Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 2,3 | de mens psychisch in zijn macht te krijgen; al wat een belediging
2 I, 1,8 | beproefd door de verderflijke macht van de zonde die, als een
3 I, 3,19 | affectie. In dit geval wordt macht de maatstaf voor keuze en
4 I, 3,20 | geeft: die van een absolute macht over anderen en tegen anderen.
5 II, 2,31 | als zijn verlosser, met de macht om een toekomst te verzekeren
6 II, 3,32 | allen genezend die onder de macht van de duivel stonden, want
7 II, 3,33 | onzekerheid aan de ene kant en de macht van Gods gaven aan de andere
8 II, 5,37 | in zijn Naam, gaf Hij de macht om kinderen van God te worden,
9 II, 6,39 | handen van God, in zijn macht: “In zijn hand is het leven
10 II, 6,39 | Maar God oefent deze macht niet uit op een willekeurige
11 II, 7,42 | de mens, is geen absolute macht; men kan evenmin spreken
12 II, 9,46 | verlaat mij niet, opdat ik uw macht verkondig, aan alle komende
13 II, 9,46 | in Gods levenschenkende macht. Ziekte drijft zo”n mens
14 III, 4,64 | wijze van Israël: “Gij hebt macht over leven en dood; Gij
15 III, 4,64 | artsen of wetgevers zich de macht aanmatigen om te beslissen
16 III, 4,64 | 5). God alleen heeft de macht over leven en dood: “Ik
17 III, 4,64 | 6). Maar Hij oefent die macht alleen uit volgens een plan
18 III, 4,64 | Wanneer de mens zich deze macht aanmatigt, omdat hij de
19 III, 5,68 | beste de hefbomen van de macht, maar ook de totstandkoming
20 IV, 3,84 | gegeven. Want Hij heeft de macht u het leven terug te geven
21 IV, 4,85 | de dood”zich met zoveel macht tegen de “cultuur van het
22 Slot, 2,102| belichaamt, de persoonlijke macht van het kwaad, alsook alle
23 Slot, 3,103| tijd en boven de tijd) de macht van het leven over de dood.
|