1-500 | 501-1000 | 1001-1500 | 1501-1748
Chapter, Paragraph, Number
1001 III, 4,35 | houden met de viering in de parochiekerk, met name opdat "
1002 III, 4,35 | parochiekerk, met name opdat "de zin voor de kerkelijke gemeenschap,
1003 III, 4,35 | name opdat "de zin voor de kerkelijke gemeenschap,
1004 III, 4,35 | tot uitdrukking komt in de gemeenschappelijke viering
1005 III, 4,35 | gemeenschappelijke viering van de zondagsmis, ontwikkeld wordt
1006 III, 4,35 | ontwikkeld wordt zowel in de viering rondom de bisschop,
1007 III, 4,35 | zowel in de viering rondom de bisschop, vooral in de kathedraal,
1008 III, 4,35 | rondom de bisschop, vooral in de kathedraal, als bij de samenkomst
1009 III, 4,35 | in de kathedraal, als bij de samenkomst in de parochie,
1010 III, 4,35 | als bij de samenkomst in de parochie, waar de pastoor
1011 III, 4,35 | samenkomst in de parochie, waar de pastoor de vertegenwoordiger
1012 III, 4,35 | parochie, waar de pastoor de vertegenwoordiger is van
1013 III, 4,35 | vertegenwoordiger is van de bisschop".48~ ~
1014 III, 4,36 | 36. De zondagsbijeenkomst is een
1015 III, 4,36 | unitatis, het sacrament van de eenheid, dat op diepgaande
1016 III, 4,36 | dat op diepgaande wijze de kerk kenmerkt, het volk
1017 III, 4,36 | bijeengebracht "door" en "in" de eenheid van de Vader, de
1018 III, 4,36 | en "in" de eenheid van de Vader, de Zoon en de heilige
1019 III, 4,36 | de eenheid van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.
1020 III, 4,36 | van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.49 Daarin
1021 III, 4,36 | Geest.49 Daarin beleven de katholieke gezinnen een
1022 III, 4,36 | katholieke gezinnen een van de beste uitingen van hun identiteit
1023 III, 4,36 | als "huiskerken", wanneer de ouders met hun kinderen
1024 III, 4,36 | kinderen deelhebben aan de ene tafel van het Woord
1025 III, 4,36 | op te wijzen, dat het in de eerste plaats de taak van
1026 III, 4,36 | het in de eerste plaats de taak van de ouders is hun
1027 III, 4,36 | eerste plaats de taak van de ouders is hun kinderen te
1028 III, 4,36 | leren deel te nemen aan de zondagsmis. De ouders worden
1029 III, 4,36 | nemen aan de zondagsmis. De ouders worden daarbij geholpen
1030 III, 4,36 | zich erop moeten toeleggen de inleiding op de mis in te
1031 III, 4,36 | toeleggen de inleiding op de mis in te passen in het
1032 III, 4,36 | in het vormingsplan van de kinderen die aan hun zorg
1033 III, 4,36 | zijn toevertrouwd, door hun de zwaarwegende redenen voor
1034 III, 4,36 | voorschrift aan te reiken. Wanneer de omstandigheden daar aanleiding
1035 III, 4,36 | aanleiding toe geven, zal de viering van de mis voor
1036 III, 4,36 | geven, zal de viering van de mis voor kinderen bijdragen
1037 III, 4,36 | daarbij rekening houdend met de verschillende mogelijkheden
1038 III, 4,36 | mogelijkheden waarin door de liturgische voorschriften
1039 III, 4,36 | religieuze gemeenschappen die in de parochie gevestigd zijn,
1040 III, 4,36 | parochie gevestigd zijn, in de zondagsmis van de parochie,
1041 III, 4,36 | zijn, in de zondagsmis van de parochie, als "eucharistische
1042 III, 4,36 | aanwezig zijn. Dat geeft hun de gelegenheid te ervaren wat
1043 III, 4,36 | mate gemeen hebben, naast de eigenheden van hun geestelijke
1044 III, 4,36 | gehoorzaamheid aan het oordeel van de kerkelijke overheid.53 Daarom
1045 III, 4,36 | missen voor kleine groepen op de zondag, de dag van de samenkomst,
1046 III, 4,36 | kleine groepen op de zondag, de dag van de samenkomst, niet
1047 III, 4,36 | op de zondag, de dag van de samenkomst, niet aangemoedigd
1048 III, 4,36 | worden: niet alleen om dat de parochiebijeenkomsten van
1049 III, 4,36 | parochiebijeenkomsten van hun bedienaar, de priester, beroofd zouden
1050 III, 4,36 | het leven en eenheid van de kerkelijke gemeenschap beschermd
1051 III, 4,36 | aan het wijze oordeel van de herders van de particuliere
1052 III, 4,36 | oordeel van de herders van de particuliere kerken toe
1053 III, 4,36 | richtlijn met het oog op de specifieke eisen van vorming
1054 III, 4,36 | en in het bijzonder met de vruchten die er voor de
1055 III, 4,36 | de vruchten die er voor de hele christengemeenschap
1056 III, 5,37 | In het perspectief van de tocht van de kerk in de
1057 III, 5,37 | perspectief van de tocht van de kerk in de loop der tijden
1058 III, 5,37 | de tocht van de kerk in de loop der tijden zijn de
1059 III, 5,37 | de loop der tijden zijn de herinnering aan de verrijzenis
1060 III, 5,37 | zijn de herinnering aan de verrijzenis van Christus
1061 III, 5,37 | eschatologische dimensie heeft. De kerk is inderdaad van zondag
