Chapter,Paragraph,Number
1 I, 2,12 | Episcopaat, vieren de heilige Eucharistie en beoefenen de godsvrucht
2 I, 2,12 | door de viering van de eucharistie des Heren in deze afzonderlijke
3 I, 3,17(28)| Lima-document: Doopsel, eucharistie en ambt (januari 1982);
4 II, 1,42(71)| WERELDRAAD VAN KERKEN, Doopsel, eucharistie en ambt (januari 1982):
5 II, 3,45(76)| WERELDRAAD VAN KERKEN, Doopsel, eucharistie en ambt (januari 1982). ~
6 II, 3,45 | mogelijk, met elkaar de eucharistie te vieren. Toch hebben wij
7 II, 3,45 | gemeenschappelijk de ene Eucharistie van de Heer te vieren, en
8 II, 3,46 | gevallen de sacramenten van de eucharistie, van de biecht en van de
9 II, 6,50 | Door de viering van de eucharistie des Heren wordt dus in deze
10 II, 6,50 | het priesterschap en de eucharistie, waardoor zij met ons nog
11 II, 8,57 | het priesterschap en de eucharistie. Door deel te hebben aan
12 II, 8,58 | sacramenten, vooral aan de heilige eucharistie, uit het oog verliezen. ~
13 II, 9,59 | gemeenschappelijke viering van de heilige eucharistie haar volledige uitdrukking
14 II, 9,61 | hadden zich verzameld om de eucharistie te vieren, hart en voorbeeld
15 II, 11,69 | kwesties zoals de doop, de eucharistie, het gewijde ambt, de sacramentaliteit
16 II, 12,72 | zullen zijn om aan dezelfde eucharistie deel te nemen, en zij wensten
17 III, 1,77 | samen in vrede de heilige eucharistie van de Heer kunnen vieren.
18 III, 1,78 | teksten het doopsel, de eucharistie, het ambt en het gezag. ~
19 III, 1,78 | gemeenschappelijke viering van de eucharistie. ~Deze weg naar de noodzakelijke
20 III, 1,79 | het Woord van God; 2) de eucharistie als het sacrament van het
21 III, 6,97 | gemeenschap, waarvan de eucharistie de hoogste sacramentele
|