Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 3,5 | en geluk vinden! ~Mogen deze woorden alle zonen en dochters
2 Inl, 3,6 | uitnodiging om samen aan deze onze wereld nieuwe tekenen
3 I, 2,12 | sociale problemen, al kunnen deze soms de subjectieve verantwoordelijkheid
4 I, 2,12 | echte “cultuur van de dood”. Deze wordt actief bevorderd door
5 I, 2,12 | tegen het leven”ontketend. Deze samenzwering betreft niet
6 I, 2,13 | zijn zo dat ze feitelijk deze bekoring versterken wanneer
7 I, 2,14 | regelmatig gebruikt worden met deze bedoeling, zetten in feite
8 I, 2,14 | huwelijksdaad 14, hebben deze technieken een hoog mislukkingspercentage:
9 I, 2,14 | hoog mislukkingspercentage: deze mislukking betreft niet
10 I, 2,14 | inplanting in de moederschoot, en deze zgn. “overtollige embryo”
11 I, 2,14 | gehandicapt of ziek is. ~Volgens deze zelfde logica is men ertoe
12 I, 2,14 | abortus te verdedigen. Op deze wijze keren we terug naar
13 I, 2,15 | reële vormen van euthanasie. Deze zouden bijv. kunnen voorkomen
14 I, 2,16 | geven zij, liever dan dat ze deze ernstige problemen onder
15 I, 2,17 | vaak betrokken zijn bij deze samenzwering, doordat zij
16 I, 3,18 | schuldigheid van hen die deze keuzes - die op zichzelf
17 I, 3,18 | noodzakelijke erkenning van deze persoonlijke situaties.
18 I, 3,18 | klasse. ~Anderzijds worden deze nobele verklaringen helaas
19 I, 3,18 | trots op is. Hoe kan men deze herhaalde bevestigingen
20 I, 3,18 | menselijk leven? Hoe kunnen we deze verklaringen rijmen met
21 I, 3,18 | moederschoot ontvangen zijn? Deze aanvallen richten zich rechtstreeks
22 I, 3,19 | Waar liggen de wortels van deze opmerkelijke tegenspraak? ~
23 I, 3,19 | laat. Maar hoe kunnen we deze benadering rijmen met de
24 I, 3,19 | duidelijk dat op basis van deze vooronderstellingen er geen
25 I, 3,19 | te onderwerpen. ~Juist in deze zin kan Kaïns antwoord op
26 I, 3,20 | 20. Deze opvatting van vrijheid leidt
27 I, 3,20 | van het sterkste deel. Op deze wijze gaat de democratie,
28 I, 4,21 | verdrijft mij vandaag van deze grond; en ik zal ver van
29 I, 4,22 | doordat hij in echte vrijheid deze cruciale momenten van zijn
30 I, 4,23 | kunstmatig gescheiden: op deze wijze wordt de huwelijkseenheid
31 I, 5,26 | 26. Tekenen die wijzen op deze overwinning ontbreken dan
32 I, 5,26 | is het vaak moeilijk om deze positieve tekenen te zien
33 I, 5,27 | de zwakke en behoeftige. ~Deze daden versterken de grondslagen
34 I, 5,27 | ziet”(Mt 6,4), niet alleen deze acties zal belonen, maar
35 I, 5,28 | 28. Deze horizon van licht en schaduw
36 I, 5,28 | bezitten”(Dt 30,15.19). Deze uitnodiging geldt ook voor
37 II, 1,29 | het Leven”(Joh 14,6). Op deze wijze ook sprak Hij over
38 II, 1,29 | deelgenoot te maken van deze gave: “Ik ben gekomen opdat
39 II, 1,29 | het menselijk leven; uit deze “bron”ontvangt hij in het
40 II, 1,29 | bijzonder het vermogen om deze waarheid volmaakt te “doen”(
41 II, 1,30 | oorspronkelijke betekenis van deze meditatie over wat de openbaring
42 II, 1,30 | verkondigd en meegedeeld. Dankzij deze verkondiging en gave verwerft
43 II, 1,30 | de mens, terwijl hij in deze wereld leeft, gedreven en
44 II, 2,31 | waarde van het leven zelf. Deze overweging wordt specifieker
45 II, 2,31 | gelegd in hun hart”(Pr 3,11). Deze kiem van universaliteit
46 II, 3 | De naam van Jezus heeft deze mens sterk gemaakt”(Hnd
47 II, 3,32 | verkondigd”(Lc 7,22). Met deze woorden van de profeet Jesaja (
48 II, 3,32 | hebben ingezien: “Dwaas! Deze nacht wordt van jou je ziel
49 II, 3,33 | de herberg”(Lc 2,7). In deze tegenstelling tussen bedreigingen
50 II, 3,33 | Fil 2,6-7). Jezus beleefde deze armoede zijn leven lang,
