Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
herontdekking 1
herontdekt 4
hervormingen 1
het 625
hetzelfde 1
hevige 1
hielden 1
Frequency    [«  »]
-----
1748 de
943 van
625 het
437 en
365 in
262 die
Ioannes Paulus PP. II
Dies Domini

IntraText - Concordances

het

1-500 | 501-625

    Chapter,  Paragraph, Number
1 Intro | Eerwaarde broeders in het bisschopsambt en in het 2 Intro | het bisschopsambt en in het priesterschap, geliefde 3 Intro, 0,1| met de werkelijke kern van het christelijk mysterie. In 4 Intro, 0,1| christelijk mysterie. In het ritme van week na week roept 5 Intro, 0,1| verrijzenis van Christus.~Het is het wekelijks pasen, 6 Intro, 0,1| verrijzenis van Christus.~Het is het wekelijks pasen, de dag 7 Intro, 0,1| de eerste schepping, en het begin van de "nieuwe schepping" ( 8 Intro, 0,1| schepping" (vgl. 2Kor 5,17). Het is de dag waarop men in 9 Intro, 0,1| eerste dag van de wereld. Het is de dag die men tegelijkertijd, 10 Intro, 0,1| week (vgl. Mc 16,2) naar het graf gingen, dit leeg aantroffen. 11 Intro, 0,1| gingen, dit leeg aantroffen. Het is een oproep om op de een 12 Intro, 0,1| en zich openbaarde door het breken van het brood (vgl. 13 Intro, 0,1| openbaarde door het breken van het brood (vgl. Lc 24, 35 en 14 Intro, 0,1| vgl. Lc 24, 35 en 32). Het is de weerklank van de aanvankelijk 15 Intro, 0,2| is de gebeurtenis waarop het christendom gefundeerd is ( 16 Intro, 0,2| gefundeerd is (vgl. 1Kor 15,14): het is een verbazingwekkende 17 Intro, 0,2| verbazingwekkende werkelijkheid die in het licht van het geloof ten 18 Intro, 0,2| werkelijkheid die in het licht van het geloof ten volle doorschouwd 19 Intro, 0,2| wordt door diegenen die het voorrecht hadden de verrezen 20 Intro, 0,2| de verrezen Heer te zien. Het is een wonderbare gebeurtenis 21 Intro, 0,2| mensengeschiedenis, maar zich tevens in het middelpunt van het mysterie 22 Intro, 0,2| tevens in het middelpunt van het mysterie van de tijden bevindt. 23 Intro, 0,2| geschiedenis is, waaraan het mysterie van de oorsprong 24 Intro, 0,2| de dag der christenen, het is onze dag."3 De zondag 25 Intro, 0,2| 4 niet alleen bestemd om het verloop van de tijd te markeren, 26 Intro, 0,3| 3. Het fundamentele belang ervan, 27 Intro, 0,3| altijd erkend is, is door het Tweede Vaticaans Concilie 28 Intro, 0,3| opnieuw met kracht bevestigd: "Het paasmysterie wordt door 29 Intro, 0,3| nieuwe algemene normen voor het liturgisch jaar en aan de 30 Intro, 0,3| kalender.6 De nadering van het derde millennium die de 31 Intro, 0,3| die de gelovigen aanzet in het licht van Christus na te 32 Intro, 0,3| de betekenis ervan voor het christelijk en menselijk 33 Intro, 0,3| van de talrijke acties van het magisterium en van de pastorale 34 Intro, 0,3| initiatieven die u, broeders in het bisschopsambt, individueel 35 Intro, 0,3| belangrijke punt in de jaren na het Concilie hebt ontwikkeld. 36 Intro, 0,3| ontwikkeld. Op de drempel van het grote Jubeljaar 2000 heb 37 Intro, 0,3| verschillende periodes van het liturgisch jaar. Naar mijn 38 Intro, 0,4| 4. Het ontgaat natuurlijk niemand, 39 Intro, 0,4| volksdeelname en door een, om het zo uit te drukken, breed 40 Intro, 0,4| landen waarin de wetgeving het karakter van deze dag als 41 Intro, 0,4| kring is de praktijk van het 'weekeinde' gemeengoed geworden 42 Intro, 0,4| met zon- en feestdagen. Het gaat om een maatschappelijk 43 Intro, 0,4| positieve elementen inzoverre het, met inachtneming van authentieke 44 Intro, 0,4| ontwikkeling en de vooruitgang van het maatschappelijk leven als 45 Intro, 0,4| maatschappelijk leven als geheel. Het beantwoordt niet alleen 46 Intro, 0,4| wordt tot alleen nog maar het 'einde van de week', kan 47 Intro, 0,4| einde van de week', kan het helaas gebeuren, dat de 48 Intro, 0,4| zijn, niet verwarren met het 'weekeinde' dat wezenlijk 49 Intro, 0,4| uit gaan. Dienaangaande is het urgent te komen tot een 50 Intro, 0,4| overeenstemming met de gave van het geloof, altijd bereid zich 51 Intro, 0,5| geconfronteerd. Aan de ene kant het voorbeeld van sommige jonge 52 Intro, 0,5| talrijke gelovigen lijkt in het geweten niet alleen de betekenis 53 Intro, 0,5| alleen de betekenis van het centrale aspect van de eucharistie 54 Intro, 0,5| door samen met anderen in het hart van de kerkgemeenschap 55 Intro, 0,5| geëvangeliseerd zijn nog het feit, dat de schaarste aan 56 Intro, 0,5| schaarste aan priesters het vaak onmogelijk maakt een 57 Intro, 0,6| eruit voortvloeien lijkt het meer dan ooit noodzakelijk 58 Intro, 0,6| ten grondslag liggen aan het kerkelijk voorschrift opnieuw 59 Intro, 0,6| waarde van de zondag in het christelijk leven te geven. 