1062 III, 5,37 | naar zondag onderweg naar de laatste "dag des Heren",
1063 III, 5,37 | laatste "dag des Heren", de eeuwige zondag. In feite
1064 III, 5,37 | eeuwige zondag. In feite is de verwachting van de komst
1065 III, 5,37 | feite is de verwachting van de komst van de Heer een onlosmakelijk
1066 III, 5,37 | verwachting van de komst van de Heer een onlosmakelijk deel
1067 III, 5,37 | van het echte mysterie van de kerk,55 en dit komt tot
1068 III, 5,37 | elke eucharistieviering. De dag des Heren echter met
1069 III, 5,37 | dag des Heren echter met de specifieke gedachtenis die
1070 III, 5,37 | gedachtenis die men dan houdt van de glorie van de verrezen Christus,
1071 III, 5,37 | houdt van de glorie van de verrezen Christus, verwijst
1072 III, 5,37 | en met meer kracht naar de glorie van zijn toekomstige '
1073 III, 5,37 | wederkomst'. Dat maakt van de zondag de dag waarop de
1074 III, 5,37 | Dat maakt van de zondag de dag waarop de kerk, door
1075 III, 5,37 | de zondag de dag waarop de kerk, door duidelijk haar '
1076 III, 5,37 | tonen, in zekere zin op de eschatologische werkelijkheid
1077 III, 5,37 | vooruitloopt. Door haar kinderen in de eucharistische samenkomst
1078 III, 5,37 | brengen en door hen te leren de "goddelijke Bruidegom" te
1079 III, 5,37 | Bruidegom" te verwachten, doet de kerk een soort "oefening
1080 III, 5,37 | 56 waarin zij al vooraf de vreugde van de nieuwe hemel
1081 III, 5,37 | al vooraf de vreugde van de nieuwe hemel en de nieuwe
1082 III, 5,37 | vreugde van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde kent, wanneer
1083 III, 5,37 | nieuwe aarde kent, wanneer de heilige stad, het nieuwe
1084 III, 5,37 | het nieuwe Jeruzalem uit de hemel, van bij God zal neerdalen, "
1085 III, 6 | Dag van de hoop~
1086 III, 6,38 | deze invalshoek, vanuit de idee, dat de zondag inderdaad
1087 III, 6,38 | invalshoek, vanuit de idee, dat de zondag inderdaad de dag
1088 III, 6,38 | dat de zondag inderdaad de dag van het geloof is, is
1089 III, 6,38 | is, is deze niet minder de dag van de christelijke
1090 III, 6,38 | deze niet minder de dag van de christelijke hoop. De deelname
1091 III, 6,38 | van de christelijke hoop. De deelname aan de 'maaltijd
1092 III, 6,38 | christelijke hoop. De deelname aan de 'maaltijd des Heren' is
1093 III, 6,38 | feestmaal bij gelegenheid van de "bruiloft van het Lam" (
1094 III, 6,38 | het Lam" (Apk 19,9). Door de gedachtenis van de verrezen
1095 III, 6,38 | Door de gedachtenis van de verrezen en ten hemel opgestegen
1096 III, 6,38 | zich "hoopvol wachtend op de komst van Jezus Messias,
1097 III, 6,38 | Jezus Messias, uw Zoon".57 De christelijke hoop wordt,
1098 III, 6,38 | universele' gebed niet alleen de zorgen van de christelijke
1099 III, 6,38 | niet alleen de zorgen van de christelijke gemeenschap
1100 III, 6,38 | samengevoegd, maar die van geheel de mensheid. De kerk die voor
1101 III, 6,38 | van geheel de mensheid. De kerk die voor het vieren
1102 III, 6,38 | die voor het vieren van de eucharistie bijeen is, getuigt
1103 III, 6,38 | bijeen is, getuigt tegenover de wereld, dat zij "vreugde
1104 III, 6,38 | hoop, verdriet en angst van de mensen van vandaag, vooral
1105 III, 6,38 | van vandaag, vooral van de armen en van hen die hoe
1106 III, 6,38 | die hoe ook lijden"58 tot de hare maakt. Door de eucharistische
1107 III, 6,38 | tot de hare maakt. Door de eucharistische offerande
1108 III, 6,38 | offerande op zondag bekroont de kerk het getuigenis van
1109 III, 6,38 | moeite doen om elke dag van de week door de verkondiging
1110 III, 6,38 | elke dag van de week door de verkondiging van het evangelie
1111 III, 6,38 | evangelie en het beoefenen van de deugd van liefde offers
1112 III, 6,38 | te brengen. Daardoor laat de kerk op de meest overtuigende
1113 III, 6,38 | Daardoor laat de kerk op de meest overtuigende wijze
1114 III, 6,38 | teken en het instrument, van de innige vereniging met God
1115 III, 6,38 | vereniging met God en van de eenheid van heel het menselijk
1116 III, 7 | De tafel van het Woord~
1117 III, 7,39 | 39. Bij de zondagse samenkomst heeft,
1118 III, 7,39 | eucharistieviering overigens, de ontmoeting met de Verrezene
1119 III, 7,39 | overigens, de ontmoeting met de Verrezene plaats door het
1120 III, 7,39 | door het deelhebben aan de tafel van het Woord en aan
1121 III, 7,39 | tafel van het Woord en aan de tafel van het Brood des
1122 III, 7,39 | van het Brood des Levens. De eerste blijft voortdurend
1123 III, 7,39 | voortdurend inzicht verschaffen in de heilsgeschiedenis en met
1124 III, 7,39 | aanwezig in zijn Woord "wanneer de heilige schriften in de
1125 III, 7,39 | de heilige schriften in de kerk gelezen worden".60
