zondigen met mijn tong. Ik heb bij mijn 60 6, 7 | overste, dan vraagt men het met alle nederigheid en eerbiedige 61 7, 12 | hetzij in gedachten, hetzij met woorden, in handel en wandel, 62 7, 22 | 22 en als wij tevens met schrik bedenken wat er over 63 7, 43 | 43 met de Apostel Paulus verdragen 64 7, 45 | Schrift spoort ons hiertoe aan met de woorden: "Openbaar de 65 7, 49 | bestaat hierin, dat de monnik met het allerarmste en allergeringste 66 7, 50 | Want hij zegt bij zichzelf met de profeet: "Ik ben tot 67 7, 51 | hierin, dat men niet alleen met de mond zegt de laatste 68 7, 52 | Men vernedert zich en zegt met de profeet: "Ik echter ben 69 7, 60 | lachen, nederig en ernstig, met weinige en weloverwogen 70 7, 65 | tollenaar het uit Evangelie, die met neergeslagen ogen sprak: " 71 7, 66 | 66 En met de profeet zegt hij: "Ik 72 7, 68 | hij alles wat hij eerst met een zekere angst volbracht, 73 9, 2 | 2 Daarop volgt psalm 3 met "Eer aan de Vader". ~ 74 9, 3 | 3 Hierna psalm 94 met antifoon of anders zonder 75 9, 4 | hymne; daarna zes psalmen met hun antifonen.~ 76 9, 9 | 9 Na deze drie lessen met haar responsories volgen 77 9, 9 | andere zes psalmen, die met Alleluia gezongen worden. ~ 78 11, 2 | zeiden - vier lessen gelezen met haar responsories, ~ 79 11, 4 | psalmen in numerieke volgorde met hun antifonen evenals de 80 11, 5 | vier andere lessen gelezen met haar responsories op dezelfde 81 11, 6 | aangewezen. Deze kantieken worden met Alleluia gezongen. ~ 82 11, 9 | Evangelie, waaronder allen staan met eerbied en ontzag. ~ 83 12, 2 | wordt psalm 50 gezongen met alleluia. ~ 84 13, 2 | komen voor psalm 50 die met antifoon gezongen wordt. ~ 85 13, 9 | Deuteronomium, dat verdeeld wordt met twee maal "Eer aan de Vader". ~ 86 15, 3 | Primen, Terts, Sext en Noon met alleluia gezongen, de Vespers 87 15, 3 | de Vespers daarentegen met antifoon. ~ 88 15, 4 | responsories worden nooit met alleluia gezongen tenzij 89 17, 6 | is zingt men de psalmen met antifoon, als ze daarentegen 90 17, 7 | beperkt tot vier psalmen met hun antifonen. ~ 91 18, 1 | haast u mij te helpen" met "Eer aan de Vader", vervolgens 92 18, 6 | nachtgetijden van de zondag altijd met psalm 20 beginnen.~ 93 18, 9 | drie psalmen te beginnen met psalm 119 tot en met psalm 94 18, 9 | beginnen met psalm 119 tot en met psalm 127: dat zijn samen 95 18, 11 | zondag altijd weer begint met psalm 118.~ 96 18, 14 | 14 met uitzondering van die welke 97 18, 14 | zeggen psalm 117 tot en met psalm 127 en bovendien psalm 98 18, 23 | het volledige psalmboek met zijn honderdvijftig psalmen 99 18, 24 | dan het boek der Psalmen met de gebruikelijke kantieken, ~ 100 18, 25 | dat onze heilige Vaders, met ijver ditzelfde op één dag 101 19, 3 | profeet zegt: "Dient de Heer met vreze" ~ 102 19, 4 | 4 en verder: "Zingt met begrip". ~ 103 19, 7 | ons hart in harmonie is met onze stem.~ ~ ~ 104 20, 1 | durven wij dit slechts doen met nederigheid en eerbied. ~ 105 20, 2 | God van het heelal, bidden met de grootste nederigheid 106 21, 4 | volgens hun rang gekozen, maar met het oog op de verdienste 107 22, 2 | dat in overeenstemming is met de eisen van het monniksleven. ~ 108 22, 3 | niet toelaat, slapen ze met tien of twintig tezamen 109 22, 3 | van de ouderlingen, die met de zorg over hen belast 110 22, 5 | slapen gekleed en omgord met een gordel of koord, maar 111 22, 6 | voor te zijn, maar altijd met inachtneming van de waardigheid 112 25, 2 | zich op enigerlei wijze met hem inlaten of met hem spreken. ~ 113 25, 2 | wijze met hem inlaten of met hem spreken. ~ 114 25, 6 | groet hem in het voorbijgaan met de zegenwens, en ook het 115 26 | ZONDER OPDRACHT INLATEN MET HEN DIE IN DE BAN ZIJN~ ~ 116 26, 1 | dan ook durft in te