10. In de huidige
situatie van gebrek aan eenheid onder de christenen en van een trouwe zoektocht
naar volledige gemeenschap zijn de katholieke gelovigen zich ervan bewust zeer
ernstig te worden uitgedaagd door de Heer van de Kerk. Het Tweede Vaticaans
Concilie heeft hun engagement versterkt met een heldere visie op het wezen van
de Kerk, open voor alle kerkelijke waarden die aanwezig zijn onder andere
christenen. De katholieke gelovigen staan tegenover de oecumenische kwestie in
een geest van geloof.
Het Concilie verklaart dat de Kerk van
Christus "zich bevindt in de katholieke Kerk, die door de opvolger van
Petrus en de met hem verenigde bisschoppen wordt bestuurd", en
tegelijkertijd erkent het dat "ook buiten haar schoot meerdere
bestanddelen van heiliging en waarheid te vinden zijn die, als de eigen gaven
van de Kerk van Christus, naar de katholieke eenheid heenstuwen".11
"De afgescheiden Kerken en
gemeenschappen zijn dus, ook al hebben zij vanuit onze geloofsovertuiging
tekorten, in het heilsmysterie allerminst zonder betekenis en zonder waarde. De
Geest van Christus weigert immers niet ze te gebruiken als heilsmiddelen, die
hun kracht juist ontlenen aan de volheid van genade en waarheid, die aan de
katholieke Kerk is toevertrouwd".12
|