Chapter, Paragraph, Number
1 II, 4,25 | boeteritus voor het begin van de mis de besprenkeling met wijwater
2 III, 4,36| toeleggen de inleiding op de mis in te passen in het vormingsplan
3 III, 4,36| geven, zal de viering van de mis voor kinderen bijdragen
4 III, 7,41| wordt toegediend tijdens de mis. In dat kader krijgt de
5 III, 8,43| een kruis" (Fil 2,8). De mis is werkelijk de levende
6 III, 8,43| goddelijk offer dat tijdens de mis voltrokken wordt, is dezelfde
7 III, 9,44| paasmaalkarakter dat eigen is aan de mis, waarin Christus zichzelf
8 III, 9,44| natuurlijk bij gelegenheid van de mis op zon- en feestdagen wel
9 III, 0 | Van mis naar 'missie'~
10 III, 1,47| gelovigen verplicht aan de mis deel te nemen."82 Dit voorschrift
11 III, 1,49| dat het bijwonen van de mis, tenzij in geval van verhindering
12 III, 1,49| feestdagen meer dan één mis te lezen,85 de instelling
13 III, 1,49| genoemd wordt, is in feite de mis van de zon- of feestdag
14 III, 1,49| alle moeite moeten doen de mis bij te wonen in de plaats
15 III, 2,50| zondagsmis en het belang van die mis voor het leven van de gelovigen
16 III, 4 | Niet alleen de mis op zondag~
|