100-geoff | geope-pasto | pauze-zee | zege-zweem
Chapter, Paragraph, Number
1001 I, 2,11 | ware uitdrukking van de pauze die God inlast met het oog
1002 III, 5,37 | laten zien, dat het godsvolk pelgrimerend onderweg is en dat het een
1003 III, 5 | Het pelgrimerende volk~
1004 III, 1,49 | plaatsen die veel toeristen of pelgrims trekken voor wie het vaak
1005 Intro, 0,2| Christus niet alleen een keer per jaar maar elke zondag te
1006 III, 1,46 | wel eens in een bepaalde periode of situatie sprake geweest
1007 IV, 2,60 | kairoi, dat wil zeggen de perioden van zijn genade en zijn
1008 III, 5,53 | genieten; dit kan door de periodieke aanwezigheid van een priester
1009 III, 5,53 | en van de eucharistie, in persona Christi, in de persoon van
1010 III, 1,49 | plaatselijke gemeenschap met hun persoonlijk getuigenis verrijken. Tegelijkertijd
1011 I, 3,13 | de 'tien woorden' die de pijlers van het morele leven beschrijven
1012 III, 1,49 | buiten komen, met name in die plaatsen die veel toeristen of pelgrims
1013 I, 5,18 | verrijzenis van de Heer had plaatsgevonden. Het paasmysterie van Christus
1014 III, 4,35 | andere kerken of kapellen plaatsvinden, rekening houden met de
1015 III, 6,54 | deze in een kerk of kapel plaatsvindt.98 Door een dergelijke uitzending
1016 Intro, 0,3| van Rome die regelmatig plaatsvonden op de zondagen van de verschillende
1017 I, 1,8 | bladzijden meedeelt over de plannen van God met de schepping
1018 III, 1,46 | uit de stad als van het platteland aanwezig waren.76 Tijdens
1019 III, 3,34 | samenzijn en de bijzondere plechtigheid waardoor deze zich onderscheidt,
1020 II, 2,21 | tweede eeuw geschreven door Plinius de Jonge, stadhouder van
1021 Intro, 0,4| deelname aan culturele, politieke of sportieve activiteiten
1022 Intro, 0,7| sinds het begin van mijn pontificaat te herhalen: "Wees niet
1023 IV, 2,62 | vreemdelingen binnen uw poorten. Dan kunnen uw slaaf en
1024 I, 2,12 | bijvoorbeeld tot uitdrukking in die prachtige bladzijde van Hosea: "Op
1025 II, 2,22 | dit in hun geschriften en prediking vaak. Het paasmysterie wordt
1026 I, 1,8 | scheppingsverhaal van de priesterlijke auteur de geboorte van
1027 I, 3,15 | steeds opnieuw terug om dit principe binnen het weekritme af
1028 III, 5,53 | 53. Blijft het probleem, dat er parochies zijn die
1029 III, 1,46 | Abitina in de provincie Africa proconsularis hun aanklagers: "Wij hebben
1030 I, 2,11 | die niet uit is op nieuwe projecten, maar eerder op het genieten
1031 III, 1,46 | martelaren van Abitina in de provincie Africa proconsularis hun
1032 Intro, 0,1| toepassing de uitroep van de psalmist: "Zie deze dag schept de
1033 Intro, 0,3| priesterschaar, op dit belangrijke punt in de jaren na het Concilie
1034 III, 3,51 | liturgische handeling",94 zij putten er licht en kracht uit om
1035 III, 3,51 | grond voor het, meer dan puur functionele, onderscheid
1036 II, 9,30 | levensomstandigheden niet verstoken raakt van de overvloed aan genaden
1037 III, 6,54 | In heel veel landen geven radio en televisie de mogelijkheid
1038 III, 6 | Radio- en televisie-uitzendingen~
1039 III, 6,54 | vormt de televisie- of radio-uitzending een kostbaar hulpmiddel,
1040 II, 3,23 | onderscheid te maken, vooral in reactie op de hardnekkigheid van,
1041 III, 2,32 | eucharistie is van deze realiteit van het kerkelijk leven
1042 IV, 2,63 | ingesteld om tegelijkertijd de rechten van God en die van de mens
1043 II, 9,30 | praktijk is vervolgens de rechtens gesanctioneerde norm geworden:
1044 II, 1,19 | zelf van de schepper en rechtstreekser in het bijbelse mysterie
1045 I, 2,10 | onderwerpen, de wereld in rechtvaardigheid en heiligheid te besturen
1046 II, 3,23 | kunnen leven buiten Hem die reeds de profeten, die in de geest
1047 I, 2,9 | Gn 1,10;12; e.v.). Dit refrein, dat het verhaal zijn ritme
1048 IV, 2,62 | moeten houden, dat als de regels van de joodse sabbat voor
1049 I, 3,14 | werkelijkheid via de verschillende registers van de liefde, vanaf de
1050 III, 4,36 | van het voorschrift aan te reiken. Wanneer de omstandigheden
1051 III, 1,48 | onderdoor wil gaan, kunnen rekenen op de steun van de christengemeenschap.
1052 Intro, 0,4| geloof, altijd bereid zich rekenschap te geven van de hoop die
1053 III, 4,52 | ook oude manieren om het religieus gevoel te uiten, zoals de
1054 III, 3,51 | functies die eigen zijn aan respectievelijk de celebrant enerzijds en
1055 III, 8,42 | leven ontleent. Ten slotte richt het volk van God door zich
1056 III, 4,36 | afwijkingen van deze nauwkeurige richtlijn met het oog op de specifieke
1057 III, 6,54 | zondagsmis ook voor die gelovigen rijke vrucht voort en kunnen zij
1058 III, 7,39 | van God voor de gelovigen rijker aan te richten moeten de
1059 III, 7,39 | zijn commentaar bij het rijkere aanbod aan schriftlezingen
1060 Intro, 0,4| authentieke geestelijke rijpheid die de christenen helpt '
1061 III, 1,46 | trotseerden en liever de dood riskeerden, dan afwezig te zijn bij
1062 Intro, 0,2| tijden bevindt. Zoals de rite van de voorbereiding van
