Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 1,2(1)| Evangelie van het leven”vindt men niet als zodanig in de Heilige
2 Inl, 2,4 | naties. ~Het resultaat dat men bereikt is dramatisch: niet
3 I, 1,8 | dragen. Onwillekeurig komt men te denken aan de huidige
4 I, 2,11 | van “rechten”aan, zodat men zelfs de Staat vraagt om
5 I, 2,11 | blijkt uit het feit dat men de neiging heeft om bepaalde
6 I, 2,12 | prestaties gericht is. ~Wanneer men vanuit dit gezichtspunt
7 I, 2,12 | als een vijand tegen wie men zich moet verweren of die
8 I, 2,13 | of verantwoordelijkheid. ~Men beweert dikwijls dat contraceptie,
9 I, 2,13 | ongeoorloofd is. Wanneer men het aandachtig beschouwt
10 I, 2,14 | biologisch materiaal”waar men vrij over kan beschikken. ~
11 I, 2,14 | een mentaliteit - waarvan men ten onrechte meent dat ze
12 I, 2,14 | Volgens deze zelfde logica is men ertoe gekomen om de meest
13 I, 2,14 | dezelfde argumenten die men gebruikt om het recht op
14 I, 2,14 | staat van barbarij waarvan men hoopte dat die voor altijd
15 I, 2,15 | Dit gebeurt vooral wanneer men geen godsdienstige visie
16 I, 2,15 | de maatschappij. Zo stelt men voor om misvormde baby”s,
17 I, 3,18 | daar trots op is. Hoe kan men deze herhaalde bevestigingen
18 I, 3,19 | medelijden gekenmerkt wordt, kan men niet ontkennen dat een dergelijke
19 I, 3,20 | beschouwd als vijand tegen wie men zich moet verdedigen. Zo
20 I, 3,20 | compromis gevonden worden, als men een samenleving wil waarin
21 I, 3,20 | sommige enkelingen verklaart men het waard om verdedigd te
22 I, 3,20 | erkennen bij wet, betekent dat men aan de menselijke vrijheid
23 I, 4,22 | moeten worden, tot dingen die men meent zomaar te kunnen “
24 II, 1,29 | moderne wereld kent, zou men zich overweldigd kunnen
25 II, 4,34 | een goed? Deze vraag vindt men overal in de Bijbel, en
26 II, 6,40 | de verfijning bereikt die men vindt in de Bergrede. Dat
27 II, 6,41 | begeren”en alle andere kan men samenvatten in deze zin: “
28 II, 7,42 | is geen absolute macht; men kan evenmin spreken van
29 II, 7,43 | de gevangenen(...) Wat men ieder van hen doet, doet
30 II, 7,43 | ieder van hen doet, doet men aan Christus zelf (vgl.Mt
31 II, 8,44 | einde gaat: maar dit kan men gemakkelijk verklaren uit
32 II, 9,46 | voltooit”(Js 65,20). ~Hoe moet men in de ouderdom tegenover
33 II, 9,46 | het leven staan? Hoe moet men handelen in het zicht van
34 II, 10,48 | uitzonderingen te vinden. Alleen als men openstaat voor de volheid
35 III, 2,54 | te maken soms vereist dat men hem doodt. In dit geval
36 III, 2,55 | bepleit. Het probleem moet men zien in het geheel van een
37 III, 2,55 | Het is duidelijk dat, wil men deze doelen bereiken, de
38 III, 3,57 | al haar waarheid wanneer men erkent dat men het over
39 III, 3,57 | waarheid wanneer men erkent dat men het over moord heeft en
40 III, 3,57 | in het bijzonder wanneer men de specifieke elementen
41 III, 3,57 | onschuldigste wezen dat men zich kan voorstellen. Op
42 III, 3,57 | Op geen enkele wijze zou men dit menselijk wezen ooit
43 III, 3,57 | gezinsleden. Soms vreest men dat het ongeboren kind zodanige
44 III, 3,58 | het leven”te zijn. Ook mag men de druk niet over het hoofd
45 III, 3,58 | opvoedingszorgen. Tenslotte mag men niet voorbijzien aan het
46 III, 3,59 | het doet er niet toe of men een ziel doodt die reeds
