Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
a 13
a.v. 9
aalmoezen 1
aan 374
aanbaden 1
aanbidden 1
aanbidding 2
Frequency    [«  »]
440 voor
411 om
380 op
374 aan
343 met
312 niet
310 als
Ioannes Paulus PP. II
Evangelium Vitae

IntraText - Concordances

aan

    Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 0,1 | worden als het goede nieuws aan de mensen van ieder tijdperk 2 Inl, 1,2 | het bestaat in de deelname aan het leven van God zelf. ~ 3 Inl, 1,2 | heilige werkelijkheid die aan ons is toevertrouwd opdat 4 Inl, 1,2 | en in de gave van onszelf aan God en aan onze broeders. ~ 5 Inl, 1,2 | gave van onszelf aan God en aan onze broeders. ~De Kerk 6 Inl, 1,2 | niet-gelovige mens omdat het aan zijn verwachtingen die het 7 Inl, 1,2 | vanaf het eerste begin tot aan zijn einde, en tot de aanvaarding 8 Inl, 1,2 | weet zij zich geroepen om aan de mensen van alle tijden 9 Inl, 2,3 | Joh 1,14), toevertrouwd aan de moederlijke zorg van 10 Inl, 2,3 | verkondigen in de hele wereld en aan ieder schepsel (vgl.Mc 16, 11 Inl, 2,4 | worden, is zich veeleer aan het uitbreiden: met de nieuwe 12 Inl, 2,4 | aftekent en tot stand komt, die aan de misdrijven tegen het 13 Inl, 2,4 | haar roeping toegewijd is aan de verdediging van en de 14 Inl, 2,4 | internationale gemeenschappen, bloot aan valse en misleidende oplossingen, 15 Inl, 3,5 | 5. Aan het probleem van de bedreigingen 16 Inl, 3,5 | persoonlijke brief gestuurd aan iedere mede-broeder met 17 Inl, 3,5 | eensgezinde en overtuigde deelname aan de leerstellige en pastorale 18 Inl, 3,5 | onvermindere moed stem te geven aan wie geen stem hebben. Haar 19 Inl, 3,5(6) | Vgl. Brief aan al mijn Broeders in het 20 Inl, 3,5 | voeten getreden. Als de Kerk aan het einde van de vorige 21 Inl, 3,5 | hartstochtelijk appel gericht aan allen en aan iedereen, in 22 Inl, 3,5 | appel gericht aan allen en aan iedereen, in naam van God: 23 Inl, 3,6 | En terwijl ik terugdenk aan de rijke ervaring die we 24 Inl, 3,6 | brief aanvullend die ikaan iedere concrete familie 25 Inl, 3,6(8) | Brief aan de gezinnen Gratissimam 26 Inl, 3,6 | heiligdom van het leven9. ~Aan alle leden van de Kerk, 27 Inl, 3,6 | dringende uitnodiging om samen aan deze onze wereld nieuwe 28 I, 1 | en doodde hem”(Gn 4,8): aan de wortel van het geweld 29 I, 1,7 | waren, viel Kaïn zijn broer aan en vermoordde hem”(Gn 4, 30 I, 1,7 | tijd bracht Kaïn een offer aan Jahwe van de vruchten van 31 I, 1,7 | Een wilde woede greep Kaïn aan, en zijn gezicht werd grimmig. 32 I, 1,7 | loert de zonde als belager aan uw deur, begerig u te grijpen. 33 I, 1,8 | hij geeft echter duidelijk aan dat Hij, ook al kiest Hij 34 I, 1,8 | waarschuwt hem, herinnert hem aan zijn vrijheid tegenover 35 I, 1,8 | aangezien allen deelhebben aan hetzelfde wezenlijke goed: 36 I, 1,8 | aangemoedigd wordt of uitgevoerd. ~Aan de wortel van elk geweld 37 I, 1,8 | naaste ligt een toegeven aan delogicavan de boze, 38 I, 1,8 | moordenaar van begin af aan geweest is”(Joh 8,44), zoals 39 I, 1,8 | Kaïn wil niet denken aan zijn broer en weigert die 40 I, 1,8 | Onwillekeurig komt men te denken aan de huidige tendensen om 41 I, 1,9 | de mens, behoort alleen aan God toe: daarom staat wie 42 I, 2,10 | moeten we ook niet denken aan het geweld dat zich richt 43 I, 2,11 | het karakter vanrechtenaan, zodat men zelfs de Staat 44 I, 2,11 | waarde van het leven vandaag aan een soortverduistering” 45 I, 2,14 | dat wordt blootgesteld aan het gevaar, meestal