1063 IV, 1,56 | Verrezene, naast alle bijzondere rituele uitingen die overeenkomstig
1064 IV, 2,61 | te erkennen, en ook zijn roeping om mee te doen aan diens
1065 II, 6,27 | dat is de naam die de Romeinen aan deze dag gaven en die
1066 III, 4,35 | wordt zowel in de viering rondom de bisschop, vooral in de
1067 III, 7,39 | schatkamers van de bijbel in ruimere mate worden opengesteld."
1068 I, 3,14 | teruggevoerd wordt. Tijd en ruimte behoren Hem toe. Hij is
1069 IV, 2,62 | niet, uw slavin niet, uw rund niet, uw ezel niet, uw overige
1070 IV, 2,61 | u zijn" (Ex 20,8), is de rustpauze die gelast wordt om de dag
1071 II, 3,23 | zondagsrust, een tendens tot 'sabbatisering' van de dag des Heren waarnemen.
1072 I, 2,11 | daaraan met betrekking tot de sabbatsvoorschriften: "Mijn Vader is tot op de
1073 II, 5,26 | als over "vrede van rust, sabbatsvrede, vrede zonder avond".27
1074 IV, 2,59 | hoe de Oudtestamentische sabbatvervulling is. Op de dag des Heren
1075 I, 1,8 | en de theologie van de 'sabbbat' te verdiepen om tot een
1076 III, 9,44 | geloof en de liefde, als sacramenteel door de maaltijd van de
1077 III, 3,34 | geheel van het liturgische en sacramentele leven. Door haar wezen is
1078 III, 4,36 | viert er daadwerkelijk het sacramentum unitatis, het sacrament
1079 I, 3,13 | biedt het een natuurlijk samengaan met de menselijke behoefte
1080 III, 1,31 | vrijgekochte mensen te zijn, samengesteld uit "elke stam en taal en
1081 III, 6,38 | christelijke gemeenschap samengevoegd, maar die van geheel de
1082 III, 1,46 | onder Diocletianus, toen hun samenkomsten ten strengste verboden waren,
1083 Intro, 0,3| gemeenschappen waar u elke zondag samenkomt met uw herders om de eucharistie
1084 III, 1,46 | christenen feitelijk elke zondag samenkwamen, waarbij zowel gelovigen
1085 I, 3,14 | tweespraak. Het is een samenspraak van liefde die geen onderbreking
1086 II, 2,22 | Romeinse kalenders niet samenvielen met de christelijke zondag.
1087 III, 3,34 | tot het gemeenschappelijk samenzijn en de bijzondere plechtigheid
1088 Intro, 0,5| zijn nog het feit, dat de schaarste aan priesters het vaak onmogelijk
1089 II, 6,27 | die in het duister en de schaduw van de dood gezeten zijn" (
1090 III, 0,45 | uiteengaan van de verzamelde schare keert de leerling van Christus
1091 III, 7,39 | aan te richten moeten de schatkamers van de bijbel in ruimere
1092 IV, 2,60 | na "al het werk dat Hij scheppend tot stand had gebracht" (
1093 IV, 2,60 | bracht. De bezegeling van dat scheppende werk werd de zegening en
1094 I, 2,12 | van God na de dagen van scheppingsactiviteit (vgl. Ex 20,8-11), maar
1095 I, 2,11 | ledigheid' van God. De scheppingsdaad die de wereld vestigt, is
1096 I, 2,9 | s van dien. Direct na de scheppingsverhalen geeft de bijbel een uiteenzetting
1097 I, 2,11 | God wil aanknopen met het schepsel dat naar zijn beeld gemaakt
1098 Intro, 0,1| psalmist: "Zie deze dag schept de Heer, laat ons hem vieren
1099 I, 2 | In het begin schiep God de hemel en de aarde" (
1100 III, 9,44 | naar het altaar en daar schiet u te binnen dat uw broeder
1101 III, 7,40 | gewijde tekst"66 te doen schitteren. Anderzijds is het goed,
1102 I, 2,11 | eerder op het genieten van de schoonheid van dat wat voltooid is;
1103 III, 7,39 | bij het rijkere aanbod aan schriftlezingen op zon- en feestdagen schreef: "
1104 II, 2,22 | gemaakt met behulp van die schriftteksten, die volgens het getuigenis
1105 II, 9,30 | zijn diepte. Een oosters schrijver uit de derde eeuw vertelt,
1106 III, 1,46 | tot keizer Antoninus en de senaat kon de martelaar Justinus
1107 II, 2,21 | dezelfde titel toe die de septuagint in de openbaring van het
1108 III, 4,52 | positieve en bemoedigende signalen. Dankzij de gave van de
1109 II, 6,27 | zindert mee met de vreugde die Simeon ervoer toen hij het goddelijk
1110 I, 2,11 | rust' van God kan niet simpelweg uitgelegd worden als een
1111 III, 7,41 | woestijn aan de voet van de Sinaï (vgl. Ex 19,7-8;24, 3,7),
1112 III, 1,46 | een bepaalde periode of situatie sprake geweest van slapte
1113 I, 2,12 | Boog en zwaard en oorlog sla Ik het land uit en in veiligheid
1114 III, 1,46 | situatie sprake geweest van slapte in het nakomen van deze
1115 I, 1,8 | de dageraad der schepping sloot het plan van God dus deze '
1116 III, 0,45 | gebed na de communie, de slotriten, de zegening en wegzending
1117 III, 8,42 | zijn leven ontleent. Ten slotte richt het volk van God door
1118 III, 3,34 | wereldkerk,45 door de Vader te smeken, dat Hij "denkt aan zijn
1119 II, 3,23 | Niettemin begon men tamelijk snel steeds duidelijker tussen
1120 I, 2,10 | nu zelfs duizelingwekkend snelle ontwikkeling is, in de
1121 I, 2,10 | verschijningsvormen een steeds snellere en nu zelfs duizelingwekkend
1122 Intro, 0,4| de ontwikkeling van de sociaal-economische omstandigheden vaak uitgelopen
1123 Intro, 0,5| eerder vermelde oorzaken van sociologische aard en misschien als gevolg
1124 III, 1,47 | lauwheid of nalatigheid van sommigen het bijwonen van de zondagsmis
