Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Ioannes Paulus PP. II
Fides et Ratio

IntraText - Concordances

(Hapax - words occurring once)


103-binde | binne-gesla | gespr-nauwk | navol-schip | schit-vii-x | viii-zwakk

                                                                      bold = Main text
     Chapter, Paragraph, Number                                       grey = Comment text
1001 VI, 2,77 | theologie de filosofie nodig als gesprekspartner, om de begrijpbaarheid en 1002 IV, 1,38 | persoonlijke ontmoeting, die de gesprekspartners zou brengen tot innerlijke 1003 VI, 2,75 | wijsbegeerte innam toe zij gestalte kreeg in de geschiedenis 1004 III, 2,33 | voorstelden. ~Uit het tot nog toe gestelde komt naar voren, dat de 1005 II, 1,16 | wanneer hij met een juist gestemd hart zijn zoeken kadert 1006 VII, 1,85 | overlevering die de voorbije tijden gestempeld heeft, alsook de ononderbroken 1007 VII, 1,81 | dikwijls wetenschappelijk gestempelde opvattingen over leven en 1008 IV, 1,40 | die het Avondland kende. gesterkt door zijn persoonlijke levensgeschiedenis 1009 III, 1,24 | verlangen naar U in het hart gestort, dat ze pas vrede hebben, 1010 Slot, 0,106 | afgelegd is vooral in deze eeuw gestoten op doelen, die ons nog steeds 1011 III, 2,31 | getrokken kunnen worden, en getest. Dat belet niet, dat na 1012 II, 1,16 | duidelijke aanwijzingen getoond. Vooral de wijsheidsboeken 1013 III, 2,31 | kritische denken in twijfel getrokken kunnen worden, en getest. 1014 IV, 1,36 | het klassieke denken zich getroost hebben. Zoals wij weten 1015 VII, 2,92 | onveranderlijke leer, waaraan men zich getrouw dient te houden, verdiept 1016 III, 2,32 | inderdaad de betrouwbaarste getuige van de waarheid over het 1017 II, 2,22 | waarin het zichzelf had gevangen. ~ 1018 II, 2,22 | verstand werd steeds meer de gevangene van zichzelf. De komst van 1019 VI, 1,71 | levenswijzen. Culturen worden gevoed door het delen van waarden, 1020 VI, 1,69 | gevolg van een toegenomen gevoeligheid voor de relatie tussen geloof 1021 Slot, 0,104 | liefde voor de waarheid gevoerd en met alle nodige prudentie, 1022 III, 1,25 | aanvaarde en in het eigen leven gevolgde waarden waar zijn, omdat 1023 III, 2,32 | Noch het lijden noch de gewelddadige dood zullen hem ertoe kunnen 1024 II, 1,17 | o God, uw gedachten, hoe geweldig is hun aantal! Wilde ik 1025 VI, 2,76 | openbaring. Ze hebben steeds gewerkt op hun eigen terrein en 1026 IV, 1,42 | geschoolde verstand nog gewichtiger. Voor de heilige aartsbisschop 1027 V, 2,57 | aan de wijsbegeerte was gewijd. De grote paus nam de leer 1028 I, 2,14 | problemen, waaruit ik enig gewin kon halen, dan kwamen zij 1029 III, 1,24 | is diep in het mensenhart gezaaid. Daaraan herinnert nadrukkelijk 1030 VII, 2,92 | onenigheden te overwinnen en gezamenlijk de weg in te slaan naar 1031 III, 1,26 | leidt het? Op het eerste gezicht zou het bestaan van de mens 1032 III, 2 | De verschillende gezichten van de waarheid van de mens~ 1033 IV, 1,38 | vriendelijk en liefdevol gezind en doen alles om haar deelachtig 1034 III, 2,32 | tussenmenselijke betrekking gezochte waarheden niet primair van 1035 VII, 1,91 | radicaal verlies hebben gezorgd. Op deze wijze zijn irrationele 1036 VI, 1,74 | Jacques Maritain, Étienne Gilson en Edith Stein, en, in een 1037 VI, 2,79 | mogen verliezen. Door de glans die afstraalt van het subsistente 1038 I, 2,14 | een andere keer echter gleed het volledig weg uit mijn 1039 VII, 2,93 | dat zal uitmonden in zijn glorierijke opstanding en verheffing 1040 II, 1,16 | heengaat; die door haar ramen gluurt en aan haar deuren staat 1041 IV, 1,37 | cultuurwereld, zoals bijvoorbeeld de gnosis, bij hen opriepen. Als praktische 1042 VII, 2,92 | katholieke en apostolische godsdienst liefhebben, en dat deze 1043 III, 2,30 | en die de verschillende godsdiensten in hun tradities als antwoord 1044 Slot, 0,105 | werkzaamheid gescheiden van godsdienstigheid, leren zonder liefde, intelligentie 1045 Slot, 0,102(124)| Concilie, Verklaring over de Godsdienstvrijheid Dignitatis humanae, nrs. 1046 IV, 1,36 | goddelijke transcendentie. ~De godsvoorstellingen van de mensen te reinigen 1047 V, 2,58 | denken, dat tot dan toe goeddeels onbekend was geweest; en 1048 III, 1,24 | herinnert nadrukkelijk ook de Goede-Vrijdagsliturgie, wanneer ze ons in het gebed 1049 I, 1,7 | markeert: “God heeft in zijn goedheid en wijsheid besloten, Zichzelf 1050 Inl, 0,5 | beweging die zich als een golf naar boven en naar beneden 1051 IV, 2,43(45) | I, 1, 8 ad 2: “cum enim gratia non tollat naturam, sed 1052 V, 1,52(61) | 1857), DS 2828-2831; Breve Gravissimas inter (11 december 1862), 1053 VII, 1,83 | de wijsbegeerte in haar greep heeft, en om aldus verschillende 1054 V, 1,54(66) | encycliek Pascendi Dominici gregis (8 september 1907): ASS 1055 VI, 1,74 | onder wie tenminste de H. Gregorius van Nazianze en de H.Augustinus 1056 VII, 1,88 | visie te propageren die nu grenzeloos lijkt, gegeven zijn ingang 1057 VI, 1,72 | door de inculturatie in het Grieks-Latijnse denken. Afzien van een dergelijk 1058 III, 2,31 | instinctief gelooft. Persoonlijke groei en rijping maken echter, 1059 IV, 3,46 | wetenschappelijk onderzoek groeide een positivistische denkwijze, 1060 III, 2,31 | leven. Hij wordt geboren en groeit op in een gezin, om later 1061 V, 2,58 | de 20ste eeuw een sterke groep denkers ter beschikking, 1062 V, 1,55 | afzonderlijke personen of groepen betreffen, maar om opvattingen 1063 VII, 2,96 | denken laat zien dat bepaalde grondbegrippen doorheen de ontwikkeling 1064 VII, 1,90 | gaan beide ellendig ten gronde. 