laten met een broeder die in de ban 117 26, 1 | broeder die in de ban is of met hem durft spreken of hem 118 27, 5 | 5 De abt moet immers met de uiterste zorg ervoor 119 27, 5 | zorg ervoor waken en zich met al zijn ijver en scherpzinnigheid 120 27, 9 | 9 Met diens zwakheid had Hij zoveel 121 30, 3 | iets verkeerds doen, ofwel met streng vasten worden gestraft, 122 30, 3 | vasten worden gestraft, ofwel met gevoelige lijfstraffen getuchtigd 123 31, 7 | maar nederig weigere hij met opgave van redenen wat ten 124 31, 12 | daarentegen moet hij doen met gevoel voor maat en in overeenstemming 125 31, 12 | maat en in overeenstemming met de opdracht van de abt.~ 126 31, 15 | hij mag zich niet inlaten met zaken, die hem verboden 127 31, 17 | hulp, zodat ook hijzelf met die bijstand gelijkmoedig 128 32, 2 | belast hij ieder van hen met het bewaren en opbergen 129 33, 1 | vooral moet in het klooster met wortel en al worden uitgeroeid: ~ 130 34, 2 | rekening moet worden gehouden met zwakheden.~ 131 35, 3 | gegeven, opdat zij het niet met tegenzin doen. ~ 132 35, 6 | De overigen dienen elkaar met liefde. ~ 133 35, 12 | rantsoen iets te drinken met wat brood, ~ 134 36, 7 | afzonderlijk verblijf bestemd met een ziekenverpleger die 135 36, 10 | 10 Met de grootste zorg moet de 136 38, 11 | gebruikt hij dan zijn maaltijd met de broeders die in de keuken 137 39, 1 | negende uur plaats heeft. Dit met het oog op ieders zwakheden, ~ 138 39, 2 | zijn maaltijd kan doen met het andere. ~ 139 39, 8 | want niets is zo strijdig met wat van ieder christen verwacht 140 40, 2 | daarom durven wij slechts met een zekere angstvalligheid 141 40, 3 | Als wij nu rekening houden met het onvermogen van de zwakken, 142 40, 6 | tot verzadigens toe maar met mate; ~ 143 40, 9 | daar dringen wij vooral met kracht op aan, dat de monniken 144 41, 2 | woensdag en vrijdag wachten met eten tot het negende uur. ~ 145 41, 8 | lamplicht nodig heeft maar met alles nog bij daglicht klaarkomt.~ 146 42, 2 | vastendag is of een dag met middagmaal de volgende regeling. ~ 147 42, 3 | 3 Op een dag met middagmaal, gaan de broeders, 148 42, 7 | ieder, die nog bezig was met een opgedragen werk, zich 149 42, 11 | ook dat moet dan gebeuren met de grootste ernst en eerbiedige 150 43, 1 | handen heeft, en haast zich met spoed er naar toe, ~ 151 43, 2 | 2 maar altijd met de nodige ernst om geen 152 43, 8 | zitten en de tijd doorbrengt met praten en zo de Boze een 153 44, 2 | 2 met zijn gezicht tegen de grond 154 47, 1 | zelf aan, ofwel hij belast met deze zorg een broeder, die 155 47, 4 | 4 Het moet gebeuren met nederigheid, ernst en grote 156 48, 1 | bepaalde tijden bezig zijn met handenarbeid en ook op bepaalde 157 48, 1 | en ook op bepaalde tijden met geestelijke lezing. ~ 158 48, 9 | 9 Toch moet alles met mate geschieden omwille 159 48, 14 | van het derde uur bezig met hun lezing en tot aan het 160 48, 18 | die de tijd doorbrengt met niets doen of met praten, 161 48, 18 | doorbrengt met niets doen of met praten, in plaats van zich 162 48, 18 | praten, in plaats van zich met zijn lezing bezig te houden, 163 48, 21 | geen betrekkingen aanknopen met een andere broeder op uren 164 48, 22 | lezing, behalve zij die met de verschillende diensten 165 49, 6 | ieder uit eigen beweging en met de vreugde van de Heilige 166 49, 7 | schertsen; en laat hij dan met de vreugde van het verlangen, 167 49, 8 | abt voorleggen en het doen met diens gebed en toestemming, ~ 168 49, 10 | Alles moet dan ook gebeuren met toestemming van de abt.~ ~ ~ 169 50, 3 | zijn en buigen hun knieën met de vreze Gods.