Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
dan 9
danken 1
dat 97
de 951
debat 1
decreet 18
deed 2
Frequency    [«  »]
-----
-----
-----
951 de
525 van
406 en
391 het
Congregatie voor de geloofsleer
Dominus Jesus

IntraText - Concordances

de
1-500 | 501-951

                                                     bold = Main text
    Chapter,  Paragraph                              grey = Comment text
501 III,7 | dood en zijn verrijzenis de heilsgeschiedenis, die in 502 III,7 | Dit wordt duidelijk door de getuigenissen van het Nieuwe 503 III,7 | Nieuwe Testament bevestigd: "De Vader heeft de Zoon gezonden 504 III,7 | bevestigd: "De Vader heeft de Zoon gezonden als de Redder 505 III,7 | heeft de Zoon gezonden als de Redder van de wereld" (1Joh. 506 III,7 | gezonden als de Redder van de wereld" (1Joh. 4,14). "Ziet 507 III,7 | Ziet het Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt" ( 508 III,7 | Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt" (Joh. 1, 509 III,7 | Ter rechtvaardiging van de genezing, in de Naam van 510 III,7 | rechtvaardiging van de genezing, in de Naam van Jezus, van de man 511 III,7 | in de Naam van Jezus, van de man die vanaf zijn geboorte 512 III,7 | mensen geen andere naam onder de hemel gegeven, waardoor 513 III,7 | getuigt dat Jezus Christus "de Heer van allen" is, "de 514 III,7 | de Heer van allen" is, "de door God aangestelde Rechter 515 III,7 | aangestelde Rechter over de levenden en de doden", om 516 III,7 | Rechter over de levenden en de doden", om welke reden " 517 III,7 | gelooft, door zijn Naam de vergeving van de zonden 518 III,7 | zijn Naam de vergeving van de zonden ontvangt" (Hand. 519 III,7 | 43). ~Paulus schrijft aan de gemeente van Korinthe: " 520 III,7 | zogenaamde goden, hetzij in de hemel hetzij op aarde - 521 III,7 | hebben wij maar één God, de Vader. Uit hem komt alles 522 III,7 | Hem" (1Kor. 8,5-6). Ook de apostel Johannes bevestigt: " 523 III,7 | bevestigt: "Zozeer heeft God de wereld liefgehad, dat Hij 524 III,7 | heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden om de wereld 525 III,7 | in de wereld gezonden om de wereld te vonnissen, maar 526 III,7 | te vonnissen, maar opdat de wereld door Hem gered wordt" ( 527 III,7 | het Nieuwe Testament wordt de universele heilswil van 528 III,7 | worden en tot kennis van de waarheid komen. Want: God 529 III,7 | Middelaar tussen God en de mensen: de mens Christus 530 III,7 | tussen God en de mensen: de mens Christus Jezus, die 531 III,7 | voor allen" (1Tim. 2,4-6). ~De eerste christenen waren 532 III,7 | unieke en universele, vanwege de Vader door Jezus Christus 533 III,7 | Vader door Jezus Christus in de Geest aangeboden heilsgave. 534 III,7 | zich tot Israël en wezen op de voleinding van het heil, 535 III,7 | heil, dat uitgaat boven de wet. Ze traden ook de toenmalige 536 III,7 | boven de wet. Ze traden ook de toenmalige heidense wereld 537 III,7 | heeft het Leergezag van de Kerk opnieuw gepresenteerd: " 538 III,7 | opnieuw gepresenteerd: "De Kerk gelooft dat Christus, 539 III,7 | verrezen, door zijn Geest de mens licht en kracht kan 540 III,7 | dat in het ondermaanse aan de mensen geen andere naam 541 III,7 | Tevens gelooft zij dat de sleutel, het centrum en 542 III,7 | sleutel, het centrum en de voltooiing van heel de geschiedenis 543 III,7 | en de voltooiing van heel de geschiedenis van het mensdom 544 III,7 | geloof vast geloven dat de universele wil tot heil 545 III,7 | universele wil tot heil van de ene en drievuldige God eens 546 III,7 | altijd in het mysterie van de menswording, van de dood 547 III,7 | van de menswording, van de dood en de opstanding van 548 III,7 | menswording, van de dood en de opstanding van de Zoon van 549 III,7 | dood en de opstanding van de Zoon van God is aangeboden 550 III,7 | dit geloofsgegeven wordt de theologie van onze dagen 551 III,7 | uitgenodigd na te denken over de aanwezigheid