106 ~ 1065 I, 2,13 | hulp. Ze dienen ertoe om grondiger naar de waarheid te zoeken 1066 Inl, 0,5 | vragen over de zin en de grondoorzaak van het menselijke, persoonlijke 1067 II, 1,18 | dat het verstand enkele grondregels in acht moet nemen om zijn 1068 VII, 1,87 | en culturele context. De grondstelling van het historicisme luidt 1069 Inl, 0,3 | in onze dagen aanwezige grondvorm van wijsgerige kennis zelfs 1070 Inl, 0,1 | hetzelfde ogenblik dezelfde grondvragen opdoken, die de gang van 1071 V, 1,49 | hiervan bewust is als van haar grondwet, moet ook de eisen en inzichten 1072 I, 2,14 | zo was, zou men zich iets groters dan U kunnen voorstellen, 1073 IV, 3,45 | het geloof meer ruimte te gunnen ofwel echter om elke van 1074 IV, 1,38 | heeft men haar terecht haag en muur van de wijnberg 1075 VI, 1,70 | joden en heidenen), en haalde door zijn sterven de scheidingswand 1076 IV, 3,47 | de waarheid omwille van haarzelf te willen zoeken, en als 1077 IV, 2,44(48) | Sapientia autem per infusionem habetur, unde inter septem dona 1078 I, 2,15 | redi. In interiore homine habitat veritas“ [Ga niet naar buiten, 1079 IV, 2,44(48) | Vgl. I, 1, 6: “Praeterea, haec doctrina per studium acquiritur. 1080 IV, 1,41(40) | De Praescriptione Haereticorum, VII, 9: SC 46, 98: “Quid 1081 VII, 1,83 | stap. We kunnen onmogelijk halt houden bij de ervaring alleen; 1082 V, 2,60 | de studenten vooral een handreiking krijgen tot een degelijke 1083 VI, 1,72 | moet hij een rij criteria hanteren. Het eerste is de universaliteit 1084 V, 2,57 | de wijsbegeerte dat zij harmonieert met de eisen van het geloof. 1085 V, 2,63 | noodzakelijk acht om weer een harmonieuze en effectieve relatie tussen 1086 VII, 1,81 | de mens en verschaft een harmoniserende uitleg van alles wat hij 1087 Slot, 0,104 | vernieuwing van de mensheid ter harte gaat, zelfs wanneer zij 1088 V, 1,54 | beschermen en haar in de harten van de mensen te planten, 1089 II, 1,16 | geïnspireerde schrijver de hartenwens naar kennis een kenmerk 1090 Slot, 0,108 | der Wijsheid, een veilige haven zijn voor allen die hun 1091 Slot, 0,108(132)| noerá tès pisteoos tràpeza“: 1092 III, 1,24 | Almachtige, eeuwige God, U hebt de mensen een zo diep verlangen 1093 Slot, 0,101(123)| van bewust zijn dat hij in hechte vereniging is met de zending 1094 VII, 1,87 | zonder betekenis voor het heden. Men mag daarentegen niet 1095 II, 1,16 | op de loer ligt waar zij heengaat; die door haar ramen gluurt 1096 V, 2,60 | persoon. Zijn waardigheid en heerschappij over de rest van de schepping 1097 I, 2,13 | het christendom. Daarin heet het vooral dat het geloof 1098 Inl, 0,5 | staat was, de blik omhoog te heffen om het avontuur aan te gaan, 1099 I, 2,13 | brood.” 17 ~De geloofskennis heft het mysterie dus niet op: 1100 V, 1,52(62) | Heilige Congregatie van het Heilig Officie, Decreet Errores 1101 III, 1,24 | Toen ik rondliep en uw heiligdommen bezichtigde, trof ik ook 1102 VI, 1,70 | maar medeburgers van de heiligen en huisgenoten van God” ( 1103 VI, 1,66 | maar ook en vooral door de heilsbetekenis van deze uitspraken voor 1104 I, 1,9 | verlicht en geleid, in de heilsboodschap devolheid van de genade 1105 II, 2,22 | komst van Christus was de heilsgebeurtenis, die het verstand uit zijn 1106 I, 1,10 | Jezus gericht en daarbij het heilskarakter van Gods openbaring in de 1107 Inl, 0,2(1) | toegankelijk te maken in haar volle heilskracht, haar schittering, in haar 1108 IV, 1,38 | de christelijke waarheid heilswaarde bezit, elk van deze wegen 1109 I, 1,11 | 3, 34), en volbrengt het heilswerk dat de Vader Hem te doen 1110 VII, 1,88 | het heeft veroorzaakt. ~Helaas, zo moet men vaststellen, 1111 VI, 1,74 | context, figuren als John Henry Newman, Antonio Rosmini, 1112 VII, 1,82 | geloof, werd uitdrukkelijk herbevestigd door Vaticanum II: “De rede 1113 V, 2,60 | Deze voorschriften zijn herhaald en ontwikkeld in een aantal 1114 IV, 1,36 | Areopaag had gehouden, heeft herhaalde toespelingen op populaire 1115 Inl, 0,4 | vervallen in de monotonie van de herhaling en zeer spoedig zou hij 1116 III, 1,24 | mensenhart gezaaid. Daaraan herinnert nadrukkelijk ook de Goede-Vrijdagsliturgie, 1117 IV, 1,36 | bijgeloof werden als zodanig herkend en de religie werd door 1118 V, 1,55 | fideïsme zijn evenzeer te herkennen aan het geringe respect 1119 Inl, 0,6 | zij haar volle waardigheid herkrijgen en ontplooien kan. Nog een 1120 VII, 1,88 | gebracht, maar nu zien we haar herleven in de nieuwe vermomming 1121 VII, 2,95 | Maar de toepassing van een hermeneutiek die openstaat voor de aanspraak 1122 VII, 1,85 | filosofisch onderzoek. Daarom herneem ik wat de pausen sedert 1123 