| Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library |
| Ioannes Paulus PP. II Fides et Ratio IntraText CT - Text |
|
|
|
82. Toch zou deze wijsheidsfunctie niet verricht kunnen worden door een wijsbegeerte die zelf geen ware en authentieke kennis was, d.w.z.. niet alleen gericht op bijzondere en ondergeschikte aspecten van de werkelijkheid - functionele, formele of utilitaire - maar op zijn totale en definitieve waarheid, op het zijn zelf van het kennisobject. Daarbij geldt een tweede vereiste: dat de wijsbegeerte het menselijke vermogen om de waarheid te kennen verifieert, om te komen tot een kennis die objectieve waarheid kan bereiken door middel van die adaequatio rei et intellectus waarnaar de scholastieke geleerden verwijzen. 99 Dit postulaat, eigen aan het geloof, werd uitdrukkelijk herbevestigd door Vaticanum II: “De rede is niet beperkt tot de verschijnselen alleen. Ze kan met ware zekerheid de geestelijke diepere structuren van de werkelijkheid zelf bereiken, ofschoon als gevolg van de zonde die zekerheid gedeeltelijk verduisterd en verzwakt is.” 100 Een radicaal fenomenalistische of relativistische filosofie zou ongeschikt zijn om te helpen bij de diepere verkenning van de rijkdom die in het woord van God te vinden is. De heilige Schrift neemt altijd aan dat het individu, ook al is het schuldig aan dubbelzinnigheid en leugenachtigheid, de heldere en eenvoudige waarheid kan bevatten. De Bijbel, en het Nieuwe Testament in het bijzonder, bevat teksten en verklaringen die een waarlijk ontologische draagwijdte hebben. De geïnspireerde schrijvers wilden ware verklaringen formuleren, d.w.z. die de objectieve werkelijkheid weer konden geven. Men kan niet zeggen dat de katholieke traditie dwaalde toen zij bepaalde teksten van St. Jan of St. Paulus begreep als uitspraken over het zijn van Christus zelf. Wanneer zij deze verklaringen tracht te begrijpen en uit te leggen, heeft de theologie daarom de bijdrage nodig van een filosofie die de mogelijkheid van een objectief ware, zij het altijd nog te vervolmaken kennis niet loochent. Dit geldt ook voor de oordelen van het zedelijk geweten, waarvan de heilige Schrift aanneemt dat ze objectief waar kunnen zijn. 101
|
99 Vgl. bijvoorbeeld H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae, I, 16, 1; H. Bonaventura, Coll. in Hex., 3, 8, 1. 100 Pastorale Constitutie over de Kerk in de Wereld van Vandaag Gaudium et spes, nr. 15. 101 Vgl. Johannes Paulus II, encycliek Veritatis splendor (6 augustus 1993), nrs. 57-61: AAS 85 (1993), 1179-1182. |
Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library |
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License |