Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 0,1 | Kerk met liefde ontvangen, moet zij met moedige trouw verkondigd
2 Inl, 2,3 | zorg van de Kerk. Daarom moet elke bedreiging van de waardigheid
3 Inl, 2,3 | in het hart van de Kerk, moet die haar wel raken in de
4 Inl, 2,3 | Menswording van de Zoon van God, moet zij die wel betrekken in
5 I, 1,8 | tegenover de zonde. Hij kan en moet die beheersen: “Zijn hevige
6 I, 1,8 | is op u gericht, maar u moet die meester blijven!”(Gn
7 I, 1,8 | hooghartig: “Ik weet het niet. Moet ik soms op mijn broer passen?”(
8 I, 1,8 | rechtvaardigen en te maskeren. “Moet ik soms op mijn broer passen?”:
9 I, 2,12 | vijand tegen wie men zich moet verweren of die uit de weg
10 I, 2,12 | of die uit de weg geruimd moet worden. Zo wordt een “samenzwering
11 I, 2,13 | tegen elke prijs vermeden moet worden, en abortus wordt
12 I, 3,18 | Het beschreven panorama moet niet alleen begrepen worden
13 I, 3,19 | aspect dat onderstreept moet worden: vrijheid ontkent
14 I, 3,20 | vijand tegen wie men zich moet verdedigen. Zo wordt de
15 I, 3,20 | te laten prevaleren. Toch moet er, met het oog op de analoge
16 I, 4,22 | het geschapene die erkend moet worden, of van een plan
17 I, 4,22 | leven, dat gerespecteerd moet worden. Iets dergelijks
18 I, 4,23 | altijd hoe dan ook vermeden moet worden. Wanneer het niet
19 I, 4,23 | de “vijand”die vermeden moet worden bij seksuele activiteit:
20 I, 5,25 | uitroepen: “Hoe kostbaar moet de mens zijn in de ogen
21 I, 5,28 | horizon van licht en schaduw moet er ons allen volledig bewust
22 II, 3,33 | mijn leven. Waarlijk groot moet de waarde van het menselijk
23 II, 4,35 | verlangens van zijn hart hoort, moet iedere mens de woorden van
24 II, 6,41 | Rabbi, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwig leven
25 II, 6,41 | de persoon die de naaste moet worden van iemand in nood,
26 II, 7,43 | leven iedereen; en deze taak moet bovenal vervuld worden voor
27 II, 9,46 | voltooit”(Js 65,20). ~Hoe moet men in de ouderdom tegenover
28 II, 9,46 | van het leven staan? Hoe moet men handelen in het zicht
29 II, 9,46 | de dood. In leven en dood moet hij zich helemaal toevertrouwen
30 II, 10,48 | concreet de koers die het leven moet volgen wil het zijn eigen
31 II, 10,48 | 11). Het goede dat gedaan moet worden, komt niet extra
32 III, 1,52 | Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwig leven
33 III, 1,52 | vraagt welke geboden hij moet onderhouden: “Jezus zei: “
34 III, 1,52 | heerschappij van God. Daarom moet de mens haar uitoefenen
35 III, 1,52 | talent dat goed gebruikt moet worden. De mens moet er
36 III, 1,52 | gebruikt moet worden. De mens moet er rekenschap van afleggen
37 III, 2,55 | 56. In deze context moet het probleem van de doodstraf
38 III, 2,55 | ervan bepleit. Het probleem moet men zien in het geheel van
39 III, 2,55 | is”46. Het openbaar gezag moet de aantasting van persoonlijke
40 III, 2,55 | personen te beschermen, moet de overheid zich beperken
41 III, 2,56 | aanvallers, zoveel aandacht moet worden geschonken, dan heeft
42 III, 3,57 | zo”n ernstige situatie, moet we nu meer dan ooit de moed
43 III, 3,58 | menselijk wezen gaat voldoende moet zijn om het striktste verbod
44 III, 3,58 | onvoorwaardelijk respect moet worden gegarandeerd dat
45 III, 3,58 | eenheid: “Het menselijk wezen moet geëerbiedigd worden en behandeld
46 III, 3,60 | streng: “Vanaf de ontvangenis moet het leven met uiterste zorg
47 III, 3,61 | beoordeling van abortus moet ook worden toegepast op
48 III, 3,61 | de individuele foetus”74 moet niettemin aangetekend worden
49 III, 3,61 | handeling. ~Bijzondere aandacht moet men schenken aan de zedelijke
50 III, 4,62 | men zich tegen elke prijs moet bevrijden. De dood wordt
51 III, 4,63 | handelen”76. ~Euthanasie moet men onderscheiden van de
52 III, 4,63 | behandelen, maar deze plicht moet aan de concrete omstandigheden
53 III, 4,63 | omstandigheden afgemeten worden. Men moet bepalen of de middelen tot