V, 2,59 | geloof in het licht van een hernieuwd verstaan van het morele 1124 Slot, 0,105 | de waarheid ten volle te herontdekken en te verwoorden, om 1125 VII, 2,98 | dat de wijsbegeerte wordt herontdekt voor het geloofsverstaan 1126 V, 2,61 | vervangen. Tenslotte mag men de herontdekte belangstelling voor de inculturatie 1127 IV, 2,43 | aristotelische filosofie herontdekten, had hij de grote verdienste 1128 III, 2,32 | instemming met de waarheid te herroepen, die hij in de ontmoeting 1129 VII, 1,81 | allereerst haar wijsheidsdimensie hervinden, als een zoektocht naar 1130 III, 2,31 | dankzij nadere overwegingenherwonnenworden. Desondanks zijn 1131 VII, 2,97 | begin van deze eeuw, volgens hetwelk de geloofswaarheden alleen 1132 VII, 1,82(99) | H. Bonaventura, Coll. in Hex., 3, 8, 1. ~ 1133 V, 2,62 | methode geleid tot ernstige hiaten in zowel de priestervorming 1134 VII, 2,92(109) | mens. De heilige Geest moet hierbij de hoogste Leider van de 1135 I, 2,13(15) | Concilie, waarnaar het citaat hierboven verwijst, leert dat de geloofsgehoorzaamheid 1136 IV, 1,41 | en het absolute. ~Precies hierin schuilt het door de Kerkvaders 1137 VII, 2,93 | zich uitdrukt. In samenhang hiermee doen zich tegenwoordig veel, 1138 IV, 1,41(40) | 98: “Quid ergo Atheis et Hierosolymis? Quid academiae et ecclesiae?”. ~ 1139 IV, 1,40 | Het lukte de bisschop van Hippo om de eerste grote synthese 1140 VII, 1,87 | bepaalde periode, beweren historicisten, is misschien niet waar 1141 VII, 2,94 | neutrale feiten, zoals het historicistische positivisme graag zou willen111. 1142 VII, 1,87 | bepaalde periode en een bepaald historisch doel. Daarom wordt, tenminste 1143 II, 1,16 | haar wordt hij tegen de hitte beschut en onder haar pracht 1144 IV, 1,40 | in zijn werken een grote hoeveelheid materiaal in te brengen, 1145 VII, 1,91 | verschillende terreinen. We hoeven alleen maar de logica te 1146 VI, 2,75 | gebruikt. Dit streven moet, hoewel het ernstig belemmerd wordt 1147 II, 2,22 | vertelt dat God hem in de hof van Eden plaatste, in welks 1148 II, 2,22 | moest zich beroepen op een hoger beginsel. Verblinding door 1149 IV, 1,37 | gemakkelijk met een kennis van hogere, esoterische aard, die slechts 1150 Inl, 0,1 | ook in de gedichten van Homerus en in de tragedies van Euripides 1151 Slot, 0,108(132)| tràpeza“: Pseudo-Epiphanius, Homilie ter ere van de heilige Maria, 1152 I, 2,15 | ipsum redi. In interiore homine habitat veritas“ [Ga niet 1153 Slot, 0,100 | 100. Meer dan honderd jaar na de publicatie van 1154 VII, 1,90 | Want men mag niet over het hoofd zien, dat de veronachtzaming 1155 Slot, 0,103 | Paulus VI tot een van de hoofddoelen van de evangelisering heeft 1156 Slot, 0,106 | hun wetenschap altijd zal hoogachten. In het bijzonder wil ik 1157 V, 2,61 | Kerken heeft, samen met hoogontwikkelde denkvormen, een gamma van 1158 IV, 3,45 | gevolgen van deze scheiding hoorde onder andere ook een groeiende 1159 Inl, 0,5 | alleen bij enkele filosofen, houdingen van een wijdverbreid wantrouwen 1160 VI, 1,70 | medeburgers van de heiligen en huisgenoten van God” (Ef 2,19). ~In 1161 VI, 1,69 | worden. Anderen daarentegen huldigen, als gevolg van een toegenomen 1162 VII, 2,98 | moraaltheologie deze organische visie huldigt, die noodzakelijkerwijze 1163 Slot, 0,102(124)| Godsdienstvrijheid Dignitatis humanae, nrs. 1-3. ~ 1164 IV, 3,46 | vormen van een atheïstisch humanisme, die het geloof presenteerden 1165 III, 1,27 | verwijzingen zijn of kunnen zijn. Hypothesen kunnen de mens fascineren, 1166 IV, 2,44(50) | Ibid., I-II, 109, 1 ad 1, dat een weerklank 1167 III, 2,34 | fundeert en garandeert, is identiek met God die zich als Vader 1168 IV, 1,38 | christendom aan de bevestiging van ieders recht op toegang tot de 1169 II, 2,22 | de gedachten van de mensijdelgeworden zijn en hoe hun 1170 I, 2,14 | Terwijl ik dikwijls vol ijver mijn gedachten richtte op 1171 VII, 1,88 | rijk van het irrationele of imaginaire. Niet minder teleurstellend 1172 VII, 1,80 | een kijk op de mens als imago Dei, beeld van God, die 1173 VII, 2,98 | utilitaristisch is. De gewenste ethiek impliceert en veronderstelt een wijsgerige 1174 I, 1,8 | gepresenteerde leer en met inachtneming van de door het Concilie 1175 VI, 1,69 | kan hier wellicht tegen inbrengen dat de theoloog in de huidige 1176 VII, 2,93 | over het mysterie van de incarnatie van Gods Zoon: zijn menswording 1177 IV, 1,42 | rationabiliter comprehendit incomprensibile esse), wie zal dan kunnen 1178 VI, 1,72 | bevonden, zijn er nieuwe inculturatie-taken. Voor onze generatie doen 1179 V, 1,52(60) | Heilige Congregatie van de Index, Decreet Theses contra Traditionalismum 1180 Inl, 0,5 | heeft plaatsgemaakt voor een indifferent pluralisme, dat stoelt op 1181 V, 2,62 | moderne filosofie, zij het indirect. Een tekenend voorbeeld 1182 VII, 2,98 | is niets anders dan een individualistische ethiek op grond waarvan 1183 Inl, 0,6 | gebouwd, wordt vooral dan indringend duidelijk, wanneer men moest 1184 Inl, 0,1 | terwijl bij hem steeds indringender de vraag naar de betekenis 1185 IV, 3,46 | maar een gelegenheid voor indrukken en ervaringen, waarin