60 Intro, 0,6| aandacht gebracht is door het Tweede Vaticaans Concilie, 61 Intro, 0,6| zondags moeten "samenkomen om het woord van God te aanhoren 62 Intro, 0,6| eucharistie deel te nemen en zo het lijden, de verrijzenis en 63 Intro, 0,7| brief aandacht besteden.~Het is een dag die zich helemaal 64 Intro, 0,7| dag die zich helemaal in het hart van het christelijk 65 Intro, 0,7| helemaal in het hart van het christelijk leven bevindt. 66 Intro, 0,7| ook niet nagelaten sinds het begin van mijn pontificaat 67 Intro, 0,7| kan geven. Hij juist kent het geheim van de tijd en ook 68 I | DIES DOMINI~De viering van het werk van de Schepper~ ~ 69 I, 1,8 | van de verrezen Christus. Het is de viering van de 'nieuwe 70 I, 1,8 | schepping van de wereld. Als het immers waar is, dat de Zoon 71 I, 1,8 | mens is geworden, dan is het evenzeer waar, dat Hij, 72 I, 1,8 | oorsprong en einde van het heelal is. Dat wordt door 73 I, 1,8 | de hemelen en op aarde, het zichtbare en het onzichtbare 74 I, 1,8 | aarde, het zichtbare en het onzichtbare Het heelal is 75 I, 1,8 | zichtbare en het onzichtbare Het heelal is geschapen door 76 I, 1,8 | aanwezigheid van Christus in het scheppingswerk van God wordt 77 I, 1,8 | ten volle geopenbaard door het paasmysterie waarin Christus 78 I, 1,8 | Hij zelf zal voleinden op het moment van zijn terugkomst 79 I, 1,8 | heerlijkheid, "wanneer Hij het koningschap aan God de Vader 80 I, 1,8 | dageraad der schepping sloot het plan van God dus deze 'kosmische 81 I, 1,8 | blik van God toen Hij bij het beëindigen van zijn werk " 82 I, 1,8 | Dat was dus ­ volgens het eerste bijbelse scheppingsverhaal 83 I, 1,8 | de 'sabbat' die zo sterk het Eerste Verbond kenmerkt 84 I, 1,8 | zekere zin de gewijde dag van het nieuwe en eeuwige Verbond 85 I, 1,8 | eeuwige Verbond aankondigt. Het thema van de "rust van God" ( 86 I, 1,8 | rust door Hem verleend aan het volk van de uittocht bij 87 I, 1,8 | uittocht bij de binnenkomst in het beloofde land (vgl. Ex 33, 88 I, 1,8 | 21,44; Ps 95,11) wordt in het Nieuwe Testament hernomen 89 I, 1,8 | verrijzenis binnengegaan. En het volk van God is geroepen 90 I, 1,8 | gehoorzaamheid (vgl. Heb 4,3-16). Het is dus noodzakelijk de grote 91 I, 2 | In het begin schiep God de hemel 92 I, 2,9 | De dichterlijke stijl van het scheppingsverhaal van het 93 I, 2,9 | het scheppingsverhaal van het boek Genesis geeft goed 94 I, 2,9 | die de mens vervult bij het zien van de onmetelijkheid 95 I, 2,9 | onmetelijkheid van de schepping en het gevoel van aanbidding dat 96 I, 2,9 | voor Diegene die alles uit het niets tevoorschijn gebracht 97 I, 2,9 | tevoorschijn gebracht heeft. Het gaat om een bladzijde met 98 I, 2,9 | lofzang op de Schepper van het heelal die voorbestemd is 99 I, 2,9 | zelf te vergoddelijken. Het is tegelijkertijd een lofzang 100 I, 2,9 | lofzang voor de goedheid van het geschapene, geheel en al 101 I, 2,9 | hand van God.~"God zag, dat het goed was" (Gn 1,10;12; e.v.). 102 I, 2,9 | e.v.). Dit refrein, dat het verhaal zijn ritme geeft, 103 I, 2,9 | licht op alle elementen van het heelal en laat tegelijkertijd 104 I, 2,9 | tegelijkertijd een zweem van het geheim van een juist begrip 105 I, 2,9 | zijn val die in de wereld het begin is van de duistere 106 I, 2,10 | de hand van God en draagt het merkteken van zijn goedheid. 107 I, 2,10 | merkteken van zijn goedheid. Het is een mooie wereld, waard 108 I, 2,10 | worden. De 'voltooiing' van het werk van God stelt de wereld 109 I, 2,10 | stelt de wereld open voor het werk van de mens open. " 110 I, 2,10 | de zevende dag bracht God het werk dat Hij verricht had 111 I, 2,10 | antropomorfe weergave van het goddelijk 'werk' geeft de 112 I, 2,10 | opzichte van de kosmos. Het 'werk' van God dient als 113 I, 2,10 | werk' van God dient als het ware als voorbeeld voor 114 I, 2,10 | van Genesis in zekere zin het "evangelie van het werk". 