binnen 46 I, 2,14 | zelfs voeding, te ontzeggen aan babys die geboren worden 47 I, 2,14 | bovendien nog alarmerender aan het worden vanwege de voorstellen, 48 I, 2,16 | aanvallen tegen het leven ook aan te wenden in situaties van “ 49 I, 2,16 | van Israël onderwierp hen aan elke soort van onderdrukking 50 I, 2,16 | de volken die het rijkst aan kinderen en het armste zijn, 51 I, 2,16 | persoon, er de voorkeur aan om een massief programma 52 I, 2,17 | als we niet alleen denken aan de verschillende gebieden 53 I, 2,17 | leven losbreken maar ook aan hun ongehoorde getalsverhouding 54 I, 2,17 | geworden. Ze nemen grote omvang aan. Het zijn niet alleen bedreigingen 55 I, 3,18 | een uitnodiging te zijn aan Kaïn om voorbij het materile 56 I, 3,18 | rechten die eigen zijn aan iedere persoon en die voorafgaan 57 I, 3,18 | persoon en die voorafgaan aan iedere grondwet en wetgeving 58 I, 3,19 | niet onderworpen kan worden aan overheersing door anderen. 59 I, 3,19 | ongenade is overgeleverd aan anderen en radicaal afhankelijk 60 I, 3,19 | en die geen plaats geeft aan solidariteit en openheid 61 I, 3,19 | openheid jegens anderen en aan dienst aan hen. Als het 62 I, 3,19 | jegens anderen en aan dienst aan hen. Als het waar is dat 63 I, 3,19 | broeders hoeder”, omdat God ons aan elkaar toevertrouwt. En 64 I, 3,19 | dit toevertrouwen, dat God aan iedereen vrijheid geeft, 65 I, 3,19 | zichzelf wil ontworstelen aan alle vormen van traditie 66 I, 3,20 | persoon, maar onderworpen is aan de wil van het sterkste 67 I, 3,20 | bij wet, betekent dat men aan de menselijke vrijheid een 68 I, 3,20(16) | Toespraak tot de deelnemers aan de Studieconferentie over “ 69 I, 4,21 | ziet wat ik begaan heb mij aan; tegen U, U alleen was mijn 70 I, 4,22 | van God, iets “heiligs”dat aan zijn verantwoordelijkheid 71 I, 4,22 | is toevertrouwd en zo ook aan zijn liefde en zorg en “ 72 I, 4,22 | eigendom, helemaal onderworpen aan zijn controle en manipulatie. ~ 73 I, 4,22 | materie”, blootgesteld aan alle mogelijke manipulatie. 74 I, 4,23 | heeft God hen prijsgegeven aan hun nietswaardige gezindheid 75 I, 4,23 | betekenissen die inherent zijn aan de aard zelf van de huwelijksdaad, 76 I, 4,23 | vruchtbaarheid onderworpen aan de willekeur van man en 77 I, 4,24 | gedrag dat tegengesteld is aan het leven duldt of koestert, 78 I, 4,24 | van de media, blootgesteld aan een uiterst ernstig en dodelijk 79 I, 4,24 | beschrijft in zijn brief aan de Romeinen. Die is samengesteld “ 80 I, 4,24 | liefde, openheid en dienst aan het menselijk leven kan 81 I, 5,25 | de schrijver van de brief aan de Hebreeën ons in herinnering 82 I, 5,25 | doorboorde zijde van Christus aan het kruis vloeit (vgl.Joh 83 I, 5,25 | openbaart het bloed van Christus aan de mens dat zijn grootheid, 84 I, 5,26 | situatie van de mensheid aan het werk zijn. ~Helaas is 85 I, 5,26 | die hulp en steun bieden aan mensen die zwak en weerloos 86 I, 5,26 | naast hun dagelijkse dienst aan het leven, bereid zijn om 87 I, 5,26 | zijn. Veel centra voor hulp aan het leven of vergelijkbare 88 I, 5,26 | en materiële steun bieden aan moeders die in moeilijkheden 89 I, 5,26 | zijn gastvrijheid te bieden aan personen zonder familie, 90 I, 5,26 | om snel hulp te brengen aan volken die getroffen zijn 91 I, 5,27 | en wijden hun leven toe aan God, door het te geven uit 92 I, 5,28 | hebben er allemaal deel aan, met de onontkoombare verantwoordelijkheid 93 I, 5,28 | zedelijk is. Het gaat