Chapter,Paragraph,Number
1 Inl, 0,1 | zaak van het Evangelie. ~Christus roept al zijn leerlingen
2 Inl, 0,1 | verklaarde ik dat degenen die in Christus geloven, verenigd als ze
3 Inl, 0,4 | zwakheid. Want ook wanneer Christus aan Petrus deze bijzondere
4 Inl, 0,4 | de volle gemeenschap van Christus’ leerlingen. ~De bisschop
5 Inl, 0,4 | vurigheid het gebed van Christus eigen maken om de bekering,
6 Inl, 0,4 | zij gevestigd is, is Jezus Christus, de Heer. ~
7 I, 1,5 | met alle leerlingen van Christus baseert de katholieke Kerk
8 I, 1,5 | alle mensen en dingen in Christus te verenigen, om zo, voor
9 I, 1,6 | worden van het Lichaam van Christus, een Lichaam waarin zich
10 I, 1,6 | strijd met de bedoeling van Christus; zij is ook een ergernis
11 I, 2,9 | Vader en met zijn Zoon Jezus Christus" (1Joh 1,3). Voor de katholieke
12 I, 2,9 | leven is. De woorden van Christus "dat zij één mogen zijn"
13 I, 2,9 | Dat is de betekenis van Christus’ gebed: "Ut unum sint". ~
14 I, 2,10 | verklaart dat de Kerk van Christus "zich bevindt in de katholieke
15 I, 2,10 | eigen gaven van de Kerk van Christus, naar de katholieke eenheid
16 I, 2,10 | zonder waarde. De Geest van Christus weigert immers niet ze te
17 I, 2,11 | structuur van de Kerk van Christus behoort, noch die gemeenschap
18 I, 2,11 | zijn, is de ene Kerk van Christus in hen werkzaam tegenwoordig.
19 I, 2,12 | de almachtige Vader en in Christus, Gods Zoon en Verlosser
20 I, 2,12 | het doopsel dat hen met Christus verbindt getekend zijn,
21 I, 2,12 | bij alle leerlingen van Christus het verlangen en de inspanning,
22 I, 2,12 | allen, naar de wijze die Christus bepaald heeft, in één kudde
23 I, 2,13 | zijn gerechtvaardigd in Christus ingelijfd. Zij voeren daarom
24 I, 2,13 | Dit alles komt voort uit Christus, voert tot Hem en behoort
25 I, 2,13 | rechtens tot de enige Kerk van Christus. Ook worden talrijke liturgische
26 I, 3,16 | haar pelgrimstocht door Christus opgeroepen (wordt) tot deze
27 I, 4,18 | Waarheid is. In het Lichaam van Christus, "de Weg en de Waarheid
28 I, 5,21 | christenen is een uitnodiging aan Christus zelf om de gemeenschap te
29 I, 5,22 | haar eenheid, die Jezus Christus is. Hij "is dezelfde, gisteren,
30 I, 5,22 | gemeenschap van het gebed is Christus waarlijk aanwezig; hij bidt "
31 I, 5,22 | diegenen die zich rondom Christus zelf aaneensluiten in gebed.
32 I, 5,22 | gemeenschappelijke gebed rondom Christus te verenigen, dan zal bij
33 I, 5,22 | ijveriger ten overstaan van Christus ontmoeten in het gebed,
34 I, 5,22 | gemeenschap van de Kerk, die Christus ondanks alle menselijke
35 I, 5,23 | verzamelen wij ons in de Naam van Christus, die Een is. Hij is onze
36 I, 5,24 | die de eenheid zoeken in Christus en in zijn Kerk. Met diepe
37 I, 5,24 | gemeenschappelijk leven in Christus".47 En hoe zou ik ooit kunnen
38 I, 5,24 | eenheid van allen die in Christus geloven te zoeken. ~
39 I, 5,26 | de Vader - Abba - door Christus zelf aangeroepen, de Eniggeboren
40 I, 5,26 | dimensie van broederschap in Christus, die stierf om de kinderen
41 I, 5,26 | met des te grotere hoop in Christus en vertrouwen zij aan Hem
42 I, 5,27 | de eenheid. Het gebed van Christus tot de Vader wordt aangeboden
43 I, 7,32 | hun trouw aan de wil van Christus met betrekking tot zijn
44 I, 8,33 | worden aan het gebed van Christus voor de eenheid . Er is
45 I, 8,34 | voorspreker bij de Vader, Jezus Christus de Gerechte; en Hij is de