van andere 552 III,7 | van Christus verhindert de menigvuldige medewerking 553 III,7 | menigvuldige medewerking van de schepselen niet, maar wekt 554 III,7 | wekt deze op door ze aan de enige bron deelachtig te 555 III,7(42)| Gaudium et spes, 10. Vgl. de H.Augustinus, die schrijft 556 III,7(42)| schrijft dat buiten Christus, "de universele weg tot het heil (...), 557 III,7(42)| niemand het ooit verwerven" (De Stad Gods 10, 32, 2: CCL 558 III,7 | en waarde uitsluitend aan de bemiddeling van Christus 559 III,8 | doet men het voorstel in de theologie uitdrukkingen 560 III,8 | vermijden, omdat daardoor de indruk zou ontstaan dat 561 III,8 | indruk zou ontstaan dat de betekenis en de waarde van 562 III,8 | ontstaan dat de betekenis en de waarde van het heilsgebeuren 563 III,8 | Jezus Christus tegenover de andere religies op overdreven 564 III,8 | drukken deze woorden alleen de trouw aan het openbaringsgoed 565 III,8 | omdat zij voortkomen uit de geloofsbron zelf. Vanaf 566 III,8 | zelf. Vanaf het begin heeft de gemeenschap van de gelovigen 567 III,8 | heeft de gemeenschap van de gelovigen aan Jezus een 568 III,8 | opgestane Zoon van God - door de zending die Hij van de Vader 569 III,8 | door de zending die Hij van de Vader heeft ontvangen, en 570 III,8 | Vader heeft ontvangen, en in de kracht van de Heilige Geest 571 III,8 | ontvangen, en in de kracht van de Heilige Geest het doel heeft, 572 III,8 | Geest het doel heeft, aan de hele mensheid en aan iedere 573 III,8 | mensheid en aan iedere mens de openbaring (vgl. Mt. 11, 574 III,8 | geworden, zodat Het als de volmaakte mens allen kon 575 III,8 | alles in zich recapituleren. De Heer is het doel van de 576 III,8 | De Heer is het doel van de mensengeschiedenis, het 577 III,8 | waarnaar alle verlangens van de geschiedenis en van de beschaving 578 III,8 | van de geschiedenis en van de beschaving convergeren, 579 III,8 | convergeren, het centrum van de mensheid, de vreugde van 580 III,8 | centrum van de mensheid, de vreugde van alle harten 581 III,8 | vreugde van alle harten en de vervulling van hun verlangens. 582 III,8 | verlangens. Hij is het die de Vader uit de doden deed 583 III,8 | is het die de Vader uit de doden deed opstaan, verhief 584 III,8 | waardoor Hij, terwijl Hij in de geschiedenis staat, het 585 III,8 | geschiedenis is: 'Ik ben de Alfa en de Omega, de eerste 586 III,8 | geschiedenis is: 'Ik ben de Alfa en de Omega, de eerste en de laatste, 587 III,8 | ben de Alfa en de Omega, de eerste en de laatste, de 588 III,8 | en de Omega, de eerste en de laatste, de oorsprong en 589 III,8 | de eerste en de laatste, de oorsprong en het einde' ( 590 III,8(45)| Constitutie Gaudium et spes, 45. De noodzakelijke en absolute 591 III,8(45)| universaliteit van Christus in de menselijke geschiedenis 592 III,8(45)| uitdrukking gebracht door de heilige Irenaeus in de beschouwing 593 III,8(45)| door de heilige Irenaeus in de beschouwing over het primaat 594 III,8(45)| het primaat van Jezus als de Eerstgeborene: "In de hemel 595 III,8(45)| als de Eerstgeborene: "In de hemel stuurt en leidt het 596 III,8(45)| het volmaakte Woord als de Eerstgeborene uit de gedachte 597 III,8(45)| als de Eerstgeborene uit de gedachte van de Vader alle 598 III,8(45)| Eerstgeborene uit de gedachte van de Vader alle dingen; op de 599 III,8(45)| de Vader alle dingen; op de aarde is Hij als de Eerstgeborene 600 III,8(45)| op de aarde is Hij als de Eerstgeborene van de Maagd 601 III,8(45)| als de Eerstgeborene van de Maagd de rechtvaardige en 602 III,8(45)| Eerstgeborene van de Maagd de rechtvaardige en heilige, 603 III,8(45)| rechtvaardige en heilige, de Dienaar van God, aan God 604 III,8(45)| volgen, uit het rijk van de dood redt, is Hij als de 605 III,8(45)| de dood redt, is Hij als de Eerstgeborene van de doden 606 III,8(45)| als de Eerstgeborene van de doden het Hoofd en de Bron 607 III,8(45)| van de doden het Hoofd