Chapter, Paragraph, Number
1 Inl, 2,4 | het leven niet te straffen of ze zelfs volledige rechtmatigheid
2 Inl, 2,4 | grote demografische, sociale of familie-problemen, die drukken
3 Inl, 2,4 | menselijke wezens in wording of op de weg naar de dood ernstig
4 Inl, 3,6 | taak van allen hernomen of versterkt wordt om het gezin
5 I, 1,8 | zoals gebeurt bij abortus, of wanneer binnen de grotere
6 I, 1,8 | grotere context van gezin of familie, euthanasie aangemoedigd
7 I, 1,8 | euthanasie aangemoedigd wordt of uitgevoerd. ~Aan de wortel
8 I, 1,9 | helemaal geen toegevendheid of mildheid hebben betracht
9 I, 2,10 | misdadige verspreiding van drugs of door de propaganda voor
10 I, 2,10 | zijn de vormen, expliciet of verborgen, waarin zij vandaag
11 I, 2,11 | van acute armoede, angst of frustratie waarin de strijd
12 I, 2,11 | het leven in zijn vroege of laatste stadia te verhullen
13 I, 2,12 | als nutteloos beschouwd of voor een ondraaglijke last
14 I, 2,12 | vanwege ziekte, handicap of enkel door zijn aanwezigheid
15 I, 2,12 | aanwezigheid de welvaart of levenswijze van hen die
16 I, 2,12 | wie men zich moet verweren of die uit de weg geruimd moet
17 I, 2,12 | hun persoonlijke, gezins- of groepsrelaties, maar gaat
18 I, 2,13 | vorm van sociale controle of verantwoordelijkheid. ~Men
19 I, 2,14 | s”worden dan vernietigd of gebruikt voor onderzoek
20 I, 2,14 | voorwendsel van wetenschappelijke of medische vooruitgang, in
21 I, 2,14 | het begrensd, gehandicapt of ziek is. ~Volgens deze zelfde
22 I, 2,14 | worden met ernstige handicaps of ziekten. Het huidige draaiboek
23 I, 2,15 | dat geen enkele betekenis of waarde in het lijden vindt,
24 I, 2,15 | verhuld en heimelijk, of openlijk en zelfs wettelijk
25 I, 2,16 | een verontrustende daling of val van het geboortencijfer.
26 I, 2,16 | en sociale ontwikkeling, of zelfs ernstige onderontwikkeling.
27 I, 2,17 | de krachten van de natuur of van de “Kaïns”die de “Abels”
28 I, 3,18 | soms voort uit moeilijke of zelfs tragische situaties
29 I, 3,18 | het recht op leven ontkend of vertrapt, vooral op de meest
30 I, 3,18 | godsdienst, politieke mening of sociale klasse. ~Anderzijds
31 I, 3,18 | zwak en behoeftig zijn, of ouder, of hen die juist
32 I, 3,18 | behoeftig zijn, of ouder, of hen die juist in de moederschoot
33 I, 3,18 | tot ontwikkeling ontzeggen of die zulke toegang afhankelijk
34 I, 3,19 | persoon erkent die volledige of tenminste beginnende autonomie
35 I, 3,19 | tot verbale en expliciete, of tenminste waarneembare,
36 I, 3,19 | die, zoals de ongeborenen of de stervenden, een zwak
37 I, 3,19 | in de sociale structuur, of voor iemand die op genade
38 I, 3,19 | dat nog niet geboren is of dat in zijn laatste stadia
39 I, 3,19 | en veranderlijke mening of, vlakweg, zijn zelfzuchtige
40 I, 3,20 | wordt ter discussie gesteld of ontkend op basis van een
41 I, 3,20 | parlementaire uitspraak of van de wil van een deel
42 I, 4,22 | het leven bij de geboorte of bij de dood, niet langer
43 I, 4,22 | zomaar te kunnen “bezitten”of “af te wijzen”. ~Bovendien:
44 I, 4,22 | die erkend moet worden, of van een plan van God met
