|
3.
Iedere mens wordt, op grond van het geheim van het Woord van God dat is mens
geworden (vgl.Joh 1,14), toevertrouwd aan de moederlijke zorg van de
Kerk. Daarom moet elke bedreiging van de waardigheid en van het leven van de
mens wel een reactie oproepen in het hart van de Kerk, moet die haar wel raken
in de kern van haar eigen geloof in de verlossende Menswording van de Zoon van
God, moet zij die wel betrekken in haar zending om het Evangelie van het
leven te verkondigen in de hele wereld en aan ieder schepsel (vgl.Mc
16,15).
Vandaag wordt die verkondiging
bijzonder dringend in het licht van de schokkende toename en verscherping van
de bedreigingen van het leven van mensen en volken, vooral wanneer dat zwak en
weerloos is. Bij de oude, smartelijke plagen van ellende, honger, inheemse
ziekten, geweld en oorlogen voegen zich andere, van onbekende aard en van
verontrustende omvang.
Reeds het Tweede Vaticaans Concilie
heeft, op een bladzijde die dramatisch actueel is, met kracht de veelvuldige
misdrijven en aanslagen tegen het menselijk leven aangeklagd. Dertig jaar later
maak ik de woorden van de concilievaders tot de mijne, en nogmaals en met
eenzelfde krachtige aanklacht verhef ik, in naam van de hele Kerk, in de
zekerheid dat ik het authentieke gevoelen verwoord van ieder zuiver geweten,
mijn stem: “Al wat verder tegen het leven zelf ingaat, zoals alle soorten van
moord, uitroeiing, abortus, euthanasie en vrijwillige zelfmoord, al wat de
integriteit van de menselijke persoon aantast, zoals verminking, lichamelijke
en geestelijke foltering, pogingen om de mens psychisch in zijn macht te
krijgen; al wat een belediging is voor de menselijke waardigheid, zoals
onmenselijke levensvoorwaarden, willekeurige arrestaties, deportaties,
slavernij, prostitutie, handel in meisjes en minderjarigen; schandelijke arbeidsvoorwaarden,
waarbij de arbeiders als louter winst-werktuigen worden behandeld en niet als
vrije en verantwoordelijke personen: dit alles en andere dergelijke dingen zijn
onmiskenbaar schandelijk. Ze zijn een aantasting van de menselijke beschaving en
zij werpen meer een smet op hen die zich zo gedragen dan op hen die het onrecht
hebben te verdragen. En ze zijn volledig in tegenspraak met de eer van de
Schepper”5.
4. Helaas, dat
verontrustende panorama, verre van beperkt te worden, is zich veeleer aan het
uitbreiden: met de nieuwe duidelijke vooruitzichten van wetenschappelijke en
technologische vooruitgang ontstaan nieuwe vormen van aanslagen op de
waardigheid van het menselijk wezen, terwijl een nieuwe culturele situatie zich
aftekent en tot stand komt, die aan de misdrijven tegen het leven een ongehoord
en zo mogelijk nog schandelijker aanzien geeft en nieuwe ernstige zorgen
wekt: brede lagen van de publieke opinie rechtvaardigen sommige misdrijven
tegen het leven in naam van de rechten van de individuele vrijheid en maken, op
grond van een dergelijke vooronderstelling, niet alleen aanspraak op
strafuitsluiting daarvoor, maar zelfs op goedkeuring van de overheid om die
misdrijven in absolute vrijheid te begaan en zelfs nog met gratis hulp van de
openbare gezondheidszorg.
Nu bewerkt dat alles een diepe
verandering in de wijze waarop het leven en de intermenselijke betrekkingen
bezien worden. Het feit dat de wetgeving in veel landen, in afwijking van de
fundamentele beginselen van haar Grondwet ermee heeft ingestemd dergelijke
praktijken tegen het leven niet te straffen of ze zelfs volledige
rechtmatigheid toe te kennen is tegelijk een zorgwekkend symptoom en
belangrijke oorzaak van een ernstige moreel verval; beslissingen die eens
eenstemmig beoordeeld werden als misdadig en afgewezen door het algemene morele
besef, worden stilaan maatschappelijk respectabel. Zelfs de geneeskunde die
krachtens haar roeping toegewijd is aan de verdediging van en de zorg voor het
menselijk leven, leent zich er op enkele terreinen steeds meer toe om die
handelingen tegen de persoon uit te voeren en misvormt aldus haar gelaat,
spreekt zichzelf tegen en haalt de waardigheid van hen die haar beoefenen
omlaag. In zo”n culturele en juridische situatie staan ook de grote
demografische, sociale of familie-problemen, die drukken op talloze volken van
de wereld en die een verantwoordelijke en actieve aandacht vragen van de
nationale en de internationale gemeenschappen, bloot aan valse en misleidende
oplossingen, in tegenspraak met de waarheid en met het welzijn van de personen
en van de naties.
Het resultaat dat men bereikt is
dramatisch: niet alleen is het verschijnsel van het uit de weg ruimen van
zoveel menselijke wezens in wording of op de weg naar de dood ernstig en
verontrustend, maar niet minder is dat het feit dat zelfs het geweten, a.h.w.
verduisterd door zo wijdverbreide conditioneringen, steeds meer moeite heeft om
te onderscheiden tussen goed en kwaad wat betreft de fundamentele waarde van
het menselijk leven.
|