60. Vaticanum
II presenteerde van zijn kant een zeer rijke en vruchtbare doctrine met
betrekking tot de wijsbegeerte. ik kan bijzonder in het kader van deze
encycliek niet vergeten, dat een heel hoofdstuk van de constitutie Gaudium
et spes tegelijkertijd een samenvatting van bijbelse antropologie en daarmee
ook een inspiratiebron voor de wijsbegeerte vormt. Op die bladzijden gaat het
om de waarde van de naar Gods beeld geschapen menselijke persoon. Zijn
waardigheid en heerschappij over de rest van de schepping worden uitgelegd en
het transcendente vermogen van zijn rede verklaard. 80 Ook
het probleem van het atheïsme komt in Gaudium et spes naar voren;
daarbij worden de dwalingen van die wijsgerige opvatting, vooral tegenover de
onvervreemdbare waardigheid van de persoon en zijn vrijheid, precies uitgelegd.
81 Diepe wijsgerige betekenis bezit zeker ook de
formulering, die het hoogtepunt van deze passage vormt. Ik heb haar in mijn
encycliek Redemptor hominis aangehaald; ze hoort tot de vaste
referentiepunten van mijn leven: “Inderdaad, het mysterie
van de mens wordt eerst echt verhelderd in het mysterie van het mensgeworden
Woord. Adam immers, de eerste mens, was de voorafbeelding van Hem die komen
zou, Christus de Heer. Als de nieuwe Adam doet Christus juist door de
openbaring van het mysterie van de Vader en zijn liefde de mens ten volle zien
wie hij is en onthult Hij hem de sublieme grootheid van zijn roeping.” 82
Het concilie heeft zich ook
beziggehouden met de studie van de filosofie, waaraan de priesterkandidaten
zich moeten wijden; het gaat om aanbevelingen die zich verder laten uitbreiden
tot het christelijk onderricht in zijn totaliteit: “De wijsgerige wetenschappen
moeten zo worden gegeven, dat de studenten vooral een handreiking krijgen tot
een degelijke en samenhangende kennisneming van de mens, de wereld en van God.
Daarbij ondervinden zij steun van het altijd weer geldende filosofische
erfgoed, terwijl anderzijds rekening wordt gehouden met de wijsgerige
onderzoekingen van de laatste tijden”. 83 Deze voorschriften
zijn herhaald en ontwikkeld in een aantal andere documenten van het leergezag
om een solide wijsgerige vorming te garanderen, vooral voor hen die zich
voorbereiden op de theologische studies. Zelf heb ik verschillende malen het
belang van deze wijsgerige vorming onderstreept voor hen die zich eens, in hun
pastorale leven, zullen moeten bezighouden met de aspiraties van de hedendaagse
wereld en de oorzaken van allerlei opstellingen moeten begrijpen, om daarop een
passend antwoord te geven. 84
|