45 I, 4,23 | van leven”wordt allereerst of uitsluitend beschouwd als
46 I, 4,23 | alleen omdat zij een wens of sterker nog de eigen wil
47 I, 4,23 | vrouwen, kinderen, zieken of lijdenden en ouderen. De
48 I, 4,24 | tegengesteld is aan het leven duldt of koestert, maar ook omdat
49 I, 5,25 | Christus, het lam zonder vlek of gebrek”(1Pe 1,18-19). Juist
50 I, 5,26 | voor hulp aan het leven of vergelijkbare instellingen,
51 I, 5,26 | omstandigheden bevinden, of die de steun van hun omgeving
52 I, 5,26 | voor hen die in een acuut of terminaal ziektestadium
53 I, 5,26 | natuurrampen, epidemieën of oorlogen. Zelfs al is een
54 I, 5,27 | bejaardencentra en in andere centra of gemeenschappen die het leven
55 II, 3,32 | omdat hun bestaan op een of andere wijze “verminderd”
56 II, 3,32 | ziek zijn en die lijden, of die op enigerlei wijze veronachtzaamd
57 II, 4,34 | instinctieve gewaarwording of zelfs een ervaringsfeit,
58 II, 4,35 | bestaan. In de ander, man of vrouw, is een weerspiegeling
59 II, 6,39 | afloop van louter toeval of van een blind lot, maar
60 II, 6,41 | tot hetzelfde volk hoort, of een vreemde die in het land
61 II, 7,42 | vrijheid “om te gebruiken of misbruiken”of om naar willekeur
62 II, 7,42 | gebruiken of misbruiken”of om naar willekeur te beschikken
63 II, 8,44 | te kwetsen, aan te vallen of zelfs te ontkennen volkomen
64 II, 9,46 | voor ouderen en zieken, of een specifieke veroordeling
65 II, 9,46 | verrijzen uit de doden; of Gij mij hadt herschapen
66 II, 9,47 | willekeur kiezen tussen leven of sterven; de absolute meester
67 III, 2,54 | aan liefde voor het leven of voor zichzelf, alleen uit
68 III, 2,54 | algemeen welzijn van het gezin of van de gemeenschap”44. Helaas
69 III, 2,55 | zeer beperkte toepassing of zelfs een volledige afschaffing
70 III, 2,55 | strafwezen, uiterst zeldzaam of bestaan praktisch niet meer. ~
71 III, 2,56 | menselijk wezen wordt gedood, of het nu een foetus is of
72 III, 2,56 | of het nu een foetus is of een embryo, een kind of
73 III, 2,56 | of een embryo, een kind of een volwassene, een bejaarde,
74 III, 2,56 | bejaarde, ongeneeslijk zieke of iemand die in doodstrijd
75 III, 2,56 | handeling voor zichzelf of voor een ander, die aan
76 III, 2,56 | actie rechtmatig opleggen of toestaan”52. ~Wat het recht
77 III, 2,56 | voor niemand privileges of uitzonderingen. Of iemand
78 III, 2,56 | privileges of uitzonderingen. Of iemand heer van de wereld
79 III, 2,56 | iemand heer van de wereld is of de “allerongelukkigste”is
80 III, 3,57 | gemakkelijke compromissen of naar de bekoring van zelfbedrog.
81 III, 3,57 | in de beginfase van zijn of haar bestaan tussen conceptie
82 III, 3,57 | puur egoïstische redenen of uit gemakzucht, maar vanuit
83 III, 3,57 | zoals haar eigen gezondheid of een fatsoenlijke levensstandaard
84 III, 3,58 | hen die haar rechtstreeks of indirect verplicht hebben
85 III, 3,59 | moord; het doet er niet toe of men een ziel doodt die reeds
86 III, 3,59 | doodt die reeds geboren is of haar ter dood brengt bij
87 III, 3,60 | rechtstreeks tracht te vernietigen “of zulke vernietiging nu als
88 III, 3,60 | vernietiging nu als doel of alleen als middel tot een