erom aan ons eigen bestaan een fundamentele 94 I, 5,28 | geven en te leven in trouw aan en overeenstemming met de 95 I, 5,28 | Heer: “Als gij gehoorzaamt aan de geboden van de Heer uw 96 I, 5,28 | zijn stem te gehoorzamen en aan Hem gehecht te blijven, 97 II, 1,29 | Jezus maakt zich bekend aan de apostel Thomas, en in 98 II, 1,29 | apostel Thomas, en in hem aan iedere mens, met de woorden: “ 99 II, 1,30 | de Vader was, heeft zich aan ons geopenbaard, wij hebben 100 II, 1,30 | getuigen ervan en maken het ook aan u bekend, opdat gij gemeenschap 101 II, 2,31 | openbaarde de Heer zichzelf aan Israël als zijn verlosser, 102 II, 2,31 | Waarom is het licht gegeven aan hem die in ellende is, en 103 II, 2,31 | in ellende is, en leven aan wie bitter zijn in de ziel, 104 II, 2,31 | vrije gave, door deelname aan zijn eeuwige leven. ~ 105 II, 3,32 | verkondigt de Zoon van God nu, aan allen die zich bedreigd 106 II, 3,32 | doven horen, doden staan op, aan de armen wordt de Blijde 107 II, 3,33 | bedreigingen en onzekerheid aan de ene kant en de macht 108 II, 3,33 | de macht van Gods gaven aan de andere kant, straalt 109 II, 3,33 | voorrechten, maar ook deelname aan de laagste en kwetsbaarste 110 II, 3,33 | armoede zijn leven lang, tot aan het hoogtepunt van het Kruis: “ 111 II, 3,33 | dood, zelfs tot de dood aan het kruis. Daarom heeft 112 II, 3,33 | leven, omdat zijn zelfgave aan het kruis de bron wordt 113 II, 3,33 | handen is van de Vader. Aan het kruis kan Hij dan ook 114 II, 4,34 | antwoord. Het leven dat God aan de mens geeft is geheel 115 II, 4,34 | heerlijkheid van God23. Aan de mens is een sublieme 116 II, 4,34 | als de bekroning ervan, aan het einde van een proces 117 II, 4,34 | voor de mens en alles is aan hem onderworpen: “Bevolk 118 II, 4,34 | 1,28); dit is Gods bevel aan de man en de vrouw. Een 119 II, 4,34 | over de dingen; deze zijn aan hem onderworpen en toevertrouwd 120 II, 4,34 | onderworpen en toevertrouwd aan zijn verantwoordelijke zorg, 121 II, 4,34 | reden onderworpen kan zijn aan andere mensen en a.h.w. 122 II, 4,34 | die het meest eigen zijn aan de mens, zoals het verstand, 123 II, 4,35 | levend is, kan de behoefte aan intermenselijke dialoog 124 II, 4,35 | Wat is de mens dat Gij aan hem denkt, en de zoon van 125 II, 4,36 | Het plan van het leven dat aan de eerste Adam werd gegeven, 126 II, 4,36 | gelijkvormig zouden worden aan het beeld van zijn Zoon”( 127 II, 5,37 | leven dat de Zoon van God aan de mensen kwam brengen kan 128 II, 5,37 | volheid van zijn liefde: “Aan allen die Hem opnamen, die 129 II, 5,37 | de hemel en leven geeft aan de wereld”(Joh 6,33), aldus 130 II, 5,37 | het een volle deelname is aan het leven van deEeuwige”. 131 II, 5,37 | enige woorden hoort die aan zijn bestaan de volheid 132 II, 6,39 | zelf maakt dit duidelijk aan Noach na de zondvloed: “ 133 II, 6,39 | verstillen, zoals een kind aan de borst van zijn moeder, 134 II, 6,40 | gedaan?”(Gn 4,10), die God aan Kaïn stelt, nadat hij zijn 135 II, 6,40 | de mens altijd herinnerd aan de onaantastbaarheid van 136 II, 6,41 | eerste van deze geboden aan: “Gij zult niet doden”. 