1125 II, 1,19 | rust' van God, men toch specifiek op de verrijzenis van Christus
1126 III, 3,51 | door de heilige communie spelen zij aldus een actieve rol
1127 III, 1,46 | met de leven-schenkende spijs die eeuwig blijft?"75 De
1128 Intro, 0,2| generatie laten zien wat de spil van de geschiedenis is,
1129 IV, 2,62 | licht van de theologie en de spiritualiteit van de zondag: "Onderhoud
1130 IV, 1,58 | de avond van Pasen. Hij spoorde de zielenherders dan ook
1131 I, 4,16 | wat men moet gedenken. Het spoort aan tot het opfrissen van
1132 Intro, 0,4| culturele, politieke of sportieve activiteiten die meestal
1133 IV, 1,56 | vóór zijn lijden en dood sprak, werd voor hen werkelijkheid,
1134 III, 1,46 | bepaalde periode of situatie sprake geweest van slapte in het
1135 II, 2,21 | En wanneer de christenen spraken over de "dag des Heren",
1136 IV, 1,55 | teken van de verrijzenis, staande bidt en dat men om dezelfde
1137 II, 2,21 | geschreven door Plinius de Jonge, stadhouder van Bithynia, toen hij vaststelde,
1138 III, 1,31 | samengesteld uit "elke stam en taal en volk en natie" (
1139 III, 3,34 | dat is duidelijk, geen status die verschilt van de eucharistie
1140 Intro, 0,5| zondagsviering, zowel in de steden als in de meest afgelegen
1141 II, 8,29 | vinger en bezie mijn handen. Steek uw hand uit en leg die in
1142 III, 2,33 | Jezus bij deze gelegenheid stelde, zijn dezelfde als bij het
1143 II, 9,30 | dezelfde geest, toen het stelling nam inzake de hypothetische
1144 II, 5,26 | christenen doet leven en hen sterkt op hun weg.26 In het licht
1145 IV, 2,61 | maakte de zon, de maan en de sterren, maar ook dan lees ik nergens
1146 III, 1,48 | gaan, kunnen rekenen op de steun van de christengemeenschap.
1147 Intro, 0,3| willen aanbieden om u te steunen in uw pastoraal engagement
1148 III, 4,52 | verdiepen of te genieten van de stilte. Waarom zouden er indien
1149 III, 5,53 | richtlijnen van de Heilige Stoel, waarvan de toepassing is
1150 III, 1,47 | zondagsplicht, maar van de strafgevolgen van driemaal verzuim)78
1151 II, 9,30 | dat de gelovigen in elke streek al regelmatig de zondag
1152 III, 1,46 | toen hun samenkomsten ten strengste verboden waren, waren er
1153 III, 4,35 | op de noodzaak ernaar te streven "dat de zin voor de parochiegemeenschap
1154 Intro, 0,7| aan de meest waarachtige strevingen van ieder menselijk wezen
1155 I, 3,13 | context van de fundamentele structuren van de ethiek, laten Israël
1156 II, 9,30 | dag des Heren bepaalde de structuur van de tweeduizendjarige
1157 III, 7,39 | tafel wordt de werkelijke, substantiële en duurzame aanwezigheid
1158 I, 3,15 | kondigen. De 'sabbat' is dus op suggestieve wijze opgevat als een bepalend
1159 II, 5,26 | licht van een aanvullende symboliek die de vaders na aan het
1160 II, 9,30 | overeenstemming met wijzigingen van de systemen van de burgerlijke kalenders,
1161 III, 0,45 | Verrezene en van diens Geest, de taken die hun in hun gewone leven
1162 II, 6,27 | en die nog in een aantal talen terug te vinden is,29 te
1163 I, 3,14 | en de getuigenissen van talloze mystici niet aarzelen beelden
1164 I, 2,10 | ontwikkeling van wetenschap, techniek en cultuur in al hun uiteenlopende
1165 III, 1,48 | voor onverschillig en tegendraads tegenover de boodschap van
1166 III, 5,53 | christelijke traditie, wanneer een tekort aan priesters het onmogelijk
1167 III, 6,54 | veel landen geven radio en televisie de mogelijkheid zich met
1168 III, 6,54 | zondagsplicht, vormt de televisie- of radio-uitzending een
1169 III, 6 | Radio- en televisie-uitzendingen~
1170 II, 3,23 | verplichte zondagsrust, een tendens tot 'sabbatisering' van
1171 Intro, 0,3| gevierd op de achtste dag, die terecht dag des Heren of 'zondag'
1172 II, 2,21 | des Heren", gaven ze die term inderdaad de volle betekenis
1173 I, 3,15 | expressieve taal vertaald wordt in termen als 'nieuwheid' en 'onthechting',
1174 II, 6,27 | schrijft, de gebruikelijke terminologie toen hij opmerkte dat de
1175 Intro, 0,3| engagement op dit zo vitale terrein. Tegelijkertijd wil ik me
1176 Intro, 0,1| aanbidding en dankbaarheid terugdenkt aan de eerste dag van de
1177 Intro, 0,3| apostolische overlevering die teruggaat tot de eigen dag van de
1178 I, 3,14 | zonder uitzondering, tot God teruggevoerd wordt. Tijd en ruimte behoren
1179 I, 2,9 | zijn tegenover de telkens terugkerende verleiding de wereld zelf
1180 IV, 2,60 | theologische dimensie . Het telkens terugkomen van de 'sabbat' behoedt
1181 IV, 2,63 | van sommige tijdgenoten teweer te stellen en door de authentieke
1182 III, 2,32 | één is, vormen wij allen tezamen één lichaam, want allen
1183 IV, 2,63 | interpretatie van sommige tijdgenoten teweer te stellen en door
1184 III, 5,37 | In het perspectief van de tocht van de kerk in de loop der
1185 I, 3,15 | de geschiedenis aan God toebehoren en dat de mens zich niet
1186 III, 7,41 | wanneer het doopsel wordt toegediend tijdens de mis. In dat kader
1187 II, 6,27 | aan de dag van de Heer is toegekend. Een verstandige pastorale
