Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 1,2 | tot de aanvaarding van het recht van iedere mens, dat dit
2 Inl, 1,2 | Op de erkenning van dat recht berust de menselijke samenleving
3 Inl, 1,2 | politieke gemeenschap. ~Dat recht moeten vooral degenen die
4 Inl, 3,5 | wordt in haar fundamentele recht op het leven, de plicht
5 Inl, 3,5 | mensenrechten”7. ~Het fundamentele recht op leven wordt vandaag bij
6 I, 2,11 | wat op het spel staat het recht op leven is van een concrete
7 I, 2,14 | die men gebruikt om het recht op abortus te verdedigen.
8 I, 2,16 | en voor het onaantastbare recht op leven van iedere persoon,
9 I, 3,18 | publiekelijk bevestigd, wordt het recht op leven ontkend of vertrapt,
10 I, 3,19 | gemeenschap waarin het “recht van de sterken”is vervangen
11 I, 3,19 | door de “sterkte van het recht”. ~Op een ander vlak liggen
12 I, 3,20 | van de grondrechten, het recht op leven. ~Dit gebeurt dan
13 I, 3,20 | oorspronkelijke, onvervreemdbare recht op leven wordt ter discussie
14 I, 3,20 | oppositie regeert: het “recht”houdt op recht te zijn,
15 I, 3,20 | regeert: het “recht”houdt op recht te zijn, omdat het niet
16 I, 3,20 | tirannieke staat die zich het recht aanmatigt om te beschikken
17 I, 3,20 | toegestaan? In de naam van welk recht wordt de meest onrechtvaardige
18 I, 3,20 | staat zelf al begonnen. ~Het recht op abortus, kinderdoding
19 I, 3,20 | euthanasie opeisen, en dat recht erkennen bij wet, betekent
20 I, 3,20(16) | Studieconferentie over “Het recht op leven en Europa”(18 december
21 I, 4,23 | bekoring in de mens om het recht op te eisen, het te stoppen. ~
22 I, 4,24 | m.b.t. het fundamentele recht op leven. Een groot deel
23 III, 2,53 | omstandigheid ook, voor zich het recht opeisen om rechtstreeks
24 III, 2,54 | zelfverdediging, waarin het recht om het eigen leven te verdedigen
25 III, 2,54 | basis van een werkelijk recht op zelfverdediging. Zelfs
26 III, 2,54 | Niemand kan dan ook het recht op zelfverdediging afwijzen
27 III, 2,54 | zelfverdediging (...) niet alleen een recht zijn, maar [ze] wordt zelfs
28 III, 2,56 | of toestaan”52. ~Wat het recht op leven betreft is ieder
29 III, 2,56 | kunnen zijn op waarheid en recht, waarbij ze iedere man en
30 III, 3,57 | wanneer het fundamentele recht op leven op het spel staat.
31 III, 3,58 | plaats het onaantastbare recht op leven is van ieder onschuldig
32 III, 3,60 | De Codex van de Canonieke Recht uit 1917 strafte abortus
33 III, 3,60(69)| Codex van Canoniek Recht, can. 1398; vgl. Codex van
34 III, 3,60 | traditie van de leer en het recht van de Kerk, was Paulus
35 III, 3,61 | als menselijke wezens die recht hebben op hetzelfde respect
36 III, 4,62 | maatstaf en norm is, met het recht om te eisen dat de maatschappij
37 III, 5,66 | extreme gevallen, ook het recht op abortus en euthanasie
38 III, 5,67 | noodzakelijk zijn, uitsluitend recht doet aan de wil van de meerderheid,
39 III, 5,67 | ook iedere andere burger recht heeft. Van de andere kant
40 III, 5,69 | rechten is het onaantastbare recht op leven van iedere onschuldige
41 III, 5,69 | maatschappij zouden vormen - het recht krijgen andere mensen te
42 III, 5,69 | omdat de maatschappij het recht en de plicht heeft zich
43 III, 5,70 | tegenspraak met het onaantastbare recht op leven dat alle mensen
44 III, 5,70 | Het niet erkennen van het recht op leven gaat het meest
45 III, 5,72 | toepassing van het eigen recht om niet gedwongen te worden
46 III, 5,72 | mag men daarentegen met recht vrezen dat de bereidheid
47 III, 5,72 | gaat dus om een wezenlijk recht dat juist als zodanig door
48 IV, 4,86 | gerespecteerd worden in hun eigen recht en waar iedere beslissing
49 IV, 4,88 | wet die het natuurlijke recht op leven van een onschuldige
50 IV, 4,89 | minachten, te beginnen met het recht op leven van ieder onschuldig
51 IV, 5,91 | op geen enkele wijze het recht op leven, van de ontvangenis
52 IV, 6,97 | welsprekende verdedigers van ieders recht op het leven kunnen horen.
53 IV, 6,98(135)| Studieconferentie over “Het recht op leven en Europa”(18 december
54 IV, 7,99 | onvoorwaardelijke eerbied voor het recht op leven van iedere onschuldige
55 IV, 7,99 | te bevorderen zonder het recht op leven te erkennen en
56 IV, 7,99 | waardigheid van de persoon, recht en vrede onderschrijft,
|