en de Bron van het goddelijk leven" ( 608 IV | IV   De uniekheid en eenheid van 609 IV | uniekheid en eenheid van de Kerk ~ De Heer Jezus, de 610 IV | en eenheid van de Kerk ~ De Heer Jezus, de enige Verlosser, 611 IV | de Kerk ~ De Heer Jezus, de enige Verlosser, heeft niet 612 IV | gelovigen gesticht. Hij heeft de Kerk als heilsgeheim gevestigd: 613 IV | gevestigd: Hij zelf is in de Kerk en de Kerk is in Hem ( 614 IV | Hij zelf is in de Kerk en de Kerk is in Hem (vgl. Joh. 615 IV | Hand. 9,5); daarom hoort de volheid van het heilsmysterie 616 IV | heilsmysterie van Christus ook tot de Kerk, die onlosmakelijk 617 IV | tegenwoordigheid en zijn heilswerk in de Kerk en door de Kerk voort ( 618 IV | heilswerk in de Kerk en door de Kerk voort (vgl. Kol. 1, 619 IV | Zoals het hoofd en de ledematen van een levend 620 IV | worden, zo mogen Christus en de Kerk niet met elkaar verwisseld 621 IV | gescheiden. Ze vormen samen de enige "gehele Christus".49 622 IV | Nieuwe Testament ook door de analogie van de Kerk als 623 IV | ook door de analogie van de Kerk als Bruid van Christus 624 IV,8(49) | CCL 39, 1266; H.Gregorius de Grote, Moralia in Iob, Praefatio 625 IV | Daarom moet in samenhang met de uniekheid en de universaliteit 626 IV | samenhang met de uniekheid en de universaliteit van de heilsbemiddeling 627 IV | en de universaliteit van de heilsbemiddeling van Jezus 628 IV | heilsbemiddeling van Jezus Christus de uniekheid van de door Hem 629 IV | Christus de uniekheid van de door Hem gestichte Kerk 630 IV | enige Bruid van Christus: "de ene en enige katholieke 631 IV | en apostolische Kerk".51 De beloften van de Heer, zijn 632 IV | Kerk".51 De beloften van de Heer, zijn Kerk nooit in 633 IV | Heer, zijn Kerk nooit in de steek te laten (vgl. Mt. 634 IV | katholieke geloof in dat de uniekheid van de Kerk alsmede 635 IV | in dat de uniekheid van de Kerk alsmede alles, wat 636 IV,8(51) | Grote geloofsbelijdenis van de Armeense Kerk: DS 48; vgl. 637 IV | nooit vernietigd worden. 52 ~De gelovigen zijn ertoe gehouden 638 IV | dat er een historische, in de apostolische opvolging gewortelde 639 IV | continuïteit53 bestaat tussen de door Christus gestichte 640 IV | door Christus gestichte en de katholieke Kerk: "Dit is 641 IV | katholieke Kerk: "Dit is de enige Kerk van Christus. (...) 642 IV | 21,17). Aan hem en aan de andere apostelen heeft Hij 643 IV | pijler en grondslag van de waarheid (vgl. 1Tim. 3,15). 644 IV | bevindt zich (subsistit) in de katholieke Kerk, die door 645 IV | katholieke Kerk, die door de opvolger van Petrus en de 646 IV | de opvolger van Petrus en de met hem verenigde bisschoppen 647 IV | wordt bestuurd." 54 Met de term "subsistit in" wilde 648 IV | overeenstemming brengen: aan de ene kant, dat de Kerk van 649 IV | brengen: aan de ene kant, dat de Kerk van Christus ondanks 650 IV | Kerk van Christus ondanks de verdeeldheden die onder 651 IV | bestaan, volledig slechts in de katholieke Kerk voortgaat 652 IV | voortgaat te bestaan, en aan de andere kant, "dat er ook 653 IV | vinden zijn"55, namelijk in de Kerken en kerkelijke Gemeenschappen, 654 IV | volledige gemeenschap met de katholieke Kerk zijn. 56 655 IV | werkzaamheid juist ontlenen aan de volheid van genade en waarheid 656 IV | genade en waarheid die aan de katholieke Kerk is toevertrouwd".57 ~ 657 IV,8(56) | De authentieke betekenis van 658 IV,8(56) | authentieke betekenis van de Concilietekst is daarom 659 IV,8(56) | daarom in tegenspraak met de interpretatie van degenen 660 IV,8(56) | interpretatie van degenen die uit de term "subsistit in" de mening 661 IV,8(56) | uit de term "subsistit in" de mening afleiden, dat de 662 IV,8(56) | de mening afleiden, dat de enige Kerk van Christus 663 IV,8(56) | enige "subsistentie" van de ware Kerk bestaat, terwijl 664 IV,8(56) | dezelfde Kerk zijn - naar de katholieke Kerk neigen en 665 IV,8(56) | toeleiden" (Congregatie voor de Geloofsleer, Bekendmaking 666 IV,9 | Kerk van Christus, die in de katholieke Kerk blijft bestaan ( 667 IV,9 | subsisteert) en die door de opvolger van Petrus en door 668 IV,9 | opvolger van Petrus en door de bisschoppen in gemeenschap 669 IV,9 | met hem, wordt geleid. 