1188 III, 7,39 | gunstige richtlijnen zijn trouw toegepast bij de liturgische hervormingen,
1189 IV, 2,61 | dag te eren die aan hem is toegewijd, geenszins een moeilijk
1190 III, 5,37 | naar de glorie van zijn toekomstige 'wederkomst'. Dat maakt
1191 III, 1,31 | gedoopten "zich ernstig toelegden op de leer der apostelen,
1192 III, 4,36 | catecheten die zich erop moeten toeleggen de inleiding op de mis in
1193 IV, 2,61 | en door te geven te doen toenemen.~ ~
1194 III, 2,33 | uitsprak, het brak en het hun toereikte" (Lc 24,30). De handelingen
1195 III, 1,49 | in die plaatsen die veel toeristen of pelgrims trekken voor
1196 I, 2,10 | de verantwoordelijkheid toevertrouwde de aarde te bevolken, haar
1197 III, 1,47 | maar soms heeft zij haar toevlucht moeten nemen tot gerichte
1198 III, 9,44 | bij de openingsritus en de toon van het gebed dat ingaat
1199 III, 3,34 | dimensie en maakt zich tot toonbeeld van andere eucharistievieringen.
1200 I, 2,10 | erkennend, zichzelf en de totaliteit van de dingen naar Hem terug
1201 II, 1,20 | de kerk die naar buiten trad als het volk waarbinnen
1202 III, 4,52 | aanvullen?~Deze tamelijk traditionele vorm van 'zondagsheiliging'
1203 II, 5,26 | zeven dagen een unieke en transcendente plaats inneemt die niet
1204 III, 1,48 | bisschoppen "dusdanig op te treden, dat de zondag door alle
1205 I, 4,17 | volle betekenis. Daarmee treedt de mens in de dimensie van
1206 III, 1,49 | voor religieuze bijstand te treffen.89~ ~
1207 II, 2,21 | waren ook de gelovigen van Troas bijeengekomen "voor het
1208 III, 1,46 | Justinus met een zekere trots vermelden, dat de christenen
1209 III, 1,46 | die het keizerlijk edict trotseerden en liever de dood riskeerden,
1210 III, 1,46 | Wat voor excuus zouden trouwens diegenen tegenover God hebben,
1211 Intro, 0,3| ervan, dat in de loop van tweeduizend jaar geschiedenis altijd
1212 II, 9,30 | bepaalde de structuur van de tweeduizendjarige geschiedenis van de kerk.
1213 I, 3,14 | zelfs die van een 'bruids'-tweespraak. Het is een samenspraak
1214 IV, 2,59 | Christus het hoogtepunt is, de uitbreiding en volledige uitdrukking
1215 III, 7,41 | zijn. De liturgie voorziet uitdrukkelijk in deze vernieuwing tijdens
1216 III, 0,45 | is toevertrouwd. Na het uiteengaan van de verzamelde schare
1217 I, 2,10 | techniek en cultuur in al hun uiteenlopende verschijningsvormen een
1218 I, 2,9 | scheppingsverhalen geeft de bijbel een uiteenzetting over de dramatische tegenstelling
1219 Intro, 0,2| oorsprong en dat van de uiteindelijke bestemming van de wereld
1220 III, 4,52 | het religieus gevoel te uiten, zoals de bedevaart. Gelovigen
1221 III, 5,53 | Bisschoppenconferenties.96 Uitgangspunt moet echter blijven het
1222 III, 1,49 | voorafgaande aan de zondag wordt uitgebreid.87 Liturgisch gezien immers
1223 I, 2,11 | van God kan niet simpelweg uitgelegd worden als een soort 'ledigheid'
1224 II, 2,21 | gaf, jhwh, welke naam niet uitgesproken mocht worden.~ ~
1225 III, 4,35 | op pastoraal niveau tot uiting moet komen. Zoals ik in
1226 II, 2,22 | zijn leerlingen had moeten uitleggen. In het licht van deze teksten
1227 III, 1,31 | mystieke Lichaam die deel uitmaakt van het volk van God.38
1228 III, 7,39 | enkele daad van eredienst uitmaken".61 Hetzelfde Concilie benadrukte
1229 Intro, 0,7| allen met aandrang willen uitnodigen de zondag opnieuw te ontdekken:
1230 III, 9,44 | vgl. 1Kor 11,27-32). De uitnodiging voor de eucharistische communie
1231 III, 3,51 | ambtelijk priesterschap uitoefenen, toe het eucharistisch offer
1232 Intro, 0,1| heel goed van toepassing de uitroep van de psalmist: "Zie deze
1233 I, 5,18 | die met Christus kunnen uitroepen "Abba, Vader" (Rom 8,15;
1234 I, 2,12 | De God die de zevende dag uitrust en zich verheugt over zijn
1235 IV, 2,62 | kunnen uw slaaf en uw slavin uitrusten evenals gijzelf. Bedenk
1236 III, 2,33 | het brood nam, de zegen uitsprak, het brak en het hun toereikte" (
1237 II, 3,23 | middel van hun uitleg van "de uitspraken van de profeten, die elke
1238 Intro, 0,2| een absoluut unieke wijze uitsteekt boven de mensengeschiedenis,
1239 III, 1,31 | de Geest. Deze eenheid is uitwendig zichtbaar wanneer de christenen
1240 III, 9,44 | daaraan een bijdrage. De uitwisseling van het teken van vrede,
1241 III, 6,54 | plaatsvindt.98 Door een dergelijke uitzending te volgen vervult men nog
1242 II, 5,26 | week biedt de christen het uitzicht op zijn doel: het eeuwig
1243 I, 3,14 | elke werkelijkheid, zonder uitzondering, tot God teruggevoerd wordt.
1244 III, 4,36 | daadwerkelijk het sacramentum unitatis, het sacrament van de eenheid,
1245 I, 3,13 | morele leven beschrijven en universeel in het hart van de mens
1246 III, 4,52 | gezinsverband, gedurende enige uren het geloof te ervaren. Dat
1247 Intro, 0,4| gaan. Dienaangaande is het urgent te komen tot een authentieke
1248 III, 1,48 | vijandig en soms en dat komt vaker voor onverschillig en
1249 I, 2,9 | gelijkenis geschapen is, en zijn val die in de wereld het begin
1250 IV, 2,63 | bevrijdende aspect terug. Zo valt te begrijpen waarom de christenen