54 III, 4,64 | leven van iemand die lijdt, moet euthanasie een vals medelijden,
55 III, 5 | Men moet God meer gehoorzamen dan
56 III, 5,66 | voorwaarden, aan de burgers moet toekennen, en, als gevolg
57 III, 5,66 | erkennen en delen. Daarom moet de wet altijd de uitdrukking
58 III, 5,66 | volledige autonomie toegekend moet worden om over het eigen
59 III, 5,67 | maatschappij zich ertoe moet beperken, de overtuigingen
60 III, 5,68 | menselijk gedrag, onderworpen moet zijn: d.w.z.: het hangt
61 III, 5,68 | waarheidsaspect erkent, dan moet men toch zien dat zonder
62 III, 5,69 | koesteren. ~In deze zin moet men de basiselementen van
63 III, 5,69 | 1Tim 2,2). Juist daarom moet de burgerlijke wet voor
64 III, 5,69 | en die elke positieve wet moet erkennen en garanderen.
65 III, 5,71 | gewaarschuwd dat men “God meer moet gehoorzamen dan de mensen”(
66 III, 5,71 | geloofstrouw van de heiligen moet blijken”(Apk 13,10). ~Daarom
67 III, 5,72 | moeilijke morele kwestie moet herinnerd worden aan de
68 III, 5,72 | aanneemt, gekarakteriseerd moet worden als directe deelname
69 III, 5,72 | de burgerlijke wet zelf moet worden voorzien en beschermd.
70 III, 5,72 | van het gewetensbezwaar moet niet alleen beschermd zijn
71 III, 6,73 | het minimum aan dat hij moet eerbiedigen en waarvan hij
72 III, 6,73 | eerbiedigen en waarvan hij moet uitgaan om ontelbare malen “
73 IV, 2,79 | gedood worden, maar het moet met alle liefdevolle aandacht
74 IV, 2,79 | De samenleving als geheel moet de waardigheid van iedere
75 IV, 2,80 | 2Tim 4,2). Deze vermaning moet vooral krachtige weerklank
76 IV, 2,80 | lerares”van de waarheid. Zij moet vooral bij ons bisschoppen
77 IV, 3,81 | de wereld gezonden zijn, moet onze verkondiging ook tot
78 IV, 3,81 | leven worden. Deze viering moet door de suggestieve kracht
79 IV, 3,81 | deze beschouwende visie moet het nieuwe volk van de verlosten
80 IV, 3,82 | Levensbron. Elk levend wezen moet het beschouwen en prijzen:
81 IV, 3,82 | genieten en mee te delen. Hier moet speciaal herinnerd worden
82 IV, 3,83 | bisschoppenconferenties gebeurt. Deze Dag moet met de actieve deelname
83 IV, 3,83 | centrum van de aandacht moet daarbij vooral het zwaarwegende
84 IV, 3,84 | welgevallig is (vgl. Rom 12,1), moet het Evangelie van het leven
85 IV, 3,84 | dagelijks bestaan, dat gevuld moet zijn met zelfgave en liefde
86 IV, 4,85 | dienst van de naastenliefde moet een houding ons bezielen
87 IV, 4,85 | Als het om het leven gaat, moet de dienst van de naastenliefde
88 IV, 4,85 | van verantwoordelijkheid moet deze geschiedenis blijven
89 IV, 4,85 | voeden. Soortgelijke zorg moet gegeven worden aan het leven
90 IV, 4,86 | eerste stadium van het leven moet men centra voor natuurlijke
91 IV, 4,86 | huis beschikbaar is. ~Er moet opnieuw worden nagedacht
92 IV, 4,86 | christelijke betekenis. Dit moet vooral duidelijk en effectief
93 IV, 4,87 | mensheid in zich draagt, moet altijd experimenten, onderzoek
94 IV, 4,88 | waarheid haar aanwezigheid diep moet doen voelen in ieder geweten,
95 IV, 4,88 | waarde van het leven. Hier moet opgemerkt worden dat het
96 IV, 4,88 | moederschap: een gezinspolitiek moet de basis zijn van en de
97 IV, 5,91 | het algemeen welzijn”121, moet ook solidariteit beoefend
98 IV, 5,92 | over het gezin loopt”122, moet men toegeven dat de moderne
99 IV, 5,92 | leven bemint en opneemt, moet de familie dringend geholpen
100 IV, 5,92 | menselijke manier. Van haar kant moet de Kerk onvermoeibaar een
101 IV, 6,93 | doet gisten (vgl.Mt 13,33) moet het Evangelie alle culturen
102 IV, 6,95 | veronderstellen. ~Het opvoedingswerk moet ook het lijden en de dood
103 IV, 6,95 | verdringen. Integendeel: men moet de mensen helpen om hun
104 IV, 7,99 | als een goed dat gedeeld moet worden met alle mensen:
105 IV, 7,99 | leven en voor het leven”moet daarom correct uitgelegd
106 Slot, 2,102| gevaarlijke bedreiging, moet Maria met Jozef en het Kind
107 Slot, 2,102| die de Kerk onophoudelijk moet aanbieden aan de mensen
|