Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 0,2 | 2. De Kerk is geen vreemdeling op deze
2 Inl, 0,2(1) | goddelijke waarheid in de Kerk. De verantwoordelijkheid
3 Inl, 0,2(2) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de wereld van vandaag
4 Inl, 0,5 | 5. De Kerk van haar kant moet de inzet
5 Inl, 0,6 | van Jezus Christus, wil de Kerk nu de noodzaak van het nadenken
6 Inl, 0,6(3) | Dogmatische Constitutie over de Kerk Lumen Gentium , nr. 25. ~
7 I, 1,7 | Aan al het denken van de Kerk ligt het besef ten grondslag,
8 I, 1,9(7) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
9 I, 1,11 | wanneer ze vaststelt: “De Kerk streeft in de loop der eeuwen
10 I, 2,13 | God toevertrouwt, door de Kerk steeds beschouwd als een
11 I, 2,13(18) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Moderne Wereld Gaudium
12 III, 1,24 | waarheid naar voren die de Kerk steeds als een schat heeft
13 III, 2,30(27) | over de Betrekkingen van de Kerk met de niet-christelijke
14 IV, 1,41 | gemeen? Wat de Academie en de Kerk?” 40 is een duidelijke aanwijzing
15 IV, 2,43 | Thomas terecht door de Kerk steeds als leermeester van
16 IV, 2,44 | inzichtelijk. Het leergezag van de Kerk heeft in hem de hartstocht
17 V, 1,49 | 49. De Kerk heeft geen eigen wijsbegeerte,
18 V, 1,50 | theologisch onderzoek. ~De Kerk heeft de plicht om te laten
19 V, 1,50 | appelleren direct aan de Kerk, omdat zij raken aan de
20 V, 1,50(55) | Dogmatische Constitutie over de Kerk van Christus Pastor Aeternus:
21 V, 1,50(55) | Dogmatische Constitutie over de Kerk Lumen Gentium, n.25c. ~
22 V, 1,51 | verkeerd of gevaarlijk is. De Kerk weet echter dat de “schatten
23 V, 1,52 | 52. Het leergezag van de Kerk heeft niet pas in de jongste
24 V, 1,53(64) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
25 V, 1,55(72) | belijdenis van de katholieke Kerk een bovennatuurlijke deugd,
26 V, 1,55(72) | vooral wanneer ze door de Kerk zijn verworpen-, als legitieme
27 V, 1,55 | van Gods Woord die aan de Kerk is overgelaten. Vol aanhankelijkheid
28 V, 1,55 | enige referentiepunt voor de Kerk. Want het “hoogste richtsnoer
29 V, 1,55 | en het Leergezag van de Kerk, die de heilige Geest zo
30 V, 1,55 | vinden, samen met de hele Kerk. Allen die zich aan de bijbelstudie
31 V, 2 | De interesse van de Kerk voor de wijsbegeerte~
32 V, 2,57 | draagwijdte voor het leven van de Kerk. Die tekst was tot vandaag
33 V, 2,58 | wijsbegeerte. Zo stond de Kerk in de loop van de 20ste
34 V, 2,61(85) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
35 V, 2,62 | worden overwonnen, die in de Kerk nooit verloren mag gaan. ~
36 V, 2,63 | sterke interesse van de Kerk in de wijsbegeerte te benadrukken;
37 VI, 1,65 | levende Leergezag van de Kerk. 88 Met de tweede tracht
38 VI, 1,65 | begrip van de Traditie van de Kerk, de uitspraken van het Leergezag
39 VI, 1,65 | begrippen en termen die de Kerk gebruikt in haar denken
40 VI, 1,66 | ons in de door de leer der Kerk juist uitgelegde Heilige
41 VI, 1,66 | opneemt, waarin de leer van de Kerk is gekaderd, maar ook en
42 VI, 1,69 | waarden van het door de Kerk ontvangen wijsgerige erfgoed. ~
43 VI, 1,69(92) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
44 VI, 1,69(92) | Missionaire Activiteit van de Kerk Ad gentes, nr.22. ~
45 VI, 1,70 | culturen is een ervaring die de Kerk vanaf het begin van de verkondiging
46 VI, 1,70 | eenheid is zo diep, dat de Kerk met de H. Paulus kan zeggen: “
47 VI, 1,70(94) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
48 VI, 1,72 | voor, als die waarmee de Kerk in de eerste eeuwen geconfronteerd
49 VI, 1,72 | eerste, is aldus: wanneer de Kerk met grote culturen in contact
50 VI, 1,72 | Voorzienigheid doorkruisen, die zijn Kerk leidt langs de wegen van
51 VI, 1,72 | geldt overigens voor de Kerk van ieder tijdperk, ook
52 VI, 1,72 | ieder tijdperk, ook voor de Kerk van morgen, die zich verrijkt
53 VI, 1,74 | voor het welzijn van de Kerk én van de mensheid ~
54 VI, 2,76 | officiële filosofie van de Kerk is, aangezien het geloof
55 VII, 1,82(100) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
56 VII, 1,85 | innerlijke eenheid. Hoe zou de Kerk hier niet bezorgd over kunnen
57 VII, 1,85 | levende Traditie van de Kerk als haar oorspronkelijke
58 VII, 2,93 | waarheid uitzenden, om zijn Kerk te stichten en te bezielen.
59 VII, 2,93 | levende traditie van de Kerk zich uitdrukt. In samenhang
60 VII, 2,94 | voortdurende lezing door de Kerk van deze teksten door de
61 VII, 2,96(112) | Het is duidelijk dat de Kerk zich niet kan binden aan
62 VII, 2,96(112) | menselijke geest, door de Kerk. Daarom is het niet verbazend
63 VII, 2,96(113) | altijd waar en constant in de Kerk, zelfs wanneer zij wordt
64 VII, 2,96(113) | Katholieke Leer over de Kerk Mysterium Ecclesiae (24
65 VII, 2,99 | theologische werk in de Kerk staat allereerst in dienst
66 VII, 2,99 | catechese de leer van de Kerk presenteren in haar volledigheid118,
67 Slot, 0,100 | verwerpt, te benadrukken. De Kerk blijft er ten diepste van
68 Slot, 0,101(123)| de waarheid, waarvoor de Kerk verantwoordelijk is”: Johannes
69 Slot, 0,102 | 102. Terwijl de Kerk aldus steeds weer terugkomt
70 Slot, 0,104 | die tegenstanders van de Kerk zijn en haar op allerlei
71 Slot, 0,104(126)| Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag
72 Slot, 0,105 | danken voor hun dienst aan de Kerk. De intieme band tussen
73 Slot, 0,105 | de actuele behoeften van Kerk en wereld. ~
74 Slot, 0,106 | dringend nodig heeft. De Kerk volgt het onderzoek van
75 Slot, 0,106 | dus zeker van zijn dat de Kerk de legitieme zelfstandigheid
76 Slot, 0,108 | haar die het gebed van de Kerk aanroept als Zetel van Wijsheid,
|