58 De Kerken, die weliswaar niet 670 IV,9 | volledige gemeenschap met de katholieke Kerk staan, maar 671 IV,9 | zeer nauwe banden, zoals de apostolische opvolging en 672 IV,9 | apostolische opvolging en de geldige Eucharistie, met 673 IV,9(58) | Vgl. Congregatie voor de Geloofsleer, Verklaring 674 IV,9 | deelkerken. 59 Daarom is de Kerk van Christus ook in 675 IV,9 | werkzaam, ofschoon zij niet de volledige gemeenschap met 676 IV,9 | volledige gemeenschap met de katholieke Kerk hebben, 677 IV,9 | Kerk hebben, in zoverre zij de katholieke leer over het 678 IV,9 | primaat niet aanvaarden, dat de bisschop van Rome volgens 679 IV,9 | objectief bezit en over de hele Kerk uitoefent. 60 ~ 680 IV,9(59) | en 15; Congregatie voor de Geloofsleer, Brief Communionis 681 IV,9 | hele Kerk uitoefent. 60 ~De kerkelijke Gemeenschappen 682 IV,9 | geldige bisschopsambt en de oorspronkelijke en volledige 683 IV,9 | hebben61, zijn geen Kerken in de eigenlijke betekenis; degenen 684 IV,9 | volkomen, gemeenschap met de Kerk. 62 Het doopsel is 685 IV,9 | doopsel is immers gericht op de volledige ontplooiing van 686 IV,9 | het leven in Christus door de volledige geloofsbelijdenis, 687 IV,9 | volledige geloofsbelijdenis, de Eucharistie en de volle 688 IV,9 | geloofsbelijdenis, de Eucharistie en de volle gemeenschap in de 689 IV,9 | de volle gemeenschap in de Kerk. 63 ~"Daarom mogen 690 IV,9 | Kerk. 63 ~"Daarom mogen de christengelovigen zich niet 691 IV,9 | zich niet voorstellen dat de Kerk van Christus niets 692 IV,9 | geenszins vrij aan te nemen dat de Kerk van Christus momenteel 693 IV,9 | In werkelijkheid "bestaan de elementen van deze reeds 694 IV,9 | Kerk in hun hele volheid in de katholieke Kerk en nog zonder 695 IV,9 | nog zonder deze volheid in de andere Gemeenschappen".65 696 IV,9(64) | Congregatie voor de Geloofsleer, Verklaring 697 IV,9 | betekenis in het heilsmysterie. De Geest van Christus weigert 698 IV,9 | kracht juist ontlenen aan de volheid van genade en waarheid, 699 IV,9 | genade en waarheid, die aan de katholieke Kerk is toevertrouwd." 66 ~ 700 IV,9 | Kerk is toevertrouwd." 66 ~De ontbrekende eenheid onder 701 IV,9 | ontbrekende eenheid onder de christenen is zeker een 702 IV,9 | is zeker een wonde voor de Kerk; maar niet in die zin, 703 IV,9 | haar universaliteit in de geschiedenis volledig te 704 IV,9(67) | Congregatie voor de Geloofsleer, Brief Communionis 705 V | God en rijk van Christus ~ De Kerk is gezonden "om het 706 V | te vestigen. Zo vormt zij de kiem en het begin van dit 707 V | dit Rijk op aarde." 68 Aan de ene kant is de Kerk "sacrament, 708 V | Aan de ene kant is de Kerk "sacrament, dat wil 709 V | zeggen teken en werktuig voor de innigste vereniging met 710 V | vereniging met God alsook voor de eenheid van de hele mensheid"69; 711 V | alsook voor de eenheid van de hele mensheid"69; ze is 712 V | voor het Rijk, ze heeft de roeping het te verkondigen 713 V | verkondigen en te vestigen. Aan de andere kant is de Kerk " 714 V | vestigen. Aan de andere kant is de Kerk "het door de eenheid 715 V | kant is de Kerk "het door de eenheid van de Vader en 716 V | het door de eenheid van de Vader en de Zoon en de Heilige 717 V | eenheid van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest 718 V | van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest verenigde 719 V,9(70) | 4; vlg. H. Cyprianus, De dominica oratione, 23: CCL 720 V | Christus"71 en vormt daarom de kiem en aanvang ervan. Het 721 V | dimensie: het is een in de tijd aanwezige werkelijkheid, 722 V | pas met het einde oftewel de vervulling van de geschiedenis 723 V | oftewel de vervulling van de geschiedenis komen. 