|
De tafel van het Woord
39. Bij de zondagse samenkomst
heeft, zoals bij elke eucharistieviering overigens, de ontmoeting met de
Verrezene plaats door het deelhebben aan de tafel van het Woord en aan de tafel
van het Brood des Levens. De eerste blijft voortdurend inzicht verschaffen in
de heilsgeschiedenis en met name in het paasmysterie waarin Jezus na zijn
verrijzenis zijn leerlingen zelf heeft binnengeleid. Hij zelf spreekt, want Hij
is aanwezig in zijn Woord "wanneer de heilige schriften in de kerk gelezen
worden".60 Aan de tweede tafel wordt de werkelijke, substantiële en
duurzame aanwezigheid van de verrezen Heer voltrokken door de gedachtenis van
zijn lijden, sterven en verrijzen. En het levensbrood, dat het onderpand is van
de heerlijkheid die zal komen, wordt daar aangeboden. Het Tweede Vaticaans
Concilie heeft erop gewezen, dat "de liturgie van het woord en de
eucharistische liturgie zo nauw met elkaar verbonden zijn, dat zij een enkele
daad van eredienst uitmaken".61 Hetzelfde Concilie benadrukte eveneens:
"Om de tafel van het woord van God voor de gelovigen rijker aan te richten
moeten de schatkamers van de bijbel in ruimere mate worden opengesteld."62
Het heeft voorts sterk aanbevolen, dat de homilie op zondagen en verplichte
feestdagen niet achterwege gelaten zou worden, tenzij om ernstige redenen.63
Deze gunstige richtlijnen zijn trouw toegepast bij de liturgische hervormingen,
waarover Paulus VI in zijn commentaar bij het rijkere aanbod aan
schriftlezingen op zon- en feestdagen schreef: "Dit alles is zo geregeld,
dat bij de gelovigen de 'honger naar het woord van God' (vgl. Am 8,11) meer en
meer geprikkeld wordt waardoor het volk van het Nieuwe Verbond, onder de
leiding van de heilige Geest, dichter tot de volmaakte eenheid van de kerk
wordt gebracht."64
|