51 II, 4,34 | Waarom is het leven een goed? Deze vraag vindt men overal in
52 II, 4,34 | de mens over de dingen; deze zijn aan hem onderworpen
53 II, 4,34 | zoeken naar de betekenis van deze bijzondere verbintenis tussen
54 II, 4,35 | goddelijke oorsprong van deze levensgeest verklaart de
55 II, 4,35 | naar hemelse genade. In deze gaven van Hem rust God uit,
56 II, 5,38 | Wanneer zij zich verbazen over deze onverwachte en onuitsprekelijke
57 II, 5,38 | voor Hem. In het licht van deze waarheid preciseert en voltooit
58 II, 5,38 | omdat het een goed is, zal deze liefde verdere inspiratie
59 II, 6,39 | 32,39). ~Maar God oefent deze macht niet uit op een willekeurige
60 II, 6,40 | dat in het Oude Testament deze betekenis van de waarde
61 II, 6,41 | Hij haalt als eerste van deze geboden aan: “Gij zult niet
62 II, 6,41 | onaantastbaarheid van het leven. Deze vereisten waren reeds aanwezig
63 II, 6,41 | 20-26). Met Jezus krijgen deze positieve vereisten nieuwe
64 II, 6,41 | iemand in nood, zo, dat deze verantwoordelijkheid aanvaardt
65 II, 6,41 | 35). De hoogste graad van deze liefde is te bidden voor
66 II, 6,41 | andere kan men samenvatten in deze zin: “Bemin uw naaste als
67 II, 7,43 | persoon geboren wordt, brengt deze zelf een bepaald beeld van
68 II, 7,43 | van het leven iedereen; en deze taak moet bovenal vervuld
69 II, 8,44 | mogelijkheid om het leven in deze omstandigheden te kwetsen,
70 II, 10,48 | mens verplicht het leven in deze waarheid te handhaven die
71 II, 10,48 | wezenlijk is. Zich losmaken van deze waarheid betekent: zichzelf
72 II, 10,49 | aarde”(Am 2,7); “ze hebben deze plaats gevuld met het bloed
73 II, 11,50 | Lc 23,48) zullen we aan deze glorievolle stam de vervulling
74 II, 11,50 | van het Kruis wordt door deze duisternis niet overwonnen;
75 II, 11,50 | alles, toen hij Hem “op deze wijze zag sterven”, roept
76 II, 11,50 | honderdman uit: “Waarlijk, deze man was Zoon van God!”(Mc
77 II, 11,51 | heeft groter liefde dan deze, dat hij zijn leven geeft
78 III, 2,53 | menselijk wezen te doden”41. Met deze woorden zet de Instructie
79 III, 2,54 | toenemende rijpheid gekend in deze denkwijze en zich zo voorbereid
80 III, 2,54 | van de liefde tot God; “op deze twee geboden rust heel de
81 III, 2,54 | en ieder ander gebod in deze zin worden samengevat: “
82 III, 2,54 | De weg van de dood is deze: (...) ze hebben geen medelijden
83 III, 2,54 | altijd ver blijven van al deze zonden!”42. ~In de loop
84 III, 2,54 | Het sublieme voorbeeld van deze zelfopoffering is de Heer
85 III, 2,55 | 56. In deze context moet het probleem
86 III, 2,55 | vrijheid te herkrijgen. Op deze wijze bereikt het gezag
87 III, 2,55 | is duidelijk dat, wil men deze doelen bereiken, de aard
88 III, 2,55 | beperken tot die middelen; deze zijn immers beter aangepast
89 III, 2,56 | voorgehouden zedelijke waarheid. Deze eenstemmigheid is de zichtbare
90 III, 2,56 | ernstig zedelijk vergrijp is. Deze leer, gegrondvest op die
91 III, 2,56 | is het niemand geoorloofd deze dodelijke handeling voor
92 III, 2,56 | gelijk aan alle andere. Deze gelijkheid vormt de grondslag
93 III, 3,57 | bekoring van zelfbedrog. In deze samenhang klinkt het verwijt
94 III, 3,57 | plaatsvond. Niettemin kunnen deze en soortgelijke redenen,
95 III, 3,58 | over de hele wereld. In deze zin overstijgt abortus de
96 III, 3,58 | is vanaf dat moment. Voor deze van alle tijden geldende
97 III, 3,58 | wezen zal zijn: een mens, deze individuele mens met zijn
98 III, 3,58(59)| Psalmist de Heer toe met deze woorden: “Op U heb ik gesteund
99 III, 3,59 | tweeduizend jaar heen is deze zelfde leer constant onderwezen
100 III, 3,60 | van de jongste tijd heeft deze algemene leer nadrukkelijk