72 724 V | geschiedenis komen. 72 Uit de bijbelse teksten noch uit 725 V | bijbelse teksten noch uit de getuigenissen van de Vaders, 726 V | uit de getuigenissen van de Vaders, evenmin als uit 727 V | Vaders, evenmin als uit de documenten van het Leergezag 728 V | documenten van het Leergezag van de Kerk, kan men voor de termen 729 V | van de Kerk, kan men voor de termen Rijk der hemelen, 730 V | niet van hun relatie tot de Kerk, die zelf mysterie 731 V | verklaringen mag echter de innige verbondenheid tussen 732 V | tussen Christus, het Rijk en de Kerk loochenen of op enigerlei 733 V | Rijk Gods zoals wij het uit de openbaring kennen noch van 734 V | noch van Christus, noch van de Kerk losgemaakt worden. ( ... ) 735 V | Als men het Rijk van de persoon Jezus losmaakt, 736 V | misvormt tenslotte ofwel de zin van het Rijk, dat gevaar 737 V | object, of men vervalst de identiteit van Christus, 738 V | Christus, die niet meer de Heer blijkt te zijn aan 739 V | Rijk evenmin losmaken van de Kerk. Deze is zeker geen 740 V | werktuig is. Maar terwijl de Kerk onderscheiden is van 741 V,9(72) | aan God gericht gebed in de Didaché 9,4 (SC 248, 176) 742 V,9(72) | luidt: "Uw Kerk worde van de uiteinden der aarde samengebracht 743 V,9(72) | en breng haar samen uit de vier windstreken, de geheiligde, 744 V,9(72) | uit de vier windstreken, de geheiligde, in Uw Rijk, 745 V,10 | De onlosmakelijke betrekking 746 V,10 | beschouwd - niet identiek is met de Kerk in haar zichtbare en 747 V,10 | werk van Christus en van de Geest "binnen haar (van 748 V,10 | Geest "binnen haar (van de Kerk) zichtbare grenzen 749 V,10 | het Rijk allen aangaat: de individuen, de maatschappij, 750 V,10 | aangaat: de individuen, de maatschappij, de gehele 751 V,10 | individuen, de maatschappij, de gehele wereld. Voor het 752 V,10 | Rijk werken wil zeggen: de goddelijke dynamiek, die 753 V,10 | goddelijke dynamiek, die in de mensengeschiedenis aanwezig 754 V,10 | wil zeggen: werken voor de bevrijding uit het kwaad 755 V,10 | Kortom, het Rijk Gods is de uitdrukking en de totstandkoming 756 V,10 | Gods is de uitdrukking en de totstandkoming van het goddelijke 757 V,10 | Bij het beschouwen van de relatie tussen Rijk van 758 V,10 | genomen door het getuigenis en de dienst van het Rijk. Het 759 V,10 | Rijk. Het is een 'Kerk voor de anderen', naar men zegt, 760 V,10 | men zegt, zoals Christus de 'mens voor de anderen' is. (...) 761 V,10 | zoals Christus de 'mens voor de anderen' is. (...) Deze 762 V,10 | ook negatieve aspecten. Op de eerste plaats zwijgen zij 763 V,10 | christelijk geloof bezit, terwijl de verschillende volkeren, 764 V,10 | elkaar kunnen vinden in de ene goddelijke werkelijkheid, 765 V,10 | dezelfde reden geven zij de voorkeur aan het mysterie 766 V,10 | voorkeur aan het mysterie van de schepping, dat weerspiegeld 767 V,10 | dat weerspiegeld wordt in de verscheidenheid van culturen 768 V,10 | zwijgen over het mysterie van de verlossing. Bovendien sluit 769 V,10 | het verstaan, tenslotte de Kerk uit of onderschat het 770 V,10 | het verleden en omdat zij de Kerk zelf slechts als een 771 V,10 | katholieke geloof, omdat zij de unieke betrekking loochenen 772 V,10 | bestaat tussen Christus, de Kerk en het Rijk van God. ~ 773 VI | VI   De Kerk en de religies in relatie 774 VI | VI   De Kerk en de religies in relatie tot 775 VI | die noodzakelijk zijn voor de richting die de theologische 776 VI | zijn voor de richting die de theologische reflectie moet 777 VI | reflectie moet inslaan, om de betrekkingen van de Kerk 778 VI | om de betrekkingen van de Kerk en de religies met 779 VI | betrekkingen van de Kerk en de religies met het eeuwige 780 VI | vast geloofd worden, dat de "pelgrimerende Kerk noodzakelijk 781 VI | Christus alleen immers is de Middelaar en de weg naar 782 VI | immers is de Middelaar en de weg naar het heil en in 783 VI | weg naar het heil en in de Kerk, die zijn lichaam is, 784 VI | Hijzelf heeft uitdrukkelijk de noodzakelijkheid van het 785 VI | 16; Joh. 3,5) en daardoor de noodzakelijkheid van de 786 VI | de noodzakelijkheid van de Kerk bevestigd, waarin de 787 VI | de Kerk bevestigd, waarin de mensen door de poort van 788 VI | bevestigd, waarin de mensen door de poort van het doopsel binnengaan." 