Chapter,Paragraph,Number
1 Inl, 0,1 | machteloosheid, wensen te weerstaan, moeten zij samen dezelfde waarheid
2 Inl, 0,2 | de gelovigen stelt. Zij moeten deze uitdaging wel aangaan.
3 Inl, 0,2 | verschillen die opgelost moeten worden, kunnen christenen
4 I, 1,6 | en de gemeenschap geheel moeten verwerkelijken. Hoe is het
5 I, 2,13 | de genade voortbrengen en moeten zij geschikt geacht worden
6 I, 3,15 | iedereen zich radicaler moeten bekeren tot het Evangelie
7 I, 3,15 | het kijken naar de dingen moeten veranderen. Dankzij de oecumene
8 I, 5,25 | een "Boek" dat wij telkens moeten openslaan en herlezen om
9 I, 5,26 | groeit en rijpt. Daarom moeten wij van Gods Geest de genade
10 I, 8,34 | gewetensonderzoek. In dit verband moeten we ons wel de woorden van
11 I, 8,34 | oecumenische dialoog aangaan, moeten kenmerken. Als zo’n dialoog
12 I, 8,34 | alleen persoonlijke zonden moeten vergeven worden en overwonnen,
13 I, 9,36 | over leerstellige kwesties moeten plaatsvinden: "Katholieke
14 I, 9,36 | plaatsvinden: "Katholieke theologen moeten, wanneer zij bij alle gehechtheid
15 I, 9,36 | zal natuurlijk tot stand moeten komen door de aanvaarding
16 I, 9,36 | van Christus leidt. Daarom moeten alle vormen van verkorting
17 I, 9,36 | worden. Ernstige vragen moeten opgelost worden, want zo
18 I, 9,37 | presenteren of vergelijken: "Zij moeten bedenken dat er in de katholieke
19 I, 9,39 | geloofszaken. Deze tegenstellingen moeten bovenal bezien worden in
20 II, 6,50 | 50. In dit verband moeten we met bijzondere dankbaarheid
21 II, 7,52 | zij krachtens hun roeping moeten vervullen op de weg naar
22 II, 7,53 | Tweede Vaticaans Concilie moeten minstens twee gebeurtenissen
23 II, 7,53 | Christus ten einde loopt moeten zij gezamenlijk als patronen
24 II, 8,55 | trachten te herstellen, moeten we ons beroepen op deze
25 II, 8,55 | Kerken als tussen zusters moeten bestaan te bewaren".88 ~
26 II, 8,57 | volledige gemeenschap zoeken, moeten we ons inzetten voor de
27 II, 11,64 | gelijk realisme vast: "Toch moeten wij erkennen, dat tussen
28 II, 11,66 | voor deze dialoog kunnen en moeten vormen".113 "Onze aandacht
29 II, 11,69 | kwesties nader bestudeerd moeten worden. ~
30 II, 12,71 | 71. We moeten de Goddelijke Voorzienigheid
31 II, 13,74 | de beginselverklaringen moeten blijken uit hun toepassing
32 III, 1,79| te stellen die uitgediept moeten worden om tot een echte
33 III, 2,80| tweezijdige commissies maar moeten een gemeenschappelijk erfgoed
34 III, 2,81| resultaten ervan bekend moeten worden gemaakt op gepaste
35 III, 3,82| betrekkingen die iets anders moeten zijn dan een louter hartelijke
36 III, 3,82| van broederlijke koinonia moeten gesmeed worden voor God
37 III, 3,84| gemeenschappelijk erfgoed moeten we daartoe niet alleen de
38 III, 3,85| kwaad waarvan we genezen moeten worden, is er een soort
39 III, 4,87| nog eens te verklaren: "We moeten met de uiterste zorg aan
40 III, 4,87| kennen (...) Ieders talenten moeten ontwikkeld worden tot nut
41 III, 5,91| struikelblok voor Mij" (Mt 16,23). Moeten we het erbarmen dat Petrus
42 III, 5,95| hetgeen een dienst had moeten zijn, zich onder een heel
43 III, 7,98| christenen krachtens hun zending moeten verspreiden, en aldus hun
44 III, 7,98| predikers van het evangelie zijn moeten wij aan de gelovigen niet
|