Chapter,Paragraph,Number
1 Inl, 0,1 | vastberaden aan te bieden, terwijl ik herhaal wat ik zei bij het
2 Inl, 0,1 | terwijl ik herhaal wat ik zei bij het Romeinse Colosseum
3 Inl, 0,1 | verzorgd. Daar verklaarde ik dat degenen die in Christus
4 Inl, 0,2 | individuele mens, verhinderen? ~Ik dank de Heer dat Hij ons
5 Inl, 0,4 | opvolger van de apostel Petrus. Ik vervul die met de diepe
6 Inl, 0,4 | de diepe overtuiging dat ik de Heer gehoorzaam en in
7 Inl, 0,4 | Kerk te kunnen vervullen: "Ik heb voor u gebeden dat uw
8 Inl, 0,4 | broeders te kunnen dienen. Ik nodig de gelovigen van de
9 I, 1,5 | gemaakt worden tot één stuk: "Ik zal hun God zijn en zij
10 I, 1,5 | volkeren zullen weten dat Ik de Heer ben die Israël heiligt" (
11 I, 3,16 | katholieke Kerk betreft, heb ik op deze eisen en perspectieven
12 I, 4,19 | Slavorum Apostoli herinnerde ik eraan dat Cyrillus en Methodius
13 I, 4,19 | dezelfde geest aarzelde ik niet om tot de oorspronkelijke
14 I, 5,21 | zijn in mijn naam, daar ben Ik in hun midden" (Mt 18,20). ~
15 I, 5,24 | worden. In deze context wil ik de speciale ervaring vermelden
16 I, 5,24 | tegenwoordige oikoumene. Ik ben mij er wel van bewust
17 I, 5,24 | diepe ontroering herinner ik mij het gezamenlijk gebed
18 I, 5,24 | schitterende gebouw zag ik "een welsprekend getuigenis
19 I, 5,24 | volgden".46 Evenmin kan ik de ontmoetingen vergeten
20 I, 5,24 | Christus".47 En hoe zou ik ooit kunnen vergeten dat
21 I, 5,24 | ooit kunnen vergeten dat ik deelnam aan de eucharistische
22 I, 5,25 | in Rome bezocht, en was ik in de gelegenheid om samen
23 I, 5,25 | het openbaar als privé. Ik heb reeds het bezoek van
24 I, 5,25 | patriarch Dimitrios I genoemd. Ik zou nu graag herinneren
25 I, 5,25 | van Sint Pieter, waarbij ik samen met de lutherse aartsbisschoppen,
26 I, 5,27 | plicht te benadrukken dat ik de gelovigen van de katholieke
27 I, 5,27 | model heb voorgehouden dat ik als voorbeeldig beschouw,
28 I, 5,27 | Gabriella van de Eenheid, die ik op 25 januari 1983 heb zaligverklaard. 50
29 I, 8,34 | ons geeft? "Mijn kinderen, ik schrijf u dit, opdat u niet
30 II, 1,42 | toebehoren verdiept zich. Dat heb ik herhaaldelijk persoonlijk
31 II, 2,43 | Sollicitudo Rei Socialis heb ik met vreugde deze samenwerking
32 II, 2,43 | Evangelie. Benadrukkend wat ik in mijn eerste encycliek
33 II, 2,43 | Hominis geschreven had, vond ik de gelegenheid passend ‘
34 II, 2,43 | broeders ontmoeten’. 73 Ik heb God gedankt ‘voor wat
35 II, 2,43 | katholieke Kerk. 74 Vandaag zie ik tevreden dat het reeds uitgebreide
36 II, 3,44 | betrekking tot het Woord van God. Ik denk vooral aan een voor
37 II, 7,52 | Rome werd toevertrouwd, heb ik het als een van de eerste
38 II, 7,52 | 1979 konden de patriarch en ik besluiten tot het aangaan
39 II, 7,52 | in december 1987 beleefde ik de vreugde om hem met oprechte
40 II, 7,53 | met Rome stond. Doordat ik hen samen met de H.Benedictus
41 II, 7,53 | Europa verklaarde, wilde ik niet alleen de historische
42 II, 7,54 | andere gebeurtenis waaraan ik graag zou willen herinneren
43 II, 7,54 | heeft een formulering die ik herhaaldelijk gebruikt heb,
44 II, 7,54 | verscheidenheid. Dat heb ik in de aan de HH.Cyrillus
45 II, 8,57 | Brief Orientale Lumen had ik de gelegenheid te benadrukken,
46 II, 9,59 | tenslotte in staat, zoals ik samen met mijn Eerbiedwaardige
47 II, 10,62 | Antiochië. 104 Zelf kon ik deze christologische overeenstemming