1126 III, 7,39 | kerk gelezen worden".60 Aan de tweede tafel wordt de werkelijke,
1127 III, 7,39 | Aan de tweede tafel wordt de werkelijke, substantiële
1128 III, 7,39 | duurzame aanwezigheid van de verrezen Heer voltrokken
1129 III, 7,39 | verrezen Heer voltrokken door de gedachtenis van zijn lijden,
1130 III, 7,39 | dat het onderpand is van de heerlijkheid die zal komen,
1131 III, 7,39 | heeft erop gewezen, dat "de liturgie van het woord en
1132 III, 7,39 | liturgie van het woord en de eucharistische liturgie
1133 III, 7,39 | benadrukte eveneens: "Om de tafel van het woord van
1134 III, 7,39 | van het woord van God voor de gelovigen rijker aan te
1135 III, 7,39 | rijker aan te richten moeten de schatkamers van de bijbel
1136 III, 7,39 | moeten de schatkamers van de bijbel in ruimere mate worden
1137 III, 7,39 | voorts sterk aanbevolen, dat de homilie op zondagen en verplichte
1138 III, 7,39 | zijn trouw toegepast bij de liturgische hervormingen,
1139 III, 7,39 | is zo geregeld, dat bij de gelovigen de 'honger naar
1140 III, 7,39 | geregeld, dat bij de gelovigen de 'honger naar het woord van
1141 III, 7,39 | het Nieuwe Verbond, onder de leiding van de heilige Geest,
1142 III, 7,39 | Verbond, onder de leiding van de heilige Geest, dichter tot
1143 III, 7,39 | heilige Geest, dichter tot de volmaakte eenheid van de
1144 III, 7,39 | de volmaakte eenheid van de kerk wordt gebracht."64~ ~
1145 III, 7,40 | gedachten laten gaan over de zondagse eucharistie, moeten
1146 III, 7,40 | volk Gods is wat betreft de kennis van en liefde tot
1147 III, 7,40 | kennis van en liefde tot de heilige Schrift.65 Beide
1148 III, 7,40 | Beide aspecten, die van de viering en de doorleefde
1149 III, 7,40 | aspecten, die van de viering en de doorleefde ervaring, hangen
1150 III, 7,40 | elkaar samen. Enerzijds moet de door het Concilie geboden
1151 III, 7,40 | mogelijkheid het woord van God in de taal van de aanwezige gemeenschap
1152 III, 7,40 | woord van God in de taal van de aanwezige gemeenschap te
1153 III, 7,40 | oplegt, namelijk om "ook in de wijze van lezen of zingen
1154 III, 7,40 | bijzondere karakter van de gewijde tekst"66 te doen
1155 III, 7,40 | dat het luisteren naar de verkondiging van het woord
1156 III, 7,40 | van het woord van God in de geest van de gelovigen goed
1157 III, 7,40 | van God in de geest van de gelovigen goed is voorbereid
1158 III, 7,40 | een aangepaste kennis van de Schrift en, indien dat pastoraal
1159 III, 7,40 | initiatieven ter verdieping van de bijbelse teksten, in het
1160 III, 7,40 | in het bijzonder die van de hoogtijdagen. Als de lezing
1161 III, 7,40 | van de hoogtijdagen. Als de lezing van de gewijde teksten,
1162 III, 7,40 | hoogtijdagen. Als de lezing van de gewijde teksten, in een
1163 III, 7,40 | van gebed en getrouw aan de kerkelijke interpretatie,
1164 III, 7,40 | van gewoonte het leven van de gelovige personen en gezinnen
1165 III, 7,40 | verwachten zijn, dat alleen de liturgische verkondiging
1166 III, 7,40 | verkondiging van het Woord de verhoopte vruchten zal opleveren.
1167 III, 7,40 | Het is dus op zijn plaats de initiatieven toe te juichen
1168 III, 7,40 | toe te juichen waardoor de parochiegemeenschappen,
1169 III, 7,40 | inbegrip van allen die aan de eucharistie deelnemen
1170 III, 7,40 | misdienaars, gelovigen68 al in de loop van de week de zondagsvieringen
1171 III, 7,40 | gelovigen68 al in de loop van de week de zondagsvieringen
1172 III, 7,40 | al in de loop van de week de zondagsvieringen voorbereiden
1173 III, 7,40 | worden, is dat niet alleen de homilie maar de hele viering,
1174 III, 7,40 | niet alleen de homilie maar de hele viering, gebed, luisteren,
1175 III, 7,40 | wijze uitdrukking is van de boodschap van de zondagsliturgie.
1176 III, 7,40 | is van de boodschap van de zondagsliturgie. Dan kunnen
1177 III, 7,40 | wat zaken toevertrouwd aan de bedienaars van het Woord.
1178 III, 7,40 | van het Woord. Zij hebben de plicht de uitleg van het
1179 III, 7,40 | Woord. Zij hebben de plicht de uitleg van het Woord van
1180 III, 7,40 | uitleg van het Woord van de Heer met zorg voor te bereiden
1181 III, 7,40 | door het bestuderen van de gewijde tekst en door gebed.
1182 III, 7,40 | gebed. Daarbij dienen zij de inhoud getrouw weer te geven
1183 III, 7,40 | en deze te vertalen naar de huidige tijd, afgestemd
1184 III, 7,40 | huidige tijd, afgestemd op de vragen en het leven van
1185 III, 7,40 | vragen en het leven van de mensen van nu.~ ~
1186 III, 7,41 | overigens niet vergeten, dat de liturgische verkondiging
1187 III, 7,41 | met name in het kader van de eucharistische samenkomst,
1188 III, 7,41 | overweging of catechese is, dan de dialoog van God met zijn