het 1186 IV, 3,47 | kennis is zij geleidelijk ineengeschrompeld tot een van de vele gebieden 1187 III, 2,31 | persoonlijk de stroom aan informatie kunnen controleren, die 1188 IV, 2,44(48) | acquiritur. Sapientia autem per infusionem habetur, unde inter septem 1189 Inl, 0,5 | te ontwikkelen, die niet ingaan op de radicale vraag naar 1190 V, 2,57 | oogpunt niets aan betekenis ingeboet; dat geldt op de eerste 1191 V, 1,52 | niet pas in de jongste tijd ingegrepen, om haar standpunt tegenover 1192 I, 2,14 | zonder door iets anders ingeperkt te worden dan door haar 1193 III, 2,29 | houdt zijn oorspronkelijke ingeving niet voor nutteloos alleen 1194 III, 2,31 | geboorte bevindt hij zich dus ingevoegd in verschillende tradities, 1195 VI, 1,71 | bevrijding van elke door de zonde ingevoerde wanorde en tegelijk een 1196 VII, 2,96 | generis. 112 ~Het is een ingewikkeld probleem om te overdenken, 1197 V, 1,54 | leergezag van de Paus70 ingrijpen, om nadrukkelijk te wijzen 1198 V, 1,51 | van het verstand met hun inherente en historische grenzen moeilijk 1199 III, 2,32 | relatie tussen personen inhoudt en niet slechts de persoonlijke 1200 VII, 1,81 | nuttigheidsdoel, dan zou ze spoedig inhumaan kunnen blijken en zelfs 1201 Inl, 0,5 | Aansluitend aan soortgelijke initiatieven van mijn voorgangers wil 1202 VI, 1,72 | culturele traditie zich moeten inkapselen in haar anders-zijn en zich 1203 VI, 2,75 | positie die de wijsbegeerte innam toe zij gestalte kreeg in 1204 VII, 1,83 | alleen; ook als deze de innerlijkheid van de mens en zijn spiritualiteit 1205 III, 2,30 | waarmee hij zijn leven inricht. Hij vormt zich op de een 1206 V, 1,52(57) | 176-179; Urbanus VIII, Inscrutabilis iudiciorum (1 april 1631): 1207 Slot, 0,105 | Ze moeten zich ten volle inspannen om hun werk uit te voeren 1208 VII, 1,85 | deze traditie en er hun inspiratie uit kunnen putten, zullen 1209 V, 2,60 | antropologie en daarmee ook een inspiratiebron voor de wijsbegeerte vormt. 1210 Inl, 0,3 | internationale wetgevingen inspireren bij de regeling van het 1211 Slot, 0,108 | juist zoals Maria, toe zij instemde met het woord van Gabriël, 1212 III, 2,31 | waarheden, waaraan hij bijna instinctief gelooft. Persoonlijke groei 1213 VII, 1,89 | een genomen worden door institutionele organen. Bovendien wordt 1214 V, 2,60(84) | Opvoeding , Ratio Fundamentalis Institutionis Sacerdotalis (6 januari 1215 Inl, 0,4 | ook als het zonder enige instrumentalisering in zijn volheid wordt erkend, 1216 VII, 2,94 | oorspronkelijk betekenis intact laat. Er bestaat daarom 1217 IV, 1,42 | daarvan, ook al kan zijn intellect niet doordringen tot de 1218 IV, 2,43 | problemen tegemoet ging, de intellectuele rationaliteit van iemand 1219 II | Hoofdstuk II~Credo Ut Intellegam~ 1220 III | Hoofdstuk III~Intellego Ut Credam~ 1221 I, 1,8 | van het geloofsinzicht, intelligentia fidei, door de eeuwen voortgezet, 1222 I, 2,15 | ire, in te ipsum redi. In interiore homine habitat veritas“ [ 1223 I, 2,13 | zich in het kader van de interpersoonlijke communicatie. Ze zet het 1224 VI, 1,65 | correcte en consistente interpretaties ervan te formuleren. ~ 1225 VII, 2,96(112) | Theologische Commissie, Document Interpretationis Problema (oktober 1989): 1226 IV, 1,38 | ware wijsbegeerte33 en interpreteerde hij de wijsbegeerte naar 1227 VII, 2,94 | bronnen die de theologie interpreteert allereerst een betekenis 1228 IV, 3,48 | over persoonlijkheid en intersubjectiviteit, over vrijheid en waarden, 1229 VII, 1,80 | zijn hoogtepunt. Want de intiemste essentie van God en van 1230 I, 2,13 | staat het ons toe in de intimiteit van het mysterie binnen 1231 VII, 2,92 | geenszins een aanmoediging tot intolerantie; integendeel, het is de 1232 II, 1,16 | naast haar opzet en zijn intrek neemt op een plek waar het 1233 V, 1,55(72) | licht van de rede doorgronde intrinsieke waarheid van de dingen, 1234 VII, 1,81 | tot een steeds diepereintrovertheiddie is opgesloten binnen 1235 IV, 3,47 | volledige bijrol gedrongen. Intussen zijn andere vormen van rationaliteit 1236 III, 1,24(22) | desiderando quaererent et inveniendo quiescerent”: Missale Romanum ~ 1237 V, 2,58 | theologische problemen. De invloedrijkste katholieke theologen van 1238 II, 1,16 | God. Het geloof scherpt de inwendige blik doordat het de rede 1239 IV, 2,44 | haar universaliteit zeer inzichtelijk. Het leergezag van de Kerk 1240 I, 2,13 | op: ze maakt het alleen inzichtelijker en openbaart het als een 1241 I, 2,15 | kennis van het ware wordt, inzoverre hij nog in staat is de blik 1242 II, 1,16 | zoals dat geldt voor de Ionische wijsgeren of de Egyptische 1243 I, 2,15 | Noli foras ire, in te ipsum redi. In interiore homine 1244 I, 2,15 | beroemde gedachte: “Noli foras ire, in te ipsum redi. In interiore 1245 IV, 1,37 | in het bijzonder de H. Irenaeus en Tertullianus, van hun 1246 V, 1,56 | uitdaagt om uit elk mogelijk isolement te treden en voor alles 1247 II, 1,16 | minder begreep de goede Israëliet zijn kennis op de wijze 1248 Slot, 0,105 | in de inleiding tot zijn Itinerarium Mentis in Deum de lezer 1249 V, 1,52(57) | Urbanus VIII, Inscrutabilis iudiciorum (1 april 1631): Bullarium 1250 V, 1,52(59) | Ludovico Eugenio Bautain iussu sui Episcopi subscriptae ( 1251 IV, 2,44 | van boven’, zoals de H. Jacobus het uitdrukt. Zo is ze ook 1252 VI, 1,74 | Newman, Antonio Rosmini, Jacques Maritain, Étienne Gilson 1253 Slot, 0,106(131)| 600ste verjaardag van de Jagiellonica Universiteit (8 juni 1997), 1254 VII, 1,82 | bepaalde teksten van St. Jan of St. Paulus begreep als 1255 VII, 1,90(106) | op het woord uit het St.