47 III, 3,61 | Bijzondere aandacht moet men schenken aan de zedelijke
48 III, 4,62 | nederlaag te zijn, iets waarvan men zich tegen elke prijs moet
49 III, 4,62 | rechtmatige bevrijding”wanneer men het leven niet meer zinvol
50 III, 4,62 | absurd en onmenselijk wanneer men het nader beschouwt. We
51 III, 4,63 | eigenlijke betekenis verstaat men een handelen of nalaten,
52 III, 4,63 | handelen”76. ~Euthanasie moet men onderscheiden van de beslissing
53 III, 4,63 | onvermijdelijk aandient, kan men in geweten “aan de behandelingswijze
54 III, 4,63 | gewone zorgen na te laten die men in dergelijke gevallen aan
55 III, 4,63 | omstandigheden afgemeten worden. Men moet bepalen of de middelen
56 III, 4,63 | levensverkorting inhoudt. Terwijl men de mens mag prijzen die
57 III, 4,63 | Lijden van de Heer, mag men zulk “heldhaftig”gedrag
58 III, 4,63 | of gezocht, ook al loopt men het risico daarop uit redelijke
59 III, 4,63 | uit redelijke motieven: men wil enkel de pijn verminderen
60 III, 4,63 | aanbiedt. Niettemin “mag men de stervende niet zonder
61 III, 4,64 | de gemeenschappen waartoe men behoort en tot de samenleving
62 III, 4,64 | zoals familieleden, van wie men verwacht dat ze een familielid
63 III, 5 | Men moet God meer gehoorzamen
64 III, 5,66 | deze gevallen - zo beweert men - onvermijdelijk tot een
65 III, 5,66 | uitgeoefend worden. Hier vraagt men zich bovendien af, of vasthouden
66 III, 5,67 | soeverein gelden - vereisen, dat men op het niveau van de wetgeving
67 III, 5,67 | Als gevolg daarvan kan men twee, blijkbaar diametraal
68 III, 5,67 | beperking naar buiten dat men de ruimte van autonomie
69 III, 5,67 | Van de andere kant meent men dat, bij het uitoefenen
70 III, 5,68 | verklaard zouden zijn? ~Men mag echter democratie niet
71 III, 5,68 | moeten worden. Zelfs wanneer men in zulke beoordeling een
72 III, 5,68 | waarheidsaspect erkent, dan moet men toch zien dat zonder een
73 III, 5,69 | koesteren. ~In deze zin moet men de basiselementen van een
74 III, 5,70 | gelijkheid van allen voor de wet. Men zou kunnen tegenwerpen dat
75 III, 5,70 | voor het leven en effent men de weg voor een houding
76 III, 5,71 | krachtig gewaarschuwd dat men “God meer moet gehoorzamen
77 III, 5,71 | moraal verminderen. Zo werkt men namelijk niet ongeoorloofd
78 III, 5,72 | Van de andere kant mag men daarentegen met recht vrezen
79 IV, 2,79 | uit dit Evangelie, en die men als volgt kan samenvatten:
80 IV, 2,80 | het woord, dring aan, of men het horen wil of niet, wijs
81 IV, 3,82 | Het is te weinig wanneer men zegt dat dit Leven levend
82 IV, 3,83 | over en stel ik voor dat men in de verschillende landen
83 IV, 4,86 | stadium van het leven moet men centra voor natuurlijke
84 IV, 5,91 | uitgedrukt door solidariteit die men ervaart in en rond het gezin
85 IV, 5,91 | en liefdevolle zorg die men laat zien in de eenvoudige,
86 IV, 5,92 | het gezin loopt”122, moet men toegeven dat de moderne
87 IV, 6,94 | eerbiedigen. Hier vooral ziet men dat “in het hart van iedere
88 IV, 6,94 | Hij niet bestond, of waar men geen rekening houdt met
89 IV, 6,95 | illusie om te denken dat men een echte cultuur van het
90 IV, 6,95 | kan het leven beschermen. Men kan er dus niet omheen om,
91 IV, 6,95 | verdringen. Integendeel: men moet de mensen helpen om
92 IV, 6,95 | betekenis en waarde wanneer men ze ervaart in nauwe verbinding
|