77 789 VI | leer mag niet tegenover de algemene heilswil van God 790 VI | waarheden samenhouden, namelijk de werkelijke mogelijkheid 791 VI | Christus voor alle mensen en de noodzaak van de Kerk met 792 VI | mensen en de noodzaak van de Kerk met betrekking tot 793 VI | betrekking tot het heil".78 ~De Kerk is het "alomvattende 794 VI,10(78)| 258; vgl. Katechismus van de Katholieke Kerk, 846-847. ~ 795 VI | om geheimvolle wijze met de Verlosser Jezus Christus, 796 VI | formeel en zichtbaar leden van de Kerk zijn "hebben toegang 797 VI | geheimvolle band heeft met de Kerk, hen niet formeel in 798 VI | Kerk, hen niet formeel in de Kerk binnenleidt, maar hen 799 VI | en wordt meegedeeld door de Heilige Geest".81 Zij staat 800 VI,10(80)| Vgl. H.Cyprianus, De catholicae unitate ecclesiae, 801 VI | Zij staat in relatie tot de Kerk, die "volgens het plan 802 VI | volgens het plan van God de Vader, haar oorsprong vindt 803 VI | haar oorsprong vindt in de zending van de Zoon en de 804 VI | vindt in de zending van de Zoon en de zending van de 805 VI | de zending van de Zoon en de zending van de Heilige Geest." 82 ~ 806 VI | de Zoon en de zending van de Heilige Geest." 82 ~ 807 VI,10(82)| Decreet Ad Gentes, 2. In de hier verhelderde betekenis 808 VI,10(82)| verhelderde betekenis moet ook de uitspraak "Extra Ecclesiam 809 VI,10(82)| omnino salvatur" ("Buiten de Kerk wordt helemaal niemand 810 VI,10(82)| geïnterpreteerd worden. Vgl. ook de Brief van het H. Officie 811 VI,10(82)| Brief van het H. Officie aan de aartsbisschop van Boston: 812 VI,11 | Met betrekking tot de manier waarop de heilbrengende 813 VI,11 | betrekking tot de manier waarop de heilbrengende genade van 814 VI,11 | altijd door Christus in de Heilige Geest geschonken 815 VI,11 | geheimvolle relatie met de Kerk staat, de afzonderlijke 816 VI,11 | relatie met de Kerk staat, de afzonderlijke niet-christenen 817 VI,11 | die Hij kent".83 Het is de taak van de theologie, dit 818 VI,11 | kent".83 Het is de taak van de theologie, dit thema uit 819 VI,11 | Gods heilsplannen en van de wegen tot verwerkelijking 820 VI,11 | van Jezus Christus en over de "bijzondere en unieke relatie"84 821 VI,11 | unieke relatie"84 tussen de Kerk en het Rijk Gods onder 822 VI,11 | Kerk en het Rijk Gods onder de mensen - dat in wezen het 823 VI,11 | dat in wezen het Rijk van de universele Verlosser Jezus 824 VI,11 | katholieke geloof zou zijn, de Kerk te beschouwen als een 825 VI,11 | religies, die complementair aan de Kerk zouden zijn, ja ten 826 VI,11 | Zeker bevatten en bieden de verschillende religieuze 827 VI,11 | deel uitmaken van hetgeen "de Geest in het hart van de 828 VI,11 | de Geest in het hart van de mensen en in de geschiedenis 829 VI,11 | hart van de mensen en in de geschiedenis van de volkeren, 830 VI,11 | en in de geschiedenis van de volkeren, in de culturen 831 VI,11 | geschiedenis van de volkeren, in de culturen en religies bewerkt".86 832 VI,11(85)| Dit zijn de zaden van het goddelijk 833 VI,11(85)| semina Verbi") die door de Kerk met vreugde en eerbied 834 VI,11 | Sommige gebeden en riten van de andere religies kunnen feitelijk 835 VI,11 | religies kunnen feitelijk de aanneming van het evangelie 836 VI,11 | bieden en ertoe opvoeden, dat de harten van de mensen ertoe 837 VI,11 | opvoeden, dat de harten van de mensen ertoe worden aangezet 838 VI,11 | zich open te stellen voor de werkzaamheid van God. 87 839 VI,11 | operato toeschrijven, die aan de christelijke sacramenten 840 VI,11(87)| ibid.; Katechismus van de Katholieke Kerk, 843. ~ 841 VI,11(88)| van Trente, Decreet over de sacramenten, can. 8 over 842 VI,11(88)| sacramenten, can. 8 over de sacramenten in het algemeen: 843 VI,11 | het heil vormen. 