Chapter, Paragraph
1 Intro,1 | 1. Nu het derde millennium
2 I,2 | plaats was in de herberg" (2, 1.3-7).~Aldus ging in vervulling
3 I,2 | Begenadigde, de Heer is met u". (1,28) Deze woorden hadden
4 I,2 | genoemd worden, Zoon van God" (1,30-32.35). Het antwoord
5 I,2 | geschiede naar uw woord" (1,38). In heel de geschiedenis
6 I,3 | vol genade en waarheid" (1, 14). In de ontvangenis
7 I,3 | was van de mensen (vgl. 1,1-5). Over de eengeboren
8 I,3 | was van de mensen (vgl. 1,1-5). Over de eengeboren Zoon,
9 I,3 | heel de schepping" (Kol 1,15). God schept de wereld
10 I,3 | evenbeeld van zijn wezen" (Heb 1,3). Van eeuwigheid verwekt
11 I,3 | wezens op aarde, in Hem" (1,10).~
12 I,4 | de volheid der tijden" (1,7-10). Christus, de Zoon
13 I,5 | de "Alfa en Omega" (Apk 1,8;21, 6), "het Begin en
14 I,5 | gesproken door de Zoon" (1,1-2).~
15 I,5 | gesproken door de Zoon" (1,1-2).~
16 I,6 | heeft Hem doen kennen" (1,18). Het mensgeworden Woord
17 I,6 | hoofd gebracht (vgl. Ef 1,10); tegelijk is Hij de
18 I,6 | Gods heerlijkheid (vgl. Ef 1,12). Heel de schepping is
19 I,7 | schaap spreekt (vgl. Lc 15,1-7). Het is een zoeken dat
20 I,8 | van God doorgrondt (vgl. 1 Kor 2,10), leidt ons, mensen
21 II,10 | laatste dagen" aan (vgl. Heb 1,2), "het laatste uur" (vgl.
22 II,11 | de volgende passage (61,1-2) voor: "De geest van Jahwe,
23 II,11 | genade te melden." (Je, 61,1-2)~De profeet sprak over
24 II,12 | 23,10-11), Leviticus (25,1-28), Deuteronomium (15,1-
25 II,12 | 1-28), Deuteronomium (15,1-6), met andere woorden in
26 II,16 | gebeuren, zoals Johannes zegt (1 Joh 1,1). Het is dus goed
27 II,16 | zoals Johannes zegt (1 Joh 1,1). Het is dus goed dat
28 II,16 | zoals Johannes zegt (1 Joh 1,1). Het is dus goed dat van
29 III,19 | boete en bekering (vgl. Lc 3,1-17), maar het heeft in zich
30 III,19 | de zonde der wereld" (Joh 1,29), de Verlosser van de
31 III,23(9) | hominis (4 maart 1979), 1.~
32 III,27(12)| Encycliek Centesimus annus (1 mei 1991), 12.~
33 IV,32(14) | de kerk, Lumen gentium, 1.~
34 IV,34(18) | Vgl. a.w., 1.~
35 IV,35(19) | godsdienstvrijheid, Dignitatis humanae, 1.~
36 IV,45 | ten bate van de kerk (vgl. 1 Kor 12,1-11). Tussen die
37 IV,45 | van de kerk (vgl. 1 Kor 12,1-11). Tussen die gaven is
38 IV,45 | charismatisch begaafden (vgl. 1 Kor 14). Door zichzelf en
39 IV,46 | waarheid tot hen kwam" (Kol 1,5). De grondhouding van
40 IV,47 | onderlinge liefde (vgl. 1 Kor 13,1-8). Door deze katechetische
41 IV,47 | onderlinge liefde (vgl. 1 Kor 13,1-8). Door deze katechetische
42 IV,49 | voor zijn aangezicht" (Ef 1, 3-4).~
43 IV,54 | dingen in haar gedaan (Lc 1,49). De Vader heeft Maria
44 IV,54 | dienstmaagd des Heren" (Lc 1,38). Haar moederschap, dat
45 V,59 | ieder mens verlicht" (Joh 1,9).~Met deze wensen schenk
|