-Jansevangelie: “Jullie zullen de waarheid 1256 VII, 2,92(109) | schreef ik als commentaar op Jn 16, 12-13: ‘Jezus presenteert 1257 VII, 1,84(103) | Lateranen, De Errore Abbatis Joachim, II: DS 806. ~ 1258 III, 1,26 | provocerende vragen in het boek Job, om aan de zin van het leven 1259 VI, 1,74 | westerse context, figuren als John Henry Newman, Antonio Rosmini, 1260 V, 2,59 | aangeknoopt hadden bij de jongere denkrichtingen en daarbij 1261 IV, 2,43 | dialoog met het Arabische en Joodse denken van zijn tijd kon 1262 VI, 1,71 | bewoners van Mesopotamië, Judea en Cappadocië, van Pontus 1263 VII, 2,97(114) | Decreet Lamentabili (3 juli 1907), nr.26: ASS 40 (1907), 1264 IV, 1,38 | onderscheiding - moet de H. Justinus genoemd worden: ofschoon 1265 VII, 2,96(113) | deformeren of veranderen”: K. Congregatie voor de Geloofsleer, 1266 VI, 2,76 | deze aanmatiging aan de kaak gesteld. Met de deemoed 1267 II, 1,16 | gestemd hart zijn zoeken kadert in het raam van het geloof. 1268 II, 1,16 | die dichtbij haar woning kampeert en zijn tentpin in haar 1269 III, 1,24 | verstand zijn geworden tot kanalen waarin hij zijn verlangende 1270 IV, 1,38 | eerder een storing dan een kans toe. Voor hen was de eerste, 1271 V, 1,55 | vertonen. Van verschillende kanten is daaromtrent sprake van 1272 V, 1,52 | die tekst vervatte leer karakteriseerde krachtig en positief het 1273 Inl, 0,1 | van het menselijke bestaan karakteriseren: Wie ben ik? Waar kom ik 1274 Slot, 0,106 | Deze waarden vormen de karakteristieke en onmisbare uitdrukking 1275 IV, 3,46 | vormen. Tegen dit denken keerden zich verschillende in filosofische 1276 V, 1,53 | basiscriterium van de natuurlijke kenbaarheid van het bestaan van God, 1277 VII, 2,98 | voor het menselijk verstand kenbare universele waarheid over 1278 IV, 1,40 | blijven, die het Avondland kende. gesterkt door zijn persoonlijke 1279 IV, 1,40 | weliswaar het na te streven doel kenden, maar niets wilden weten 1280 II, 1,16 | hartenwens naar kennis een kenmerk dat alle mensen verenigt. 1281 IV, 3,47 | De hedendaagse mens wordt kennelijk steeds meer bedreigd door 1282 V, 1,55(72) | waarheden, die haar eigenlijke (kennis-)object vormen”: ibid., IV: 1283 VII, 2,97 | de openbaring als nieuwe kennisbron, wordt dit perspectief bevestigd 1284 V, 2,60 | degelijke en samenhangende kennisneming van de mens, de wereld en 1285 V, 2,59 | weer anderen legden de kennistheoretische grondslagen voor een nieuwe 1286 III, 2,32 | geloofskennis een onvolmaakte kennisvorm, die zich langzaamaan door 1287 VII, 2,96 | culturen hun universele kenniswaarde houden en daarmee de waarheid 1288 VII, 2,93 | zijn: het begrijpen van de kenosis van God, een waarlijk groot 1289 Slot, 0,101 | op het zegelmerk van de kerkelijkheid123 en op de traditie van 1290 V, 2,61 | Vooral het leven van de jonge Kerken heeft, samen met hoogontwikkelde 1291 IV, 1,40 | vermelding verdienen in dit kersteningswerk van het Platoonse en neo-Platoonse 1292 VII, 1,89 | die bij het maken van haar keuzes, theoretische beschouwingen 1293 VI, 2,76 | wijsgeren zoals Pascal en Kierkegaard hebben deze aanmatiging 1294 VII, 2,98 | het juiste, hier en nu te kiezen gedrag; men kwam ertoe, 1295 VII, 1,80 | bijbel spreekt bovendien een kijk op de mens als imago Dei, 1296 Inl, 0,2 | zal worden onthuld: “Thans kijken wij in een spiegel en zien 1297 Slot, 0,103 | des te dringender als men kijkt naar de uitdagingen die 1298 VI, 1,71 | beïnvloedt haar. Hij is tegelijk kind en vader van de cultuur 1299 II, 1,19 | waarnaar hij in deze context klaarblijkelijk verwijst, verklaart hij, 1300 III, 2,33 | oprechte vriendschap. Een klimaat van verdenking en wantrouwen, 1301 VI, 1,72 | de geest bevrijdt van de kluisters van tijd en ruimte. De dynamiek 1302 II, 2,23 | van het bestaan. Het ware knooppunt dat de wijsbegeerte uitdaagt 1303 III, 1,24 | om naar het oneindige te koersen. De mens heeft op verschillende 1304 III, 2,29 | bijbehorende antwoorden koestert. Het zijn antwoorden van 1305 IV, 1,37 | speculeren, wanneer hij de Kolossenzen waarschuwt: “Past op, dat 1306 II, 2,22 | dat ze zonder de van God komende kennis konden. In hun oer-ongehoorzaamheid 1307 II, 2,22 | gevangene van zichzelf. De komst van Christus was de heilsgebeurtenis, 1308 II, 1,17 | verhullen, maar de eer van de koning is het, een zaak uit te 1309 V, 1,54 | zelfs in valse opinies een korreltje waarheid verborgen ligt, 1310 VII, 1,86 | het gepast is om -zij het kort- daarop in te gaan, teneinde 1311 III, 2,30 | alleen beperken tot de soms kortstondige waarheden van de beroepsfilosofen. 1312 IV, 1,36 | niet anders dan de meeste kosmische religies, polytheïstisch. 