115 I, 2,10 | zekere zin het "evangelie van het werk".10 Het is een waarheid 116 I, 2,10 | evangelie van het werk".10 Het is een waarheid die eveneens 117 I, 2,10 | waarheid die eveneens door het Tweede Vaticaans Concilie 118 I, 2,10 | wordt: "De mens is naar het beeld van God geschapen 119 I, 2,11 | bladzijde van Genesis is het 'werk' van God een voorbeeld 120 I, 2,11 | op de zevende dag van al het werk dat Hij verricht had" ( 121 I, 2,11 | God houdt nooit op met aan het werk te zijn. Jezus herinnert 122 I, 2,11 | vandaag voortdurend aan het werk, en ook Ik houd niet 123 I, 2,11 | de zevende dag roept niet het beeld op van een inactieve 124 I, 2,11 | onderstreept de volledigheid van het werk dat voltooid is, en 125 I, 2,11 | dat voltooid is, en is als het ware uitdrukking van de 126 I, 2,11 | pauze die God inlast met het oog op het "zeer goede" ( 127 I, 2,11 | God inlast met het oog op het "zeer goede" (Gn 1,31) werk 128 I, 2,11 | voldoening te laten rusten. Het is een 'contemplatieve' 129 I, 2,11 | projecten, maar eerder op het genieten van de schoonheid 130 I, 2,11 | rust op alle dingen maar in het bijzonder op de mens, hoogtepunt 131 I, 2,11 | hoogtepunt van de schepping. Het is een blik waarin men al 132 I, 2,11 | die God wil aanknopen met het schepsel dat naar zijn beeld 133 I, 2,11 | meer zal verwezenlijken in het perspectief van het heil 134 I, 2,11 | verwezenlijken in het perspectief van het heil dat de gehele mensheid 135 I, 2,11 | mensheid wordt aangeboden door het heilsverbond dat Hij met 136 I, 2,11 | bereiken met Christus. Juist het vleesgeworden Woord zal, 137 I, 2,11 | bruid, voor heel de mensheid het offer van barmhartigheid 138 I, 2,11 | offer van barmhartigheid en het voorstel van de liefde van 139 I, 2,12 | 12. In het plan van de Schepper is 140 I, 2,12 | schepping en de orde van het heil. Het Oude Testament 141 I, 2,12 | en de orde van het heil. Het Oude Testament onderstreept 142 I, 2,12 | onderstreept dit al, wanneer het het gebod met betrekking 143 I, 2,12 | onderstreept dit al, wanneer het het gebod met betrekking tot 144 I, 2,12 | Ex 20,8-11), maar ook met het heil dat door Hem aan Israël 145 I, 2,12 | door de farao bevrijdt. In het ene en in het andere geval 146 I, 2,12 | bevrijdt. In het ene en in het andere geval zou men, met 147 I, 2,12 | 8).~Om werkelijk tot in het hart van de 'sabbat', van 148 I, 2,12 | eigen maken die zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament 149 I, 2,12 | zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament de betrekking 150 I, 2,12 | van hen, met de dieren in het wild, met de vogels in de 151 I, 2,12 | zwaard en oorlog sla Ik het land uit en in veiligheid 152 I, 3,13 | 13. Het voorschrift van de sabbat, 153 I, 3,13 | van de sabbat, die onder het Oude Verbond een voorbereiding 154 I, 3,13 | voorbereiding is op de zondag van het nieuwe en eeuwige Verbond, 155 I, 3,13 | woorden' die de pijlers van het morele leven beschrijven 156 I, 3,13 | beschrijven en universeel in het hart van de mens gegrift 157 I, 3,13 | herontdekt worden. Ook al biedt het een natuurlijk samengaan 158 I, 3,13 | behoefte aan rust, toch moet het geloof te hulp geroepen 159 I, 3,13 | ervan te vatten en niet het risico te lopen er bij dit 160 I, 3,13 | kantjes van af te lopen of het te schenden.~ ~ 161 I, 3,14 | allereerst een rustdag, omdat het de door God 'gezegende' 162 I, 3,14 | heiliging' van de sabbat in het eerste bijbelse scheppingsverhaal 163 I, 3,14 | begrijpen, moet men naar het geheel van de tekst kijken. 164 I, 3,14 | de diepgaande dialoog van het verbond en zelfs die van 165 I, 3,14 | een 'bruids'-tweespraak. Het is een samenspraak van liefde 166 I, 3,14 | desondanks niet eentonig wordt. Het gesprek verloopt in werkelijkheid 167 I, 3,15 | 15. Het hele mensenleven en de hele 168 I, 3,15 | rustdag. De onderbreking van het vaak benauwende ritme van 169 I, 3,15 | terug om dit principe binnen het weekritme af te kondigen. 170 I, 4,16 | 16. Het gebod van de decaloog waarmee 171 I, 4,16 | de decaloog waarmee God het onderhouden van de sabbat 172 I, 4,16 | verplicht stelt, wordt in het boek Exodus op karakteristieke 173 I, 4,16 | reden aan door te wijzen op het werk van God: "In zes dagen 174 I, 4,16 | gemaakt." (Ex 20,11). Voordat het gebod de plicht oplegt iets 175 I, 4,16 | oplegt iets te doen, wijst het op iets, wat men moet gedenken. 176 I, 4,16 | wat men moet gedenken. Het spoort aan tot het opfrissen 177 I, 4,16 | gedenken. Het spoort aan tot het opfrissen van het geheugen 178 I, 4,16 | aan tot het opfrissen van het geheugen waar het het grote 179 I, 4,16 | opfrissen van het geheugen waar het het grote en fundamentele 180 I, 4,16 | van het geheugen waar het het grote en fundamentele werk 181 I, 4,16 | Deze herinnering moet heel het godsdienstig leven van de 182 I, 4,17 | 17. Het thema van de 'herinnering' 183 I, 4,17 | waar de grondslag voor het voorschrift niet zozeer 184 I, 4,17 | niet zozeer gelegd wordt in het scheppingswerk, maar meer 185 I, 4,17 | scheppingswerk, maar meer in het verlossingswerk van God 186 I, 4,17 | de schepping en die van het heil samenvallen. De inhoud 187 I, 4,17 | samenvallen. De inhoud van het voorschrift is dus niet 188 I, 4,17 | slechts een onderbreking van