Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
oude 8
ouden 2
oudheid 3
over 120
overal 4
overbodig 1
overdenken 1
Frequency    [«  »]
128 wijsbegeerte
125 ze
120 maar
120 over
115 denken
112 kan
110 hun
Ioannes Paulus PP. II
Fides et Ratio

IntraText - Concordances

over

    Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 0,2 | zij de laatste waarheid over het leven van de mens als 2 Inl, 0,2(2) | Concilie, Pastorale Constitutie over de Kerk in de wereld van 3 Inl, 0,3 | begonnen is, vragen te stellen over oorzaak en doel van de dingen. 4 Inl, 0,4 | streven de laatste waarheid over het bestaan te ontdekken, 5 Inl, 0,5 | van de vele kennis zich over zichzelf heeft gebogen en 6 Inl, 0,5 | proberen om radicale vragen over de zin en de grondoorzaak 7 Inl, 0,6 | noodzaak van het nadenken over de waarheid opnieuw bekrachtigen. 8 Inl, 0,6(3) | Dogmatische Constitutie over de Kerk Lumen Gentium , 9 Inl, 0,6 | mijn plicht beschouwd, mij over dit thema uit te spreken, 10 I, 1,7 | alle andere ware kennis over de zin van zijn eigen bestaan 11 I, 1,7(5) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 12 I, 1,8 | voortgezet, terwijl het nadacht over de Openbaring in het licht 13 I, 1,8(6) | Dogmatische Constitutie over het Katholieke Geloof Dei 14 I, 1,9(7) | Concilie, Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 15 I, 1,10(8) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 16 I, 1,11 | waarheid, die God aan de mens over Zichzelf en over zijn leven 17 I, 1,11 | de mens over Zichzelf en over zijn leven heeft gegeven, 18 I, 1,12 | mens de laatste waarheid over zijn leven en over het lot 19 I, 1,12 | waarheid over zijn leven en over het lot der geschiedenis 20 I, 2,13(13) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 21 I, 2,13(15) | Dogmatische Constitutie over het Katholieke Geloof Dei 22 I, 2,13(18) | Concilie, Pastorale Constitutie over de Kerk in de Moderne Wereld 23 I, 2,13(19) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 24 II, 1,18 | staat van de volle waarheid over de dingen, hun oorsprong 25 II, 1,19 | Daarin spreekt de schrijver over God, die zich ook laat kennen 26 II, 1,19 | door verstandig nadenken over de natuur weer bij de Schepper 27 II, 2,21 | geantwoord. Bij het nadenken over deze situatie waarin hij 28 II, 2,22 | moment waarop het er kritisch over kan denken, niet meer verbannen 29 II, 2,22 | ook door het redeneren over de zintuiglijke waarnemingen 30 II, 2,23 | wijsgeren in hun beschouwingen over God aanwendden, te gebruiken, 31 III, 1,24 | uitgaande spreekt de H. Paulus over God als Schepper, als degene 32 III, 1,25 | door zijn oordeel te vormen over de objectieve werkelijkheid 33 III, 1,26 | en moet - de waarheid over zijn einde kennen. Hij wil 34 III, 1,26 | óf of er nog iets is dat over de dood heen reikt; of hij 35 III, 2,30(27) | Oecumenisch Concilie, Verklaring over de Betrekkingen van de Kerk 36 III, 2,32 | getuige van de waarheid over het bestaan. Hij weet, dat 37 III, 2,32 | Jezus Christus de waarheid over zijn leven heeft gevonden; 38 III, 2,32 | omdat zij tot ieder spreekt over hetgeen hij in zijn binnenste 39 III, 2,34(29) | dezelfde uitdrukkingswijze over, wanneer het leert: “Het 40 III, 2,34(30) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 41 IV, 1,39 | de Platoonse wijsbegeerte over. Hij neemt tal van elementen 42 IV, 1,39 | uit het Platoonse denken over en werkt voor de eerste 43 IV, 1,39 | haar als rationeel spreken over God was namelijk tot dan 44 IV, 1,39 | duidde op een algemene leer over de goden, kreeg daarentegen 45 IV, 1,39 | aanduidde die de ware leer over God wil formuleren. In zijn 46 IV, 1,40 | kennis deden en lachten over de gelovigheid, en later 47 IV, 1,41(41) | Katholieke Opvoeding: Instructie over de studie van de Kerkvaders 48 IV, 1,42 | toe geroepen, een oordeel over de geloofsinhoud te formuleren; 49 IV, 1,42 | dat wat men tot nog toe over het hoogste wezen heeft 50 IV, 1,42 | kent en zich noemt - zij, over wie de mens niets of bijna 51 IV, 3,46 | van quasi-goddelijke macht over de natuur en zelfs over 52 IV, 3,46 | over de natuur en zelfs over de mens. ~Als gevolg van 53 IV, 3,46 | fascinatie op onze tijdgenoten over te brengen. Zijn aanhangers 54 IV, 3,48 | in de grondige analyses over waarneming en ervaring, 55 IV, 3,48 | waarneming en ervaring, over persoonlijkheid en intersubjectiviteit, 56 IV, 3,48 | en intersubjectiviteit, over vrijheid en waarden, over 57 IV, 3,48 | over vrijheid en waarden, over tijd en geschiedenis; ook 58 V, 1,50 | zijn oordeel uit te spreken over de verenigbaarheid respectievelijk 59 V, 1,50 | de juiste wijze nadenkt over het ware. ~ 