101 III, 3,60 | schuldig zijn aan abortus. Deze praktijk, met meer of minder
102 III, 3,60 | canonieke wetgeving zet deze traditie voort waar zij
103 III, 3,60 | excommunicatie treft allen die deze misdaad bedrijven met kennis
104 III, 3,60 | zou zijn begaan 71. Met deze opnieuw bevestigde sanctie
105 III, 3,60 | berouw te bewerken. ~Gegeven deze eenstemmigheid in de traditie
106 III, 3,60 | staat om te verklaren dat deze traditie onveranderd is
107 III, 3,60 | unanieme overeenstemming met deze leer hebben betoond - verklaar
108 III, 3,60 | menselijk wezen betekent. Deze leer stoelt op de natuurwet
109 III, 3,61 | en iedere persoon 75. ~Deze zedelijke veroordeling betreft
110 III, 3,61 | Vanwege de ingewikkeldheid van deze technieken is een zorgvuldig
111 III, 3,61 | kind bevorderen, dan zijn deze technieken moreel geoorloofd.
112 III, 3,61 | gebeurt het nogal eens dat deze technieken gebruikt worden
113 III, 4,62 | transplantaties te verkrijgen. ~In deze context groeit de bekoring
114 III, 4,63 | verzorgen en behandelen, maar deze plicht moet aan de concrete
115 III, 4,63 | Onder de vragen die in deze context opkomen is die naar
116 III, 4,63 | ontmoeting met God. ~Na deze onderscheidingen bevestig
117 III, 4,63 | een menselijke persoon. Deze leer stoelt op de natuurwet
118 III, 4,63 | de omstandigheden houdt deze praktijk een kwaadwilligheid
119 III, 4,64 | liefde. Wanneer de mens zich deze macht aanmatigt, omdat hij
120 III, 4,65 | zich tegen de dood”86. ~Deze natuurlijke afkeer van de
121 III, 4,65 | natuurlijke afkeer van de dood en deze beginnende hoop op onsterfelijkheid
122 III, 5,66 | tendens om de toepassing van deze rechten met de zekere en
123 III, 5,66 | en de sociale eendracht deze beslissing moeten eerbiedigen
124 III, 5,66 | abortus en euthanasie in deze gevallen - zo beweert men -
125 III, 5,66 | praktijken leiden: maar deze zouden niet aan de noodzakelijke
126 III, 5,67 | hoe die ook mag zijn. Op deze wijze zou iedere politicus
127 III, 5,67 | wordt, wat precies door deze wetten vastgelegd is. Zo
128 III, 5,68 | gemeenschappelijke wortel van al deze tendensen is het ethisch
129 III, 5,68 | praktische gevolgen, zich achter deze mentaliteit verbergen. ~
130 III, 5,68 | ervaringen heeft opgedaan. Zouden deze wandaden misschien niet
131 III, 5,68 | leven. ~De fundamenten van deze waarden kunnen niet voorlopige
132 III, 5,68 | de norm stelt juist voor deze burgerlijke wet. Wanneer
133 III, 5,68 | kunnen voorstellen dat zelfs deze functie, bij gebrek aan
134 III, 5,69 | eerbiedigen en koesteren. ~In deze zin moet men de basiselementen
135 III, 5,69 | vooral op gericht te zijn om deze rechten te erkennen, te
136 III, 5,69(93)| AAS 33 (1941), 200. Over deze kwestie citeert de encycliek:
137 III, 5,70 | rechtstreekse toepassing van deze leer betreft de menselijke
138 III, 5,71 | kan aanmatigen. Wetten van deze soort houden niet alleen
139 III, 5,72 | Om licht te werpen op deze moeilijke morele kwestie
140 III, 5,72 | bedoeling van de hoofddader. Deze medewerking kan nooit worden
141 III, 5,72 | feit dat de burgerlijke wet deze medewerking voorziet en
142 III, 5,72 | voorzien en beschermd. In deze zin zou voor de artsen,
143 III, 6,73 | oriënteren 99. ~Reeds in deze zin hebben de negatieve
144 III, 6,73 | enzovoorts. Wanneer iemand met deze misdaden niets van doen
145 III, 6,74 | zien welke hoogte en diepte deze wet van de wederkerigheid
146 III, 6,75 | 77. Door deze nieuwe wet wordt ook het
147 III, 6,75 | 3,8), iedere mens die in deze wereld leeft, bereikt en
148 IV, 1,76 | De Kerk, die ontstond uit deze evangeliserende activiteit