137 II, 7,42 | ervoor is een taak die God aan iedere mens toevertrouwt, 138 II, 7,42 | verheerlijkt de heerschappij die aan de mens gegeven is als een 139 II, 7,42 | de Schepper gegeven heeft aan de mens, is geen absolute 140 II, 7,42 | toont voldoende duidelijk aan dat wij m.b.t. de zichtbare 141 II, 7,42 | natuur onderworpen zijn aan wetten die niet alleen biologisch 142 II, 7,43 | Zoals ik in mijn Brief aan de Gezinnen schreef: “Als 143 II, 7,43 | gelijkenisdie eigen zijn aan het menselijk wezen en die 144 II, 7,43 | van het leven van ouders aan kind, Gods eigen beeld en 145 II, 7,43(31) | Brief aan de gezinnen Gratissimam 146 II, 7,43 | die zijn beeld doorgeeft aan het nieuwe schepsel zien 147 II, 7,43 | naar de toekomst. ~Maar aan gene zijde van de specifieke 148 II, 7,43 | ieder van hen doet, doet men aan Christus zelf (vgl.Mt 25, 149 II, 8,44 | omstandigheden te kwetsen, aan te vallen of zelfs te ontkennen 150 II, 8,44 | ontkennen volkomen vreemd is aan de godsdienstige en culturele 151 II, 8,44 | overeenkomstig de belofte aan Abraham: “Kijk naar de hemel, 152 II, 8,44 | geboren werd wijdde Ik je aan Mij toe”(Jr 1,5): het leven 153 II, 8,44 | van de Schepper, ten prooi aan menselijke willekeur? De 154 II, 9,46 | opdat ik uw macht verkondig, aan alle komende geslachten 155 II, 9,46 | zich helemaal toevertrouwen aan dewil van de Allerhoogste”, 156 II, 9,46 | wil van de Allerhoogste”, aan zijn liefdevolle plan. ~ 157 II, 9,47 | goede nieuws te brengen aan de armen en om de gebroken 158 II, 9,47 | leven vrijelijk een offer aan de Vader (vgl.Joh 10,17) 159 II, 9,47 | Vader (vgl.Joh 10,17) en aan de zijnen (vgl.Joh 10,15). 160 II, 9,47 | het om trouw te blijven aan het woord van de Heer zelf 161 II, 9,47(37) | VAN ANTIOCHIË, Brief aan de Efesiërs, 7,2; Patres 162 II, 10 | Alwie zich aan haar houden zullen leven”( 163 II, 10,48 | zichzelf. Door Gods gave aan te nemen is de mens verplicht 164 II, 10,48 | voortbrengen: “Alwie zich aan haar houden zullen leven, 165 II, 10,49 | het is om trouw te blijven aan de wet van het leven die 166 II, 10,49 | mensenhart en die Hij op de Sinaï aan het volk van het Verbond 167 II, 10,49 | profeten die hen er krachtig aan herinneren dat alleen de 168 II, 11 | het leven wordt vervuld aan de stam van het Kruis~ 169 II, 11,50 | 50. Aan het einde van dit hoofdstuk, 170 II, 11,50 | vgl.Lc 23,48) zullen we aan deze glorievolle stam de 171 II, 11,50 | menselijk leven. ~Jezus wordt aan het Kruis genageld en opgeheven 172 II, 11,50 | schijnt geheel overgeleverd aan de bespotting van zijn tegenstanders 173 II, 11,50 | van zijn tegenstanders en aan de handen van zijn moordenaars: 174 II, 11,50 | geopenbaard als wie Hij is: aan het Kruis wordt zijn heerlijkheid 175 II, 11,50 | het leven zelf van God. ~Aan het Kruis wordt het wonder 176 II, 11,51 | voortdurend gegeven wordt aan Gods kinderen en hen tot 177 II, 11,51 | werd in alles gehoorzaam aan de Vader en omdat Hijde 178 II, 11,51 | velen”(Mc 10,45), bereikt aan het Kruis de hoogste liefde: “ 179 II, 11,51 | en als U, gehoorzaam zijn aan de Vader en zijn wil doen. ~ 180 III, 1,52 | verantwoordelijkheidsgevoel. God eist van de mens, aan wie Hij het leven geeft 181 III, 1,52 | gebeurt door gehoorzaamheid aan Gods heilige wet: een vrije 182 III, 1,52 | een genadegave zijn, die aan de mens altijd en alleen 183 III, 1,52 | plan40. ~Het leven wordt aan de mens toevertrouwd als 184 III, 2,54 | het een positieve houding aan van eerbied voor het leven; 185 III, 2,54 | zelfverdediging afwijzen uit gebrek aan liefde voor het leven of 186 III, 2,55 | zijn immers beter aangepast aan de concrete voorwaarden 187 III, 2,56 | 57. Als aan het eerbiedigen van ieder 188 III, 2,56 | menselijk leven, speciaal aan zijn begin en aan zijn einde, 189 III, 2,56 | speciaal