~ 170 51, 1 | niet als iemand hem dat met aandrang zou vragen, ~ 171 52, 4 | binnengaan en bidden, niet met luid geroep maar met tranen 172 52, 4 | niet met luid geroep maar met tranen en inzet van zijn 173 53, 3 | de broeders hem tegemoet met de meest liefdevolle voorkomendheid. ~ 174 53, 4 | dan begroeten zij elkaar met de vredekus. ~ 175 53, 11 | maar de broeders gaan door met hun gewone vasten.~ 176 53, 17 | worden voor een jaar belast met de zorg voor deze keuken. ~ 177 53, 21 | vreze Gods, wordt belast met het gastenverblijf;~ 178 53, 22 | huis Gods moet door wijzen met wijsheid beheerd worden. ~ 179 53, 23 | heeft, mag zich beslist niet met de gasten inlaten of met 180 53, 23 | met de gasten inlaten of met hen spreken. ~ 181 53, 24 | hij geen verlof heeft om met een gast te spreken.~ ~ ~ 182 55, 18 | ondeugd van de eigendom met wortel en al uit te roeien, 183 55, 21 | ook de abt rekening houden met de zwakheid van de behoeftigen, 184 55, 21 | van de behoeftigen, niet met de kwaadwilligheid van de 185 56, 1 | 1 De abt zit altijd aan met de gasten en de vreemdelingen. ~ 186 57, 6 | allen die enig bedrog plegen met het kloostergoed.~ 187 58, 6 | 6 Met hun zorg wordt een ouderling 188 58, 11 | teruggebracht, en opnieuw wordt hij met het grootste geduld op de 189 58, 18 | Hem verworpen zal worden met Wie hij de spot drijft.~ 190 58, 26 | kleren en kleedt men hem met de kleren van het klooster. ~ 191 59, 2 | 2 Samen met de offergave wikkelen zij 192 59, 3 | 3 Met betrekking tot hun bezittingen 193 59, 8 | de oorkonde op en samen met de offerande dragen zij 194 60, 2 | Maar als hij beslist en met volharding blijft aandringen, 195 61, 2 | en als hij genoegen neemt met de plaatselijke gebruiken 196 61, 3 | eenvoudigweg tevreden is met wat hij aantreft, wordt 197 61, 4 | op een redelijke wijze en met nederige liefde iets afkeurt 198 61, 6 | veeleisend is of behept met ondeugden, dan mag men hem 199 64, 1 | hoe klein dit ook zij maar met beter inzicht, gekozen is. ~ 200 64, 3 | kiezen, die het eens is met haar wangedrag, ~ 201 64, 6 | ontvangen, als zij het doen met onzelfzuchtige bedoelingen 202 64, 14 | integendeel: hij moet ze met beleid en liefde uitroeien 203 64, 17 | betrekking heeft, altijd moet hij met onderscheiding en met mate 204 64, 17 | hij met onderscheiding en met mate te werk gaan ~ 205 64, 18 | kudde nog langer vermoei met lopen, zullen allen nog 206 64, 19 | ter harte nemen en alles met zoveel maatgevoel regelen, 207 65, 14 | op redelijke gronden en met nederigheid en de abt oordeelt 208 65, 15 | tot zijn prior, die hij met de raad van godvrezende 209 65, 16 | 16 Deze prior echter moet met eerbied dat ten uitvoer 210 65, 17 | de anderen geplaatst is, met des te groter nauwgezetheid 211 65, 18 | blijk geeft behept te zijn met ondeugden of zich door hoogmoed 212 66, 4 | 4 en met de volmaakte zachtmoedigheid, 213 66, 4 | hem zonder dralen te woord met de vurigheid van de liefde. ~ 214 68, 1 | bevel van zijn lastgever met alle zachtmoedigheid en 215 69, 2 | enigermate door bloedverwantschap met elkaar verbonden zouden 216 70, 2 | gerechtigd is de gemeenschap met een van zijn broeders te 217 70, 5 | maar ook dit moet gebeuren met veel gevoel voor maat en 218 71, 4 | jongeren aan de oudere broeders met grote liefde en bereidwilligheid 219 72, 3 | moeten de monniken zich met de vurigste liefde toeleggen; 220 72, 5 | lichamelijke zowel als morele, met het grootste geduld verdragen; ~ 221 72, 10 | 10 Hun abt beminnen zij met een oprechte en nederige 222 73, 1 | een begin gemaakt hebben met een monastieke levenswandel. ~ 223 73, 8 | Wie u dan ook bent, u die met zoveel haast op weg bent 224 73, 8 | hemels vaderland: breng eerst met Christus' hulp deze bescheiden


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by Èulogos SpA - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License