Chapter, Paragraph, Number
1 Intro, 0,2| te markeren, maar ook om er de diepere betekenis van
2 Intro, 0,4| tijd van louter rust of er op uit gaan. Dienaangaande
3 Intro, 0,7| voor Christus, opdat Hij er licht en richting aan kan
4 I, 2,9 | dramatische tegenstelling die er bestaat tussen de grootsheid
5 I, 2,12 | plan van de Schepper is er een onderscheid maar ook
6 I, 2,12 | vogels in de lucht en met wat er kruipt op de grond. Boog
7 I, 3,13 | niet het risico te lopen er bij dit voorschrift de kantjes
8 I, 3,14 | een bijzondere zegen en er 'zijn dag' bij uitstek van
9 I, 4,16 | aarde, de zee met al wat er in is gemaakt. Maar de zevende
10 I, 4,17 | van de Heer en neemt hij er intensief aan deel. Hij
11 II, 4,24 | de bijzondere relatie die er bestaat tussen de verrijzenis
12 II, 4,24 | dergelijke verbinding zette er toe aan de verrijzenis op
13 II, 8,29 | paaskarakter van de zondag door er de dag van te maken waarop
14 III, 4,36 | plaats van eenheid: men viert er daadwerkelijk het sacramentum
15 III, 4,36 | des Levens.50 Het is goed er in dit verband op te wijzen,
16 III, 4,36 | hun geestelijke wegen die er een legitiem kenmerk van
17 III, 4,36 | bijzonder met de vruchten die er voor de hele christengemeenschap
18 III, 7,40 | daadwerkelijke vooruitgang er onder het volk Gods is wat
19 III, 7,40 | aan die liturgie deelnemen er meer van doordrongen raken.
20 III, 7,40 | meer van doordrongen raken. Er zijn natuurlijk heel wat
21 III, 8,43 | eucharistische viering en maakt er een blij gebeuren vol dankbaarheid
22 III, 9,44 | bedoeling dat de gelovigen er deel aan zouden hebben,
23 III, 9,44 | van belang dat men zich er goed van bewust is dat de
24 III, 1,46 | gehoor gevonden. En ook al is er wel eens in een bepaalde
25 III, 1,46 | strengste verboden waren, waren er talrijke moedige christenen
26 III, 1,47 | zij het niet nodig geacht er direct een voorschrift van
27 III, 1,48 | 48. Tegenwoordig zijn er opnieuw, net als in de heldhaftige
28 III, 1,48 | De gelovige moet, als hij er niet onderdoor wil gaan,
29 III, 1,49 | zielenherders wijzen de gelovigen er voorts op dat zij, als ze '
30 III, 3,51 | Hem op aan God. Al moet er onderscheid blijven wat
31 III, 3,51 | handeling",94 zij putten er licht en kracht uit om het
32 III, 4,52 | de stilte. Waarom zouden er indien mogelijk ook in het
33 III, 4,52 | Heer. Voor het overige zijn er naast allerlei moeilijkheden
34 III, 5,53 | Blijft het probleem, dat er parochies zijn die zich
35 III, 5,53 | het onmogelijk maakt dat er een priester in elke parochiegemeenschap
36 IV, 1,58 | 58. Niettemin bestaat er geen enkele tegenstelling
37 IV, 2,61 | werk verrichtte, dat Hij er rust kon vinden. Hij maakte
|