1189 III, 7,41 | In deze dialoog worden de wonderen van het heil verkondigd
1190 III, 7,41 | van het heil verkondigd en de eisen van het Verbond telkens
1191 III, 7,41 | een blijvende 'bekering'. De zondagse samenkomst verbindt
1192 III, 7,41 | innerlijke vernieuwing van de doopbeloften die op een
1193 III, 7,41 | in het credo vervat zijn. De liturgie voorziet uitdrukkelijk
1194 III, 7,41 | deze vernieuwing tijdens de paaswake en wanneer het
1195 III, 7,41 | wordt toegediend tijdens de mis. In dat kader krijgt
1196 III, 7,41 | mis. In dat kader krijgt de verkondiging van het Woord
1197 III, 7,41 | verkondiging van het Woord tijdens de zondagse eucharistieviering
1198 III, 7,41 | zondagse eucharistieviering de plechtige klank die het
1199 III, 7,41 | Testament al voorzag voor de tijd van vernieuwing van
1200 III, 7,41 | het Verbond, wanneer men de Wet verkondigde en de gemeenschap
1201 III, 7,41 | men de Wet verkondigde en de gemeenschap van Israël,
1202 III, 7,41 | Israël, net als het volk in de woestijn aan de voet van
1203 III, 7,41 | volk in de woestijn aan de voet van de Sinaï (vgl.
1204 III, 7,41 | woestijn aan de voet van de Sinaï (vgl. Ex 19,7-8;24,
1205 III, 7,41 | vgl. 2Kor 1,20-22) en dat de heilige Geest op zodanige
1206 III, 8 | De tafel van het Lichaam van
1207 III, 8,42 | 42. De tafel van het Woord gaat
1208 III, 8,42 | natuurlijke wijze over in de tafel van het eucharistisch
1209 III, 8,42 | eucharistisch brood. Deze bereidt de gemeenschap erop voor de
1210 III, 8,42 | de gemeenschap erop voor de veelvuldige aspecten ervan
1211 III, 8,42 | beleven, aspecten die in de zondagse eucharistie een
1212 III, 8,42 | plechtig karakter krijgen. Door de feestelijke stijl van de
1213 III, 8,42 | de feestelijke stijl van de bijeenkomst van de hele
1214 III, 8,42 | stijl van de bijeenkomst van de hele gemeenschap op de '
1215 III, 8,42 | van de hele gemeenschap op de 'dag van de Heer' komt de
1216 III, 8,42 | gemeenschap op de 'dag van de Heer' komt de eucharistie
1217 III, 8,42 | de 'dag van de Heer' komt de eucharistie op een zichtbaarder
1218 III, 8,42 | andere dagen naar voren als de grote 'dankzegging' waardoor
1219 III, 8,42 | grote 'dankzegging' waardoor de kerk zich, bezield door
1220 III, 8,42 | kerk zich, bezield door de heilige Geest wendt tot
1221 III, 8,42 | heilige Geest wendt tot de Vader en zich in vereniging
1222 III, 8,42 | vereniging met Christus tot de stem van heel de mensheid
1223 III, 8,42 | Christus tot de stem van heel de mensheid maakt. Het wekelijkse
1224 III, 8,42 | dankbaarheid terug te kijken op de gebeurtenissen van de vorige
1225 III, 8,42 | op de gebeurtenissen van de vorige dagen en deze te
1226 III, 8,42 | Christus, met Hem en in Hem, in de eenheid van de heilige Geest".
1227 III, 8,42 | in Hem, in de eenheid van de heilige Geest". De christelijke
1228 III, 8,42 | eenheid van de heilige Geest". De christelijke gemeenschap
1229 III, 8,42 | en dat ze in Hem, die na de staat van dienaar aangenomen
1230 III, 8,42 | opgedragen te worden aan God de Vader, aan Wie alles zijn
1231 III, 8,42 | zich met zijn 'amen' bij de eucharistische doxologie
1232 III, 8,42 | koningschap zal overdragen aan God de Vader opdat God zij alles
1233 III, 8,43 | dankbaarheid en hoop. In de zondagsmis echter komt deze
1234 III, 8,43 | duidelijker naar voren in de bijzondere band met de herdenking
1235 III, 8,43 | in de bijzondere band met de herdenking van de verrijzenis.
1236 III, 8,43 | band met de herdenking van de verrijzenis. Anderzijds
1237 III, 8,43 | verrijzenis. Anderzijds is de 'eucharistische' blijdschap
1238 III, 8,43 | onze harten te verheffen', de vrucht van een 'afdalende
1239 III, 8,43 | in het offerkarakter van de eucharistie, hoogste uitdrukking
1240 III, 8,43 | uitdrukking en viering van de kénosis, dat wil zeggen
1241 III, 8,43 | vernederd, gehoorzaam werd tot de dood, tot de dood aan een
1242 III, 8,43 | gehoorzaam werd tot de dood, tot de dood aan een kruis" (Fil
1243 III, 8,43 | aan een kruis" (Fil 2,8). De mis is werkelijk de levende
1244 III, 8,43 | 8). De mis is werkelijk de levende tegenwoordigstelling
1245 III, 8,43 | van het kruisoffer. Onder de gedaanten van brood en wijn,
1246 III, 8,43 | brood en wijn, waarover de uitstorting van de heilige
1247 III, 8,43 | waarover de uitstorting van de heilige Geest is afgesmeekt,
1248 III, 8,43 | werkelijk unieke werkzaamheid in de woorden van de consecratie
1249 III, 8,43 | werkzaamheid in de woorden van de consecratie aan de Vader
1250 III, 8,43 | woorden van de consecratie aan de Vader door dezelfde offerhandeling