46 I, 8,34 | in het reddende offer van Christus, ook de zonden tegen de
47 I, 8,35 | die innerlijke ruimte waar Christus, de bron van de eenheid
48 I, 9,36 | Geest de leerlingen van Christus leidt. Daarom moeten alle
49 I, 9,37 | ondoorgrondelijke rijkdom van Christus dieper te leren kennen en
50 I, 9,38 | onderrichten in het mysterie van Christus. Echte oecumene is een genadegave
51 I, 10,40 | het gelaat van de dienende Christus meer in het licht".67 Deze
52 I, 10,40 | is een manifestatie van Christus zelf. ~Bovendien is oecumenische
53 I, 10,40 | samenwerking kunnen allen die in Christus geloven gemakkelijk leren,
54 II, 1,41 | Waarheid te danken die door Christus de Heer beloofd is aan de
55 II, 1,41 | verdient. Uit de volheid van Christus ontvangen wij "genade op
56 II, 1,42 | besef dat wij allemaal aan Christus toebehoren verdiept zich.
57 II, 1,42 | die alle leerlingen van Christus omvat. Als het gebeurt dat
58 II, 2,43 | stelling nemen in de Naam van Christus inzake belangrijke problemen
59 II, 3,44 | van alle leerlingen van Christus. Wie zich herinnert hoezeer
60 II, 4,47 | wanneer wij de rijkdom van Christus en het handelen uit deugd
61 II, 4,47 | leven van anderen die voor Christus getuigenis afleggen, soms
62 II, 4,48 | afleggen voor God en voor Christus. Zo is er voor de hele oecumenische
63 II, 4,48 | Gemeenschappen die hun naam aan Christus de Gekruisigde en Opgestane,
64 II, 4,48 | doordringen in het Mysterie van Christus en zijn Kerk’. 80 De oecumenische
65 II, 5,49 | elementen zijn van de Kerk van Christus vormen zij naar hun aard
66 II, 7,53 | millennium na de geboorte van Christus ten einde loopt moeten zij
67 II, 8,56 | zoveel goeds voor de Kerk van Christus is. Deze inspanning vraagt
68 II, 8,57 | immers "zijn wij één in Christus Jezus" (vgl. Gal 3,28).
69 II, 9,61 | lof van de ene Vader, door Christus in de heilige Geest, uit
70 II, 10,62 | waarop we verenigd zijn in Christus ondanks historische, politieke,
71 II, 10,62 | gemeenschappelijke geloof in Jezus Christus, ware God en ware mens,
72 II, 10,62 | dat we het ene geloof in Christus hebben, ook al was dit lange
73 II, 10,62 | samen het ware geloof in Christus te belijden. 108 Ik wil
74 II, 11,65 | het geloof. Het gebed van Christus, onze ene Heer, Verlosser
75 II, 11,66 | en heilige Geest, Jezus Christus openlijk belijden als hun
76 II, 11,66 | ware tot hen spreekt in Christus, aangekondigd door de profeten
77 II, 11,66 | overwegen zij het leven van Christus en hetgeen onze goddelijke
78 II, 11,66 | het heilsinstituut zoals Christus zelf het gewild heeft, kortom
79 II, 11,67 | leven in de gemeenschap met Christus tot uitdrukking wordt gebracht
80 II, 11,68 | gevoed door hun geloof in Christus en gesterkt door de genade
81 II, 13,74 | vrucht van hun geloof in Christus (...) lof en dankzegging [
82 II, 13,75 | omdat het het gelaat van Christus onthult. ~De leerstellige
83 II, 13,75 | samenwerking kunnen allen die in Christus geloven gemakkelijk leren,
84 II, 13,76 | Geloven we niet in Jezus Christus, de Vredevorst? De christenen
85 III, 1,78 | gemeenschap van de ene Kerk die Christus wil, blijft geduldige en
86 III, 1,79 | het Lichaam en Bloed van Christus, geofferd tot lof van de
87 III, 1,79 | werkelijke aanwezigheid van Christus, heiligmakende uitstorting
88 III, 1,79 | uitgeoefend worden in de naam van Christus om het geloof te onderrichten