1313 II, 2,21 | grenzen van het verstand kost. Dat blijkt bijvoorbeeld 1314 V, 1,52 | vervatte leer karakteriseerde krachtig en positief het filosofische 1315 Slot, 0,106(131)| tot de Universiteit van Krakow bij de 600ste verjaardag 1316 V, 2,58 | scholastieke schrijvers kregen een nieuwe impuls. Historische 1317 VI, 1,71 | zijn, joden en proselieten, Kretenzers en Arabieren, we horen hen 1318 II, 1,19 | der elementen, (...) de kringloop van de jaren en de positie 1319 V, 2,62 | dialoog onthoudt of juist kritiekloos iedere filosofie aanneemt. 1320 Slot, 0,108 | september, het feest van de Kruisverheffing, in het jaar 1998, het twintigste 1321 VI, 2,75 | geloof en wijsbegeerte, kun je verschillende filosofische 1322 Inl, 0,1 | ik heen? Waarom is er het kwade? Wat zal er na dit leven 1323 III, 2,29 | stellen dat ieder van ons de kwellende last van enkele existentiële 1324 IV, 1,40 | belofte van kennis deden en lachten over de gelovigheid, en 1325 V, 1,49 | om in te grijpen, om de lacunes van een falend filosofisch 1326 V, 1,54 | immanentistische aard ten grondslag lagen. 66 Ook de betekenis die 1327 VII, 2,97(114) | het H. Officie, Decreet Lamentabili (3 juli 1907), nr.26: ASS 1328 VI, 1,72 | gedachten gaan spontaan naar de landen van het Oosten, die zo rijk 1329 III, 2,32 | onvolmaakte kennisvorm, die zich langzaamaan door het persoonlijk gewonnen 1330 Inl, 0,1 | geschriften van Confucius en Lao-Tse alsook in de verkondiging 1331 IV, 3,45 | onderzoeksgebieden. Vanaf de late Middeleeuwen verkeerde het 1332 V, 1,55 | worden. ~Andere vormen van latent fideïsme zijn evenzeer te 1333 Slot, 0,105 | heeft vastgelegd129 en van latere wetgeving, die duidelijk 1334 III, 1,26 | ervaring van eigen en andermans leed, het zien van zoveel feiten 1335 VII, 2,92(109) | alles wat Christus ‘deed en leerde’ (Hand.1,1). Want het mysterium 1336 VI, 1,70 | gebod van Christus aan de leerlingen om overal heen te gaan, “ 1337 IV, 2,43 | door de Kerk steeds als leermeester van het denken gepresenteerd 1338 II, 1,19 | natuur”; als de mens dit boek leest met de middelen die aan 1339 V, 2,59 | idealisme; weer anderen legden de kennistheoretische grondslagen 1340 Inl, 0,5 | ontstaan, die tenslotte ertoe leidden dat het wijsgerige zoeken 1341 VI, 1,73 | een beter begrip daarvan, leiding geboden krijgt en gewaarschuwd 1342 I, 2,15 | christelijke openbaring is de ware leidstér voor de mens tussen de druk 1343 III, 1,27 | toevertrouwt aan het gezag van een leraar. Uit elk van deze verschijnselen 1344 VI, 1,74 | verdienen, en de middeleeuwse leraren met de grote driester van 1345 V, 1,56 | bescheiden doelen te stellen. De les van de geschiedenis van 1346 III, 2,28 | twijfel, onzekerheid of leugen; zulk bestaan zou voortdurend 1347 VII, 1,82 | aan dubbelzinnigheid en leugenachtigheid, de heldere en eenvoudige 1348 III, 1,27 | verschijnselen spreekt steeds de levendige wens om te komen tot de 1349 Slot, 0,106 | diversiteit van zijn levende en levenloze onderdelen met hun complexe 1350 III, 2,33 | en haar te kennen. Deze levensbelangrijke en voor zijn bestaan essentiële 1351 IV, 1,40 | gesterkt door zijn persoonlijke levensgeschiedenis en steunend op een wonderlijke 1352 VI, 1,71 | delen van waarden, en hun levenskracht en bloei danken zij aan 1353 VI, 1,68 | passen op de bijzondere levensomstandigheden van het individu en van 1354 VI, 1,69 | zowel in de verschillende levensopvattingen alsook in de culturen te 1355 Inl, 0,5 | waarheid. Ook sommige oosterse levensovertuigingen maken dit voorbehoud. Daarin 1356 III, 1,27 | culturele tradities of om levensprogrammas, waar men zich toevertrouwt 1357 IV, 1,37 | Als praktische wijsheid en levensschool kon de wijsbegeerte gemakkelijk 1358 VI, 1,68 | beginselen van een christelijke levenswijze alsook precieze leerstellingen 1359 VI, 1,71 | de uitwisseling van hun levenswijzen. Culturen worden gevoed 1360 V, 1,53 | geloofskennis kan en moet leveren: “Maar ook al staat het 1361 Slot, 0,105 | Itinerarium Mentis in Deum de lezer uitnodigt om ten volle te 1362 V, 1,54(71) | Theologie van de BevrijdingLibertatis nuntius (6 augustus 1984), 1363 I, 2,13(16) | Feest van het Allerheiligste Lichaam en Bloed van Christus. ~ 1364 Slot, 0,108 | In haar zagen zij een lichtend beeld van de ware wijsbegeerte 1365 IV, 1,38 | wijsheid vriendelijk en liefdevol gezind en doen alles om 1366 IV, 1,41 | betrekking tot de openbaring lieten zien. Het besef van de overeenstemmingen 1367 VI, 1,74 | dat zij met recht op één lijn met de meesters van de antieke 1368 Inl, 0,5 | existentiële, hermeneutische of linguïstische zienswijzen te ontwikkelen, 1369 IV, 1,38 | aanvallen ontkracht en de listige aanvallen tegen de waarheid 1370 III, 1,24 | verlangen uitdrukking te geven. Literatuur, muziek, schilderkunst, 1371 II, 1,16 | speurder nazit en op de loer ligt waar zij heengaat; 1372 Inl, 0,4 | denkers haar noemden, orthos logos, recta ratio heten. ~ 1373 IV, 1,38 | beticht, “onbeschaafde en lompe31 mensen te zijn, blijkt 1374 VII, 1,90 | van alle grondslagen en de loochening van alle objectieve waarheid. 