Chapter,Paragraph,Number
1 I, 2,9 | manifestatie van de genade aan hen, waardoor God hen tot deelnemers
2 I, 2,9 | genade aan hen, waardoor God hen tot deelnemers aan zijn
3 I, 2,11 | gemeenschap die tussen hen en de katholieke Kerk bestaat. ~
4 I, 2,11 | ene Kerk van Christus in hen werkzaam tegenwoordig. Daarom
5 I, 2,12 | geloven, door het doopsel dat hen met Christus verbindt getekend
6 I, 2,12 | ontvangen. Meerderen onder hen bezitten zelfs het Episcopaat,
7 I, 2,12 | heilige Geest, die ook in hen door zijn gaven en genaden
8 I, 2,12 | voltrekt, en sommigen onder hen tot het vergieten van hun
9 I, 3,16 | te bekijken. Dat brengt hen ertoe zich af te vragen
10 I, 4,19 | gepresenteerd worden die haar voor hen voor wie God haar bestemt,
11 I, 4,20 | hechter de gemeenschap is die hen met de Vader, het Woord
12 I, 5,21 | broeders met inbegrip van hen, die niet in volle gemeenschap
13 I, 5,21 | naar de eenheid, ook bij hen die de eis van de eenheid
14 I, 5,21 | gemeenschap te bezoeken van hen, die Hem aanroepen: "Waar
15 I, 5,22 | te verenigen, dan zal bij hen het besef groeien dat wat
16 I, 5,22 | het besef groeien dat wat hen scheidt, in vergelijking
17 I, 5,22 | in vergelijking tot wat hen verbindt, gering is. Wanneer
18 I, 5,23 | de negatieve ervaring van hen die bij het verkondigen
19 I, 5,25 | gelegenheid om samen met hen te bidden, zowel in het
20 I, 5,27 | die voorbehouden is aan hen die metterdaad het gebrek
21 I, 6,29 | onderlinge betrekkingen met hen bemoeilijken, uit te schakelen".54
22 I, 9,38 | alle Gemeenschappen65 en hen in zekere zin onderrichten
23 I, 10,40 | uitdrukking van de band die hen reeds met elkaar verbindt,
24 II, 1,42 | vijanden of vreemden, maar in hen broeders en zusters zien.
25 II, 2,43 | kerkelijke Gemeenschappen en door hen’, als ook door de katholieke
26 II, 3,45 | te vernieuwen. Enkele van hen hebben op grond van de op
27 II, 4,48 | ontdekking van hetgeen God in hen die tot de andere Kerken
28 II, 5,49 | christenen en van de door hen gevoerde theologische dialoog
29 II, 6,50 | werkelijke gemeenschapsbanden die hen met de katholieke Kerk verbinden.
30 II, 6,50 | eigen kerkorde, die door hen van oudsher gevolgd en door
31 II, 6,50 | bevestigd werden, als ook de hen eigen manier om de leer
32 II, 6,50 | maar in het bijzonder tot hen die zich willen inspannen
33 II, 6,50 | vóór de scheiding tussen hen en de Zetel van Rome bestonden
34 II, 7,53 | met Rome stond. Doordat ik hen samen met de H.Benedictus
35 II, 8,56 | Avondland en van de Oriënt hen beroofd van de rijkdom van
36 II, 8,56 | geleverd worden om tussen hen de volle gemeenschap te
37 II, 10,62 | staat geweest om zich met hen te onderhouden als met broeders
38 II, 11,66 | God, die als het ware tot hen spreekt in Christus, aangekondigd
39 II, 12,72 | ontvangen. Vol liefde heb ik hen gezegend. Hetzelfde zo betekenisrijke
40 II, 13,75 | gemeenschap reeds onder hen bestaat. 127 ~Voor de wereld
41 III, 1,78| elkaar helpen, opdat er in hen de volledige inhoud en alle
42 III, 3,82| uitdaagt. De Geest roept hen op tot een ernstig gewetensonderzoek.
43 III, 3,82| de kracht van de Geest, hen allen zonder uitzondering
44 III, 3,84| vergoot, en die door dit offer hen die eens ver weg waren,
45 III, 3,84| gemeenschap van de heiligen - van hen die aan het einde van een
46 III, 3,84| zichtbare eenheid, zal God voor hen doen wat Hij voor de heiligen
47 III, 5,92| bekeert de harten en vervult hen met de kracht van de genade,
48 III, 5,93| kan bekeren tot eenheid en hen in staat kan stellen met
49 III, 5,94| 25; Mc 10,42) -, maar om hen te leiden naar vredige weiden.
|