Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
dankzegging 2
dankzij 9
dat 299
de 2489
debatten 2
december 8
decr 1
Frequency    [«  »]
-----
-----
-----
2489 de
1503 van
945 het
849 en
Ioannes Paulus PP. II
Ut Unum Sint

IntraText - Concordances

de

1-500 | 501-1000 | 1001-1500 | 1501-2000 | 2001-2489

     Chapter,Paragraph,Number
1501 II, 8,58 | onderrichten, opdat deze de bijzondere redenen voor 1502 II, 8,58 | voor deze deelneming aan de liturgische eredienst en 1503 II, 8,58 | liturgische eredienst en de verschillende regelingen 1504 II, 8,58 | gebied zijn. ~Nooit mag men de ecclesiologische dimensie 1505 II, 8,58 | ecclesiologische dimensie van de deelneming aan de sacramenten, 1506 II, 8,58 | dimensie van de deelneming aan de sacramenten, vooral aan 1507 II, 8,58 | sacramenten, vooral aan de heilige eucharistie, uit 1508 II, 8,58(96) | PAUSELIJKE RAAD VOOR DE BEVORDERING VAN DE CHRISTELIJKE 1509 II, 8,58(96) | VOOR DE BEVORDERING VAN DE CHRISTELIJKE EENHEID, Directorium 1510 II, 8,58(96) | Directorium ter toepassing van de beginselen en normen voor 1511 II, 8,58(96) | beginselen en normen voor de oecumene (25 maart 1993), 1512 II, 9 | Vooruitgang in de dialoog~ 1513 II, 9,59 | 59. De Gemengde internationale 1514 II, 9,59 | internationale Commissie voor de theologische dialoog tussen 1515 II, 9,59 | theologische dialoog tussen de katholieke Kerk en de orthodoxe 1516 II, 9,59 | tussen de katholieke Kerk en de orthodoxe Kerk in haar totaliteit 1517 II, 9,59 | onderzoek steeds meer richtte op de perspectieven die in onderlinge 1518 II, 9,59 | vastgelegd met het doel om de volle gemeenschap tussen 1519 II, 9,59 | volle gemeenschap tussen de beide Kerken te herstellen. 1520 II, 9,59 | gemeenschap die stoelt op de eenheid in het geloof en 1521 II, 9,59 | eenheid in het geloof en in de continuïteit van de ervaring 1522 II, 9,59 | en in de continuïteit van de ervaring en traditie van 1523 II, 9,59 | ervaring en traditie van de oude Kerk, zal in de gemeenschappelijke 1524 II, 9,59 | van de oude Kerk, zal in de gemeenschappelijke viering 1525 II, 9,59 | gemeenschappelijke viering van de heilige eucharistie haar 1526 II, 9,59 | gemeenschappelijk hebben kon de gemengde commissie in een 1527 II, 9,59 | Eerbiedwaardige Broeder, de Oecumenische Patriarch Zijne 1528 II, 9,59 | verklaren, te verwoorden "wat de katholieke Kerk en de orthodoxe 1529 II, 9,59 | wat de katholieke Kerk en de orthodoxe Kerk reeds gezamenlijk 1530 II, 9,59 | geloof in het geheim van de Kerk en in de band tussen 1531 II, 9,59 | geheim van de Kerk en in de band tussen geloof en sacramenten 1532 II, 9,59 | sacramenten kunnen belijden".97 De commissie was vervolgens 1533 II, 9,59 | bevestigen dat "in onze Kerken de apostolische successie voor 1534 II, 9,59 | apostolische successie voor de heiliging en de eenheid 1535 II, 9,59 | successie voor de heiliging en de eenheid van het Godsvolk 1536 II, 9,59(97) | paus Johannes Paulus II en de Oecumenische Patriarch Dimitrios 1537 II, 9,59 | voor het voortzetten van de dialoog. Ja, meer nog: deze 1538 II, 9,59 | gemeenschappelijke verklaringen vormen de grondslag die katholieken 1539 II, 9,59 | te kunnen geven, opdat de Naam van de Heer wordt verkondigd 1540 II, 9,59 | geven, opdat de Naam van de Heer wordt verkondigd en 1541 II, 9,59(98) | INTERNATIONALE COMMISSIE VOOR DE THEOLOGISCHE DIALOOG TUSSEN 1542 II, 9,59(98) | THEOLOGISCHE DIALOOG TUSSEN DE KATHOLIEKE KERK EN DE ORTHODOXE 1543 II, 9,59(98) | TUSSEN DE KATHOLIEKE KERK EN DE ORTHODOXE KERK, “Het wijdingssacrament 1544 II, 9,59(98) | Het wijdingssacrament in de sacramentele structuur van 1545 II, 9,59(98) | sacramentele structuur van de Kerk, in het bijzonder de 1546 II, 9,59(98) | de Kerk, in het bijzonder de betekenis van de apostolische 1547 II, 9,59(98) | bijzonder de betekenis van de apostolische opvolging voor 1548 II, 9,59(98) | apostolische opvolging voor de heiliging en de eenheid 1549 II, 9,59(98) | opvolging voor de heiliging en de eenheid van het volk van 1550 II, 9,60 | 60. Nog onlangs heeft de Gemengde Internationale 1551 II, 9,60 | voorwaarts gezet ten aanzien van de zeer gevoelige kwestie van 1552 II, 9,60 | zeer gevoelige kwestie van de te volgen methode bij het 1553 II, 9,60 | methode bij het herstel van de volle gemeenschap tussen 1554 II, 9,60 | volle gemeenschap tussen de katholieke Kerk en de orthodoxe 1555 II, 9,60 | tussen de katholieke Kerk en de orthodoxe Kerk, een zaak 1556 II, 9,60 | orthodoxe Kerk, een zaak die de verhoudingen tussen katholieken 1557 II, 9,60 | dikwijls heeft verslechterd. De commissie heeft de leerstellige 1558 II, 9,60 | verslechterd. De commissie heeft de leerstellige grondslagen 1559 II, 9,60 | dit probleem op basis van de leer van de Zusterkerken. 