Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 1,2 | moeilijkheden en onzekerheden kan iedere mens die oprecht
2 I, 1,7 | iedereen die mij ontmoet kan mij doden”. ~Maar Jahwe
3 I, 1,8 | tegenover de zonde. Hij kan en moet die beheersen: “
4 I, 2,10 | gedaan?”waaraan Kaïn niet kan ontkomen, wordt ook gericht
5 I, 2,11 | een soort “verduistering”kan lijden, ofschoon het geweten
6 I, 2,12 | 12. Maar al kan het klimaat van wijdverbreide
7 I, 2,12 | werkelijkheid staan, die omschreven kan worden als een reële structuur
8 I, 2,14 | materiaal”waar men vrij over kan beschikken. ~Prenatale diagnose
9 I, 2,15 | uitkomst. In de zieke persoon kan het gevoel van angst, ernstig
10 I, 2,15 | factor zijn. Zo”n situatie kan het toch al broze evenwicht
11 I, 2,16 | van “bevolkingsexplosie”, kan voor de hand liggen. ~De
12 I, 2,17 | beschikbaar te krijgen. Ook kan niet ontkend worden dat
13 I, 3,18 | en daar trots op is. Hoe kan men deze herhaalde bevestigingen
14 I, 3,18 | democratisch samenleven in gevaar kan brengen: in plaats van gemeenschappen
15 I, 3,19 | dingen, niet onderworpen kan worden aan overheersing
16 I, 3,19 | afhankelijk van hen, en die alleen kan communiceren d.m.v. de stomme
17 I, 3,19 | medelijden gekenmerkt wordt, kan men niet ontkennen dat een
18 I, 3,19 | onderwerpen. ~Juist in deze zin kan Kaïns antwoord op de vraag
19 I, 4,21 | en ieder die mij ontmoet kan mij doden”(Gn 4,13-14).
20 I, 4,21 | schuld “groter is dan hij kan dragen”, dan is dat omdat
21 I, 4,21 | God dat de mens zijn zonde kan toegeven er de volle zwaarte
22 I, 4,21 | er de volle zwaarte van kan inzien. Dat was de ervaring
23 I, 4,23 | Wanneer het niet vermeden kan worden en het vooruitzicht
24 I, 4,24 | aan het menselijk leven kan altijd juist vanuit dit
25 I, 5,25 | kennen en waarderen, en kan hij met steeds nieuwe en
26 II, 1,29 | machteloosheid: het goede kan nooit machtig genoeg zijn
27 II, 1,29 | de menselijke rede gekend kan worden in zijn wezenlijke
28 II, 2,31 | afhangt van een farao die het kan uitbuiten met despotische
29 II, 3,32 | dat hij zijn leven zeker kan stellen door het bezit van
30 II, 3,33 | de Vader. Aan het kruis kan Hij dan ook tot Hem zeggen: “
31 II, 4,34 | enkele reden onderworpen kan zijn aan andere mensen en
32 II, 4,35 | Schepper ook levend is, kan de behoefte aan intermenselijke
33 II, 4,36 | schittering van dit beeld, kan de mens bevrijd worden van
34 II, 5,37 | aan de mensen kwam brengen kan niet worden teruggebracht
35 II, 5,37 | iemand opnieuw geboren wordt, kan hij het rijk van God niet
36 II, 5,37 | wereld”(Joh 6,33), aldus kan Hij naar waarheid zeggen: “
37 II, 5,38 | goed. Op dezelfde wijze kan de liefde die ieder menselijk
38 II, 5,38 | dat het leven de “plaats”kan worden waar God zichzelf
39 II, 6,39 | Heer van dit leven: de mens kan er niet mee doen zoals hij
40 II, 6,39 | opstaan”(1Sam 2,6). Hij alleen kan zeggen: “Ik ben het die
41 II, 6,41 | niet begeren”en alle andere kan men samenvatten in deze
42 II, 7,42 | geen absolute macht; men kan evenmin spreken van vrijheid “
43 II, 8,44 | ten einde gaat: maar dit kan men gemakkelijk verklaren
44 II, 8,44 | voor in de Psalmen 35. ~Hoe kan iemand menen dat zelfs maar
45 II, 9,47 | haar eerste begin. ~Niemand kan echter naar willekeur kiezen
46 II, 10,48 | alleen door het te doen kan het leven opgebouwd worden. ~
47 III, 1,52 | heeft ontvangen en dat hij kan doorgeven door voortplanting,
48 III, 2,53 | begin tot het einde: niemand kan onder welke omstandigheid
49 III, 2,54 | uzelf”(Mc 12,31). Niemand kan dan ook het recht op zelfverdediging
50 III, 2,54 | Jezus zelf. ~Bovendien “[kan] de gewettigde zelfverdediging (...)
51 III, 2,56 | altijd zedelijk kwaad en kan nooit geoorloofd zijn, noch
52 III, 2,56 | liefde. “Niets en niemand kan op enigerlei wijze toestaan
53 III, 2,56 | impliciet mee instemmen. Evenmin kan enige autoriteit zulke actie