1375 VII, 1,82 | vervolmaken kennis niet loochent. Dit geldt ook voor de oordelen 1376 V, 1,56 | geschiedenis van dit ten einde lopende millennium is, dat dàt de 1377 VII, 1,90 | objectieve waarheid. Helemaal los van het feit dat het strijdig 1378 VI, 1,72 | geweest, mag zij zich niet losmaken van wat zij zich eigen heeft 1379 VII, 1,86 | om gebruik te maken van losse ideeën die uit verschillende 1380 VI, 1,74 | Petr Chaadev en Vladimir N. Lossky. Zeker zouden er andere 1381 IV, 1,41 | werk te vernauwen tot de loutere omzetting van de geloofsinhoud 1382 Inl, 0,4 | het voortkomt en dat het loyaal moet dienen. ~Zo is het 1383 III, 1,24 | 24. De evangelist Lucas vertelt in de Handelingen 1384 Slot, 0,108 | zijn autonomie, wanneer het luistert naar de oproepen van het 1385 V, 2,62 | Francisco Suárez, die zelf op de Lutherse universiteiten van Duitsland 1386 VI, 1,71 | Egypte en het gebied van Lybië naar Cyrene toe, ook de 1387 IV, 1,37 | van de H. Paulus volgend maakten andere schrijvers van de 1388 VII, 1,81 | het dat veel mensen, in de maalstroom van gegevens en feiten waarin 1389 III, 2,33 | bevindt op een naar menselijke maat eindeloze zoektocht: de 1390 Inl, 0,3 | bij de regeling van het maatschappelijk leven. ~ 1391 VII, 2,97 | voorbeeld van burgerlijke maatschappijen is opgebouwd, zouden het 1392 III, 2,33(28) | is het antwoord erop de maatstaf voor de diepte waarmee hij 1393 VII, 1,91 | factoren die, wijdverbreid en machtig als ze zijn, hebben laten 1394 Slot, 0,100 | oefent de wijsbegeerte een machtige, zij het niet altijd meteen 1395 V, 2,61 | niet als een onuitgesproken machtiging geïnterpreteerd worden, 1396 IV, 3,45 | wetenschappelijke kennis. De H. Albertus Magnus en de H. Thomas waren de 1397 V, 1,52(59) | Ludovico Eugenio Bautain ex mandato S.Cong.Episcoporum et Religiosorum 1398 VII, 1,86 | overgeven. Een dergelijke manipulatie draagt niet bij aan het 1399 V, 2,61 | fidei alleen maar in de marge te behandelen of zelfs te 1400 VI, 1,74 | Antonio Rosmini, Jacques Maritain, Étienne Gilson en Edith 1401 I, 1,7 | 1Kor 2,7; Rom 16,25-26) markeert: “God heeft in zijn goedheid 1402 IV, 3,46 | aan een logica die op de markt is gebaseerd, maar ook aan 1403 V, 1,54 | opvattingen en methoden uit het marxisme door enkele bevrijdingstheologen 1404 V, 1,54 | katholieke afwijzing van de marxistische filosofie en het atheïstische 1405 IV, 1,40 | werken een grote hoeveelheid materiaal in te brengen, dat, door 1406 VII, 1,80 | iedere vorm van relativisme, materialisme en pantheïsme. ~De fundamentele 1407 VII, 1,80 | een of ander gebrek in de materie afkomstig is, maar een wonde 1408 VII, 2,94 | die door de wonderbare “mede-nederdalingdie de logica van de menswording 1409 Inl, 0,6 | besloten mij zowel tot de medebroeders in het bisschopsambt te 1410 VI, 1,70 | zonder burgerrecht, maar medeburgers van de heiligen en huisgenoten 1411 VI, 1,71 | moedertaal horen: Parthen, Meden en Elamieten, bewoners van 1412 VII, 2,94 | is, die de teksten willen meedelen, zij het binnen de grenzen 1413 IV, 1,42 | zijn tocht ligt: “Want ik meen, dat iemand die iets onbegrijpelijks 1414 II, 1,18 | hoogmoed van degene die meent dat alles de vrucht is van 1415 IV, 1,36 | christelijke verkondiging zich van meet af geconfronteerd met de 1416 IV, 1,37 | de voorzichtige houding melden die andere elementen van 1417 IV, 3,48 | is. Het is een illusie te menen dat het geloof grotere overtuigingskracht 1418 Inl, 0,5 | alles teruggebracht tot mening. Men heeft de indruk van 1419 VII, 1,80 | aantal elementen, die ons een mensbeeld en een visie op de wereld 1420 I, 2,14 | persoonlijkheden van de mensengeschiedenis te hulp, een referentiepunt 1421 III, 1,24 | mens heeft Hij heel het mensenvolk gemaakt om overal op aarde 1422 V, 2,61 | vooral met betrekking tot demenswetenschappenis ontstaan. Vaticanum 1423 VII, 1,88 | biedt, is de sciëntistische mentaliteit erin geslaagd velen te laten 1424 Slot, 0,105 | inleiding tot zijn Itinerarium Mentis in Deum de lezer uitnodigt 1425 VII, 2,98 | duidelijk onderstreept. Wat het merendeel van de dringendste ethische 1426 III, 2,32 | betekenisvolle spanning merkbaar: enerzijds schijnt de geloofskennis 1427 VI, 1,71 | draagt iedere cultuur het merkteken van een spanning die op 1428 III, 1,25(23) | Aristoteles, Metaphysica, I, 1. ~ 1429 V, 2,62 | invloed van de Disputationes Metaphysicae van Francisco Suárez, die 1430 Slot, 0,100 | machtige, zij het niet altijd meteen duidelijke, invloed uit. 1431 III, 2,34(29) | wanneer het leert: “Het methodisch onderzoek zal, op alle kennisterreinen, 1432 VII, 1,87 | 87. Eclecticisme is een methodische dwaling, maar kan ook opvattingen 1433 VI, 1,65 | licht van een tweevoudig methodologisch beginsel: de auditus fidei 1434 I, 1,10 | Christus, die tegelijk de middelaar en de volheid van de gehele 1435 VII, 1,83 | begrijpen van de openbaring als middelares te functioneren. Het woord 1436 VII, 2,94 | over God, die door God zelf middels de heilige tekst meegedeeld 1437 III, 2,28 | waarheid, ook als hij haar mijdt, altijd zijn bestaan. Want 1438 I, 1,11(9) | Apostolische Brief Tertio Millennio Adveniente (10 november 1439 III, 1,27 | Niemand, de wijsgeer zo min als de gewone mens, kan 1440 V, 1,55 | theologie heeft alsook aan de minachting voor de klassieke wijsbegeerte, 1441 IV, 1,42 | zijn zekerheid niet in het minst aan het wankelen. Want als 1442 Inl, 0,1 | fundamentele waarheid die als minste regel door iedere mens moet 1443 III, 2,29 | en tegelijk in zijn hart minstens het ontwerp van de bijbehorende 1444 VII, 1,86 | ook voor in het retorische misbruik van wijsgerige termen waaraan 1445 Slot, 0,107 | systemen hebben hem er door misleiding van overtuigd, dat hij zijn 1446 II, 2,23 | puur menselijke logica, tot mislukken gedoemd. “Waar is een wijze? 