1560 II, 9,60 | op basis van de leer van de Zusterkerken. Ook hier is 1561 II, 9,60 | het duidelijk geworden dat de te volgen methode om tot 1562 II, 9,60 | volle gemeenschap te komen de dialoog van de waarheid 1563 II, 9,60 | te komen de dialoog van de waarheid is, gekoesterd 1564 II, 9,60 | gekoesterd en gesteund door de dialoog van de liefde. Een 1565 II, 9,60 | gesteund door de dialoog van de liefde. Een erkenning van 1566 II, 9,60 | erkenning van het recht van de Oosterse katholieke Kerken 1567 II, 9,60 | apostolaat te bedrijven, alsook de huidige deelneming van deze 1568 II, 9,60 | deelneming van deze Kerken in de dialoog van de liefde en 1569 II, 9,60 | Kerken in de dialoog van de liefde en de theologische 1570 II, 9,60 | dialoog van de liefde en de theologische dialoog, zal 1571 II, 9,60 | inzet om te werken voor de eenheid, bevorderen. 99 1572 II, 9,60 | een stap voorwaarts gezet. De inzet moet doorgaan. Er 1573 II, 9,60 | van een vermindering van de spanningen, die het zoeken 1574 II, 9,60 | vruchtbaarder maakt. Ten aanzien van de Oosterse katholieke Kerken 1575 II, 9,60 | in gemeenschap zijn met de katholieke Kerk, sprak het 1576 II, 9,60 | ervoor, dat veel zonen van de katholieke Kerk in het Oosten (...) 1577 II, 9,60 | reeds met hun broeders die de westerse traditie onderhouden 1578 II, 9,60 | verschillende tradities tot de volle katholiciteit en apostoliciteit 1579 II, 9,60 | katholiciteit en apostoliciteit van de Kerk behoort".100 Zeker 1580 II, 9,60(99) | JOHANNES PAULUS II, Brief aan de bisschoppen van Europa over 1581 II, 9,60(99) | bisschoppen van Europa over de betrekkingen tussen katholieken 1582 II, 9,60(99) | katholieken en orthodoxen in de nieuwe situatie van Midden- 1583 II, 9,60 | behoort".100 Zeker zullen de Oosterse katholieke Kerken, 1584 II, 9,60 | Oosterse katholieke Kerken, in de geest van het Oecumene-decreet, 1585 II, 9,60 | opbouwende rol spelen in de dialoog van de liefde zowel 1586 II, 9,60 | spelen in de dialoog van de liefde zowel op plaatselijk 1587 II, 9,60(100) | OECUMENISCH CONCILIE, Decreet over de oecumene Unitatis Redintegratio, 1588 II, 9,61 | licht van dit alles wenst de katholieke Kerk niets minder 1589 II, 9,61 | katholieke Kerk niets minder dan de volle gemeenschap tussen 1590 II, 9,61 | vindt hiervoor inspiratie in de ervaring van het eerste 1591 II, 9,61 | periode verhinderde immers "de ontwikkeling van verschillende 1592 II, 9,61 | ervaringen van kerkelijk leven de christenen niet om, door 1593 II, 9,61 | waren in iedere Kerk, omdat de lof van de ene Vader, door 1594 II, 9,61 | iedere Kerk, omdat de lof van de ene Vader, door Christus 1595 II, 9,61 | Vader, door Christus in de heilige Geest, uit allen 1596 II, 9,61 | hadden zich verzameld om de eucharistie te vieren, hart 1597 II, 9,61 | hart en voorbeeld voor de gemeenschap, niet alleen 1598 II, 9,61 | niet alleen met het oog op de spiritualiteit of het zedelijk 1599 II, 9,61 | zedelijk leven, maar ook voor de structuur van de Kerk in 1600 II, 9,61 | ook voor de structuur van de Kerk in de veelvoudigheid 1601 II, 9,61 | structuur van de Kerk in de veelvoudigheid van ambten 1602 II, 9,61 | bedieningen onder leiding van de bisschop, de Opvolger van 1603 II, 9,61 | leiding van de bisschop, de Opvolger van de apostelen. 1604 II, 9,61 | bisschop, de Opvolger van de apostelen. De eerste Concilies 1605 II, 9,61 | Opvolger van de apostelen. De eerste Concilies zijn een 1606 II, 9,61 | welsprekend getuigenis van de voortdurende eenheid in 1607 II, 9,61 | hersteld worden? Dat is de grote opgave die de katholieke 1608 II, 9,61 | Dat is de grote opgave die de katholieke Kerk moet oplossen 1609 II, 9,61 | en die evenzeer rust op de orthodoxe Kerk. Zo kan men 1610 II, 9,61 | voortdurende belang begrijpen van de dialoog, geleid door het 1611 II, 9,61 | geleid door het licht en de kracht van de heilige Geest. ~ 1612 II, 9,61 | het licht en de kracht van de heilige Geest. ~ 1613 II, 10 | Betrekkingen met de Oude Kerken van het Oosten~ 1614 II, 10,62 | 62. In de periode die volgde op het 1615 II, 10,62 | Vaticaans Concilie heeft de Kerk ook, op verschillende 1616 II, 10,62 | betrekkingen hersteld met de Oude Kerken van het Oosten 1617 II, 10,62 | Kerken van het Oosten die de dogmatische formuleringen 1618 II, 10,62 | dogmatische formuleringen van de Concilies van Efese en Chalcedon 1619 II, 10,62 | vereerd met hun bezoeken, en de bisschop van Rome is in 1620 II, 10,62 | broederlijke betrekkingen met de Oude Kerken van het Oosten 1621 II, 10,62 | is een concreet teken van de wijze waarop we verenigd 1622 II, 10,62 | barrières. En juist inzake de christologie hebben wij 1623 II, 10,62 | christologie hebben wij samen met de patriarchen van sommige 1624 II, 10,62 | Heiligheid Shenouda III, de Koptisch-orthodoxe paus 1625 II, 10,62 | Zijne Zaligheid Jacoub III, de Syrisch-orthodoxe patriarch 1626 II, 10,62 | bekrachtigen en daaruit de consequenties trekken: voor 1627 II, 10,62 | consequenties trekken: voor de ontwikkeling van de dialoog 1628 II, 10,62 | voor de ontwikkeling van de dialoog met paus Shenouda105, 1629 II, 10,62(104) | Jacoub III, patriarch van de Kerk van Antiochië van de 1630 II, 10,62(104) | de Kerk van Antiochië van de Syriërs en van het hele 1631 II, 10,62 | pastorale samenwerking met de Syrische patriarch van Antiochië, 1632 II, 10,62(105) | Vgl. Toespraak tot de afgevaardigden van de Koptisch-orthodoxe 1633 II, 10,62(105) | tot de afgevaardigden van de Koptisch-orthodoxe Kerk ( 1634 II, 10,62 | Zakka II was. 106 ~Toen de eerbiedwaardige patriarch 1635 II, 10,62 | eerbiedwaardige patriarch van de Ethiopische Kerk, Aboena 1636 II, 10,62 | onderstreepten we samen de diepe gemeenschap die tussen 1637 II, 10,62 | delen het geloof dat door de apostelen is overgeleverd, 1638 II, 10,62 | sacramenten en hetzelfde in de apostolische opvolging gewortelde 1639 II, 10,62(106) | paus Johannes Paulus II en de Syrisch-orthodoxe patriarch 1640 II, 10,62(106) | patriarch van Antiochië van de Syriërs en van het hele 1641 II, 10,62 | Kortgeleden heeft de Heer me de grote vreugde 1642 II, 10,62 | Kortgeleden heeft de Heer me de grote vreugde geschonken 1643 II, 10,62 | verklaring kon tekenen met de Assyrische patriarch van 1644 II, 10,62 | 1994. Rekening houdend met de verschillende theologische 1645 II, 10,62(107) | Aboena Paulos, patriarch van de orthodoxe Kerk van Ethiopië ( 1646 II, 10,62 | dit alles uitdrukken in de woorden van Heilige Maagd: " 1647 II, 10,62 | Mijn ziel prijst hoog de Heer" (Lc 1,46). ~ 1648 II, 10,62(108) | Christologische Verklaring tussen de katholieke Kerk en de Assyrische 1649 II, 10,62(108) | tussen de katholieke Kerk en de Assyrische Kerk van het 1650 II, 10,63 | gemaakt ten aanzien van de traditionele tegenstellingen 1651 II, 10,63 | tegenstellingen betreffende de christologie, in die mate 1652 II, 10,63 | want het laat ons zien dat de gevolgde weg de juiste is 1653 II, 10,63 | zien dat de gevolgde weg de juiste is en dat we rederlijkerwijze 1654 II, 10,63 | rederlijkerwijze mogen hopen samen de oplossing te ontdekken voor 1655 II, 11 | De dialoog met andere Kerken 1656 II, 11,64 | plan voor het herstel van de eenheid onder alle christenen 1657 II, 11,64 | spreekt het Decreet over de Oecumene ook over de betrekkingen 1658 II, 11,64 | over de Oecumene ook over de betrekkingen met de Kerken 1659 II, 11,64 | over de betrekkingen met de Kerken en kerkelijke Gemeenschappen 1660 II, 11,64 | plaatst zijn richtlijnen in de context van twee algemene 1661 II, 11,64 | psychologische aard, en de andere theologisch en leerstellig. 1662 II, 11,64 | theologisch en leerstellig. Aan de ene kant bekrachtigt dit 1663 II, 11,64 | bekrachtigt dit Concilie: "De Kerken en kerkelijke Gemeenschappen 1664 II, 11,64 | Gemeenschappen die óf in de uiterst kritieke periode 1665 II, 11,64 | uiterst kritieke periode van de geschiedenis, welke in het 1666 II, 11,64 | Westen reeds op het einde van de Middeleeuwen begon, óf in 1667 II, 11,64 | óf in latere tijden van de Apostolische Stoel van Rome 1668 II, 11,64 | afgescheiden, hebben met de katholieke Kerk banden van 1669 II, 11,64 | verwantschap en betrekkingen wegens de lange tijd waarin het christenvolk 1670 II, 11,64 | waarin het christenvolk in de voorafgaande eeuwen in kerkelijke 1671 II, 11,64 | Kerken en gemeenschappen en de katholieke Kerk belangrijke 1672 II, 11,64 | culturele aard, maar vooral in de uitleg van de geopenbaarde 1673 II, 11,64 | vooral in de uitleg van de geopenbaarde waarheid".110 ~ 1674 II, 11,64(109) | OECUMENISCH CONCILIE, Decreet over de oecumene Unitatis Redintegratio, 1675 II, 11,65 | onderscheiden, overwegingen hebben de ontwikkeling in het Westen 1676 II, 11,65 | in het Westen geleid, van de katholieke Kerk en van de 1677 II, 11,65 | de katholieke Kerk en van de Kerken en Gemeenschappen 1678 II, 11,65 | hun oorsprong vinden in de Hervorming. Zij delen dan 1679 II, 11,65 | aanvullingen niet uit. ~De oecumenische beweging heeft 1680 II, 11,65 | beweging heeft juist binnen de Kerken en kerkelijke Gemeenschappen 1681 II, 11,65 | kerkelijke Gemeenschappen van de Hervorming een aanvang genomen. 1682 II, 11,65 | Oecumenisch Patriarchaat de hoop uit dat men een vorm 1683 II, 11,65 | van samenwerking tussen de christelijke Gemeenschappen 1684 II, 11,65 | aan dat het gewicht van de culturele achtergrond niet 1685 II, 11,65 | doorslaggevend is. Wezenlijk is de kwestie van het geloof. 