aan zijn begin en aan zijn einde, steeds verder 190 III, 2,56 | autoriteit die Christus aan Petrus en zijn opvolgers 191 III, 2,56 | zichzelf of voor een ander, die aan zijn verantwoordelijkheid 192 III, 2,56 | menselijk wezen absoluut gelijk aan alle andere. Deze gelijkheid 193 III, 3,57 | dat het zelfs dat minimum aan verdediging niet heeft dat 194 III, 3,57 | is helemaal toevertrouwd aan de beschermende zorg van 195 III, 3,58 | aangemoedigd en een gebrek aan waardering voor het moederschap 196 III, 3,58 | mag men niet voorbijzien aan het netwerk van medeschuldigheid 197 III, 3,58 | ernstige verwonding die aan de samenleving en haar cultuur 198 III, 3,58 | ik schreef in mijn Brief aan de Gezinnen: “We staan voor 199 III, 3,58(55)| Brief aan de Gezinnen Gratissimum 200 III, 3,58 | wetenschap kostbare bevestigingen aan. Zij heeft aangetoond dat 201 III, 3,58 | leert het nog steeds dat aan de vrucht van de menselijke 202 III, 3,59 | inclusief de beginfase die aan de geboorte vooraf gaat. 203 III, 3,59 | behoort vanaf de moederschoot aan God toe die hem zoekt en 204 III, 3,60 | tegen wie schuldig zijn aan abortus. Deze praktijk, 205 III, 3,60 | moedigt zij hem die hem begaat aan om onverwijld de weg van 206 III, 3,60 | Christus heeft overgedragen aan Petrus en zijn Opvolgers, 207 III, 3,61 | aandacht moet men schenken aan de zedelijke beoordeling 208 III, 3,61 | af van wat echte waarde aan het leven geeft en wat het, 209 III, 4,62 | 64. Aan het andere einde van zijn 210 III, 4,63 | aandient, kan men in gewetenaan de behandelingswijze verzaken 211 III, 4,63 | men in dergelijke gevallen aan een zieke verschuldigd is77. 212 III, 4,63 | behandelen, maar deze plicht moet aan de concrete omstandigheden 213 III, 4,63 | steeds meer aandacht gegeven aan watmethoden van palliatieve 214 III, 4,63 | kwaadwilligheid in die eigen is aan zelfmoord of moord. ~ 215 III, 4,64 | betrekking wordt ondergraven aan de wortel. ~ 216 III, 4,65 | doet van een deelhebben aan de overwinning van de Verrezen 217 III, 4,65 | buitengewone kracht om zich aan het plan van God toe te 218 III, 4,65 | een volledig toebehoren aan de Heer die de mens in iedere 219 III, 4,65 | of sterven, wij behoren aan de Heer toe”(Rom 14,7-8). 220 III, 4,65 | als laatste gehoorzaamheid aan de Vader (vgl. Fil 2,8), 221 III, 4,65 | uit vrijwillige overgave aan God en uit vrije persoonlijke 222 III, 4,65 | beleefd wordt in deelname aan het lijden van de gekruisigde 223 III, 4,65 | heeft hij ten diepste deel aan zijn verlossingswerk voor 224 III, 4,65 | mijn aardse leven dat, wat aan het lijden van Christus 225 III, 5,66 | onder bepaalde voorwaarden, aan de burgers moet toekennen, 226 III, 5,66 | leiden: maar deze zouden niet aan de noodzakelijke sociale 227 III, 5,66 | bovendien af, of vasthouden aan een concrete, niet-uitvoerbare 228 III, 5,66 | pluralistische maatschappij aan iedere mens volledige autonomie 229 III, 5,67 | meerderheid op te tekenen en aan te nemen en daarom slechts 230 III, 5,67 | uitsluitend recht doet aan de wil van de meerderheid, 231 III, 5,67 | tegengestelde tendensen vaststellen. Aan de ene kant eisen de afzonderlijke 232 III, 5,67 | zijn eigen overtuigingen aan de kant zet om zich in dienst 233 III, 5,67 | verantwoordelijkheid van de mens aan de burgerlijke wet overgelaten. ~ 234 III, 5,68 | onderling en de binding aan de beslissingen van de meerderheid 235 III, 5,68 | deze functie, bij gebrek aan beter, omwille