62. De christen zal dan ook in
gedachten moeten houden, dat als de regels van de joodse sabbat voor hem niet
meer gelden en verleden tijd geworden zijn door de 'verwezenlijking' van de
zondag, de basismotieven voor de plicht om de 'dag des Heren' te heiligen van
kracht blijven; zij zijn plechtig vastgelegd in de tien geboden, maar moeten nu
gelezen worden in het licht van de theologie en de spiritualiteit van de
zondag: "Onderhoud de sabbat: die moet heilig voor u zijn, zoals de Heer
uw God u heeft geboden. Zes dagen kunt ge werken en al uw arbeid verrichten,
maar de zevende dag is een sabbat voor de Heer uw God. Dan moogt ge geen enkele
arbeid verrichten, gijzelf niet, uw zoon niet, uw dochter niet, uw slaaf niet,
uw slavin niet, uw rund niet, uw ezel niet, uw overige vee niet en ook niet de
vreemdelingen binnen uw poorten. Dan kunnen uw slaaf en uw slavin uitrusten
evenals gijzelf. Bedenk dat gij slaaf zijt geweest in Egypte en dat de Heer uw
God u met sterke hand en uitgestrekte arm uit dat land heeft geleid. Daarom
heeft Hij u geboden de sabbat te onderhouden" (Dt 5,12-15). Het
onderhouden van de sabbat blijkt hier innig verbonden met het bevrijdingswerk
dat God voor zijn volk verrichtte.
|