1686 II, 11,65 | verdeeldheid achter ons te laten om de eenheid te zoeken en te 1687 II, 11,65 | ook als een resultaat van de bittere ervaringen van de 1688 II, 11,65 | de bittere ervaringen van de verdeeldheid zelf. ~ 1689 II, 11,66 | het christendom van "na de Hervorming" aangezien "deze 1690 II, 11,66 | merkt het Decreet op dat de oecumenische beweging en 1691 II, 11,66 | verlangen naar vrede met de katholieke Kerk nog niet 1692 II, 11,66 | punten naar voren brengen die de grondslag en de drijfveer 1693 II, 11,66 | brengen die de grondslag en de drijfveer voor deze dialoog 1694 II, 11,66 | aandacht richt zich (...) op de christenen die tot eer van 1695 II, 11,66 | christenen die tot eer van de ene God, Vader, Zoon en 1696 II, 11,66 | belijden als hun God en Heer en de enige Middelaar tussen God 1697 II, 11,66 | koesteren liefde en eerbied voor de Heilige Schrift: "Onder 1698 II, 11,66 | Schrift: "Onder aanroeping van de heilige Geest zoeken zij 1699 II, 11,66 | heilige Geest zoeken zij in de Heilige Schrift naar God, 1700 II, 11,66 | Christus, aangekondigd door de profeten en Woord van God, 1701 II, 11,66 | onze goddelijke Leraar voor de redding van de mensen heeft 1702 II, 11,66 | Leraar voor de redding van de mensen heeft geleerd en 1703 II, 11,66 | gedaan, in het bijzonder de geheimen van zijn dood en 1704 II, 11,66 | het goddelijk gezag van de heilige boeken".115 Tegelijkertijd 1705 II, 11,66 | anders dan wij (...) over de verhouding tussen Schrift 1706 II, 11,66 | woord van God".116 "Toch is de Heilige Schrift juist bij 1707 II, 11,66 | Heilige Schrift juist bij de [oecumenische] dialoog een 1708 II, 11,66 | erdoor zijn wedergeboren".118 De theologische, pastorale 1709 II, 11,66 | is, is het "gericht op de volledige belijdenis van 1710 II, 11,66 | belijdenis van het geloof, op de volledige inlijving in het 1711 II, 11,66 | gewild heeft, kortom op de volledige opneming in de 1712 II, 11,66 | de volledige opneming in de eucharistische gemeenschap".119 ~ 1713 II, 11,67 | meningsverschillen kwamen ten tijde van de Hervorming op met betrekking 1714 II, 11,67 | Hervorming op met betrekking tot de Kerk, de sacramenten en 1715 II, 11,67 | betrekking tot de Kerk, de sacramenten en het gewijde 1716 II, 11,67 | verlangt het Concilie dat "de leer over het avondmaal 1717 II, 11,67 | leer over het avondmaal van de Heer, de overige sacramenten, 1718 II, 11,67 | het avondmaal van de Heer, de overige sacramenten, de 1719 II, 11,67 | de overige sacramenten, de eredienst en de kerkelijke 1720 II, 11,67 | sacramenten, de eredienst en de kerkelijke ambten onderwerp 1721 II, 11,67 | ambten onderwerp vormen van de dialoog".120 ~Terwijl het 1722 II, 11,67 | redintegratio erop wijst dat de Gemeenschappen van na de 1723 II, 11,67 | de Gemeenschappen van na de Hervorming die "volle eenheid 1724 II, 11,67 | wijdingssacrament, niet de authentieke en ongeschonden 1725 II, 11,67 | bij het heilig Avondmaal de dood en verrijzenis van 1726 II, 11,67 | belijden (..) dat het leven in de gemeenschap met Christus 1727 II, 11,68 | zijn morele consequenties: "De christelijke leefwijze van 1728 II, 11,68 | Christus en gesterkt door de genade van hun doopsel en 1729 II, 11,68 | gebed en overweging van de bijbel, in het christelijk 1730 II, 11,68 | christelijk gezinsleven en in de eredienst van de gemeente, 1731 II, 11,68 | gezinsleven en in de eredienst van de gemeente, wanneer zij samenkomt 1732 II, 11,68 | rechtvaardigheidsgevoel en tot de oprechte liefde tot de anderen 1733 II, 11,68 | tot de oprechte liefde tot de anderen die aanwezig zijn 1734 II, 11,68 | het hun inspanningen om de sociale omstandigheden menselijker 1735 II, 11,68 | menselijker te maken en om de vrede te bevorderen. Dit 1736 II, 11,68 | aan het Woord van God als de bron van christelijk leven. ~ 1737 II, 11,68 | christelijk leven. ~Zo roept de tekst een problematiek op, 1738 II, 11,68 | op, die op het gebied van de ethiek en de moraliteit 1739 II, 11,68 | gebied van de ethiek en de moraliteit in onze dagen 1740 II, 11,68 | dezelfde manier verstaan als de katholieken".123 Op dit 1741 II, 11,68 | plaats voor een dialoog over de morele beginselen van het 1742 II, 11,69 | 69. De verwachtingen en de uitnodiging 1743 II, 11,69 | 69. De verwachtingen en de uitnodiging van het Tweede 1744 II, 11,69 | tweezijdige dialoog met de verschillende Kerken en 1745 II, 11,69 | christelijke Gemeenschappen in heel de westelijke wereld op gang 1746 II, 11,69 | startte met betrekking tot de multilaterale dialoog reeds 1747 II, 11,69 | reeds in 1964 het proces van de opzet van een "Gemengde 1748 II, 11,69 | Gemengde Werkgroep" met de Wereldraad van