van de sociale 236 III, 5,68 | temeer daar de vrede die niet aan de waarden van de waardigheid 237 III, 5,69 | grondrechten garanderen, die aan de mens als persoon eigen 238 III, 5,70 | rechte rede en zo is ontleend aan de eeuwige wet. Wanneer 239 III, 5,71 | gehoorzaamheid jegens God - aan wie alleen die vrees toekomt 240 III, 5,71 | de kracht en de moed om aan de onrechtvaardige wetten 241 III, 5,71 | toelaat, “noch door deelname aan een propagandacampagne voor 242 III, 5,71 | noch door er zijn stem aan te geven98. ~Een bijzonder 243 III, 5,71 | tegen abortus duidelijk en aan iedereen bekend gemaakt 244 III, 5,71 | namelijk niet ongeoorloofd mee aan een onrechtvaardige wet, 245 III, 5,72 | gedwongen te worden tot deelname aan moreel slechte handelingen. 246 III, 5,72 | kwestie moet herinnerd worden aan de algemene principes t. 247 III, 5,72 | principes t.a.v. de medewerking aan slechte handelingen. Zoals 248 III, 5,72 | verplichting van hun geweten, niet aan die praktijken formeel mee 249 III, 5,72 | toegelaten, tegengesteld zijn aan de Wet van God. Want vanuit 250 III, 5,72 | nooit geoorloofd formeel aan het kwaad mee te werken. 251 III, 5,72 | worden als directe deelname aan een tegen het onschuldige 252 III, 5,72 | 6; 14,12). ~Weigeren om aan het begaan van een onrecht 253 III, 5,72 | moeten zijn om de deelname aan de fase van overleg, voorbereiding 254 III, 6,73 | tegelijkertijd geeft het het minimum aan dat hij moet eerbiedigen 255 III, 6,74 | tegenover de mensen die zich aan ons toevertrouwd hebben 256 III, 6,74 | daden en in de waarheid aan God onze dankbaarheid voor 257 III, 6,74 | heeft het leven van de mens aan zijn verantwoordelijke zorg 258 III, 6,74 | het leven van iedere mens aan de andere mens, zijn broeder, 259 III, 6,74 | Geest verleent Christus aan de wet van de wederkerigheid, 260 III, 6,74 | wet van de wederkerigheid, aan het toevertrouwen van de 261 III, 6,74 | toevertrouwen van de ene mens aan de andere, nieuwe inhoud 262 III, 6,74 | aanspoort om door deelname aan de liefde van Jezus Christus 263 III, 6,75 | liefdesdienst die wij verplicht aan onze naaste bieden, opdat 264 IV, 1,76 | Vader werd gezondenom aan de armen de Blijde Boodschap 265 IV, 1,76 | waardoor de Kerk deelneemt aan de profetische, priesterlijke 266 IV, 1,76 | uitgestuurd zijn om het aan de hele mensheidtot aan 267 IV, 1,76 | aan de hele mensheidtot aan de grenzen van de aarde”( 268 IV, 1,76 | en zo presenteren wij ons aan iedereen. ~ 269 IV, 1,77 | is, diedoor zijn dood aan de wereld het leven heeft 270 IV, 1,77 | gezonden. De plicht van dienst aan het leven rust op allen 271 IV, 1,77 | maakt die ook niet minder. Aan hem is het gebod van de 272 IV, 2 | dat verkondigen wij ook aan u”(1Joh 1,3): het Evangelie 273 IV, 2,78 | dat bij de Vader was en aan ons geopenbaard werd”(ibid.). 274 IV, 2,78 | de Geest werd dit leven aan de mens meegedeeld. Wanneer 275 IV, 2,78 | waardigheid van de mens spoort ons aan om deze boodschap te delen 276 IV, 2,78 | gehoord, verkondigen wij ook aan u, opdat ook u gemeenschap 277 IV, 2,80 | dat het verzoek dat Paulus aan Timoteus richt, ook tot 278 IV, 2,80 | Verkondig het woord, dring aan, of men het horen wil of 279 IV, 2,80 | verschillende manieren deel hebben aan haar zending als “lerares” 280 IV, 2,80 | Evangelie van het leven te zijn. Aan ons is ook de opgave toevertrouwd 281 IV, 2,80 | die ons gelijk zou maken aan de denkwijze van deze wereld ( 282 IV, 3,81 | in ziekte, in lijden of aan de rand van de samenleving 283 IV, 3,81 | Christus deel te hebben aan het genadeleven en aan een 284 IV, 3,81 | hebben aan het genadeleven en aan een bestaan van oneindige 285 IV, 3,82 | andere manier deel heeft aan het leven, het leven, in 286 IV, 3,82 | van het leven ontvangen. Aan de mensen, wezens die gemaakt 287 IV, 3,82 | de schepping: God heeft aan de mens een bijna goddelijke 288 IV, 3,82 | van het liturgisch jaar aan te nemen, te genieten en 289 IV, 3,82 | speciaal herinnerd worden aan de Sacramenten als werkzame 290 IV, 3,82 | de mensen tot deelhebbers aan het goddelijk leven, doordat 291 IV, 3,83 | de stervenden, deelname aan het verdriet van hen die 292 IV, 3,84 | oprechte lied van lof en dank aan God die ons deze gave heeft 293 IV, 3,84 | In dit kader, dat rijk is aan menselijkheid en liefde, 294 IV, 3,84 | gezondheid of zelfs van het leven aan te bieden. ~Tot deze heldhaftigheid 295 IV, 3,84 | zonder voorbehoud wijden aan hun gezin, die onder pijnen 296 IV, 3,84 | moedigen het moederschap niet aan. In naam van de vooruitgang 297 IV, 4,85 | Krachtens onze deelname aan Christuskoninklijke zending 298 IV, 4,85 | Chrysostomus: “Wil je eer bewijzen aan het lichaam van Christus? 299 IV, 4,85 | van Christus? Ga er niet aan voorbij wanneer het naakt 300 IV, 4,85 | samenleving vele vormen van dienst aan het leven tot stand heeft 301 IV, 4,85 | zorg moet gegeven worden aan het leven van de gemarginaliseerden 302 IV, 4,86 | allen en ieder afzonderlijk aan te moedigen om elkaars lasten 303 IV, 4,86 | ontsporing, in ziekte en aan de rand van de maatschappij, 304 IV, 4,86 | de liefde kan bedenken om aan ieder nieuwe reden tot hoop 305 IV, 4,86 | openbare instellingen of ook aan huis beschikbaar is. ~Er 306 IV, 4,87 | bureaus en centra van dienst aan het leven en alle andere 307 IV, 4,87 | alleen is om te voldoen aan het verzoek van de patiënt: 308 IV, 4,87 | onder het mom van hulp aan mensen, hen in feite schade 309 IV, 4,88 | een waardevolle bijdrage aan de dienst van het leven 310 IV, 4,88 | beginselen, zullen bijdragen aan de opbouw van een samenleving 311 IV, 4,88 | eens een dringend appel aan alle politieke leiders om 312 IV, 4,88 | politieke leiders om geen wetten aan te nemen die, doordat zij 313 IV, 4,88 | politieke leiders ertoe aan, te beginnen bij de christenen 314 IV, 4,89 | initiatievenrichting te geven aan de demografische ontwikkeling 315 IV, 4,89 | het gebruik van methoden aan te moedigen, laat staan 316 IV, 4,89 | van de volken. ~De dienst aan het Evangelie van het leven 317 IV, 4,89 | verantwoordelijkheid van iedereen. Aan de vooravond van het derde 318 IV, 5,90 | zijn beurt een geschenk is aan hen beiden, een geschenk 319 IV, 5,90(119)| Toespraak tot de deelnemers aan het VIIe Symposium van de 320 IV, 5,91 | viering die betekenis geeft aan iedere andere vorm van gebed 321 IV, 5,91 | viering wordt zo een dienst aan het Evangelie van het leven, 322 IV, 5,91 | beoefend worden door deelname aan het maatschappelijke en 323 IV, 5,91 | politieke leven. Dienst aan het Evangelie van het leven 324 IV, 5,92 | als een nutteloze last en aan zichzelf overgelaten. Hier 325 IV, 5,92 | solidariteit krijgen die zij zelf aan hun kinderen gaven toen 326 IV, 5,92 | vraagt de gehoorzaamheid aan het goddelijke gebod om 327 IV, 5,92 | waardevolle bijdrage leveren aan het Evangelie van het leven. 