89 ~ Met de komst van Jezus Christus, 844 VI,11 | komst van Jezus Christus, de Verlosser, heeft God de 845 VI,11 | de Verlosser, heeft God de Kerk, die door Hem was gesticht, 846 VI,11 | niets weg van het feit dat de Kerk de godsdiensten van 847 VI,11 | van het feit dat de Kerk de godsdiensten van de wereld 848 VI,11 | Kerk de godsdiensten van de wereld beziet met oprechte 849 VI,11 | tegelijkertijd radicaal de mentaliteit van indifferentisme 850 VI,11 | relativisme, dat leidt tot de mening dat 'de ene religie 851 VI,11 | leidt tot de mening dat 'de ene religie even veel waard 852 VI,11 | religie even veel waard is als de andere'".91 Het is waar 853 VI,11 | andere'".91 Het is waar dat de niet-christenen de goddelijke 854 VI,11 | waar dat de niet-christenen de goddelijke genade kunnen 855 VI,11 | vergelijking met hen die in de Kerk de volheid van de heilsmiddelen 856 VI,11 | vergelijking met hen die in de Kerk de volheid van de heilsmiddelen 857 VI,11 | in de Kerk de volheid van de heilsmiddelen bezitten. 92 " 858 VI,11 | bezitten. 92 "Alle kinderen van de Kerk dienen daarenboven 859 VI,11 | Men begrijpt dus, dat de Kerk trouw aan de opdracht 860 VI,11 | dus, dat de Kerk trouw aan de opdracht van de Heer (vgl. 861 VI,11 | trouw aan de opdracht van de Heer (vgl. Mt. 28,19-20) 862 VI,11 | taak die voortvloeit uit de liefde voor allen "verkondigt, 863 VI,11 | onophoudelijk verkondigen moet de Christus, die is 'de weg, 864 VI,11 | moet de Christus, die is 'de weg, de waarheid en het 865 VI,11 | Christus, die is 'de weg, de waarheid en het leven' ( 866 VI,11 | leven' (Joh. 14,6), in wie de mensen de volheid van het 867 VI,11 | 14,6), in wie de mensen de volheid van het godsdienstig 868 VI,11 | heeft verzoend." 94 Ook in de interreligieuze dialoog 869 VI,11 | interreligieuze dialoog behoudt de zending ad gentes "vandaag 870 VI,11 | mensen gered worden en tot de kennis van de waarheid komen' ( 871 VI,11 | worden en tot de kennis van de waarheid komen' (1Tim. 2, 872 VI,11 | God wil dat allen door de kennis van de waarheid het 873 VI,11 | allen door de kennis van de waarheid het heil verkrijgen. 874 VI,11 | verkrijgen. Het heil ligt in de waarheid. Wie aan de impuls 875 VI,11 | in de waarheid. Wie aan de impuls van de Geest van 876 VI,11 | waarheid. Wie aan de impuls van de Geest van de waarheid gehoorzaamt, 877 VI,11 | impuls van de Geest van de waarheid gehoorzaamt, is 878 VI,11 | waarheid gehoorzaamt, is al op de weg naar het heil; de Kerk 879 VI,11 | op de weg naar het heil; de Kerk echter, waaraan deze 880 VI,11 | moet aan het verlangen van de mens tegemoet komen en haar 881 VI,11 | haar aan hem brengen. Omdat de Kerk gelooft in het alomvattende 882 VI,11 | missionair zijn." 96 Daarom is de dialoog die hoort bij de 883 VI,11 | de dialoog die hoort bij de opdracht tot evangelisering, 884 VI,11 | evangelisering, slechts een van de activiteiten van de Kerk 885 VI,11 | van de activiteiten van de Kerk bij haar zending ad 886 VI,11(96)| Katechismus van de Katholieke Kerk, 851; vgl. 887 VI,11 | haar zending ad gentes. 97 De gelijkheid, die een voorwaarde 888 VI,11 | die een voorwaarde is voor de dialoog, heeft betrekking 889 VI,11 | dialoog, heeft betrekking op de gelijke persoonlijke waardigheid 890 VI,11 | persoonlijke waardigheid van de partners, maar niet op de 891 VI,11 | de partners, maar niet op de inhoud van de leer en nog 892 VI,11 | maar niet op de inhoud van de leer en nog minder op Jezus 893 VI,11 | minder op Jezus Christus, de mens geworden Zoon van God, 894 VI,11 | God, in vergelijking met de stichters van de andere 895 VI,11 | vergelijking met de stichters van de andere godsdiensten. Geleid 896 VI,11 | godsdiensten. Geleid door de liefde en door het respect 