1251 IV, 1,56 | kerkorde in de tijd kunnen variëren, alleen maar gekenmerkt
1252 IV, 1,55 | blijken: "Zorg dat men het vasten achterwege laat en dat men,
1253 IV, 2,62 | blijven; zij zijn plechtig vastgelegd in de tien geboden, maar
1254 II, 2,21 | stadhouder van Bithynia, toen hij vaststelde, dat de christenen de gewoonte
1255 III, 1,46 | tot nu toe heeft kunnen vaststellen.~In zijn eerste Apologie
1256 IV, 2,62 | uw ezel niet, uw overige vee niet en ook niet de vreemdelingen
1257 III, 4,52 | verlangen naar het gebed in zijn veelvoudige vormen opkomen. Men herontdekt
1258 III, 8,42 | gemeenschap erop voor de veelvuldige aspecten ervan te beleven,
1259 III, 9,44 | in de Romeinse liturgie veelzeggend voor de eucharistische communie
1260 I, 2,12 | sla Ik het land uit en in veiligheid laat Ik hen wonen. Ik neem
1261 II, 9,30 | christelijke zondag, gegeven de vele betekenissen en aspecten
1262 Intro, 0,4| van ontspanning die soms ver van huis wordt doorgebracht
1263 Intro, 0,3| dag des Heren', ook in de veranderende omstandigheden van onze
1264 II, 9,30 | inzake de hypothetische veranderingen van de kerkelijke kalender
1265 I, 2,9 | goed in de mate waarin zij verankerd blijft aan haar oorsprong.
1266 I, 2,9 | boek Genesis geeft goed de verbazing weer die de mens vervult
1267 Intro, 0,2| 1Kor 15,14): het is een verbazingwekkende werkelijkheid die in het
1268 II, 4,24 | 1,3-5). Een dergelijke verbinding zette er toe aan de verrijzenis
1269 IV, 1,57 | hart onbevredigd en zelfs verbitterd achterlaten. De vreugde
1270 III, 1,46 | samenkomsten ten strengste verboden waren, waren er talrijke
1271 II, 2,22 | streken waar het evangelie verbreid werd en de feestdagen van
1272 II, 2,21 | Openbaring laat ons het wijd verbreide gebruik om de eerste dag
1273 II, 9,30 | de zondag niet ook haar verdere geschiedenis zal markeren?
1274 I, 4,16 | voor u zijn" (Ex 20,8). Verderop geeft de geïnspireerde tekst
1275 III, 7,40 | gerichte initiatieven ter verdieping van de bijbelse teksten,
1276 II, 4,24 | heeft ook tot theologische verdiepingen van groot belang aanleiding
1277 IV, 2,59 | christocentrisch perspectief verdiept, dat wil zeggen in het licht
1278 III, 6,38 | dat zij "vreugde en hoop, verdriet en angst van de mensen van
1279 IV, 1,58 | plan van God. Zoals mijn vereerde voorganger Paulus VI in
1280 III, 4,36 | dat groepen, bewegingen, verenigingen en ook kleine religieuze
1281 III, 8,43 | wijze geofferd."70 Christus verenigt zijn offer met dat van de
1282 II, 4,24 | 24. De vergelijking van de christelijke zondag
1283 Intro, 0,4| oudsher christelijke landen vergemakkelijkt werd door een brede volksdeelname
1284 III, 7,41 | We moeten overigens niet vergeten, dat de liturgische verkondiging
1285 III, 9,44 | zijn van een zware zonde, vergeving hebben ontvangen in het
1286 I, 2,9 | verleiding de wereld zelf te vergoddelijken. Het is tegelijkertijd een
1287 II, 6,27 | een eredienst die de zon vergoddelijkte en richtte zij de viering
1288 III, 6,54 | zondagsplicht. Deze immers vergt de deelname aan de broederlijke
1289 I, 2,9 | e.v.). Dit refrein, dat het verhaal zijn ritme geeft, werpt
1290 III, 1,46 | zegt bijvoorbeeld een verhandeling uit de derde eeuw met de
1291 III, 8,42 | ontelbare gaven door Hem te verheerlijken "door Christus, met Hem
1292 III, 8,43 | ertoe brengt 'onze harten te verheffen', de vrucht van een 'afdalende
1293 III, 5,53 | zijn die zich niet mogen verheugen in het dienstwerk van een
1294 I, 2,12 | zevende dag uitrust en zich verheugt over zijn schepping is dezelfde
1295 IV, 1,55 | zondag boven alle dagen verheven heeft. De hemelen en de
1296 III, 1,49 | mis, tenzij in geval van verhindering om ernstige redenen, voor
1297 III, 7,40 | verkondiging van het Woord de verhoopte vruchten zal opleveren.
1298 II, 9,30 | de burgerlijke kalenders, verklaard dat de kerk alleen die wijzigingen
1299 II, 5,26 | komende tijdperk'. Basilius verklaart, dat de zondag staat voor
1300 II, 8,29 | een bijzondere manier zijn verknochtheid aan Christus en zijn evangelie
1301 III, 7,41 | Verbond, wanneer men de Wet verkondigde en de gemeenschap van Israël,
1302 IV, 2,63 | bewerkstelligde bevrijding verkondigden, gelijk hadden, toen zij
1303 II, 2,22 | het licht van deze teksten verkreeg de viering van de dag van
1304 IV, 1,57 | opgevat is veel duurzamer en verkwikkender. Deze is zelfs, zoals de
1305 IV, 1,58 | de christelijke vreugde, verkwikking voor het feest in eeuwigheid."
1306 I, 1,8 | 2,2) en de rust door Hem verleend aan het volk van de uittocht
1307 IV, 2,63 | de zin van de sabbat te verleggen naar de dag van de verrijzenis.
1308 I, 2,9 | de telkens terugkerende verleiding de wereld zelf te vergoddelijken.
1309 I, 1,8 | betrokken feest, dat geheel verlicht wordt door de heerlijkheid
1310 II, 6,27 | van de verrezen Christus verlichte dag vinden we als thema
1311 I, 3,14 | eentonig wordt. Het gesprek verloopt in werkelijkheid via de
1312 I, 5,18 | beschouwen de persoon van onze Verlosser, onze Heer Jezus Christus
