84. De betekenis
van de metafysica wordt nog duidelijker wanneer we stilstaan bij de huidige
ontwikkelingen in de hermeneutische wetenschappen en in de taalanalyse. De
resultaten van dergelijke studies kunnen ten zeerste bijdragen aan het
geloofsbegrip, aangezien zij de structuur van ons denken en spreken blootleggen
en de betekenis die de taal heeft. Maar sommige wetenschappers die op deze
gebieden werken neigen ertoe om stil te staan bij de vraag, hoe de
werkelijkheid begrepen en verwoord wordt, zonder verder te gaan om te zien of
de rede de essentie ervan kan ontdekken. We kunnen toch niet anders dan in een
dergelijk denkraam de bevestiging zien van onze huidige vertrouwenscrisis ten
aanzien van de macht van de rede? Als deze standpunten, op basis van
aprioristische opvattingen, ertoe neigen de geloofsinhouden te verduisteren of
hun algemene geldigheid te ontkennen, dan onderdrukken zij de rede niet alleen,
maar zetten ze ook zichzelf buitenspel. Want het geloof veronderstelt duidelijk
dat de taal van de mens in staat is om de goddelijke en transcendente
werkelijkheid op universele wijze te verwoorden - analoog, dat is waar, maar
daarom niet minder betekenisvol. 103 Ware dit niet zo, dan
zou het woord van God, dat altijd een goddelijk woord is in menselijke taal,
niet in staat zijn iets over God te zeggen. De interpretatie van dit woord kan
ons niet slechts voortdurend verwijzen naar de ene interpretatie na de andere,
zonder ons ooit te brengen tot een uitspraak die eenvoudigweg waar is; anders
zou er geen openbaring van God zijn, maar alleen de uitdrukking van menselijke
noties over God en over hetgeen God waarschijnlijk van ons denkt.
|