Kerken, en 1749 II, 11,69 | toegelaten als volle leden van de theologische afdeling van 1750 II, 11,69 | theologische afdeling van Raad, de commissie "Geloof en Kerkorde". ~ 1751 II, 11,69 | vruchtbaar en beloftevol. De themas die het Conciliedecreet 1752 II, 11,69 | reeds besproken of zullen in de nabije toekomst besproken 1753 II, 11,69 | toekomst besproken worden. De bezinning van de verschillende 1754 II, 11,69 | worden. De bezinning van de verschillende tweezijdige 1755 II, 11,69 | toewijding, die voor allen die de zaak van de oecumene zijn 1756 II, 11,69 | voor allen die de zaak van de oecumene zijn toegedaan 1757 II, 11,69 | veelbesproken kwesties zoals de doop, de eucharistie, het 1758 II, 11,69 | kwesties zoals de doop, de eucharistie, het gewijde 1759 II, 11,69 | eucharistie, het gewijde ambt, de sacramentaliteit en het 1760 II, 11,69 | sacramentaliteit en het gezag van de Kerk en de apostolische 1761 II, 11,69 | het gezag van de Kerk en de apostolische opvolging. 1762 II, 11,70 | gesteund door het gebed van de katholieke Kerk en dat van 1763 II, 11,70 | katholieke Kerk en dat van de andere Kerken en kerkelijke 1764 II, 11,70 | Gemeenschappen. Het gebed voor de eenheid dat reeds zo hecht 1765 II, 11,70 | verspreid over het lichaam van de Kerk, laat zien dat christenen 1766 II, 11,70 | het belang onderkennen van de oecumene. Juist omdat het 1767 II, 11,70 | betrekking tot hun geloof in de ene Heer, is het gebed de 1768 II, 11,70 | de ene Heer, is het gebed de bron van verlichting aangaande 1769 II, 11,70 | van verlichting aangaande de waarheid die in haar volheid 1770 II, 11,70 | Iedereen, ongeacht zijn rol in de Kerk of opleidingsniveau, 1771 II, 12,71 | 71. We moeten de Goddelijke Voorzienigheid 1772 II, 12,71 | gebeurtenissen die getuigen van de vooruitgang op de weg naar 1773 II, 12,71 | getuigen van de vooruitgang op de weg naar eenheid. Naast 1774 II, 12,71 | weg naar eenheid. Naast de theologische dialoog moet 1775 II, 12,71 | aan het hoofdkwartier van de Wereldraad van Kerken in 1776 II, 12,71 | contacten helpen ten zeerste bij de verbetering van de wederzijdse 1777 II, 12,71 | zeerste bij de verbetering van de wederzijdse kennis en bij 1778 II, 12,71 | wederzijdse kennis en bij de groei van de christelijke 1779 II, 12,71 | kennis en bij de groei van de christelijke broederschap. 1780 II, 12,71 | deze weg door te gaan. 124 De Heer heeft mij in staat 1781 II, 12,71 | werk voor te zetten. Naast de belangrijke oecumenische 1782 II, 12,71 | aan het aanmoedigen van de christelijke eenheid. Enkele 1783 II, 12,71 | vooral in landen waar de katholieke gemeenschappen 1784 II, 12,71 | minderheid vormen t.o.v. de Gemeenschappen van na de 1785 II, 12,71 | de Gemeenschappen van na de Hervorming of waar de laatsten 1786 II, 12,71 | na de Hervorming of waar de laatsten een aanzienlijk 1787 II, 12,71 | aanzienlijk deel vormen van de christengelovigen in een 1788 II, 12,72 | 72. Dat geldt vooral voor de Europese landen waar de 1789 II, 12,72 | de Europese landen waar de verdeeldheid het eerst aan 1790 II, 12,72 | Zwitserland in juni 1984; en naar de Scandinavische en Noordse 1791 II, 12,72 | aanmoediging en troost. We hebben de aanwezigheid van de Heer 1792 II, 12,72 | hebben de aanwezigheid van de Heer onder ons ervaren. ~ 1793 II, 12,72 | gemaakt. Ik spreek dan over de eucharistievieringen die 1794 II, 12,72 | Zweden tijdens mijn reis naar de Scandinavische en Noordse 1795 II, 12,72 | Scandinavische en Noordse landen. Bij de communie naderden de lutherse 1796 II, 12,72 | Bij de communie naderden de lutherse bisschoppen de 1797 II, 12,72 | de lutherse bisschoppen de celebrant. Zij wilden, door 1798 II, 12,72 | te nemen, en zij wensten de zegen van de celebrant te 1799 II, 12,72 | zij wensten de zegen van de celebrant te ontvangen. 1800 II, 12,72 | herhaald in Rome tijdens de mis die ik vierde op de 1801 II, 12,72 | de mis die ik vierde op de Piazza Farnese bij het zesde 1802 II, 12,72 | het zesde eeuwfeest van de heiligverklaring van de 1803 II, 12,72 | de heiligverklaring van de H. Birgitta van Zweden, 1804 II, 12,72 | gevoelens ervoer ik ook aan de andere kant van de oceaan: 1805 II, 12,72 | ook aan de andere kant van de oceaan: in Canada, in september 1806 II, 12,72 | bijzonder in september 1987 in de Verenigde Staten, waar een 1807 II, 12,72 | voorbeeld te noemen, bij de oecumenische ontmoeting 1808 II, 12,72 | regelmatig plaatsvinden tussen de paus en deze broeders wier 1809 II, 12,72 | Gemeenschappen stammen uit de Hervorming, is op zichzelf 1810 II, 12,72 | ten diepste dankbaar voor de warme ontvangst die ik zowel 1811 II, 12,72 | ontvangst die ik zowel van de leiders van de verschillende 1812 II, 12,72 | zowel van de leiders van de verschillende Gemeenschappen 1813 II, 12,72 | Gemeenschappen heb gekregen als van de Gemeenschappen als geheel. 