1313 IV, 2,59 | gedachtenis van de universele verlossing door de dood en verrijzenis
1314 I, 4,17 | scheppingswerk, maar meer in het verlossingswerk van God in de uittocht: "
1315 III, 1,31 | niet alleen als individu verlost, maar ook als lidmaat van
1316 III, 9,44 | de heilige Paulus in zijn vermaan aan de gemeenschap van Korinte (
1317 Intro, 0,5| elders als gevolg van eerder vermelde oorzaken van sociologische
1318 III, 1,46 | Justinus met een zekere trots vermelden, dat de christenen feitelijk
1319 III, 3,34 | dan niet op zondag. Uit de vermelding van de bisschop in het eucharistisch
1320 IV, 2,61 | vervult en in zekere zin 'vermenigvuldigt' door in mannen en vrouwen
1321 Intro, 0,5| aspect van de eucharistie te verminderen, maar ook die van de plicht
1322 III, 8,43 | waardoor Hij "zich heeft vernederd, gehoorzaam werd tot de
1323 IV, 1,58 | Christus ons bereidt, kunnen veronachtzamen? Laat de deelname eraan
1324 II, 3,23 | waren vast te houden aan de verplichtingen van de oude wet. Ignatius
1325 III, 1,49 | hun persoonlijk getuigenis verrijken. Tegelijkertijd is het goed,
1326 II, 1,19 | anastasimos hêmera, de dag van de verrijzenis18 en vanwege deze wezenstrek
1327 III, 7,39 | blijft voortdurend inzicht verschaffen in de heilsgeschiedenis
1328 Intro, 0,5| we met een tamelijk grote verscheidenheid aan situaties geconfronteerd.
1329 I, 5,18 | paaszondag aan de zijnen verschenen is en de gave van de vrede
1330 I, 2,10 | in al hun uiteenlopende verschijningsvormen een steeds snellere en
1331 Intro, 0,4| maatschappelijk en cultureel verschijnsel dat niet verstoken is van
1332 II, 6,27 | als "de Opgaande Zon, die verschijnt aan hen die in het duister
1333 II, 1,20 | verenigd worden, ondanks alle verschillen.~ ~
1334 III, 3,34 | duidelijk, geen status die verschilt van de eucharistie die op
1335 II, 1,20 | als het volk waarbinnen de verspreide kinderen van God in eenheid
1336 I, 3,14 | van maakt, moet men dat verstaan tegen de achtergrond van
1337 II, 6,27 | de Heer is toegekend. Een verstandige pastorale intuïtie heeft
1338 III, 1,31 | leven gegeven heeft "om de verstrooide kinderen van God samen te
1339 I, 3,15 | die in expressieve taal vertaald wordt in termen als 'nieuwheid'
1340 III, 7,40 | weer te geven en deze te vertalen naar de huidige tijd, afgestemd
1341 III, 4,35 | parochie, waar de pastoor de vertegenwoordiger is van de bisschop".48~ ~
1342 II, 9,30 | schrijver uit de derde eeuw vertelt, dat de gelovigen in elke
1343 IV, 1,55 | Augustinus die hierin de vertolker is van een breed kerkelijk
1344 Intro, 0,7| ook van de eeuwigheid. Hij vertrouwt ons 'Zijn dag' toe als een
1345 IV, 2,59 | van Christus. Meer dan de vervanging van de sabbat, is de zondag
1346 III, 7,41 | impliciete wijze in het credo vervat zijn. De liturgie voorziet
1347 III, 1,46 | aanwezig waren.76 Tijdens de vervolging onder Diocletianus, toen
1348 IV, 2,59 | sabbat, is de zondag de vervollediging en, in een bepaald opzicht,
1349 I, 4,17 | van dank en lof jegens God vervulde 'herinnering' levendig is,
1350 III, 6,54 | vrijgesteld zijn van het vervullen van de zondagsplicht, vormt
1351 III, 5,37 | eeuwige zondag. In feite is de verwachting van de komst van de Heer
1352 II, 3,23 | waren, als hun Leermeester verwachtten?"21 Augustinus op zijn beurt
1353 Intro, 0,6| Christus uit de doden, heeft verwekt tot een nieuw leven van
1354 III, 5,53 | Heer, de enige volledige verwerkelijking van de eucharistische samenkomst
1355 I, 2,11 | wat Hij meer en meer zal verwezenlijken in het perspectief van het
1356 III, 5,37 | van de verrezen Christus, verwijst ook en met meer kracht naar
1357 III, 2,33 | vrede die door zijn bloed verworven was en tegelijk met zijn
1358 III, 9,44 | ga u eerst met uw broeder verzoenen en kom dan terug om uw gave
1359 III, 9,44 | in het sacrament van de verzoening,73 in de geest van de heilige
1360 III, 1,47 | strafgevolgen van driemaal verzuim)78 en vooral vanaf de zesde
1361 I, 2,11 | van de heilige Geest en de vestiging van de kerk als zijn lichaam
1362 I, 2,11 | scheppingsdaad die de wereld vestigt, is werkelijk blijvend van
1363 III, 1,49 | soms als gevolg daarvan de 'vigiliemis' genoemd wordt, is in feite
1364 III, 1,48 | is de omgeving openlijk vijandig en soms en dat komt vaker
1365 II, 7,28 | wanneer de heilige Geest vijftig dagen na Pasen met macht,
1366 II, 8,29 | Thomas: "Kom hier met uw vinger en bezie mijn handen. Steek
1367 III, 4,35 | de gemeenschap niets zo vitaal en brengt zoveel vorming
1368 I, 2,11 | met Christus. Juist het vleesgeworden Woord zal, door de eschatologische
1369 III, 9,44 | waarin Christus zichzelf tot voedsel maakt. "En Christus heeft
1370 III, 2,32 | 39 ervan. De eucharistie voedt en vormt de kerk: "Omdat
1371 III, 2,33 | bij wie Christus zelf zich voegde, terwijl Hij hen leidde
1372 Intro, 0,3| graag met mijn gelovigen voer, voortgezet door met u na
1373 I, 2,10 | dingen naar Hem terug te voeren, zodat na de onderwerping
1374 IV, 2,60 | de zondag. Deze theologie voert ons altijd en met nooit