het werk, maar het vieren van 189 I, 4,17 | onderbreking van het werk, maar het vieren van de wonderdaden 190 I, 5,18 | 18. Gegeven het feit, dat het derde gebod 191 I, 5,18 | 18. Gegeven het feit, dat het derde gebod wezenlijk verbonden 192 I, 5,18 | is met de gedachtenis van het heilswerk van God hebben 193 I, 5,18 | hebben de christenen, die het eigen karakter van de nieuwe 194 I, 5,18 | Heer had plaatsgevonden. Het paasmysterie van Christus 195 I, 5,18 | volledige openbaring van het mysterie van de oorsprong, 196 I, 5,18 | mysterie van de oorsprong, het hoogtepunt van de heilsgeschiedenis 197 I, 5,18 | mensheid de schepping die uit het niets te voorschijn gebracht 198 I, 5,18 | vgl. Joh 20,19-23). In het paasmysterie heeft de bestemming 199 I, 5,18 | Gal 4,6), leren kennen. In het licht van dit mysterie is 200 I, 5,18 | licht van dit mysterie is het Oudtestamentische voorschrift 201 I, 5,18 | de glorie die straalt van het gelaat van de verrezen Christus ( 202 II, 1 | Het wekelijks pasen~ 203 II, 1,19 | alleen met Pasen maar ook in het verloop van elke week." 204 II, 1,19 | Augustinus noemt de zondag "het sacrament van Pasen".17 205 II, 1,19 | door alle kerken, zowel van het westen als het oosten, benadrukt. 206 II, 1,19 | zowel van het westen als het oosten, benadrukt. In de 207 II, 1,19 | deze wezenstrek is deze dag het middelpunt van alle eredienst.~ 208 II, 1,19 | middelpunt van alle eredienst.~In het licht van die ononderbroken 209 II, 1,19 | is, zijn wortels heeft in het werk zelf van de schepper 210 II, 1,19 | schepper en rechtstreekser in het bijbelse mysterie van de ' 211 II, 1,19 | paasgebeurtenis, die de bron is van het heil van de wereld, aan 212 II, 1,20 | 20. Volgens het overeenstemmend getuigenis 213 II, 1,20 | 24,36; Joh 20,19). Zoals het evangelie van Johannes getuigt ( 214 II, 1,20 | van de achtste week van het joodse Paasfeest (vgl. Hnd 215 II, 1,20 | Hnd 1,4-5), vervuld werd. Het was de dag van de eerste 216 II, 1,20 | zich dopen" (Hnd 2,41). Het was de epifanie, de openbaring, 217 II, 1,20 | die naar buiten trad als het volk waarbinnen de verspreide 218 II, 2,21 | eerste dag van de week, het eigen ritme van het leven 219 II, 2,21 | week, het eigen ritme van het leven van de leerlingen 220 II, 2,21 | Troas bijeengekomen "voor het breken van het brood", toen 221 II, 2,21 | bijeengekomen "voor het breken van het brood", toen Paulus tot 222 II, 2,21 | Eutuchus tot leven wekte. Het boek van de Openbaring laat 223 II, 2,21 | van de Openbaring laat ons het wijd verbreide gebruik om 224 II, 2,21 | 10). Vanaf die tijd zou het een van de kenmerken zijn 225 II, 2,21 | onderscheiden werden. Dat werd al in het begin van de tweede eeuw 226 II, 2,21 | vaste dag van de week voor het opgaan van de zon bijeen 227 II, 2,21 | septuagint in de openbaring van het Oude Testament als naam 228 II, 2,22 | eerste tijden van de kerk was het wekelijks ritme van de dagen 229 II, 2,22 | bekend in de streken waar het evangelie verbreid werd 230 II, 2,22 | christenen grote problemen bij het vieren van de zondag met 231 II, 2,22 | gelovigen gedwongen werden voor het opgaan van de zon bijeen 232 II, 2,22 | Niettemin vond de trouw aan het wekelijks ritme ingang omdat 233 II, 2,22 | omdat deze gegrond was op het Nieuwe Testament en verbonden 234 II, 2,22 | verbonden met de openbaring van het Oude Testament. De apologeten 235 II, 2,22 | geschriften en prediking vaak. Het paasmysterie wordt aanschouwelijk 236 II, 2,22 | schriftteksten, die volgens het getuigenis van Lucas (vgl. 237 II, 2,22 | had moeten uitleggen. In het licht van deze teksten verkreeg 238 II, 2,22 | volledige nieuwheid van het christelijk mysterie tot 239 II, 3,23 | gingen aanvankelijk door met het bezoeken van de synagoge 240 II, 3,23 | streken kon men zien, dat het onderhouden van de sabbat 241 II, 3,23 | hardnekkigheid van, uit het jodendom afkomstige, christenen 242 II, 3,23 | dat geheim ontvingen wij het geloof, waarin wij volharden 243 II, 3,23 | de eerste van de week."22 Het onderscheid tussen de zondag 244 II, 3,23 | de joodse sabbat wordt in het bewustzijn van de kerk steeds 245 II, 4,24 | de christelijke zondag en het begrip sabbat dat eigen 246 II, 4,24 | sabbat dat eigen is aan het Oude Testament, heeft ook 247 II, 4,24 | verrijzenis en de schepping aan het licht gebracht. Het christelijk 248 II, 4,24 | aan het licht gebracht. Het christelijk denken heeft 249 II, 4,24 | vgl. Gn 1,1-2 en 4) die in het boek Genesis het scheppingsverhaal 250 II, 4,24 | die in het boek Genesis het scheppingsverhaal vorm geeft: 251 II, 4,24 | dag van