1814 II, 12,72 | Vanuit dit standpunt acht ik de oecumenische Woorddienst 1815 II, 12,73 | vreugde om te zien hoe in de na-conciliaire periode in 1816 II, 12,73 | na-conciliaire periode in de plaatselijke Kerken veel 1817 II, 12,73 | activiteiten ontwikkeld worden die de christelijke eenheid ten 1818 II, 12,73 | effect op het niveau van de bisschoppenconferenties, 1819 II, 12,73 | bisschoppenconferenties, de afzonderlijke bisdommen 1820 II, 12,73 | parochies en op het niveau van de verschillende kerkelijke 1821 II, 13 | Resultaten van de samenwerking~ 1822 II, 13,74 | der hemelen, maar hij die de wil doet van mijn Vader 1823 II, 13,74 | doet van mijn Vader die in de hemel is" (Mt 7,21). De 1824 II, 13,74 | de hemel is" (Mt 7,21). De onderlinge samenhang en 1825 II, 13,74 | onderlinge samenhang en de oprechtheid van de bedoelingen 1826 II, 13,74 | samenhang en de oprechtheid van de bedoelingen en de beginselverklaringen 1827 II, 13,74 | oprechtheid van de bedoelingen en de beginselverklaringen moeten 1828 II, 13,74 | blijken uit hun toepassing in de praktijk van het leven. 1829 II, 13,74 | dankzegging [aantreft] voor de van God ontvangen weldaden; 1830 II, 13,74 | en oprechte liefde voor de naaste".125 ~Het hierboven 1831 II, 13,74 | bodem, niet alleen voor de dialoog, maar ook voor praktische 1832 II, 13,74 | instellingen voortgebracht om de geestelijke en lichamelijke 1833 II, 13,74 | lichamelijke ellende te lenigen, de opvoeding van de jeugd ter 1834 II, 13,74 | lenigen, de opvoeding van de jeugd ter hand te nemen, 1835 II, 13,74 | jeugd ter hand te nemen, de sociale levensomstandigheden 1836 II, 13,74 | te verbeteren en overal de vrede te versterken".126 ~ 1837 II, 13,74(125) | OECUMENISCH CONCILIE, Decreet over de oecumene Unitatis Redintegratio, 1838 II, 13,74 | werken christenen samen om de menselijke waardigheid te 1839 II, 13,74 | waardigheid te verdedigen, de vrede te bevorderen, het 1840 II, 13,74 | op het sociale leven en de christelijke geest in de 1841 II, 13,74 | de christelijke geest in de wereld van de wetenschap 1842 II, 13,74 | christelijke geest in de wereld van de wetenschap en de kunsten 1843 II, 13,74 | wereld van de wetenschap en de kunsten aanwezig te doen 1844 II, 13,74 | streven om het lijden en de noden van onze tijd tegemoet 1845 II, 13,75 | haar eigenlijke reden in de woorden van de Heer: "Want 1846 II, 13,75 | reden in de woorden van de Heer: "Want Ik was hongerig 1847 II, 13,75 | reeds benadrukt heb laat de samenwerking tussen christenen 1848 II, 13,75 | onder hen bestaat. 127 ~Voor de wereld heeft de verenigde 1849 II, 13,75 | Voor de wereld heeft de verenigde inzet in de samenleving 1850 II, 13,75 | heeft de verenigde inzet in de samenleving van de kant 1851 II, 13,75 | inzet in de samenleving van de kant van de christenen de 1852 II, 13,75 | samenleving van de kant van de christenen de duidelijke 1853 II, 13,75 | de kant van de christenen de duidelijke waarde van een 1854 II, 13,75 | getuigenis dat gezamenlijk in de Naam van de Heer wordt afgelegd. 1855 II, 13,75 | gezamenlijk in de Naam van de Heer wordt afgelegd. Het 1856 II, 13,75 | gelaat van Christus onthult. ~De leerstellige meningsverschillen 1857 II, 13,75 | stellen zelfs grenzen aan de samenwerking. Toch biedt 1858 II, 13,75 | samenwerking. Toch biedt de reeds bestaande gemeenschap 1859 II, 13,75 | sociaal gebied maar ook in de godsdienstige sfeer. ~Zo1860 II, 13,75 | vergemakkelijken. Het Decreet over de oecumene merkt op: "Door 1861 II, 13,75 | waardering kunnen komen en hoe de weg naar de eenheid van 1862 II, 13,75 | komen en hoe de weg naar de eenheid van de christenen 1863 II, 13,75 | weg naar de eenheid van de christenen wordt geëffend".128 ~ 1864 II, 13,76 | voorbij kunnen gaan aan de oecumenische belangstelling 1865 II, 13,76 | oecumenische belangstelling voor de vrede, die duidelijk wordt 1866 II, 13,76 | duidelijk wordt in het gebed en de actie van steeds grotere 1867 II, 13,76 | niet in Jezus Christus, de Vredevorst? De christenen 1868 II, 13,76 | Christus, de Vredevorst? De christenen worden steeds 1869 II, 13,76 | godsdienstige overwegingen niet de werkelijke oorzaak zijn 1870 II, 13,76 | werkelijke oorzaak zijn van de huidige conflicten, ofschoon 1871 II, 13,76 | steeds het gevaar bestaat dat de godsdienst wordt misbruikt 1872 II, 13,76 | 1986 hebben christenen van de verschillende Kerken en 1873 II, 13,76 | Gemeenschappen in Assisi, tijdens de Wereldgebedsdag voor de 1874 II, 13,76 | de Wereldgebedsdag voor de Vrede, met één stem gebeden 1875 II, 13,76 | met één stem gebeden tot