149 IV, 2,78 | geestesvlucht kan de overvloed van deze genade prijzen? De mens
150 IV, 2,78 | de mens spoort ons aan om deze boodschap te delen met iedereen: “
151 IV, 2,79 | voortplanting hun volle waarheid; in deze liefde hebben ook het lijden
152 IV, 2,80 | opvoedingswerk standvastig en moedig deze waarheden aanbieden. De
153 IV, 2,80 | stralen brengen, zullen wij op deze manier allen kunnen helpen
154 IV, 2,80 | onderrichting”(2Tim 4,2). Deze vermaning moet vooral krachtige
155 IV, 2,80 | getrouwe weergave van de in deze encycliek opnieuw uiteengezette
156 IV, 2,80 | worden tegen iedere leer die deze weerspreekt. Bijzondere
157 IV, 2,80 | maken aan de denkwijze van deze wereld (vgl. Rom 12,2).
158 IV, 3,81 | Evangelie van het leven worden. Deze viering moet door de suggestieve
159 IV, 3,81 | visie te bevorderen 107. Deze ontstaat uit het geloof
160 IV, 3,81 | vgl. Gn 1,27; Ps 8,6). Deze visie wijkt niet voor ontmoediging
161 IV, 3,81 | maar ze laat zich door al deze situaties uitdagen om te
162 IV, 3,81 | betekenis en begint juist onder deze omstandigheden op het aanschijn
163 IV, 3,81 | tijd voor ieder van ons om deze visie over te nemen en met
164 IV, 3,81 | kerstboodschappen 108. Bezield door deze beschouwende visie moet
165 IV, 3,82 | de heerlijkheid van God: deze heerlijkheid vieren wij
166 IV, 3,82 | waardering van de betekenis van deze riten zullen onze liturgische
167 IV, 3,82 | brengen en ons helpen om deze momenten te beleven als
168 IV, 3,83 | bisschoppenconferenties gebeurt. Deze Dag moet met de actieve
169 IV, 3,84 | liefde voor de ander. Op deze wijze zullen onze levens
170 IV, 3,84 | en dank aan God die ons deze gave heeft geschonken. Dit
171 IV, 3,84 | oprechte zelfgave. Naast deze opzienbarende daden is er
172 IV, 3,84 | leven bevorderen. Onder deze gebaren verdient de in ethisch
173 IV, 3,84 | leven aan te bieden. ~Tot deze heldhaftigheid van alledag
174 IV, 3,84 | zending beleven “vinden deze heldhaftige moeders daarbij
175 IV, 3,84 | echtgenotes en moeders zich in deze waarden onderscheiden en
176 IV, 4,85 | verantwoordelijkheid moet deze geschiedenis blijven schrijven
177 IV, 4,86 | angst en eenzaamheid. In deze gevallen is de rol van de
178 IV, 4,86 | klinieken en verpleeghuizen. Deze zouden niet louter instellingen
179 IV, 4,87 | 89. Deze bureaus en centra van dienst
180 IV, 4,87 | worden. In het licht van deze bekoring is hun verantwoordelijkheid
181 IV, 4,88 | verdedigd en gekoesterd. ~Deze taak drukt met name op de
182 IV, 4,88 | zijn. Maar niemand kan ooit deze verantwoordelijkheid afwijzen,
183 IV, 5,90 | beslissende verantwoordelijkheid. Deze verantwoordelijkheid komt
184 IV, 5,90 | zijn vaderlijk plan118. Deze liefde wordt aldus zelfloosheid,
185 IV, 5,90 | te vieren en te dienen. Deze verantwoordelijkheid betreft
186 IV, 5,91 | van liefde en zelfgave. ~Deze viering wordt zo een dienst
187 IV, 5,91 | op te voeden, zonder dat deze ontworteld raken van hun
188 IV, 6,94 | fundamentele stap op weg naar deze cultuuromslag vormt de vorming
189 IV, 6,95 | wetenschappelijk oogpunt worden deze methoden steeds nauwkeuriger
190 IV, 6,95 | studie en de verspreiding van deze methoden, alsook aan de
191 IV, 6,95 | dood in overweging nemen. Deze vormen een deel van het
192 IV, 6,96 | persoon boven de dingen 131. Deze vernieuwde levensstijl houdt
193 IV, 6,96 | door hun aanwezigheid. ~In deze mobilisatie voor een nieuwe
194 IV, 6,97 | en richt tot de vrouwen deze dringende oproep: “Verzoen
195 IV, 6,98 | 100. Bij deze grote inspanning voor een
196 Slot, 0,100 | 102. Aan het einde van deze encycliek kijken we onwillekeurig
197 Slot, 3,103 | Maria wordt omkleed met deze geruststellende woorden: “
|