54 III, 3,57 | onschuldigste wezen dat men zich kan voorstellen. Op geen enkele
55 III, 3,58 | de moederschoot. Schuldig kan vooral de vader van het
56 III, 3,58 | dagen, nog niet beschouwd kan worden als een persoonlijk
57 III, 3,58 | geestelijke ziel niet bewezen kan worden met ervaringsgegevens,
58 III, 3,60 | omstandigheid, doel, of wet kan een handeling geoorloofd
59 III, 4,63 | onvermijdelijk aandient, kan men in geweten “aan de behandelingswijze
60 III, 4,65 | vgl. Joh 13,1), die alleen kan zeggen wanneer onze aardse
61 III, 4,65 | tot een bron van het goede kan worden. Dat is het geval
62 III, 5,66 | goederen waarom het gaat, kan maken. Als gevolg daarvan
63 III, 5,67 | gedrag. ~Als gevolg daarvan kan men twee, blijkbaar diametraal
64 III, 5,68 | waarde van de democratie kan worden vastgesteld, dan
65 III, 5,68 | democratie geen stabiele vrede kan garanderen, temeer daar
66 III, 5,69 | van beperkter omvang. Toch kan “in geen levenssfeer de
67 III, 5,69 | openbaar gezag er soms voor kan kiezen om iets niet te stoppen
68 III, 5,69 | ernstiger schade zou doen 92, kan zij desondanks nooit toelaten
69 III, 5,69 | van abortus en euthanasie kan zich juist daarom geenszins
70 III, 5,69 | gemakkelijker van zijn plichten kan kwijten. Want “dit is de
71 III, 5,69 | ieder gemakkelijk zijn taak kan vervullen”. Daarom, indien
72 III, 5,71 | wet zich de legitimatie kan aanmatigen. Wetten van deze
73 III, 5,71 | bijzonder gewetensprobleem kan zich voordoen in de gevallen
74 III, 5,72 | carrièreperspectieven. In andere gevallen kan blijken dat het doorvoeren
75 III, 5,72 | hoofddader. Deze medewerking kan nooit worden gebillijkt,
76 III, 5,72 | verantwoordelijkheid waaraan zich niemand kan onttrekken en volgens welke
77 III, 6,73 | onverenigbaar is: zo”n keuze kan daarom geenszins door de
78 III, 6,73 | waaronder de vrije mens niet kan dalen, en tegelijkertijd
79 III, 6,74 | wet van de wederkerigheid kan bereiken. Door de gave van
80 III, 6,75 | bewustzijn van iedere mens; het kan door allen in het licht
81 IV, 2,78 | en de grootheid niemand kan zien, horen of begrijpen.
82 IV, 2,78 | gedachten of geestesvlucht kan de overvloed van deze genade
83 IV, 2,79 | Evangelie, en die men als volgt kan samenvatten: het menselijk
84 IV, 4,85 | de werken hem ontbreken? Kan soms het geloof hem redden?
85 IV, 4,85 | wanneer het geen werken kan laten zien, dood”(2,14-17). ~
86 IV, 4,85 | diepste eenstemmig zijn: ze kan geen eenzijdigheden en discriminatie
87 IV, 4,86 | uitdrukking van wat de liefde kan bedenken om aan ieder nieuwe
88 IV, 4,87 | euthanasie. Het “doen sterven”kan nooit beschouwd worden als
89 IV, 4,88 | de consensus van velen, kan het gevoel van persoonlijke
90 IV, 4,88 | verzwakt zijn. Maar niemand kan ooit deze verantwoordelijkheid
91 IV, 4,88 | niet de waarde van een wet kan hebben. Daarom doe ik nog
92 IV, 4,89 | zodat iedereen gelijkelijk kan delen in de goederen van
93 IV, 5,90 | van God - op gepaste wijze kan worden opgenomen en beschermd
94 IV, 5,90 | het blootstaat, en zich kan ontwikkelen overeenkomstig
95 IV, 5,92 | zichzelf overgelaten. Hier kan de bekoring om tot euthanasie
96 IV, 6,94 | afhankelijkheid te aanvaarden kan de mens zijn vrijheid ten
97 IV, 6,95 | van het menselijk leven kan opbouwen zonder de jongeren
98 IV, 6,95 | Alleen een echte liefde kan het leven beschermen. Men
99 IV, 6,95 | het leven beschermen. Men kan er dus niet omheen om, speciaal
100 IV, 7,99 | het licht van het verstand kan begrijpen en die daarom
101 IV, 7,99 | ontwikkelen. Een samenleving kan geen solide basis hebben
102 IV, 7,99 | Alleen eerbied voor het leven kan de grondslag en de garantie
103 IV, 7,99 | democratie en vrede. ~Er kan geen echte democratie zijn
104 IV, 7,99 | eerbiediging van zijn rechten. ~Ook kan er geen echte vrede zijn,
105 IV, 7,99 | erover, dat het zijn inzet kan delen met zoveel anderen.
106 Slot, 1,101| eigen leven. Maar de Kerk kan niet vergeten dat haar zending
|