89 III, 3,60 | Deze praktijk, met meer of minder strenge straffen,
90 III, 3,60 | wil zeggen gewild als doel of als middel, altijd een zwaar
91 III, 3,60 | enkele omstandigheid, doel, of wet kan een handeling geoorloofd
92 III, 3,61 | van de gezondheidstoestand of het overleven van de individuele
93 III, 3,61 | van menselijke embryo”s of foetussen als proefobject
94 III, 3,61 | leveranciers van organen of weefsel voor transplantaties
95 III, 3,61 | van eventuele misvormingen of ziekten mogelijk maken.
96 III, 3,61 | behandeling mogelijk te maken of zelfs om een rustige en
97 III, 3,61 | gelaten zijn vanwege handicaps of ziekten. ~
98 III, 4,62 | betrekking met God ontkent of verwaarloost, dat hij voor
99 III, 4,62 | en pijnen te verzachten of te verhelpen, maar ook om
100 III, 4,62 | zachte wijze”zijn eigen leven of dat van anderen te beëindigen.
101 III, 4,63 | verstaat men een handelen of nalaten, dat van nature
102 III, 4,63 | onderscheiden van de beslissing of af te zien van zgn. “agressieve
103 III, 4,63 | de verhoopte resultaten of omdat die een te zware last
104 III, 4,63 | worden. Men moet bepalen of de middelen tot behandeling
105 III, 4,63 | verbetering. Uitzonderlijke of onevenredige middelen afwijzen
106 III, 4,63 | niet gelijk met zelfmoord of euthanasie; het is eerder
107 III, 4,63 | wordt de dood niet gewild of gezocht, ook al loopt men
108 III, 4,63 | die eigen is aan zelfmoord of moord. ~
109 III, 4,64 | verantwoordelijkheid verminderen of wegnemen, toch is zelfmoord
110 III, 4,64 | en liefdevol behandelen of door hen - bijv. artsen -
111 III, 4,64 | wanneer bepaalde artsen of wetgevers zich de macht
112 III, 4,65 | sterven wij voor de Heer. Of wij leven of sterven, wij
113 III, 4,65 | voor de Heer. Of wij leven of sterven, wij behoren aan
114 III, 5,66 | leven van een ongeborene of van iemand die zich in totale
115 III, 5,66 | proportionalistische benadering of een koude berekening zou
116 III, 5,66 | uitdrukking van de mening of van de wil van de meerderheid
117 III, 5,66 | vraagt men zich bovendien af, of vasthouden aan een concrete,
118 III, 5,68 | Neemt een parlementaire of maatschappelijke meerderheid,
119 III, 5,68 | vervanging wordt van moraliteit of tot een panacee tegen de
120 III, 5,68 | van de democratie staat of valt met de waarden die
121 III, 5,69 | kunnen produceren, veranderen of vernietigen, maar die zij
122 III, 5,69 | innemen van het geweten of normen voorschrijven m.b.
123 III, 5,69 | van de mens niet erkennen of aantasten, wijken zij niet
124 III, 5,71 | de gevangenis in te gaan of door het zwaard om te komen,
125 III, 5,71 | reeds zou zijn aangenomen of ter stemming gereed zou
126 III, 5,71 | abortuswet af te wenden of volledig af te stemmen,
127 III, 5,72 | beroepspositie op te geven of af te zien van gewettigde
128 III, 5,72 | van in zichzelf onbepaalde of zelfs positieve handelingen,
129 III, 5,72 | mensenleven gerichte daad of als instemming met de immorele
130 III, 6,75 | wanneer het het zwakste is of bedreigd wordt, beschermd
131 IV, 2,78 | niemand kan zien, horen of begrijpen. Welke woorden,