1251 III, 8,43 | goddelijk offer dat tijdens de mis voltrokken wordt, is
1252 III, 8,43 | verenigt zijn offer met dat van de kerk: "In de eucharistie
1253 III, 8,43 | met dat van de kerk: "In de eucharistie wordt het offer
1254 III, 8,43 | Christus ook het offer van de ledematen van zijn lichaam.
1255 III, 8,43 | zijn lichaam. Het leven van de gelovigen, hun lofprijzing,
1256 III, 8,43 | waarde."71 Deze deelname van de totale gemeenschap komt
1257 III, 8,43 | duidelijk naar voren in de zondagse samenkomst die
1258 III, 8,43 | samenkomst die het mogelijk maakt de voorbije week met heel de
1259 III, 8,43 | de voorbije week met heel de menselijke last die deze
1260 III, 9,44 | paasmaalkarakter dat eigen is aan de mis, waarin Christus zichzelf
1261 III, 9,44 | Christus heeft dit offer aan de kerk toevertrouwd met de
1262 III, 9,44 | de kerk toevertrouwd met de bedoeling dat de gelovigen
1263 III, 9,44 | toevertrouwd met de bedoeling dat de gelovigen er deel aan zouden
1264 III, 9,44 | geestelijk, door het geloof en de liefde, als sacramenteel
1265 III, 9,44 | liefde, als sacramenteel door de maaltijd van de heilige
1266 III, 9,44 | sacramenteel door de maaltijd van de heilige communie. De deelname
1267 III, 9,44 | van de heilige communie. De deelname nu aan de maaltijd
1268 III, 9,44 | communie. De deelname nu aan de maaltijd des Heren is altijd
1269 III, 9,44 | zich voor ons als offer aan de Vader aanbiedt."72 Daarom
1270 III, 9,44 | aanbiedt."72 Daarom beveelt de kerk de gelovigen aan, wanneer
1271 III, 9,44 | 72 Daarom beveelt de kerk de gelovigen aan, wanneer zij
1272 III, 9,44 | gelovigen aan, wanneer zij aan de eucharistie deelnemen, te
1273 III, 9,44 | communie te gaan, mits zij in de gewenste gesteldheid verkeren
1274 III, 9,44 | ontvangen in het sacrament van de verzoening,73 in de geest
1275 III, 9,44 | van de verzoening,73 in de geest van de heilige Paulus
1276 III, 9,44 | verzoening,73 in de geest van de heilige Paulus in zijn vermaan
1277 III, 9,44 | Paulus in zijn vermaan aan de gemeenschap van Korinte (
1278 III, 9,44 | Korinte (vgl. 1Kor 11,27-32). De uitnodiging voor de eucharistische
1279 III, 9,44 | 32). De uitnodiging voor de eucharistische communie
1280 III, 9,44 | natuurlijk bij gelegenheid van de mis op zon- en feestdagen
1281 III, 9,44 | er goed van bewust is dat de communio met Christus diepgaand
1282 III, 9,44 | diepgaand verbonden is met de broederlijke communio. De
1283 III, 9,44 | de broederlijke communio. De eucharistische zondagssamenkomst
1284 III, 9,44 | gebeurtenis. Dat moet, zonder de eigen stijl van de liturgische
1285 III, 9,44 | zonder de eigen stijl van de liturgische handeling geweld
1286 III, 9,44 | handeling geweld aan te doen, in de viering duidelijk naar voren
1287 III, 9,44 | duidelijk naar voren komen. De begroeting bij de openingsritus
1288 III, 9,44 | komen. De begroeting bij de openingsritus en de toon
1289 III, 9,44 | bij de openingsritus en de toon van het gebed dat ingaat
1290 III, 9,44 | het gebed dat ingaat op de behoeften van de gehele
1291 III, 9,44 | ingaat op de behoeften van de gehele gemeenschap, leveren
1292 III, 9,44 | leveren daaraan een bijdrage. De uitwisseling van het teken
1293 III, 9,44 | het teken van vrede, in de Romeinse liturgie veelzeggend
1294 III, 9,44 | liturgie veelzeggend voor de eucharistische communie
1295 III, 9,44 | buitengewoon sterk gebaar. De gelovigen worden hiertoe
1296 III, 9,44 | uitdrukking te geven aan de instemming die het volk
1297 III, 9,44 | betoont met alles wat zich in de viering voltrekt,74 en aan
1298 III, 0,45 | van het Levensbrood kwamen de leerlingen van Christus
1299 III, 0,45 | leerlingen van Christus in de juiste gesteldheid om, met
1300 III, 0,45 | juiste gesteldheid om, met de kracht van de Verrezene
1301 III, 0,45 | gesteldheid om, met de kracht van de Verrezene en van diens Geest,
1302 III, 0,45 | Verrezene en van diens Geest, de taken die hun in hun gewone
1303 III, 0,45 | wachtten, aan te pakken. De gelovige tot wie de betekenis
1304 III, 0,45 | pakken. De gelovige tot wie de betekenis van wat hij gedaan
1305 III, 0,45 | doorgedrongen is, kan inderdaad de volledige betekenis van
1306 III, 0,45 | volledige betekenis van de eucharistieviering niet
1307 III, 0,45 | niet laten ophouden bij de kerkdeur. De christenen
1308 III, 0,45 | ophouden bij de kerkdeur. De christenen die elke zondag
1309 III, 0,45 | bijeengeroepen worden om de aanwezigheid van de Verrezene
1310 III, 0,45 | worden om de aanwezigheid van de Verrezene te beleven en
1311 III, 0,45 | verkondigen, zijn, zoals de eerste getuigen van de verrijzenis,
1312 III, 0,45 | zoals de eerste getuigen van de verrijzenis, geroepen in