de schepping van het licht (vgl. 1,3-5). Een 252 II, 4,24 | verrijzenis op te vatten als het begin van een nieuwe schepping 253 II, 4,25 | andere dag, geroepen is het heil te gedenken dat hem 254 II, 4,25 | heil te gedenken dat hem in het doopsel geboden is en dat 255 II, 4,25 | geëigende boeteritus voor het begin van de mis de besprenkeling 256 II, 4,25 | in herinnering roepen van het doopgebeuren waaruit geheel 257 II, 5,26 | 26. Anderzijds doet het feit, dat de sabbat nu eenmaal 258 II, 5,26 | dag van de Heer bezien in het licht van een aanvullende 259 II, 5,26 | symboliek die de vaders na aan het hart lag: de zondag is de 260 II, 5,26 | inneemt die niet alleen het begin van de tijd in zich 261 II, 5,26 | nog de voltooiing ervan in het 'komende tijdperk'. Basilius 262 II, 5,26 | avond noch morgen kent, het onvergankelijke tijdperk, 263 II, 5,26 | blijvende aankondiging van het leven zonder eind die de 264 II, 5,26 | sterkt op hun weg.26 In het licht van de laatste dag 265 II, 5,26 | de week biedt de christen het uitzicht op zijn doel: het 266 II, 5,26 | het uitzicht op zijn doel: het eeuwig leven.28~ ~ 267 II, 6 | Dag van Christus, van het Licht~ 268 II, 6,27 | 31 Christus is inderdaad het licht van de wereld (vgl. 269 II, 6,27 | eeuwige weerspiegeling, in het weekritme van de tijd, van 270 II, 6,27 | vinden we als thema terug in het Getijdengebed.32 Het krijgt 271 II, 6,27 | in het Getijdengebed.32 Het krijgt een bijzondere nadruk 272 II, 6,27 | een bijzondere nadruk in het gemeenschappelijk nachtelijk 273 II, 6,27 | verschijnt aan hen die in het duister en de schaduw van 274 II, 6,27 | die Simeon ervoer toen hij het goddelijk Kind in zijn armen 275 II, 7,28 | 28. De zondag, dag van het licht, zou met betrekking 276 II, 7,28 | heilige Geest ook dag van het 'vuur' genoemd kunnen worden. 277 II, 7,28 | genoemd kunnen worden. Het licht van Christus is werkelijk 278 II, 7,28 | werkelijk innig verbonden met het 'vuur' van de Geest. Deze 279 II, 7,28 | Toen Hij op de avond van het paasfeest aan zijn apostelen 280 II, 7,28 | Geest was op paaszondag het grote geschenk van de Verrezene 281 II, 7,28 | aan zijn leerlingen. En het is opnieuw zondag, wanneer 282 II, 7,28 | alleen een gebeurtenis bij het ontstaan van de kerk, maar 283 II, 7,28 | vanwege de innige band met het paasmysterie, ook gegrift 284 II, 7,28 | betekenis van elke zondag. Het 'wekelijks pasen' wordt 285 II, 7,28 | wordt zo in zekere zin het 'wekelijks pinksteren', 286 II, 8 | De dag van het geloof~ 287 II, 8,29 | deze bij uitstek de dag van het geloof. Door het geloof 288 II, 8,29 | dag van het geloof. Door het geloof maakt de heilige 289 II, 8,29 | maakt de heilige Geest, het levend "geheugen" van de 290 II, 8,29 | een gebeurtenis die in 'het heden' van elke leerling 291 II, 8,29 | de zondag is de dag van het geloof. Het feit, dat in 292 II, 8,29 | is de dag van het geloof. Het feit, dat in de liturgie 293 II, 8,29 | geloofsbelijdenis, benadrukt dit. Het hardop gebeden of gezongen ' 294 II, 8,29 | gezongen 'credo' benadrukt het doop- en paaskarakter van 295 II, 8,29 | willig te luisteren naar het woord en het Lichaam van 296 II, 8,29 | luisteren naar het woord en het Lichaam van de Heer te ontvangen 297 II, 9,30 | problemen die in onze tijd het nakomen van de zondagsplicht 298 II, 9,30 | kinderen. Zij voelt zich in het bijzonder geroepen tot een 299 II, 9,30 | des Heren met zich brengt. Het Tweede Vaticaans Concilie 300 II, 9,30 | in dezelfde geest, toen het stelling nam inzake de hypothetische 301 II, 9,30 | waarborgen".37 Op de drempel van het derde millennium blijft 302 II, 9,30 | juist de grondslagen van het geloof, een bepalend onderdeel 303 III, 1,31 | horen in de kerk die daarin het vruchtbare geheim van haar 304 III, 1,31 | aan een gebeurtenis uit het verleden, maar vooral viering 305 III, 1,31 | temidden van de zijnen.~Het is voor het op passende 306 III, 1,31 | van de zijnen.~Het is voor het op passende wijze verkondigen 307 III, 1,31 | zich bidden en inwendig, in het binnenste van hun hart, 308 III, 1,31 | herdenken. Wie de genade van het doopsel ontvangen heeft 309 III, 1,31 | maar ook als lidmaat van het mystieke Lichaam die deel 310 III, 1,31 | Lichaam die deel uitmaakt van het volk van God.38 Het is dan 311 III, 1,31 | van het volk van God.38 Het is dan ook van belang, dat 312 III, 1,31 | Christus (vgl. Gal 3,28) door het ontvangen van de Geest. 