132 IV, 2,78 | Welke woorden, gedachten of geestesvlucht kan de overvloed
133 IV, 2,80 | Verkondig het woord, dring aan, of men het horen wil of niet,
134 IV, 2,80 | aan, of men het horen wil of niet, wijs terecht, berisp,
135 IV, 3,81 | zich in ziekte, in lijden of aan de rand van de samenleving
136 IV, 3,82 | ontvangt ieder wezen dat op een of andere manier deel heeft
137 IV, 3,82 | in iedere mens die leeft of sterft, herkennen wij het
138 IV, 3,83 | zorg voor de lijdenden of behoeftigen, nabijheid met
139 IV, 3,84 | mogelijkheid van gezondheid of zelfs van het leven aan
140 IV, 4,85 | redden? Wanneer een broeder of een zuster zonder kleding
141 IV, 4,85 | oude mens in zijn lijden of onmiddellijk voor zijn dood -
142 IV, 4,85 | van de gemarginaliseerden of de lijdenden, vooral in
143 IV, 4,86 | door hulpcentra en tehuizen of centra waar het nieuwe leven
144 IV, 4,86 | een pas ontvangen leven of een leven dat juist ter
145 IV, 4,86 | woongemeenschappen voor minderjarigen of geestelijk gehandicapten,
146 IV, 4,86 | in openbare instellingen of ook aan huis beschikbaar
147 IV, 4,86 | wordt gegeven voor de zieken of de stervenden, bovenal zouden
148 IV, 4,86 | worden door religieuzen of die op een of andere manier
149 IV, 4,86 | religieuzen of die op een of andere manier verbonden
150 IV, 4,87 | manipulatie met het leven of tot voltrekkers van de dood
151 IV, 4,87 | dokter verlangt dat hij of zij zichzelf verbindt tot
152 IV, 4,87 | experimenten, onderzoek of toepassingen afwijzen die
153 IV, 4,88 | afwijzen, vooral wanneer hij of zij een mandaat heeft om
154 IV, 4,88 | heeft om wetten te maken of beslissingen te nemen; zo”
155 IV, 4,88 | tegenover God, tegenover zijn of haar eigen geweten en tegenover
156 IV, 5,90 | tot delen tegenover zieke of oudere familieleden. ~
157 IV, 5,91 | hun ouders verlaten zijn of die in bijzonder moeilijke
158 IV, 5,91 | omstandigheden verkeren, te adopteren of op te nemen. Echte ouderliefde
159 IV, 5,92 | ontstaan. ~Het afschuiven of zelfs afwijzen van ouderen
160 IV, 5,92 | aanwezigheid in het gezin, of tenminste de nabijheid van
161 IV, 5,92 | waarin beperkte woonruimte of andere redenen dit onmogelijk
162 IV, 5,92 | de generaties te bewaren of waar het verdwenen is, opnieuw
163 IV, 6,94 | van afzonderlijke personen of aan het onderdrukkende totalitarisme
164 IV, 6,94 | alsof Hij niet bestond, of waar men geen rekening houdt
165 IV, 6,94 | leven tenslotte verworpen of in gevaar gebracht. ~
166 IV, 6,95 | ervoor kiezen om voorlopig of voor onbepaalde tijd een
167 IV, 6,95 | trachten ze te verbergen of te verdringen. Integendeel:
168 IV, 6,96 | benadrukken dat gevoelens of houdingen van onverschilligheid,
169 IV, 6,96 | onverschilligheid, verachting of afwijzing van het leven
170 IV, 6,96 | afwijzing van het leven oproept of doet toenemen. Zij worden
171 IV, 6,97 | intelligentie, schoonheid of gezondheid. Dat is de fundamentele
172 IV, 7,99 | menselijk leven toe te laten of te dulden, vooral waar het
173 IV, 7,99 | dulden, vooral waar het zwak of gemarginaliseerd is. Alleen
174 Slot, 3,103| worden uit onverschilligheid ~of uit zogenaamd medelijden. ~
|