1313 III, 0,45 | zin moeten het gebed na de communie, de slotriten,
1314 III, 0,45 | het gebed na de communie, de slotriten, de zegening en
1315 III, 0,45 | communie, de slotriten, de zegening en wegzending van
1316 III, 0,45 | zegening en wegzending van de gelovigen herontdekt en
1317 III, 0,45 | worden, opdat degenen die aan de eucharistie hebben deelgenomen
1318 III, 0,45 | hebben deelgenomen dieper de verantwoordelijkheid voelen
1319 III, 0,45 | toevertrouwd. Na het uiteengaan van de verzamelde schare keert
1320 III, 0,45 | verzamelde schare keert de leerling van Christus in
1321 III, 0,45 | gewone leefomgeving terug met de plicht van heel zijn leven
1322 III, 0,45 | vanwege dat wat hij tijdens de viering ontvangen heeft,
1323 III, 0,45 | ontvangen heeft, precies zoals de leerlingen uit Emmaus die
1324 III, 0,45 | leerlingen uit Emmaus die de verrezen Christus herkenden
1325 III, 0,45 | 24,30-32) en onmiddellijk de behoefte voelden hun vreugde
1326 III, 0,45 | behoefte voelden hun vreugde om de ontmoeting met de Heer te
1327 III, 0,45 | vreugde om de ontmoeting met de Heer te gaan delen met hun
1328 III, 1 | De zondagsplicht~
1329 III, 1,46 | 46. Daar de eucharistie werkelijk het
1330 III, 1,46 | eucharistie werkelijk het hart van de zondag is, begrijpt men
1331 III, 1,46 | is, begrijpt men waarom de zielenherders vanaf de eerste
1332 III, 1,46 | waarom de zielenherders vanaf de eerste eeuwen tot op heden
1333 III, 1,46 | steeds weer gewezen hebben op de noodzaak deel te nemen aan
1334 III, 1,46 | noodzaak deel te nemen aan de liturgische samenkomst. "
1335 III, 1,46 | liturgische samenkomst. "Laat op de dag des Heren zegt bijvoorbeeld
1336 III, 1,46 | bijvoorbeeld een verhandeling uit de derde eeuw met de titel
1337 III, 1,46 | verhandeling uit de derde eeuw met de titel Didaskalia der apostelen
1338 III, 1,46 | tegenover God hebben, die op de dag des Heren niet samenkomen
1339 III, 1,46 | aanhoren en zich te voeden met de leven-schenkende spijs die
1340 III, 1,46 | spijs die eeuwig blijft?"75 De oproep van de zielenherders
1341 III, 1,46 | blijft?"75 De oproep van de zielenherders heeft in het
1342 III, 1,46 | heeft in het algemeen bij de gelovigen een bereidwillig
1343 III, 1,46 | plicht, toch kan men niet om de echte heldhaftigheid heen
1344 III, 1,46 | gehoorzaamd hebben, zoals men van de eerste eeuwen tot nu toe
1345 III, 1,46 | tot keizer Antoninus en de senaat kon de martelaar
1346 III, 1,46 | Antoninus en de senaat kon de martelaar Justinus met een
1347 III, 1,46 | zekere trots vermelden, dat de christenen feitelijk elke
1348 III, 1,46 | waarbij zowel gelovigen uit de stad als van het platteland
1349 III, 1,46 | aanwezig waren.76 Tijdens de vervolging onder Diocletianus,
1350 III, 1,46 | edict trotseerden en liever de dood riskeerden, dan afwezig
1351 III, 1,46 | dan afwezig te zijn bij de zondagse eucharistieviering.
1352 III, 1,46 | antwoordden bijvoorbeeld de martelaren van Abitina in
1353 III, 1,46 | martelaren van Abitina in de provincie Africa proconsularis
1354 III, 1,46 | hebben zonder enige vrees de Maaltijd van de Heer gevierd,
1355 III, 1,46 | enige vrees de Maaltijd van de Heer gevierd, want daar
1356 III, 1,46 | het is onze wet"; "Zonder de Maaltijd van de Heer kunnen
1357 III, 1,46 | Zonder de Maaltijd van de Heer kunnen wij niet leven".
1358 III, 1,46 | niet leven". En een van de martelaressen getuigde: "
1359 III, 1,46 | getuigde: "Ja, ik ben naar de samenkomst gegaan en ik
1360 III, 1,46 | ik heb met mijn broeders de Maaltijd van de Heer gevierd,
1361 III, 1,46 | broeders de Maaltijd van de Heer gevierd, omdat ik christin
1362 III, 1,47 | 47. De kerk heeft nooit nagelaten
1363 III, 1,47 | innerlijke behoefte die de christenen uit de eerste
1364 III, 1,47 | behoefte die de christenen uit de eerste eeuwen zo sterk voelden,
1365 III, 1,47 | later heeft zij vanwege de lauwheid of nalatigheid
1366 III, 1,47 | sommigen het bijwonen van de zondagsmis expliciet voorgeschreven.
1367 III, 1,47 | Meestal gebeurde dit in de vorm van aansporingen, maar
1368 III, 1,47 | bepalingen. Dat heeft zij vanaf de vierde eeuw gedaan bij verschillende
1369 III, 1,47 | niet gesproken wordt van de zondagsplicht, maar van
1370 III, 1,47 | zondagsplicht, maar van de strafgevolgen van driemaal
1371 III, 1,47 | verzuim)78 en vooral vanaf de zesde eeuw (zoals gebeurde
1372 III, 1,47 | goot deze traditie voor de eerste keer in de vorm van
1373 III, 1,47 | traditie voor de eerste keer in de vorm van een universele
1374 III, 1,47 | handhaaft dit voorschrift met de woorden: "Op zondag en op
1375 III, 1,47 | woorden: "Op zondag en op de andere verplichte feestdagen
