Chapter, Paragraph, Number
1 Intro, 0,2| iedere generatie laten zien wat de spil van de geschiedenis
2 Intro, 0,5| kerken die laten zien met wat voor geestdrift de zondagsviering,
3 I, 1,8 | geworden" (1,3). Dat is ook wat Paulus onderstreept, wanneer
4 I, 1,8 | de weg heeft geopend tot wat Hij zelf zal voleinden op
5 I, 2,10 | door de aarde met alles wat zij in zich bevat aan zich
6 I, 2,11 | van de schoonheid van dat wat voltooid is; een blik die
7 I, 2,11 | leggen, kan waarnemen. Dat is wat Hij meer en meer zal verwezenlijken
8 I, 2,12 | vogels in de lucht en met wat er kruipt op de grond. Boog
9 I, 4,16 | de aarde, de zee met al wat er in is gemaakt. Maar de
10 I, 4,16 | doen, wijst het op iets, wat men moet gedenken. Het spoort
11 I, 4,17 | toen Hij zag dat alles wat Hij gemaakt had "heel goed"
12 I, 5,18 | voleinding van de wereld. Wat God in de schepping bewerkstelligd
13 I, 5,18 | bewerkstelligd heeft en wat Hij voor zijn volk bij de
14 II, 3,23 | Heren waarnemen. In heel wat christelijke streken worden
15 III, 4,36 | de gelegenheid te ervaren wat zij in grote mate gemeen
16 III, 7,40 | er onder het volk Gods is wat betreft de kennis van en
17 III, 7,40 | Er zijn natuurlijk heel wat zaken toevertrouwd aan de
18 III, 7,41 | ons doet weerklinken, dat wat wij horen, ons hele leven
19 III, 9,44 | van God betoont met alles wat zich in de viering voltrekt,
20 III, 0,45 | tot wie de betekenis van wat hij gedaan heeft doorgedrongen
21 III, 0,45 | krijt staan vanwege dat wat hij tijdens de viering ontvangen
22 III, 1,46 | want dat is uw lof aan God. Wat voor excuus zouden trouwens
23 III, 1,48 | heldhaftige beginperiode, in heel wat streken van de wereld moeilijke
24 III, 1,49 | met de eerste vespers.88 Wat soms als gevolg daarvan
25 III, 3,51 | moet er onderscheid blijven wat ieders rol betreft: zowel
26 III, 4,52 | zondagsheiliging' is misschien in heel wat milieus wat moeilijk geworden.
27 III, 4,52 | misschien in heel wat milieus wat moeilijk geworden. De kerk
28 III, 4,52 | kinderen helpen dat te doen wat volmaakter is en aangenamer
29 III, 4,52 | de Geest ziet men in heel wat kerkelijke kringen een nieuw
30 IV, 2,63 | brengen. Hij heeft heel wat genezingen op de sabbat (
|