1447 II, 1,18 | loopt hij het gevaar van mislukking en komt hij tenslotte in 1448 III, 2,29 | vinden, en geeft niet op bij mislukkingen. Hij houdt zijn oorspronkelijke 1449 III, 1,24(22) | inveniendo quiescerent”: Missale Romanum ~ 1450 IV, 1,37 | benodigde kritische zin missen, om zich heen grijpen. Het 1451 III, 1,24 | Apostelen, dat Paulus op zijn missiereizen naar Athene kwam. De stad 1452 VI, 1,69(92) | nr.15; Decreet over de Missionaire Activiteit van de Kerk Ad 1453 VII, 2,97 | speculatieve helderheid mist. Een christologie bijvoorbeeld, 1454 V, 2,61 | Daar komt bovendien nog het misverstand bij dat vooral met betrekking 1455 II, 2,22 | en hoe hun overwegingen misvormd en verkeerd georiënteerd 1456 V, 1,54 | vaststelde, dat aan het modernisme filosofische overtuigingen 1457 Slot, 0,103 | verklaard. 125 Terwijl ik niet moe word op de urgentie van 1458 Slot, 0,108(132)| ere van de heilige Maria, Moeder van God: PG 43, 493. 1459 VI, 1,71 | van ons hen dan in zijn moedertaal horen: Parthen, Meden en 1460 V, 2,58 | talrijke geleerden brachten moedig de Thomistische overlevering 1461 V, 2,62 | ten zeerste op dat deze moeilijkheden door een zinvolle filosofische 1462 IV, 3,47 | onrechtstreeks. Ze zijn feitelijk of mogelijkerwijs tegen hem gericht. Dit schijnt 1463 Slot, 0,106 | hun complexe atomaire en moleculaire structuren. De weg die zij 1464 I, 2,15 | woord is dichtbij u, in uw mond en in uw hart. U kunt het 1465 Slot, 0,108 | waarheid die de heilige monniken van de christelijke oudheid 1466 IV, 1,42(43) | Idem, Monologion, 64: PL 158, 210. ~ 1467 Inl, 0,4 | de mens vervallen in de monotonie van de herhaling en zeer 1468 V, 1,56 | treden en voor alles wat mooi, goed en waar is, iets te 1469 VII, 1,88 | mogelijk is, het daarom ook moreel toelaatbaar is. ~ 1470 VI, 1,72 | tijdperk, ook voor de Kerk van morgen, die zich verrijkt zal voelen 1471 Inl, 0,6 | ontplooien kan. Nog een ander motief noopte mij deze overwegingen 1472 IV, 1,38 | het geloofsbegrip en zijn motieven te verdiepen, veronachtzaamden. 1473 II, 1,17 | ander steentje voor dit mozaïek wordt door de Psalmist aangedragen, 1474 IV, 1,38 | men haar terecht haag en muur van de wijnberg genoemd.” 37 ~ 1475 III, 1,24 | uitdrukking te geven. Literatuur, muziek, schilderkunst, beeldhouwkunst, 1476 IV, 1,36 | begin af tegen de mythen en mysterieculten noties hadden verwoord die 1477 V, 1,55(72) | nooitin staat is (deze mysteries) precies zo te doorgronden 1478 I, 2,13 | openbaring tot vandaag toe iets mysterievols blijft. Zeker openbaarde 1479 IV, 3,48 | gevaar te verworden tot mythe respectievelijk bijgeloof. 1480 IV, 1,36 | de mensen te reinigen van mythologische vormen, dat was inderdaad 1481 Slot, 0,102 | te meer bevestigd wordt, naarmate hij zich meer toevertrouwt 1482 I, 1,8 | voortgezet, terwijl het nadacht over de Openbaring in het 1483 IV, 2,43 | zin van deze redelijkheid nader verklaren. Want het geloof 1484 III, 2,31 | opgedane ervaringen of dankzij nadere overwegingen “herwonnen” 1485 I, 1,8 | Concilie verplicht tot de nadrukkelijke vaststelling, dat er buiten 1486 VI, 1,74 | ons geschriftren hebben nagelaten van zo hoge speculatieve 1487 IV, 1,41 | begrenzingen. Ze waren geen naïeve denkers. Juist omdat ze 1488 VII, 2,92 | moet zij de verplichting nakomen, die Vaticanum II haar destijds 1489 VI, 1,74 | Zeker zouden er andere namen genoemd kunnen worden: en 1490 VII, 2,93 | hoofddoel dat de theologie nastreeft is begrip van de openbaring 1491 VI, 1,69 | kritische en algemene geldigheid nastrevende reflectie doen vergeten, 1492 Inl, 0,3 | postulaten die de verschillende nationale en internationale wetgevingen 1493 IV, 2,43(45) | cum enim gratia non tollat naturam, sed perficiat“. ~ 1494 IV, 1,37 | die zich beroepen op de natuurmachten van de wereld, niet op Christus” ( 1495 IV, 1,36 | zover, dat ze dingen en natuurverschijnselen vergoddelijkte. De pogingen 1496 Slot, 0,106 | te blijven, waarbinnen de natuurwetenschappelijke en technologische resultaten 1497 Slot, 0,106 | woord willen richten tot de natuurwetenschappers, die ons door hun onderzoeken 1498 I, 1,12 | niet meer opgesloten in een nauw begrensd territoriaal en 1499 VII, 2,97 | een dergelijke reductie nauwelijks kunnen vermijden. ~Als de 1500 Inl, 0,2(1) | wij haar liefhebben en zo nauwkeurig mogelijk trachten te begrijpen,


103-binde | binne-gesla | gespr-nauwk | navol-schip | schit-vii-x | viii-zwakk

Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License