62. Ik wens
duidelijk te herhalen dat de studie van de filosofie fundamenteel en onmisbaar
is voor de structuur van de theologiestudies en voor de vorming van
priesterkandidaten. Het is niet toevallig dat het curriculum van de
theologiestudies wordt voorafgegaan door een tijd van speciale studie van de
wijsbegeerte. Deze beslissing, bevestigd door het Vijfde Concilie van
Lateranen87, wortelt in de ervaring die in de middeleeuwen
rijpte, toen het belang van een constructieve harmonie tussen theologisch en
filosofisch onderricht naar boven kwam. Deze ordening van de studie
beïnvloedde, bevorderde en verwerkelijkte veel van de ontwikkeling van de
moderne filosofie, zij het indirect. Een tekenend voorbeeld hiervan is de
invloed van de Disputationes Metaphysicae van Francisco Suárez,
die zelf op de Lutherse universiteiten van Duitsland hun weg vonden. Omgekeerd
heeft de ontmanteling van deze methode geleid tot ernstige hiaten in zowel de
priestervorming als het theologisch onderzoek. Men denke aan de
onverschilligheid tegenover het moderne denken en de moderne cultuur, die ertoe
geleid heeft dat men zich van iedere vorm van dialoog onthoudt of juist
kritiekloos iedere filosofie aanneemt. Ik vertrouw er ten zeerste op dat deze
moeilijkheden door een zinvolle filosofische en theologische vorming worden
overwonnen, die in de Kerk nooit verloren mag gaan.
|