de Heer van de geschiedenis 1876 II, 13,76 | gebeden tot de Heer van de geschiedenis om vrede in 1877 II, 13,76 | geschiedenis om vrede in de wereld. Op diezelfde dag 1878 II, 13,76 | niet-christelijke godsdiensten voor de vrede in een wonderlijke, 1879 II, 13,76 | van gevoelens die diep in de menselijke geest een snaar 1880 II, 13,76 | deden trillen. ~Ook wil ik de Gebedsdag voor de vrede 1881 II, 13,76 | wil ik de Gebedsdag voor de vrede in Europa, bijzonder 1882 II, 13,76 | in Europa, bijzonder op de Balkan, noemen, die mij 1883 II, 13,76 | pelgrim terugbracht naar de stad van Sint Franciscus 1884 II, 13,76 | het Misoffer voor vrede op de Balkan, in het bijzonder 1885 II, 13,76 | vierde op 23 januari 1994 in de basiliek van Sint Pieter 1886 II, 13,76 | van Sint Pieter tijdens de Gebedsweek voor de Eenheid 1887 II, 13,76 | tijdens de Gebedsweek voor de Eenheid van de Christenen. ~ 1888 II, 13,76 | Gebedsweek voor de Eenheid van de Christenen. ~Wanneer onze 1889 II, 13,76 | Wanneer onze blik over de wereld gaat vervult vreugde 1890 II, 13,76 | harten. Want we merken dat de christenen zich steeds meer 1891 II, 13,76 | in nauwe verbinding met de verkondiging van het evangelie 1892 II, 13,76 | van het evangelie en met de komst van Gods Rijk. ~ 1893 III | nobis via? ~(Hoe lang is de weg die nog voor ons ligt?) ~ 1894 III, 1 | Voortzetting en versterking van de dialoog~ 1895 III, 1,77 | 77. We kunnen ons nu de vraag stellen hoe lang de 1896 III, 1,77 | de vraag stellen hoe lang de tocht is die ons scheidt 1897 III, 1,77 | die zegenrijke dag wanneer de volledige eenheid in het 1898 III, 1,77 | bereikt en we samen in vrede de heilige eucharistie van 1899 III, 1,77 | heilige eucharistie van de Heer kunnen vieren. Het 1900 III, 1,77 | grotere wederzijdse begrip en de leerstellige overeenkomsten 1901 III, 1,77 | en effectieve groei van de gemeenschap, kunnen niet 1902 III, 1,77 | zijn voor het geweten van de christenen die belijden 1903 III, 1,77 | christenen die belijden dat de Kerk één, heilig, katholiek 1904 III, 1,77 | Het uiteindelijke doel van de oecumenische beweging is 1905 III, 1,77 | beweging is het herstel van de volledige zichtbare eenheid 1906 III, 1,77 | toe slechts een etappe van de reis, hoe beloftevol en 1907 III, 1,78 | 78. In de oecumenische beweging koesteren 1908 III, 1,78 | beweging koesteren niet alleen de katholieke Kerk en de orthodoxe 1909 III, 1,78 | alleen de katholieke Kerk en de orthodoxe Kerken deze veeleisende 1910 III, 1,78 | veeleisende opvatting van de door God gewilde eenheid. 1911 III, 1,78 | Oecumene houdt in dat de christelijke Gemeenschappen 1912 III, 1,78 | helpen, opdat er in hen de volledige inhoud en alle 1913 III, 1,78 | vereisten van "het erfgoed dat de apostelen hebben overgeleverd"130 1914 III, 1,78(129) | Het geduldige werk van de Commissie Geloof en Kerkorde 1915 III, 1,78(129) | vergelijkbare visie geleid die door de Zevende Assemblee van de 1916 III, 1,78(129) | de Zevende Assemblee van de Wereldraad van Kerken is 1917 III, 1,78(129) | Kerken is overgenomen in de Verklaring van Canberra ( 1918 III, 1,78(129) | visie werd bevestig door de Wereldconferentie over Geloof 1919 III, 1,78(129) | en kerkorde in Santiago de Compostela (3-14 augustus 1920 III, 1,78 | hulp bij het zoeken naar de waarheid is een uitmuntende 1921 III, 1,78 | van evangelische liefde. ~De documenten van de vele Internationale 1922 III, 1,78 | liefde. ~De documenten van de vele Internationale Gemengde 1923 III, 1,78 | Dialoogcommissies hebben deze inzet om de eenheid te zoeken tot uitdrukking 1924 III, 1,78 | deze teksten het doopsel, de eucharistie, het ambt en 1925 III, 1,78 | moet men nu voortgaan naar de noodzakelijke en toereikende 1926 III, 1,78 | manier gestalte krijgt, opdat de christenen waarachtig een 1927 III, 1,78 | die volledige eenheid in de ene, heilige, katholieke 1928 III, 1,78 | uitdrukking zal vinden in de gemeenschappelijke viering 1929 III, 1,78 | gemeenschappelijke viering van de eucharistie. ~Deze weg naar 1930 III, 1,78 | eucharistie. ~Deze weg naar de noodzakelijke en toereikende 1931 III, 1,78 | toereikende zichtbare eenheid, in de gemeenschap van de ene Kerk 1932 III, 1,78 | eenheid, in de gemeenschap van de ene Kerk die Christus wil, 1933 III, 1,78(130) | OECUMENISCH CONCILIE, Decreet over de oecumene Unitatis Redintegratio, 1934 III, 1,79 | reeds is het mogelijk om de themas vast te stellen 1935 III, 1,79 | het geloof te komen: 1) de verhouding tussen de Heilige 1936 III, 1,79 | 1) de verhouding tussen de Heilige Schrift als het 1937 III, 1,79 | gezag in geloofszaken, en de heilige Traditie als onontbeerlijk 1938 III, 1,79 | Traditie als onontbeerlijk voor de interpretatie van