48 II, 10,62 | grote vreugde geschonken dat ik een gemeenschappelijke christologische
49 II, 10,62 | Christus te belijden. 108 Ik wil mijn vreugde over dit
50 II, 12,72 | Noord-Amerika. In dit verband zou ik, zonder andere bezoeken
51 II, 12,72 | solidariteit en gebed heb ik zo vele, vele broeders ontmoet,
52 II, 12,72 | ervaren. ~In dit verband zou ik één geste willen noemen
53 II, 12,72 | indruk op mij heeft gemaakt. Ik spreek dan over de eucharistievieringen
54 II, 12,72 | eucharistievieringen die ik leidde in Finland en Zweden
55 II, 12,72 | ontvangen. Vol liefde heb ik hen gezegend. Hetzelfde
56 II, 12,72 | Rome tijdens de mis die ik vierde op de Piazza Farnese
57 II, 12,72 | Dezelfde gevoelens ervoer ik ook aan de andere kant van
58 II, 12,72 | zichzelf al belangrijk. Ik ben ten diepste dankbaar
59 II, 12,72 | voor de warme ontvangst die ik zowel van de leiders van
60 II, 12,72 | Vanuit dit standpunt acht ik de oecumenische Woorddienst
61 II, 13,75 | woorden van de Heer: "Want Ik was hongerig en ge hebt
62 II, 13,75 | gegeven" (Mt 25,35). Zoals ik reeds benadrukt heb laat
63 II, 13,76 | deden trillen. ~Ook wil ik de Gebedsdag voor de vrede
64 II, 13,76 | in Bosnië-Herzegowina dat ik vierde op 23 januari 1994
65 III, 3,83 | 83. Ik heb de wil van de Vader
66 III, 3,83 | niet in het hart van wat ik een "dialoog van de bekering"
67 III, 3,84 | kunnen worden beantwoord. Ik heb al opgemerkt - met diepe
68 III, 3,84 | van het kerkelijk leven. Ik voeg er nu aan toe dat deze
69 III, 4,87 | plan (vgl. Ef 4,11-13). Ik heb gezegd hoe wij, als
70 III, 5,88 | volgens het Evangelie: "Ik ben onder u als Iemand die
71 III, 5,88 | andere kant vormt, zoals ik opgemerkt heb tijdens de
72 III, 5,88 | verantwoordelijk zijn, vraag ik met mijn voorganger Paulus
73 III, 5,91 | hemel is. Op mijn beurt zeg Ik u: Gij zijt Petrus; en op
74 III, 5,91 | en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen en de poorten
75 III, 5,91 | haar niet overweldigen. Ik zal u de sleutels geven
76 III, 5,92 | dus uitroepen: "Wanneer ik zwak ben, dan ben ik sterk" (
77 III, 5,92 | Wanneer ik zwak ben, dan ben ik sterk" (2Kor 12,9-10). Dit
78 III, 5,95 | Als bisschop van Rome weet ik heel goed, en ik heb het
79 III, 5,95 | Rome weet ik heel goed, en ik heb het in deze encycliek
80 III, 5,95 | brandende wens van Christus is. Ik ben ervan overtuigd dienaangaande
81 III, 5,95 | te hebben, vooral wanneer ik het oecumenische verlangen
82 III, 5,95 | voor de eenheid uit. Toen ik mij richtte tot de oecumenische
83 III, 5,95 | Heiligheid Dimitrios I, heb ik gezegd dat ik me ervan bewust
84 III, 5,95 | Dimitrios I, heb ik gezegd dat ik me ervan bewust was dat "
85 III, 5,95 | kon vertonen. Maar (...) ik weet me in het verlangen
86 III, 5,95 | bediening uit te oefenen (...) Ik bid met het oog op deze
87 III, 5,96 | niet kunnen weigeren en die ik niet alleen kan uitvoeren.
88 III, 7,99 | 99. Wanneer ik zeg dat voor mij, als bisschop
89 III, 7,99 | pontificaat is, 157 denk ik aan de ernstige belemmering
90 Aans, 0,100| 100. In de brief die ik onlangs schreef aan de bisschoppen,
91 Aans, 0,100| Heilig Jaar 2000, schreef ik dat "de beste voorbereiding
92 Aans, 0,100| voor de oecumene, achtte ik het nodig om de fundamentele
93 Aans, 0,100| van de katholieke Kerk; ik riep die in herinnering
94 Aans, 0,101| 101. Daarom spoor ik mijn broeders in het bisschopsambt
95 Aans, 0,103| 103. Ik, Johannes Paulus, nederige
96 Aans, 0,103| van zijn getuigenis, en ik zeg tot u, de gelovigen
|