328 IV, 5,92 | Dankzij de rijke schat aan ervaringen die zij in de 329 IV, 6,93 | welgevallig is. Neemt geen deel aan de onvruchtbare werken van 330 IV, 6,93 | van de doodis er behoefte aan de ontwikkeling van een 331 IV, 6,93 | betreffende het menselijk leven aan te pakken en op te lossen; 332 IV, 6,93 | terwijl de dringende behoefte aan zon cultuuromslag verbonden 333 IV, 6,93 | zij die actief deelnemen aan het leven van de Kerk, tenslotte 334 IV, 6,94 | oprechte zelfgave 125, wat aan het leven en aan de vrijheid 335 IV, 6,94 | wat aan het leven en aan de vrijheid de eigenlijke 336 IV, 6,94 | samenleving bloot te stellen aan de onbeteugelde willekeur 337 IV, 6,94 | afzonderlijke personen of aan het onderdrukkende totalitarisme 338 IV, 6,95 | Er is vooral behoefte aan onderwijs in de waarde van 339 IV, 6,95 | niet omheen om, speciaal aan de opgroeienden en jongvolwassenen 340 IV, 6,95 | echtparen om gehoorzaam te zijn aan de oproep van de Heer en 341 IV, 6,95 | openheid voor en dienst aan het leven, zelfs als ze, 342 IV, 6,95 | toewijding, zichzelf wijden aan de studie en de verspreiding 343 IV, 6,95 | van deze methoden, alsook aan de bevordering van een opvoeding 344 IV, 6,95 | een ervaring van deelname aan zijn Dood en Verrijzenis. ~ 345 IV, 6,96 | om een nieuwe levensstijl aan te nemen, die bestaat in 346 IV, 6,96(130)| JOHANNES PAULUS II, Brief aan de gezinnen Gratissimam 347 IV, 6,96 | zichzelf te koesteren en aan anderen bekend te maken, 348 IV, 6,96 | in eerbied voor en dienst aan iedere andere persoon, in 349 IV, 6,96 | om in gewetensvolle trouw aan de feitelijke waarheid de 350 IV, 6,96(132)| Concilie (8 december 1965): Aan de vrouwen. ~ 351 IV, 6,97 | eerst zelf en leren dan aan anderen dat menselijke relaties 352 IV, 6,97 | gedachte willen voorhouden aan vrouwen die een abortus 353 IV, 6,97 | en ze twijfelt er niet aan dat het in veel gevallen 354 IV, 6,97 | zijn vergeving en vrede aan te bieden. U zult merken 355 IV, 6,97 | het meest behoefte hebben aan nabijheid, zult u scheppers 356 IV, 6,97(134)| JOHANNES PAULUS II, Brief aan de gezinnen Gratissimam 357 IV, 6,98(135)| Toespraak tot de deelnemers aan de Studieconferentie over “ 358 IV, 7,99 | bevordering is niet voorbehouden aan christenen alleen. Ofschoon 359 IV, 7,99 | leven betekent een bijdrage aan de vernieuwing van de samenleving 360 Slot, 0,100 | 102. Aan het einde van deze encycliek 361 Slot, 0,100 | in de gave van zijn leven aan het kruis. Door zijn dood 362 Slot, 0,100 | en haar moederschap staan aan het eerste begin van het 363 Slot, 0,100 | menselijk leven onttrokken aan de veroordeling tot definitieve 364 Slot, 1 | Een groot teken verscheen aan de hemel: een vrouw, bekleed 365 Slot, 1,101 | Een groot teken verscheen aan de hemel: een vrouw, bekleed 366 Slot, 1,101 | ertoe geroepen is Christus aan te bieden aan de wereld, 367 Slot, 1,101 | is Christus aan te bieden aan de wereld, en zo aan de 368 Slot, 1,101 | bieden aan de wereld, en zo aan de mensen een nieuwe geboorte 369 Slot, 1,101 | het moederschap die God aan iedere vrouw geeft, wordt 370 Slot, 1,101 | treffen, en weerstand bieden aan Christus: “In Hem was leven 371 Slot, 2,102 | dooreen ander teken dat aan de hemel verscheen”: “een 372 Slot, 2,102 | onophoudelijk moet aanbieden aan de mensen in elk tijdperk. 373 Slot, 3,103 | aankondiging van de engel aan Maria wordt omkleed met 374 Slot, 3,103 | met oprechtheid en liefde ~aan de mensen van onze tijd. ~


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License