Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 2,4 | het leven in naam van de rechten van de individuele vrijheid
2 Inl, 3,5 | werd in haar fundamentele rechten, en de Kerk met grote moed
3 Inl, 3,5 | nam, door de onaantastbare rechten van de persoon van de werker
4 I, 2,11 | nemen zij het karakter van “rechten”aan, zodat men zelfs de
5 I, 2,11 | wat de mens is, van zijn rechten en van zijn plichten. Dan
6 I, 3,18 | als echte en eigenlijke rechten. ~Aldus bereikt een lang
7 I, 3,18 | idee van “mensenrechten”- rechten die eigen zijn aan iedere
8 I, 3,18 | tijd nu de onschendbare rechten van de persoon plechtig
9 I, 3,18 | plechtige bevestiging van de rechten van enkelingen en volken
10 I, 3,19 | en die als subject van rechten alleen de persoon erkent
11 II, 10,49 | hen leven minachten en de rechten van de mensen schenden: “
12 III, 2,55 | persoonlijke en sociale rechten verhelpen door de schuldige
13 III, 3,58 | vanaf datzelfde moment zijn rechten als persoon worden erkend,
14 III, 3,61(74)| Handvest van de rechten van het gezin (22 oktober
15 III, 5,66 | daarvoor te eisen, alsof het om rechten zou gaan die de staat, tenminste
16 III, 5,66 | om de toepassing van deze rechten met de zekere en vrije hulp
17 III, 5,68 | onaantastbare en onvervreemdbare rechten, alsook de bestemming van
18 III, 5,69 | meest fundamentele van alle rechten is het onaantastbare recht
19 III, 5,69 | het veiligstellen van de rechten en plichten van de menselijke
20 III, 5,69 | gericht te zijn om deze rechten te erkennen, te eerbiedigen,
21 III, 5,69 | staatsgezag: om de onaantastbare rechten van de mens te beschermen
22 III, 5,69 | indien de gezagsdragers de rechten van de mens niet erkennen
23 IV, 6,94 | onmogelijk om de persoonlijke rechten te vestigen op een sterke
24 IV, 7,99 | verdediging van de fundamentele rechten van de menselijke persoon
25 IV, 7,99 | alle andere onvervreemdbare rechten van het individu stoelen,
26 IV, 7,99 | zonder eerbiediging van zijn rechten. ~Ook kan er geen echte
|