het Woord 1939 III, 1,79 | van het Woord van God; 2) de eucharistie als het sacrament 1940 III, 1,79 | Christus, geofferd tot lof van de Vader, gedachtenis van het 1941 III, 1,79 | heiligmakende uitstorting van de heilige Geest; 3) de wijding 1942 III, 1,79 | van de heilige Geest; 3) de wijding als een sacrament, 1943 III, 1,79 | diakonaat; 4) het leergezag van de Kerk, toevertrouwd aan de 1944 III, 1,79 | de Kerk, toevertrouwd aan de paus en de bisschoppen in 1945 III, 1,79 | toevertrouwd aan de paus en de bisschoppen in gemeenschap 1946 III, 1,79 | die uitgeoefend worden in de naam van Christus om het 1947 III, 1,79 | onderrichten en te behoeden; 5) de maagd Maria, als Moeder 1948 III, 1,79 | Moeder van God en Icoon van de Kerk, de geestelijke Moeder 1949 III, 1,79 | God en Icoon van de Kerk, de geestelijke Moeder die voorspraak 1950 III, 1,79 | Christusleerlingen en voor de hele mensheid. ~Op deze 1951 III, 1,79 | Op deze moedige weg naar de eenheid verlangen de helderheid 1952 III, 1,79 | naar de eenheid verlangen de helderheid en de wijsheid 1953 III, 1,79 | verlangen de helderheid en de wijsheid van het geloof 1954 III, 1,79 | onverschilligheid ten aanzien van de kerkelijke normen vermijden. 131 1955 III, 1,79 | Vasthouden aan een visie op de eenheid die rekening houdt 1956 III, 1,79 | houdt met alle eisen van de geopenbaarde waarheid betekent 1957 III, 1,79 | niet dat men een rem zet op de oecumenische beweging. 132 1958 III, 1,79(132) | Vgl. Toespraak tot de kardinalen en de Romeinse 1959 III, 1,79(132) | Toespraak tot de kardinalen en de Romeinse Curie (28 juni 1960 III, 1,79 | resultaat zouden voeren. 133 De verplichting om de waarheid 1961 III, 1,79 | De verplichting om de waarheid te eerbiedigen 1962 III, 1,79 | is absoluut. Is dat niet de wet van het evangelie? ~ 1963 III, 2 | Het aanemen van de reeds bereikte resultaten~ 1964 III, 2,80 | 80. Terwijl de dialoog verder gaat over 1965 III, 2,80 | voor ons: het aannemen van de reeds bereikte resultaten. 1966 III, 2,80 | Zij mogen niet slechts de verklaringen blijven van 1967 III, 2,80 | te verwezenlijken en om de banden van de gemeenschap 1968 III, 2,80 | verwezenlijken en om de banden van de gemeenschap zo te versterken 1969 III, 2,80 | algemene instemming nodig, van de bisschoppen tot de lekengelovigen, 1970 III, 2,80 | van de bisschoppen tot de lekengelovigen, die allen 1971 III, 2,80 | lekengelovigen, die allen de zalving van de heilige Geest 1972 III, 2,80 | die allen de zalving van de heilige Geest hebben ontvangen. 134 1973 III, 2,80 | Leergezag bijstaat en die de sensus fidei opwekt. ~Daarom 1974 III, 2,80 | opwekt. ~Daarom is voor de aanvaarding van de resultaten 1975 III, 2,80 | voor de aanvaarding van de resultaten van de dialoog 1976 III, 2,80 | aanvaarding van de resultaten van de dialoog een breed en nauwkeurig 1977 III, 2,80 | nauwkeurig proces nodig dat de resultaten ontleedt en hun 1978 III, 2,80 | hun overeenstemming met de geloofstraditie streng toetst, 1979 III, 2,80 | streng toetst, die wij van de apostelen hebben ontvangen 1980 III, 2,80 | ontvangen en die wij beleven in de gemeenschap van gelovigen, 1981 III, 2,80 | gelovigen, verzameld rond de bisschop, haar rechtmatige 1982 III, 2,80(134) | Dogmatische Constitutie over de Kerk Lumen Gentium, 12. ~ 1983 III, 2,81 | dan bijgestaan worden door de heilige Geest. Om succesvol 1984 III, 2,81 | succesvol te zijn zullen de resultaten ervan bekend 1985 III, 2,81 | Belangrijk is in dit verband de bijdrage van theologen en 1986 III, 2,81 | vervullen van hun charisma in de Kerk. Het is ook duidelijk 1987 III, 2,81 | Het is ook duidelijk dat de oecumenische commissies 1988 III, 2,81 | gevolgd en aangemoedigd door de bisschoppen en de Heilige 1989 III, 2,81 | aangemoedigd door de bisschoppen en de Heilige Stoel. Het is aan 1990 III, 2,81 | geloofsgoed (depositum fidei) en de formulering waarin het geloof 1991 III, 3 | De geestelijke oecumene voortzetten 1992 III, 3 | getuigenis afleggen van de heiligheid~ 1993 III, 3,82 | Het is te begrijpen hoe de ernst van de inzet voor 1994 III, 3,82 | begrijpen hoe de ernst van de inzet voor de oecumene de 1995 III, 3,82 | ernst van de inzet voor de oecumene de katholieke gelovigen 1996 III, 3,82 | de inzet voor de oecumene de katholieke gelovigen ten 1997 III, 3,82 | gelovigen ten diepste uitdaagt. De Geest roept hen op tot een 1998 III, 3,82 | ernstig gewetensonderzoek. De katholieke Kerk moet wat 1999 III, 3,82 | van bekeringaangaan, die de geestelijke grondslag vormt 2000 III, 3,82 | geestelijke grondslag vormt van de oecumenische dialoog. In


1-500 | 501-1000 | 1001-1500 | 1501-2000 | 2001-2489

Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License