1376 III, 1,47 | verplichte feestdagen zijn de gelovigen verplicht aan
1377 III, 1,47 | gelovigen verplicht aan de mis deel te nemen."82 Dit
1378 III, 1,47 | verplichting. Dat leert ook de Katechismus van de katholieke
1379 III, 1,47 | leert ook de Katechismus van de katholieke kerk83 en dat
1380 III, 1,47 | bedenken hoe belangrijk de zondag voor het christenleven
1381 III, 1,48 | zijn er opnieuw, net als in de heldhaftige beginperiode,
1382 III, 1,48 | in heel wat streken van de wereld moeilijke situaties
1383 III, 1,48 | willen beleven. Soms is de omgeving openlijk vijandig
1384 III, 1,48 | en tegendraads tegenover de boodschap van het evangelie.
1385 III, 1,48 | boodschap van het evangelie. De gelovige moet, als hij er
1386 III, 1,48 | gaan, kunnen rekenen op de steun van de christengemeenschap.
1387 III, 1,48 | rekenen op de steun van de christengemeenschap. Het
1388 III, 1,48 | geloofsleven is om 's zondags met de andere broeders bijeen te
1389 III, 1,48 | sterven en verrijzen van de Heer te vieren in het sacrament
1390 III, 1,48 | Verbond. Het is met name de taak van de bisschoppen "
1391 III, 1,48 | is met name de taak van de bisschoppen "dusdanig op
1392 III, 1,48 | dusdanig op te treden, dat de zondag door alle gelovigen
1393 III, 1,48 | als ware 'dag des Heren', de dag waarop de kerk bijeenkomt
1394 III, 1,48 | des Heren', de dag waarop de kerk bijeenkomt om de gedachtenis
1395 III, 1,48 | waarop de kerk bijeenkomt om de gedachtenis van het Paasmysterie
1396 III, 1,48 | opdragen van het offer van de Heer, door de heiliging
1397 III, 1,48 | offer van de Heer, door de heiliging van de dag in
1398 III, 1,48 | Heer, door de heiliging van de dag in gebed, liefdadigheidswerken
1399 III, 1,49 | moment dat het bijwonen van de mis, tenzij in geval van
1400 III, 1,49 | om ernstige redenen, voor de gelovigen een verplichting
1401 III, 1,49 | verplichting werd, hebben de zielenherders de overeenkomstige
1402 III, 1,49 | hebben de zielenherders de overeenkomstige plicht ervoor
1403 III, 1,49 | komen. In die zin worden de bepalingen van het kerkelijk
1404 III, 1,49 | opgevat, zoals bijvoorbeeld de mogelijkheid voor de priester
1405 III, 1,49 | bijvoorbeeld de mogelijkheid voor de priester om, na toestemming
1406 III, 1,49 | priester om, na toestemming van de plaatselijke bisschop, op
1407 III, 1,49 | dan één mis te lezen,85 de instelling van de avondmis86
1408 III, 1,49 | lezen,85 de instelling van de avondmis86 en tenslotte
1409 III, 1,49 | avondmis86 en tenslotte de regel dat de tijd waarbinnen
1410 III, 1,49 | en tenslotte de regel dat de tijd waarbinnen aan de verplichting
1411 III, 1,49 | dat de tijd waarbinnen aan de verplichting voldaan moet
1412 III, 1,49 | voldaan moet worden met de zaterdagavond voorafgaande
1413 III, 1,49 | zaterdagavond voorafgaande aan de zondag wordt uitgebreid.
1414 III, 1,49 | zondagen en hoogfeesten ook aan de vooravond met de eerste
1415 III, 1,49 | ook aan de vooravond met de eerste vespers.88 Wat soms
1416 III, 1,49 | soms als gevolg daarvan de 'vigiliemis' genoemd wordt,
1417 III, 1,49 | genoemd wordt, is in feite de mis van de zon- of feestdag
1418 III, 1,49 | is in feite de mis van de zon- of feestdag met voor
1419 III, 1,49 | zon- of feestdag met voor de celebrant de verplichting
1420 III, 1,49 | feestdag met voor de celebrant de verplichting een homilie
1421 III, 1,49 | homilie te houden en met de gelovigen de voorbede te
1422 III, 1,49 | houden en met de gelovigen de voorbede te bidden.~De zielenherders
1423 III, 1,49 | gelovigen de voorbede te bidden.~De zielenherders wijzen de
1424 III, 1,49 | De zielenherders wijzen de gelovigen er voorts op dat
1425 III, 1,49 | alle moeite moeten doen de mis bij te wonen in de plaats
1426 III, 1,49 | doen de mis bij te wonen in de plaats waar zij zich bevinden,
1427 III, 1,49 | zich bevinden, waardoor zij de plaatselijke gemeenschap
1428 III, 2,50 | Gezien het eigen karakter van de zondagsmis en het belang
1429 III, 2,50 | die mis voor het leven van de gelovigen is het passend
1430 III, 2,50 | gelovigen is het passend de viering met bijzondere zorg
1431 III, 2,50 | zorg voor te bereiden. In de modellen die door pastorale
1432 III, 2,50 | gewoonten in overeenstemming met de liturgische voorschriften
1433 III, 2,50 | men ervoor te zorgen dat de viering een feestelijk karakter
1434 III, 2,50 | karakter heeft die past bij de dag waarop men de verrijzenis
1435 III, 2,50 | past bij de dag waarop men de verrijzenis van de Heer
1436 III, 2,50 | waarop men de verrijzenis van de Heer gedenkt. Met het oog
1437 III, 2,50 | aandacht te besteden aan de zang van de verzamelde gemeenschap,