1375 III, 7,41 | volk in de woestijn aan de voet van de Sinaï (vgl. Ex 19,
1376 I, 2,12 | dieren in het wild, met de vogels in de lucht en met wat er
1377 III, 1,49 | waarbinnen aan de verplichting voldaan moet worden met de zaterdagavond
1378 Intro, 0,7| die ons geloof stelt te voldoen, maar ook om concreet aan
1379 III, 1,31 | van deze aanwezigheid niet voldoende dat de leerlingen van Christus
1380 I, 2,11 | een blik vol vreugdevolle voldoening te laten rusten. Het is
1381 I, 1,8 | geopend tot wat Hij zelf zal voleinden op het moment van zijn terugkomst
1382 IV, 1,55 | het wekelijks pasen als volgt blijken: "Zorg dat men het
1383 Intro, 0,4| wordt met een volledige volgzaamheid aan de heilige Geest.~
1384 I, 1,8 | is, dat de Zoon bij de "volheid van de tijd" (Gal 4,4) mens
1385 IV, 1 | De 'volkomen vreugde' van Christus~
1386 Intro, 0,4| vergemakkelijkt werd door een brede volksdeelname en door een, om het zo uit
1387 I, 2,11 | God, maar onderstreept de volledigheid van het werk dat voltooid
1388 III, 4,52 | kinderen helpen dat te doen wat volmaakter is en aangenamer voor de
1389 III, 3,34 | alle kerken, opdat zij de volmaaktheid van de liefde zal verwerven.~ ~
1390 III, 3,34 | het meest zichtbaar in het voltallig en actief deelnemen van
1391 III, 3,51 | het eucharistisch offer te voltrekken en uit naam van het hele
1392 III, 9,44 | alles wat zich in de viering voltrekt,74 en aan het engagement
1393 III, 3,51 | aanwezigen, kinderen en volwassenen, zich bij de viering betrokken
1394 IV, 1,56 | Het Woord dat Christus vóór zijn lijden en dood sprak,
1395 III, 5,37 | verlangen",56 waarin zij al vooraf de vreugde van de nieuwe
1396 III, 1,49 | worden met de zaterdagavond voorafgaande aan de zondag wordt uitgebreid.
1397 III, 1,49 | houden en met de gelovigen de voorbede te bidden.~De zielenherders
1398 III, 1,31 | voortgezet, zoals Lucas dat op voorbeeldige wijze in de Handelingen
1399 III, 7,40 | van de gelovigen goed is voorbereid door een aangepaste kennis
1400 I, 2,9 | Schepper van het heelal die voorbestemd is de enige Heer te zijn
1401 III, 8,43 | die het mogelijk maakt de voorbije week met heel de menselijke
1402 IV, 1,58 | temidden van zijn leerlingen voorbijgaat om hen gezamenlijk mee te
1403 III, 5,53 | Noodgevallen kunnen zich ook voordoen in landen met een lange
1404 IV, 1,58 | God. Zoals mijn vereerde voorganger Paulus VI in zijn exhortatie
1405 III, 3,34 | eucharistie, al dan niet voorgegaan door de bisschop, al dan
1406 I, 3,13 | openbaring aangekondigd en voorgehouden wordt. In dezelfde orde
1407 II, 3,23 | die elke sabbat worden voorgelezen" (vgl. Hnd 13,27). In sommige
1408 II, 1,19 | wereld, aan de gelovigen voorhoudt om te overwegen en een plaats
1409 III, 6,54 | viering van de zondagsmis, bij voorkeur door het lezen van de gebeden
1410 II, 5,26 | laatste dag die volledig de voorloperssymboliek van de sabbat zal verwerkelijken,
1411 Intro, 0,2| wordt door diegenen die het voorrecht hadden de verrezen Heer
1412 I, 5,18 | schepping die uit het niets te voorschijn gebracht was bezag, voortaan
1413 III, 2,50 | dat gebied zich kan laten voorstaan op een rijk erfgoed.~ ~
1414 I, 2,11 | van barmhartigheid en het voorstel van de liefde van de Vader
1415 III, 6,54 | die gelovigen rijke vrucht voort en kunnen zij de zondag
1416 I, 5,18 | voorschijn gebracht was bezag, voortaan zijn uitdrukking in de vreugde
1417 Intro, 0,6| en de problemen die eruit voortvloeien lijkt het meer dan ooit
1418 II, 2,21 | die uit de paasboodschap voortvloeit: "Jezus Christus is de Heer" (
1419 III, 5,37 | van het hemels Jeruzalem vooruitloopt. Door haar kinderen in de
1420 III, 7,41 | die het Oude Testament al voorzag voor de tijd van vernieuwing
1421 III, 7,41 | vervat zijn. De liturgie voorziet uitdrukkelijk in deze vernieuwing
1422 III, 8,42 | de gebeurtenissen van de vorige dagen en deze te interpreteren
1423 Intro, 0,3| gevoelens die de inspiratie vormden voor deze apostolische brief
1424 III, 4,36 | mis in te passen in het vormingsplan van de kinderen die aan
1425 IV, 2,62 | vee niet en ook niet de vreemdelingen binnen uw poorten. Dan kunnen
1426 III, 1,46 | Wij hebben zonder enige vrees de Maaltijd van de Heer
1427 IV, 1,55 | Didascalia apostolorum.100 Het vreugdeblijk werd ook in de liturgische
1428 IV, 1,55 | over aan vreugde."99 Deze vreugdekreet uit de maronitische liturgie
1429 IV, 1,58 | vreugde en de echt menselijke vreugden. Integendeel, deze laatste
1430 I, 4,16 | intimiteit en echtelijke vriendschap.~
1431 III, 8,42 | ons menszijn te delen en vrij te kopen, weer onder een
1432 III, 1,31 | levendig bewust het volk van vrijgekochte mensen te zijn, samengesteld
1433 III, 6,54 | eucharistie deel te nemen en dus vrijgesteld zijn van het vervullen van
1434 III, 4,52 | goed beleefd als deze van vroeg tot laat vervuld is van
1435 Intro, 0,1| Christus en die, toen zij in de vroege morgen van de eerste dag
1436 I, 2,10 | zending waardoor God man en vrouw de taak en de verantwoordelijkheid
1437 III, 1,31 | in de kerk die daarin het vruchtbare geheim van haar bestaan