313 III, 1,31 | zij zich levendig bewust het volk van vrijgekochte mensen 314 III, 1,31 | leerlingen wordt in de tijd het beeld van de eerste christengemeenschap 315 III, 1,31 | apostelen, trouw bleven aan het gemeenschappelijk leven 316 III, 1,31 | gemeenschappelijk leven en ijverig in het breken van het brood en 317 III, 1,31 | ijverig in het breken van het brood en in het gebed" ( 318 III, 1,31 | breken van het brood en in het gebed" (Hnd 2,42).~ ~ 319 III, 2,32 | is van deze realiteit van het kerkelijk leven niet alleen 320 III, 2,32 | en vormt de kerk: "Omdat het brood één is, vormen wij 321 III, 2,32 | allen hebben wij deel aan het ene brood" (1Kor 10,17). 322 III, 2,32 | ene brood" (1Kor 10,17). Het mysterie van de kerk wordt, 323 III, 2,32 | gezien zijn vitale band met het sacrament van het lichaam 324 III, 2,32 | band met het sacrament van het lichaam en bloed van de 325 III, 2,32 | eucharistie van de Heer staan in het centrum van het leven van 326 III, 2,32 | staan in het centrum van het leven van de kerk."41~ ~ 327 III, 2,33 | was op een bepaalde wijze het volk van God van alle tijden 328 III, 2,33 | voorafbeelding zien van het gebruik van de christengemeente 329 III, 2,33 | zondag, bijeen te komen om het geloof in zijn verrijzenis 330 III, 2,33 | de eucharistie wordt in het evangelie van Lucas aangeduid 331 III, 2,33 | hen leidde tot inzicht in het Woord en uiteindelijk bij 332 III, 2,33 | herkenden Hem, toen Hij "het brood nam, de zegen uitsprak, 333 III, 2,33 | nam, de zegen uitsprak, het brak en het hun toereikte" ( 334 III, 2,33 | zegen uitsprak, het brak en het hun toereikte" (Lc 24,30). 335 III, 2,33 | stelde, zijn dezelfde als bij het Laatste Avondmaal, met een 336 III, 2,33 | duidelijke verwijzing naar het breken van het brood, een 337 III, 2,33 | verwijzing naar het breken van het brood, een uitdrukking die 338 III, 3,34 | de eucharistie die op om het even welke andere dag gevierd 339 III, 3,34 | niet losgemaakt worden van het geheel van het liturgische 340 III, 3,34 | worden van het geheel van het liturgische en sacramentele 341 III, 3,34 | openbaring van de kerk,42 en het cruciale moment daarin is, 342 III, 3,34 | wanneer de gemeenschap van het bisdom bijeenkomt om met 343 III, 3,34 | te bidden: "De kerk wordt het meest zichtbaar in het voltallig 344 III, 3,34 | wordt het meest zichtbaar in het voltallig en actief deelnemen 345 III, 3,34 | en actief deelnemen van het heilige volk van God aan 346 III, 3,34 | dezelfde eucharistie, aan het ene gebed, aan het ene altaar, 347 III, 3,34 | aan het ene gebed, aan het ene altaar, met aan het 348 III, 3,34 | het ene altaar, met aan het hoofd de bisschop, omringd 349 III, 3,34 | kerkelijke gemeenschap is het kenmerk van elke viering 350 III, 3,34 | vermelding van de bisschop in het eucharistisch gebed blijkt 351 III, 3,34 | eucharistievieringen. De verplichting tot het gemeenschappelijk samenzijn 352 III, 3,34 | gemeenschap is zich door het bijeenbrengen van al haar 353 III, 3,34 | bijeenbrengen van al haar leden voor het 'breken van het brood' ervan 354 III, 3,34 | leden voor het 'breken van het brood' ervan bewust een 355 III, 3,34 | een plaats te zijn waar het mysterie van de kerk concreet 356 III, 4,35 | 46 In die optiek heeft het Tweede Vaticaans Concilie 357 III, 4,36 | men viert er daadwerkelijk het sacramentum unitatis, het 358 III, 4,36 | het sacramentum unitatis, het sacrament van de eenheid, 359 III, 4,36 | wijze de kerk kenmerkt, het volk bijeengebracht "door" 360 III, 4,36 | deelhebben aan de ene tafel van het Woord en het Brood des Levens. 361 III, 4,36 | ene tafel van het Woord en het Brood des Levens.50 Het 362 III, 4,36 | het Brood des Levens.50 Het is goed er in dit verband 363 III, 4,36 | verband op te wijzen, dat het in de eerste plaats de taak 364 III, 4,36 | op de mis in te passen in het vormingsplan van de kinderen 365 III, 4,36 | zwaarwegende redenen voor het verplichtend karakter van 366 III, 4,36 | verplichtend karakter van het voorschrift aan te reiken. 367 III, 4,36 | voorschriften voorzien is.51~Het is normaal, dat groepen, 368 III, 4,36 | zijn, in gehoorzaamheid aan het oordeel van de kerkelijke 369 III, 4,36 | om ervoor te zorgen dat het leven en eenheid van de 370 III, 4,36 | beschermd en gesteund worden.54 Het komt aan het wijze oordeel 371 III, 4,36 | gesteund worden.54 Het komt aan het wijze oordeel van de herders 372 III, 4,36 | nauwkeurige richtlijn met het oog op de specifieke eisen 373 III, 4,36 | rekening wordt gehouden met het welzijn van personen of 374 III, 4,36 | personen of groepen en in het bijzonder met de vruchten 375 III, 4,36 | hele christengemeenschap het gevolg van kunnen zijn.