1438 III, 2,50 | besteden aan de zang van de verzamelde gemeenschap,
1439 III, 2,50 | omdat deze zeer geschikt is de vreugde van het hart tot
1440 III, 2,50 | uitdrukking te brengen. De zang benadrukt de plechtige
1441 III, 2,50 | brengen. De zang benadrukt de plechtige viering en begunstigt
1442 III, 2,50 | Dientengevolge dient men de kwaliteit te bewaken, zowel
1443 III, 2,50 | te bewaken, zowel die van de teksten als van de melodieën,
1444 III, 2,50 | die van de teksten als van de melodieën, opdat de nieuwe
1445 III, 2,50 | van de melodieën, opdat de nieuwe creaties die vandaag
1446 III, 2,50 | nieuwe creaties die vandaag de dag naar voren komen in
1447 III, 2,50 | overeenstemming zijn met de liturgische bepalingen en
1448 III, 2,50 | liturgische bepalingen en de kerkelijke traditie waardig
1449 III, 3 | Actieve deelname van allen aan de viering~
1450 III, 3,51 | en volwassenen, zich bij de viering betrokken te laten
1451 III, 3,51 | voelen. Het actief zijn van de gelovigen in alle vormen
1452 III, 3,51 | vormen van deelname die de liturgie biedt en aanbeveelt,
1453 III, 3,51 | te bieden.91 Daarin ligt de grond voor het, meer dan
1454 III, 3,51 | functionele, onderscheid tussen de functies die eigen zijn
1455 III, 3,51 | zijn aan respectievelijk de celebrant enerzijds en de
1456 III, 3,51 | de celebrant enerzijds en de diakens en niet gewijde
1457 III, 3,51 | anderzijds.92 Niettemin moeten de gelovigen zich ervan bewust
1458 III, 3,51 | priesterschap "actief meedoen in de aanbieding van de eucharistische
1459 III, 3,51 | meedoen in de aanbieding van de eucharistische offergave".
1460 III, 3,51 | eucharistische offergave".93 De gelovigen "dragen het goddelijk
1461 III, 3,51 | rol betreft: zowel door de offerdaad als door de heilige
1462 III, 3,51 | door de offerdaad als door de heilige communie spelen
1463 III, 3,51 | aldus een actieve rol in de liturgische handeling",94
1464 III, 3,51 | gebed en het getuigenis van de heiligheid van hun leven.~
1465 III, 4 | Niet alleen de mis op zondag~
1466 III, 4,52 | 52. Het deelnemen aan de eucharistie is echt het
1467 III, 4,52 | eucharistie is echt het hart van de zondag. De plicht om de
1468 III, 4,52 | het hart van de zondag. De plicht om de zondag te '
1469 III, 4,52 | de zondag. De plicht om de zondag te 'heiligen' mag
1470 III, 4,52 | daartoe beperkt blijven. De dag des Heren wordt werkelijk
1471 III, 4,52 | tot laat vervuld is van de dankbare en actieve gedachtenis
1472 III, 4,52 | actieve gedachtenis van de wonderdaden van God. Daarom
1473 III, 4,52 | ook andere ogenblikken van de dag die niet in de context
1474 III, 4,52 | van de dag die niet in de context van de liturgie
1475 III, 4,52 | die niet in de context van de liturgie worden doorgebracht:
1476 III, 4,52 | bij het doen opbloeien van de vrede en vreugde van de
1477 III, 4,52 | de vrede en vreugde van de Verrezene in het gewone
1478 III, 4,52 | rust bij elkaar. Zij kunnen de gelegenheid te baat nemen
1479 III, 4,52 | verdiepen of te genieten van de stilte. Waarom zouden er
1480 III, 4,52 | mogelijk ook in het leven van de leek geen tijden voor gebed
1481 III, 4,52 | gereserveerd worden, zoals met name de plechtige viering van de
1482 III, 4,52 | de plechtige viering van de vespers, of misschien voor
1483 III, 4,52 | catechetische gesprekken die in de vooravond van de zondag
1484 III, 4,52 | die in de vooravond van de zondag of 's middags in
1485 III, 4,52 | zondag of 's middags in de geest van de gelovigen het
1486 III, 4,52 | middags in de geest van de gelovigen het echte geschenk
1487 III, 4,52 | gelovigen het echte geschenk van de eucharistie voorbereiden
1488 III, 4,52 | milieus wat moeilijk geworden. De kerk echter openbaart het
1489 III, 4,52 | openbaart het geloof in de handelende aanwezigheid
1490 III, 4,52 | handelende aanwezigheid van de Verrezene en in de kracht
1491 III, 4,52 | aanwezigheid van de Verrezene en in de kracht van de heilige Geest
1492 III, 4,52 | Verrezene en in de kracht van de heilige Geest door, nu meer
1493 III, 4,52 | volmaakter is en aangenamer voor de Heer. Voor het overige zijn
1494 III, 4,52 | bemoedigende signalen. Dankzij de gave van de Geest ziet men
1495 III, 4,52 | signalen. Dankzij de gave van de Geest ziet men in heel wat
1496 III, 4,52 | religieus gevoel te uiten, zoals de bedevaart. Gelovigen gebruiken
1497 III, 4,52 | bedevaart. Gelovigen gebruiken de zondagsrust vaak om naar
1498 III, 4,52 | aangepaste verkondiging van de boodschap van het evangelie
1499 III, 5 | De zondagse samenkomst bij
1500 III, 5,53 | dienstwerk van een priester die de zondagsmis opdraagt. Dat
1-500 | 501-1000 | 1001-1500 | 1501-1748 |