89 III, 1,79 | Moeder die voorspraak is voor Christus’ leerlingen en voor de hele
90 III, 3,82 | Voorspreker is bij de Vader, Jezus Christus. ~In deze houding van bekering
91 III, 3,82 | macht van de waarheid die Christus is, zullen we zeker de kracht
92 III, 3,82 | gesmeed worden voor God en in Christus Jezus. ~Alleen het zich
93 III, 3,82 | binnen te voeren waarin Christus, door de kracht van de Geest,
94 III, 3,83 | absolute toewijding aan Christus en aan de Vader bewaard
95 III, 3,84 | gemeenschap die mogelijk is met Christus die zijn Bloed vergoot,
96 III, 3,84 | in gemeenschap zijn met Christus in heerlijkheid. Deze heiligen
97 III, 3,84 | oprechte verlangen bestaat om Christus te volgen stort de Geest
98 III, 4,86 | verklaart dat de ene Kerk van Christus bestaat in de katholieke
99 III, 4,86 | de heilsmiddelen die door Christus aan zijn Kerk zijn toevertrouwd. ~
100 III, 5,88 | 27), zegt onze Heer Jezus Christus, het Hoofd van de Kerk.
101 III, 5,89(149)| TUSSEN DE LEERLINGEN VAN CHRISTUS EN DE KATHOLIEKE KERK, Rapport (
102 III, 5,90 | gebaseerd op de woorden van Christus zelf, zoals ze in de evangelie-tradities
103 III, 5,91 | Lucas maakt duidelijk dat Christus Petrus opdroeg zijn broeders
104 III, 5,91 | Korinthiërs de verrezen Christus verschijnt aan Kefas en
105 III, 5,91 | strengheid berispt door Christus, die hem zegt: "Je bent
106 III, 5,91 | reeds aangehaalde woord van Christus, waaraan de eerste overlevering
107 III, 5,93 | daad van barmhartigheid van Christus. Deze hele passage uit het
108 III, 5,93 | Kerk van God wordt door Christus opgeroepen om aan een wereld
109 III, 5,94 | Augustinus laat eerst zien dat Christus "de ene Herder" is, "in
110 III, 5,94 | herders de ware stem van Christus de Herder gehoord wordt
111 III, 5,94 | en zo in de eenheid van Christus zijn. ~Met de volmacht en
112 III, 5,94(152)| Constitutie over de Kerk van Christus Pastor Aeternus: DS 3074. ~
113 III, 5,95 | overeenkomstig de wil van Christus is, scheidt zij dit ambt
114 III, 5,95 | plaatsvervangers en gezanten van Christus"153 zijn. De bisschop van
115 III, 5,95 | woont, de brandende wens van Christus is. Ik ben ervan overtuigd
116 III, 5,95 | werkelijk aan de wil van Christus te gehoorzamen, geroepen
117 III, 5,96 | waarbij ons alleen de wil van Christus voor zijn Kerk voor ogen
118 III, 6,97 | bisschoppen hun eenheid in Christus herkennen en alle gelovigen
119 III, 6,97 | enige Hoofd, dat is Jezus Christus, zichtbaar aanwezig is in
120 III, 7,98 | gaat, dat het het werk van Christus zelf verzwakt".156 ~Hoe
121 III, 7,98 | beroepen ze zich allen op Christus, zullen zij dan in staat
122 III, 7,99 | gemeenschap die gelooft in Christus en die met evangelisch vuur
123 III, 7,99 | liefde die God in Jezus Christus heeft voor de hele mensheid;
124 III, 7,99 | mensen te verzamelen in Christus. Zoals paus Paulus VI schreef
125 Aans, 0,100 | overeenstemming met de wil van Christus. Deze wil werd met zulke
126 Aans, 0,100 | als Hij toen deed, roept Christus ook vandaag iedereen op
127 Aans, 0,101 | Kerk deze verplichting van Christus zelf heeft. 160 Dit is een
128 Aans, 0,101 | voortkomt uit de trouw aan Christus, de Herder van de Kerk.
129 Aans, 0,101 | tussen de volgelingen van Christus te doen groeien: "De hele
130 Aans, 0,102 | grondvormen van onze liefde voor Christus en voor de Vader die rijk
131 Aans, 0,103 | genade van de Heer Jezus Christus, de liefde van God en de
|