~ ~ ~ 376 III, 5 | Het pelgrimerende volk~ 377 III, 5,37 | 37. In het perspectief van de tocht 378 III, 5,37 | verrijzenis van Christus en het wekelijkse ritme van deze 379 III, 5,37 | hulp om te laten zien, dat het godsvolk pelgrimerend onderweg 380 III, 5,37 | pelgrimerend onderweg is en dat het een eschatologische dimensie 381 III, 5,37 | een onlosmakelijk deel van het echte mysterie van de kerk, 382 III, 5,37 | eschatologische werkelijkheid van het hemels Jeruzalem vooruitloopt. 383 III, 5,37 | wanneer de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem uit de 384 III, 6,38 | zondag inderdaad de dag van het geloof is, is deze niet 385 III, 6,38 | werkelijk een voorproef van het eschatologisch feestmaal 386 III, 6,38 | gelegenheid van de "bruiloft van het Lam" (Apk 19,9). Door de 387 III, 6,38 | Christus te vieren toont het christenvolk zich "hoopvol 388 III, 6,38 | Om die reden worden in het 'universele' gebed niet 389 III, 6,38 | mensheid. De kerk die voor het vieren van de eucharistie 390 III, 6,38 | zondag bekroont de kerk het getuigenis van haar kinderen 391 III, 6,38 | verschillende bezigheden die bij het leven horen, moeite doen 392 III, 6,38 | door de verkondiging van het evangelie en het beoefenen 393 III, 6,38 | verkondiging van het evangelie en het beoefenen van de deugd van 394 III, 6,38 | wijze zien, dat zij "als het ware het sacrament, dat 395 III, 6,38 | zien, dat zij "als het ware het sacrament, dat wil zeggen 396 III, 6,38 | sacrament, dat wil zeggen het teken en het instrument, 397 III, 6,38 | wil zeggen het teken en het instrument, van de innige 398 III, 6,38 | van de eenheid van heel het menselijk geslacht is".59~ ~ 399 III, 7 | De tafel van het Woord~ 400 III, 7,39 | de Verrezene plaats door het deelhebben aan de tafel 401 III, 7,39 | deelhebben aan de tafel van het Woord en aan de tafel van 402 III, 7,39 | Woord en aan de tafel van het Brood des Levens. De eerste 403 III, 7,39 | heilsgeschiedenis en met name in het paasmysterie waarin Jezus 404 III, 7,39 | sterven en verrijzen. En het levensbrood, dat het onderpand 405 III, 7,39 | En het levensbrood, dat het onderpand is van de heerlijkheid 406 III, 7,39 | wordt daar aangeboden. Het Tweede Vaticaans Concilie 407 III, 7,39 | gewezen, dat "de liturgie van het woord en de eucharistische 408 III, 7,39 | eveneens: "Om de tafel van het woord van God voor de gelovigen 409 III, 7,39 | mate worden opengesteld."62 Het heeft voorts sterk aanbevolen, 410 III, 7,39 | VI in zijn commentaar bij het rijkere aanbod aan schriftlezingen 411 III, 7,39 | gelovigen de 'honger naar het woord van God' (vgl. Am 412 III, 7,39 | geprikkeld wordt waardoor het volk van het Nieuwe Verbond, 413 III, 7,39 | wordt waardoor het volk van het Nieuwe Verbond, onder de 414 III, 7,40 | Terwijl wij nu, dertig jaar na het Concilie, onze gedachten 415 III, 7,40 | nauwkeurig bekijken hoe het woord van God verkondigd 416 III, 7,40 | daadwerkelijke vooruitgang er onder het volk Gods is wat betreft 417 III, 7,40 | Enerzijds moet de door het Concilie geboden mogelijkheid 418 III, 7,40 | Concilie geboden mogelijkheid het woord van God in de taal 419 III, 7,40 | wijze van lezen of zingen het bijzondere karakter van 420 III, 7,40 | schitteren. Anderzijds is het goed, dat het luisteren 421 III, 7,40 | Anderzijds is het goed, dat het luisteren naar de verkondiging 422 III, 7,40 | naar de verkondiging van het woord van God in de geest 423 III, 7,40 | de bijbelse teksten, in het bijzonder die van de hoogtijdagen. 424 III, 7,40 | niet bij wijze van gewoonte het leven van de gelovige personen 425 III, 7,40 | gezinnen inspireert, zal het inderdaad niet te verwachten 426 III, 7,40 | liturgische verkondiging van het Woord de verhoopte vruchten 427 III, 7,40 | vruchten zal opleveren. Het is dus op zijn plaats de 428 III, 7,40 | zondagsvieringen voorbereiden door het overwegen van het woord 429 III, 7,40 | voorbereiden door het overwegen van het woord van God dat verkondigd 430 III, 7,40 | dat verkondigd zal worden. Het doel dat nagestreefd moet 431 III, 7,40 | toevertrouwd aan de bedienaars van het Woord. Zij hebben de plicht 432 III, 7,40 | de plicht de uitleg van het Woord van de Heer met zorg 433 III, 7,40 | zorg voor te bereiden door het bestuderen van de gewijde 434 III, 7,40 | afgestemd op de vragen en het leven van de mensen van 435 III, 7,41 | liturgische verkondiging van het woord van God, met name 436 III, 7,41 | woord van God, met name in het kader van de eucharistische 437 III, 7,41 | dialoog worden de wonderen van het heil verkondigd en de eisen 438 III, 7,41 | verkondigd en de eisen van het Verbond telkens weer naar 439 III, 7,41 | weer