Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 0,2 | Waarheid en het Leven” is (Joh 14,6). Onder de verschillende
2 I, 1,9 | en waarheid’ (vgl. Joh 1,14) erkent, die God in de geschiedenis
3 I, 1,10 | vgl. Ex 33,11; Joh 15, 14-15) en gaat met hen om (
4 I, 1,11 | ziet de Vader (vgl. Joh 14,9), vervult de openbaring,
5 I, 1,11 | uitdrukking kan brengen (vgl. Joh 14,9). Dat leert opnieuw de
6 I, 2,14 | 14. De leer van de beide Vaticaanse
7 I, 2,15 | dus volbrengen.” (30, 11-14). Bij deze tekst sluit de
8 II, 1,16 | pracht vindt hij rust.” (Sir 14, 20-27) ~Zoals men ziet
9 II, 1,18 | Er is geen God” (vgl. Ps 14,1), onthult hij volkomen
10 II, 1,20 | kennis” (Spr 1,7; vgl. Sir 1,14). ~
11 III, 2,34 | Vader openbaart (vgl. Joh 1,14.18). 30 Dat wat het menselijk
12 III, 2,34 | waarheid” zich (vgl. Joh 1, 14-16) van dat wezen dat in
13 IV, 1,36 | mens (vgl. Rom 1,19-21; 2,14-15; Hand 14,14-16). Omdat
14 IV, 1,36 | Rom 1,19-21; 2,14-15; Hand 14,14-16). Omdat deze natuurlijke
15 IV, 1,36 | 19-21; 2,14-15; Hand 14,14-16). Omdat deze natuurlijke
16 IV, 1,40(39)| Vgl. ibid., VII, 9, 13-14: CCL 27, 101-102. ~
17 V, 2,60(80)| Vgl. nrs. 14-15. ~
18 VI, 1,70 | vijandschap omlaag” (2, 13-14). ~Met deze tekst voor ogen
19 Slot, 0,108 | Rome, bij Sint Pieter, op 14 september, het feest van
|