1438 II, 3,23 | joodse sabbat nader in te vullen. Op de dag van de sabbat
1439 Intro, 0,7| om concreet aan de meest waarachtige strevingen van ieder menselijk
1440 II, 9,30 | de zondag intact laten en waarborgen".37 Op de drempel van het
1441 I, 2,10 | Het is een mooie wereld, waard om bewonderd te worden.
1442 Intro, 0,4| inachtneming van authentieke waarden, kan bijdragen aan de menselijke
1443 III, 8,43 | Christus heeft zich van al zijn waardigheid ontdaan, waardoor Hij "zich
1444 IV, 2,63 | slavernij bevrijd dan die waaronder een onderdrukt volk gebukt
1445 II, 4,25 | roepen van het doopgebeuren waaruit geheel ons christenbestaan
1446 III, 6,38 | christenvolk zich "hoopvol wachtend op de komst van Jezus Messias,
1447 III, 0,45 | hun in hun gewone leven wachtten, aan te pakken. De gelovige
1448 Intro, 0,7| bevreesd! Open de deuren wagenwijd voor Christus!"9 En vandaag
1449 III, 5,37 | glorie van zijn toekomstige 'wederkomst'. Dat maakt van de zondag
1450 III, 9,44 | en aan het engagement tot wederzijdse liefde dat men aangaat door
1451 I, 2,10 | Via deze antropomorfe weergave van het goddelijk 'werk'
1452 III, 1,31 | de apostelen heeft willen weergeven, toen hij schreef dat de
1453 Intro, 0,1| 24, 35 en 32). Het is de weerklank van de aanvankelijk aarzelende
1454 III, 7,41 | zodanige wijze in ons doet weerklinken, dat wat wij horen, ons
1455 III, 2,33 | aanwezig. In hun getuigenis weerklinkt voor alle generaties gelovigen
1456 II, 6,27 | verrijzenis is de eeuwige weerspiegeling, in het weekritme van de
1457 IV, 1,55 | als een dag van vreugde. "Weest ieder op de eerste dag van
1458 III, 4,36 | eigenheden van hun geestelijke wegen die er een legitiem kenmerk
1459 III, 0,45 | slotriten, de zegening en wegzending van de gelovigen herontdekt
1460 Intro, 0,5| misschien als gevolg van een te weinig gemotiveerd geloof een buitengewoon
1461 IV, 2,60 | in de opeenvolging der weken krijgt zij daardoor niet
1462 II, 2,21 | jonge man Eutuchus tot leven wekte. Het boek van de Openbaring
1463 III, 0,45 | geestelijke offergave die God welgevallig is (vgl. Rom 12,1). Hij
1464 I, 2,9 | zijn ritme geeft, werpt een welwillend licht op alle elementen
1465 I, 1,8 | der tijden, aanwezig in de welwillende blik van God toen Hij bij
1466 III, 4,36 | rekening wordt gehouden met het welzijn van personen of groepen
1467 Intro, 0,3| Tegelijkertijd wil ik me echter wenden tot u allen, beminde gelovigen,
1468 I, 2,10 | ontwikkeling is, in de wereldgeschiedenis, de vrucht van de zending
1469 III, 3,34 | voor de communio met de wereldkerk,45 door de Vader te smeken,
1470 IV, 2,60 | van de dag waarop God niet werkte na "al het werk dat Hij
1471 III, 8,43 | met een werkelijk unieke werkzaamheid in de woorden van de consecratie
1472 IV, 1,55 | de liturgie van oost en west van meet af aan de zondag
1473 II, 1,19 | alle kerken, zowel van het westen als het oosten, benadrukt.
1474 I, 2,10 | van de ontwikkeling van wetenschap, techniek en cultuur in
1475 Intro, 0,4| zelfs in landen waarin de wetgeving het karakter van deze dag
1476 I, 3,13 | beschouwen, maar als een wezenlijke en onvermijdelijke uitdrukking
1477 II, 1,19 | verrijzenis18 en vanwege deze wezenstrek is deze dag het middelpunt
1478 II, 2,21 | Openbaring laat ons het wijd verbreide gebruik om de
1479 III, 5,53 | verschillende groepen uit de wijde omgeving kunnen deelnemen.~ ~
1480 I, 3,15 | Schepper in de wereld kan wijden zonder zich voortdurend
1481 III, 8,43 | de gedaanten van brood en wijn, waarover de uitstorting
1482 I, 4,16 | plicht oplegt iets te doen, wijst het op iets, wat men moet
1483 II, 4,25 | mis de besprenkeling met wijwater aan te bevelen die niets
1484 Intro, 0,4| uitgelopen op een grondige wijziging van de collectieve gedragingen
1485 I, 2,12 | hen, met de dieren in het wild, met de vogels in de lucht
1486 II, 8,29 | zijn doopbeloften. Door willig te luisteren naar het woord
1487 II, 7,28 | met macht, als een "hevige wind" en als "een vuur" (Hnd
1488 III, 7,41 | net als het volk in de woestijn aan de voet van de Sinaï (
1489 II, 2,21 | afscheidsrede richtte en een wonder verrichtte, toen hij de
1490 Intro, 0,2| Heer te zien. Het is een wonderbare gebeurtenis die niet alleen
1491 III, 7,41 | In deze dialoog worden de wonderen van het heil verkondigd
1492 III, 1,49 | ze 's zondags niet in hun woonplaats zijn, alle moeite moeten
1493 II, 6,27 | kerk de verwondering van Zacharias tot de hare, wanneer hij
1494 IV, 1,56 | vreugde toen zij de Heer zagen" (Joh 20,20). Het Woord
1495 III, 7,40 | zijn natuurlijk heel wat zaken toevertrouwd aan de bedienaars
1496 III, 2,33 | worden in de zaligspreking: "Zalig die niet gezien en toch
1497 III, 2,33 | aangekondigd worden in de zaligspreking: "Zalig die niet gezien
1498 III, 1,49 | voldaan moet worden met de zaterdagavond voorafgaande aan de zondag
1499 II, 3,23 | zij die volgens de oude zeden geleefd hebben, maar tot
1500 I, 4,16 | Heer de hemel, de aarde, de zee met al wat er in is gemaakt.
|