naar voren gebracht. Het volk van God voelt zich 440 III, 7,41 | En tegelijkertijd betoont het volk zijn trouw door een 441 III, 7,41 | meer impliciete wijze in het credo vervat zijn. De liturgie 442 III, 7,41 | tijdens de paaswake en wanneer het doopsel wordt toegediend 443 III, 7,41 | krijgt de verkondiging van het Woord tijdens de zondagse 444 III, 7,41 | eucharistieviering de plechtige klank die het Oude Testament al voorzag 445 III, 7,41 | tijd van vernieuwing van het Verbond, wanneer men de 446 III, 7,41 | gemeenschap van Israël, net als het volk in de woestijn aan 447 III, 7,41 | 24, 3,7), opgeroepen werd het 'ja' te herhalen bij het 448 III, 7,41 | het 'ja' te herhalen bij het hernieuwen van hun keuze 449 III, 7,41 | voorschriften aan te hangen. Bij het doorgeven van zijn woord 450 III, 7,41 | inderdaad ons antwoord, het antwoord dat Christus al 451 III, 8 | De tafel van het Lichaam van Christus~ 452 III, 8,42 | 42. De tafel van het Woord gaat op natuurlijke 453 III, 8,42 | wijze over in de tafel van het eucharistisch brood. Deze 454 III, 8,42 | heel de mensheid maakt. Het wekelijkse ritme is een 455 III, 8,42 | deze te interpreteren in het licht van God. Het is een 456 III, 8,42 | interpreteren in het licht van God. Het is een oproep God dank te 457 III, 8,42 | ontleent. Ten slotte richt het volk van God door zich met 458 III, 8,42 | sluiten in geloof en hoop op het eschatologisch einde, wanneer 459 III, 8,42 | einde, wanneer Christus "het koningschap zal overdragen 460 III, 8,43 | eeuwig aanwezig blijft in het offerkarakter van de eucharistie, 461 III, 8,43 | tegenwoordigstelling van het kruisoffer. Onder de gedaanten 462 III, 8,43 | waarmee Hij zich offerde aan het kruis. "In dit goddelijk 463 III, 8,43 | die zichzelf eenmaal op het altaar van het kruis op 464 III, 8,43 | eenmaal op het altaar van het kruis op bloedige wijze 465 III, 8,43 | In de eucharistie wordt het offer van Christus ook het 466 III, 8,43 | het offer van Christus ook het offer van de ledematen van 467 III, 8,43 | ledematen van zijn lichaam. Het leven van de gelovigen, 468 III, 8,43 | zondagse samenkomst die het mogelijk maakt de voorbije 469 III, 8,43 | deze gemarkeerd heeft, naar het altaar te brengen.~ ~ 470 III, 9,44 | duidelijk naar voren in het paasmaalkarakter dat eigen 471 III, 9,44 | zowel geestelijk, door het geloof en de liefde, als 472 III, 9,44 | vergeving hebben ontvangen in het sacrament van de verzoening, 473 III, 9,44 | heel dringend.~Verder is het van belang dat men zich 474 III, 9,44 | openingsritus en de toon van het gebed dat ingaat op de behoeften 475 III, 9,44 | bijdrage. De uitwisseling van het teken van vrede, in de Romeinse 476 III, 9,44 | geven aan de instemming die het volk van God betoont met 477 III, 9,44 | viering voltrekt,74 en aan het engagement tot wederzijdse 478 III, 9,44 | door deel te hebben aan het ene brood met in gedachte 479 III, 9,44 | ene brood met in gedachte het nadrukkelijke Woord van 480 III, 9,44 | uw gave komt brengen naar het altaar en daar schiet u 481 III, 9,44 | heeft, laat dan uw gave voor het altaar achter, ga u eerst 482 III, 0,45 | 45. Door het ontvangen van het Levensbrood 483 III, 0,45 | Door het ontvangen van het Levensbrood kwamen de leerlingen 484 III, 0,45 | getuigen. In die zin moeten het gebed na de communie, de 485 III, 0,45 | hun is toevertrouwd. Na het uiteengaan van de verzamelde 486 III, 0,45 | zich bij zijn broeders in het krijt staan vanwege dat 487 III, 0,45 | Christus herkenden aan "het breken van het brood" (Lc 488 III, 0,45 | herkenden aan "het breken van het brood" (Lc 24,30-32) en 489 III, 1,46 | de eucharistie werkelijk het hart van de zondag is, begrijpt 490 III, 1,46 | Heren niet samenkomen om het Woord des Levens te aanhoren 491 III, 1,46 | de zielenherders heeft in het algemeen bij de gelovigen 492 III, 1,46 | sprake geweest van slapte in het nakomen van deze plicht, 493 III, 1,46 | gelovigen uit de stad als van het platteland aanwezig waren. 494 III, 1,46 | talrijke moedige christenen die het keizerlijk edict trotseerden 495 III, 1,46 | kan men niet van afzien; het is onze wet"; "Zonder de 496 III, 1,47 | bevestigen ook al heeft zij het niet nodig geacht er direct 497 III, 1,47 | nalatigheid van sommigen het bijwonen van de zondagsmis 498 III, 1,47 | concilies (bijvoorbeeld het Concilie van Elvira in 300 499 III, 1,47 | zoals gebeurde tijdens het Concilie van Agde in 506). 500 III, 1,47 | volstrekt vanzelfsprekend was.80~Het kerkelijk wetboek van 1917


1-500 | 501-625

Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License