Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
helemaal 3
helpen 7
helpt 4
hem 28
hemel 4
hemelen 2
hemelvaart 1
Frequency    [«  »]
31 wil
30 was
29 eerste
28 hem
28 patriarch
28 ten
28 wanneer
Ioannes Paulus PP. II
Ut Unum Sint

IntraText - Concordances

hem

   Chapter,Paragraph,Number
1 Inl, 0,4 | de Kerk toevertrouwt en hem heeft opgedragen om de broeders 2 Inl, 0,4 | versterken, dan heeft Hij hem tegelijkertijd zijn menselijke 3 I, 1,6 | leerlingen en voor allen die in Hem geloven, dat zij één mogen 4 I, 2,9 | zijn met de Zoon en, in Hem, delen in zijn gemeenschap 5 I, 2,10 | opvolger van Petrus en de met hem verenigde bisschoppen wordt 6 I, 2,13 | uit Christus, voert tot Hem en behoort rechtens tot 7 I, 5,21 | te bezoeken van hen, die Hem aanroepen: "Waar twee of 8 I, 5,23 | kunnen geloven, dat de Vader Hem gezonden had (vgl. Joh 17, 9 I, 5,26 | Eniggeboren Zoon, Één in wezen met Hem. En dan: "U hebt slechts 10 I, 5,26 | Christus en vertrouwen zij aan Hem de toekomst van hun eenheid 11 I, 8,34 | gezondigd hebben, maken we Hem tot leugenaar, en zijn woord 12 I, 8,35 | verticale dimensie, die hem op de Verlosser van de wereld 13 II, 1,42 | oecumenische inzet van degene die hem aan de dag legt, dikwijls 14 II, 7,52 | beleefde ik de vreugde om hem met oprechte genegenheid 15 II, 7,52 | oprechte genegenheid en met de hem toekomende plechtigheid 16 II, 7,54 | wereld geworden is. Aan hem danken niet alleen de grote 17 III, 1,79 | bisschoppen in gemeenschap met hem, begrepen als een verantwoordelijkheid 18 III, 3,82 | begeven in de handen van Hem die onze Voorspreker is 19 III, 5,91 | versterken, terwijl Hij hem tegelijkertijd herinnerde 20 III, 5,91 | Petrus als een manier om hem voor te bereiden op de taak 21 III, 5,91 | bereiden op de taak die Hij hem weldra zal geven in zijn 22 III, 5,91 | zeer veeleisend is jegens hem. Deze zelfde rol van Petrus, 23 III, 5,91 | berispt door Christus, die hem zegt: "Je bent een struikelblok 24 III, 5,93 | in staat kan stellen met Hem in gemeenschap te treden. ~ 25 III, 5,94 | mogen zij allen één stem in Hem laten horen en niet allerlei 26 III, 5,94 | van alle herders die met hem in gemeenschap zijn. Hij 27 III, 7,99 | is een belediging jegens Hem en gaat in tegen zijn plan 28 Aans, 0,102| tweedracht, maar beveelt hem van het altaar weg te gaan,


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License