60 V, 1,50(55) | Dogmatische Constitutie over de Kerk van Christus Pastor 61 V, 1,50(55) | Dogmatische Constitutie over de Kerk Lumen Gentium, n. 62 V, 1,53(63) | Dogmatische Constitutie over het Katholieke Geloof Dei 63 V, 1,53(64) | Concilie, Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 64 V, 1,53(65) | Dogmatische Constitutie over het Katholieke Geloof Dei 65 V, 1,54(70) | Geloofsleer, instructie over de Kerkelijke Roeping van 66 V, 1,54(71) | Vgl. Instructie over bepaalde aspecten van de “ 67 V, 2,57 | de leer van Vaticanum I over de verhouding van geloof 68 V, 2,58 | overlevering in in de discussie over de toenmalige wijsgerige 69 V, 2,60 | waardigheid en heerschappij over de rest van de schepping 70 V, 2,60(83) | Decreet over de Priesteropleiding Optatam 71 V, 2,60(84) | verschillende opmerkingen over de filosofie van St.Thomas: 72 V, 2,60(84) | Sint-Thomas-genootschap over de Leer van de Ziel bij 73 V, 2,61 | tot tijd een tussenkomst over dit thema nodig is gebleken - 74 V, 2,61(85) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 75 VI, 1,65(88) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 76 VI, 1,66 | bijvoorbeeld het spreken over God, de relaties tussen 77 VI, 1,67 | welker opgave de rekenschap over het geloof is (vgl. 1Petr 78 VI, 1,69(92) | Concilie, Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 79 VI, 1,69(92) | et spes, nr.15; Decreet over de Missionaire Activiteit 80 VI, 1,70(94) | Concilie, Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 81 VI, 2,76 | rationele uit. ~Bij het nadenken over deze inhouden zijn de filosofen 82 VI, 2,77 | zin waarmee Aristoteles over de experimentele wetenschappen 83 VII, 1,80 | die precieze aanwijzingen over zijn zijn, zijn vrijheid 84 VII, 1,81 | gestempelde opvattingen over leven en wereld zijn zo 85 VII, 1,81 | het nog wel zin heeft om overzinte praten. De meerderheid 86 VII, 1,82 | Paulus begreep als uitspraken over het zijn van Christus zelf. 87 VII, 1,82(100) | Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 88 VII, 1,83 | Ik wil hier niet spreken over metafysica in de zin van 89 VII, 1,83(102) | Dogmatische Constitutie over het katholieke Geloof Dei 90 VII, 1,84 | niet in staat zijn iets over God te zeggen. De interpretatie 91 VII, 1,84 | uitdrukking van menselijke noties over God en over hetgeen God 92 VII, 1,84 | menselijke noties over God en over hetgeen God waarschijnlijk 93 VII, 1,85 | de Kerk hier niet bezorgd over kunnen zijn? Het is het 94 VII, 1,85 | er naar eigen goeddunken over te beschikken. Juist door 95 VII, 1,85(104) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 96 VII, 1,85(104) | Verbum, nr. 24; Decreet over de Priesteropleiding Optatam 97 VII, 1,90 | identiteit. Want men mag niet over het hoofd zien, dat de veronachtzaming 98 VII, 1,90(106) | bodem raakt van de waarheid over mens en wereld. Ook vandaag, 99 VII, 1,91 | zowel omdat het oordeel over watpostmodernwordt genoemd 100 VII, 1,91 | geen overeenstemming is over de delicate kwestie van 101 VII, 2,92(108) | Geloofsleer, Instructie over de Kerkelijke Roeping van 102 VII, 2,93 | toe, wanneer men nadenkt over het mysterie van de incarnatie 103 VII, 2,94 | allereerst een betekenis over die opgepakt en uitgelegd 104 VII, 2,94 | betekenis zich als de waarheid over God, die door God zelf middels 105 VII, 2,94(110) | Dogmatische Constitutie over de Goddelijke Openbaring 106 VII, 2,94(111) | Bijbelcommissie, Instructie over de Historische Waarheid 107 VII, 2,95 | waarheid die zij uitdrukken over te gaan, een waarheid die 108 VII, 2,96(113) | Verdediging van de Katholieke Leer over de Kerk Mysterium Ecclesiae ( 109 VII, 2,98 | kenbare universele waarheid over het goede verloren was gegaan, 110 VII, 2,98 | zo een oordeel te vellen over het juiste, hier en nu te 111 VII, 2,99(117) | Geloofsleer, Instructie over de Kerkelijke Roeping van 112 Slot, 0,100(122)| Dogmatische Constitutie over het Katholieke Geloof Dei 113 Slot, 0,101 | nieuwe horizonten openden over verdere betekenissen, tot 114 Slot, 0,102(124)| Oecumenisch Concilie, Verklaring over de Godsdienstvrijheid Dignitatis 115 Slot, 0,104(126)| Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van 116 Slot, 0,105 | vermogen, zich aan vreugde over te geven, werkzaamheid gescheiden 117 Slot, 0,105 | wetgeving, die duidelijk spreken over de dringende en bindende 118 Slot, 0,105(129)| Vgl. Decreet over de Priesteropleiding Optatam 119 Slot, 0,107 | eigen heer is, die autonoom over zijn lot en over zijn toekomst 120 Slot, 0,107 | autonoom over zijn lot en over zijn toekomst kan beslissen,


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License