Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 2,3 | raken in de kern van haar eigen geloof in de verlossende
2 I, 1,7 | gemaakt tot een beeld van zijn eigen eeuwigheid. Maar de dood
3 I, 2,15 | verpletterd te voelen door eigen broosheid; en anderzijds
4 I, 2,15 | beslissingen daaromtrent in eigen hand te nemen. Wat er werkelijk
5 I, 2,16 | welzijn en de vrede van hun eigen landen. Als gevolg daarvan
6 I, 3,18 | mensenrechten”- rechten die eigen zijn aan iedere persoon
7 I, 3,19 | onbetwistbare uitgangspunt voor zijn eigen keuzes, maar alleen zijn
8 I, 3,20 | de ontwikkeling van het eigen ik begrepen wordt in termen
9 I, 3,20 | neigt er in feite toe zijn eigen belangen te laten prevaleren.
10 I, 3,20 | democratie, in weerwil van haar eigen beginselen, op weg naar
11 I, 3,20 | wordt verraden in haar eigen grondslagen: “Hoe is het
12 I, 4,22 | meest ware zin van zijn eigen bestaan te stellen doordat
13 I, 4,22 | cruciale momenten van zijn eigen “zijn”aanneemt. Hij is alleen
14 I, 4,22 | de wereld en dat van zijn eigen wezen. ~
15 I, 4,23 | is het nastreven van zijn eigen materiële welzijn. De zogenaamde “
16 I, 4,23 | een wens of sterker nog de eigen wil uitdrukt om een kind
17 I, 5,25 | wil verkondigde om zijn eigen leven te delen met de mensen
18 I, 5,28 | is. Het gaat erom aan ons eigen bestaan een fundamentele
19 II, 1,30 | dat wat wij gehoord en met eigen ogen gezien hebben, dat
20 II, 2,31 | waarde leert kennen van zijn eigen bestaan als een volk, ook
21 II, 3,32 | Jezus de betekenis van zijn eigen zending voor: alwie lijden
22 II, 3,32 | de authenticiteit van hun eigen bestaan ontdekken. Jezus
23 II, 3,33 | 33. In Jezus eigen leven vinden we van het
24 II, 4,34 | en hen maakte naar zijn eigen beeld”(17,3). De bijbelse
25 II, 4,34 | vermogens die het meest eigen zijn aan de mens, zoals
26 II, 4,34 | naar het beeld van zijn eigen Wezen”(W 2,23). ~
27 II, 4,36 | het beeld van God in zijn eigen persoon, maar wordt hij
28 II, 5,37 | de Heilige Geest in zijn eigen leven, dat nu reeds openstaat
29 II, 6,39 | na de zondvloed: “Ook uw eigen bloed zal ik terugeisen,
30 II, 6,40 | onaantastbaarheid van het leven - zijn eigen leven en dat van anderen -
31 II, 7,43 | deel te laten nemen in zijn eigen scheppingswerk, man en vrouw
32 II, 7,43 | beeld en die gelijkenis”die eigen zijn aan het menselijk wezen
33 II, 7,43 | van ouders aan kind, Gods eigen beeld en gelijkenis doorgegeven,
34 II, 7,43 | Verlosser, die door hen zijn eigen familie dag na dag zal uitbreiden
35 II, 9,47 | Heer zelf met gevaar voor eigen leven (Mc 6,17-29). Stefanus
36 II, 10,48 | moet volgen wil het zijn eigen waarheid eerbiedigen en
37 II, 10,48 | waarheid eerbiedigen en zijn eigen waardigheid bewaren. De
38 III, 2,54 | waarin het recht om het eigen leven te verdedigen en de
39 III, 2,56 | verstand, vindt in zijn eigen hart (vgl.Rom 2,14-15),
40 III, 3,57 | te beschermen zoals haar eigen gezondheid of een fatsoenlijke
41 III, 3,59 | en kent, die hem met zijn eigen handen modelleert en vormt,
42 III, 4,62 | door “op zachte wijze”zijn eigen leven of dat van anderen
43 III, 4,63 | een kwaadwilligheid in die eigen is aan zelfmoord of moord. ~
44 III, 4,65 | voor de Heer betekent de eigen dood beleven als laatste
45 III, 5,66 | moet worden om over het eigen leven en het leven van het
46 III, 5,67 | handelen het terrein van het eigen geweten duidelijk moeten
47 III, 5,67 | vereist, dat eenieder zijn eigen overtuigingen aan de kant
48 III, 5,67 | voor de uitoefening van eigen functies aanvaard wordt,
49 III, 5,67 | met voorbijzien van het eigen zedelijke geweten, tenminste
50 III, 5,69 | aan de mens als persoon eigen zijn en die elke positieve
51 III, 5,69 | zij niet alleen af van hun eigen plicht, maar hun voorschriften
52 III, 5,70 | op leven, dat iedere mens eigen is, niet erkent. Zo staan
53 III, 5,70 | op leven dat alle mensen eigen is en ontkennen zij bovendien
54 III, 5,72 | goede toepassing van het eigen recht om niet gedwongen
55 III, 6,74 | allerheiligste Drieëenheid eigen is, het geheim van wederzijds
56 IV, 2,79 | volledige verwerkelijking van de eigen vrijheid. ~Tegelijkertijd
57 IV, 2,80 | dat zij de waarheid en hun eigen opdracht verraden doordat
58 IV, 4,86 | gerespecteerd worden in hun eigen recht en waar iedere beslissing
59 IV, 4,87 | het risico lopen de hun eigen ethische dimensie te verliezen,
60 IV, 4,88 | tegenover zijn of haar eigen geweten en tegenover de
61 IV, 4,89 | echtparen in staat stellen om eigen keuzen te maken t.a.v. de
62 IV, 5,90 | verantwoordelijkheid komt voort uit zijn eigen aard als een gemeenschap
63 IV, 6,97 | de mens, niet alleen haar eigen kind, maar iedere mens,
64 IV, 6,98 | zelf heeft ons door zijn eigen voorbeeld laten zien dat
65 IV, 7,99 | Drieëenheid (vgl.1Joh 1,3). Onze eigen vreugde zou niet volkomen
66 Slot, 0,100| zij de betekenis van haar eigen moederschap en de wijze
67 Slot, 1,101| Kerk een beeld van haar eigen mysterie: aanwezig in de
68 Slot, 1,101| geboorte te geven in Gods eigen leven. Maar de Kerk kan
69 Slot, 1,101| openbaar moge worden; en uw eigen ziel zal door een zwaard
|