897 VI,11 | en door het respect voor de vrijheid98 moet de Kerk 898 VI,11 | voor de vrijheid98 moet de Kerk zich met voorrang ertoe 899 VI,11 | inspannen, aan alle mensen de waarheid, die door de Heer 900 VI,11 | mensen de waarheid, die door de Heer definitief werd geopenbaard, 901 VI,11 | Christus, en het behoren tot de Kerk door het doopsel en 902 VI,11 | Kerk door het doopsel en de andere sacramenten, nodig 903 VI,11 | volledig deel te hebben aan de gemeenschap met God de Vader, 904 VI,11 | aan de gemeenschap met God de Vader, de Zoon en de Heilige 905 VI,11 | gemeenschap met God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. 906 VI,11 | God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. De plicht 907 VI,11 | Zoon en de Heilige Geest. De plicht en de urgentie het 908 VI,11 | Heilige Geest. De plicht en de urgentie het heil en de 909 VI,11 | de urgentie het heil en de bekering tot de Heer Jezus 910 VI,11 | heil en de bekering tot de Heer Jezus Christus te verkondigen, 911 VI,11 | verkondigen, worden door de zekerheid van de universele 912 VI,11 | worden door de zekerheid van de universele heilswil van 913 Sl,12 | uitgelegd, wil het voorbeeld van de apostel volgen, die aan 914 Sl,12 | apostel volgen, die aan de gelovigen in Korinthe schrijft: " 915 Sl,12 | opgeroepen het geloof van de Kerk opnieuw te beklemtonen 916 Sl,12 | spraken over het thema van de ware godsdienst, stelden 917 Sl,12 | ware godsdienst, stelden de Vaders van het Tweede Vaticaans 918 Sl,12 | godsdienst bevindt zich in de katholieke en apostolische 919 Sl,12 | apostolische Kerk, die van de Heer Jezus de opdracht heeft 920 Sl,12 | Kerk, die van de Heer Jezus de opdracht heeft ontvangen 921 Sl,12 | verkondigen, toen Hij tot de apostelen zei: 'Gaat dus 922 Sl,12 | leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de 923 Sl,12 | doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige 924 Sl,12 | de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest 925 Sl,12 | van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest en leert hun 926 Sl,12 | alle mensen ertoe gehouden de waarheid, vooral wanneer 927 Sl,12 | nemen en te bewaren." 99 ~De openbaring van Jezus Christus 928 Sl,12 | van Jezus Christus zal in de geschiedenis "de ware leid-ster"100 929 Sl,12 | zal in de geschiedenis "de ware leid-ster"100 voor 930 Sl,12 | ware leid-ster"100 voor de hele mensheid blijven: " 931 Sl,12 | hele mensheid blijven: "De waarheid, die Jezus Christus 932 Sl,12 | tijd en ruimte en brengt de eenheid van de mensenfamilie 933 Sl,12 | en brengt de eenheid van de mensenfamilie tot stand: " 934 Sl,12 | Christus toe geroepen, aan de eenheid van de familie van 935 Sl,12 | geroepen, aan de eenheid van de familie van Gods kinderen 936 Sl,12 | hebben. (...) Jezus haalt de scheidingsmuren omlaag en 937 Sl,12 | scheidingsmuren omlaag en voltrekt de vereniging op een unieke, 938 Sl,12 | unieke, verheven manier door de deelname aan zijn mysterie. 939 Sl,12 | eenheid is zo diep, dat de Kerk met de heilige Paulus 940 Sl,12 | zo diep, dat de Kerk met de heilige Paulus kan zeggen: ' 941 Sl,12 | burgerrecht, maar medeburgers van de heiligen en huisgenoten 942 Sl,12 | Johannes Paulus II heeft in de audiëntie, die hij aan de 943 Sl,12 | de audiëntie, die hij aan de ondergetekende kardinaal-prefect 944 Sl,12 | deze verklaring, die in de plenaire vergadering van 945 Sl,12 | plenaire vergadering van de Congregatie voor de Geloofsleer 946 Sl,12 | van de Congregatie voor de Geloofsleer was vastgesteld, 947 Sl,12 | ervan besloten. ~Rome, bij de zetel van de Congregatie 948 Sl,12 | Rome, bij de zetel van de Congregatie voor de Geloofsleer, 949 Sl,12 | van de Congregatie voor de Geloofsleer, op 6 augustus, 950 Sl,12 | augustus, het feest van de Gedaanteverandering van 951 Sl,12 | Gedaanteverandering van de Heer. ~Joseph Kardinaal


1-500 | 501-951

IntraText® (V89) © 1996-2007 EuloTech