Chapter, Paragraph
1 Intro,1| bent dus niet langer slaaf maar zoon; en als je zoon bent,
2 I,5 | Christus als tot een God". 7~Maar de grote gebeurtenis, waaraan
3 I,5 | geloofsdocumenten zijn, maar zelfs als historische getuigenissen
4 I,6 | God' zoals de profeten, maar Hij is God zelf die in zijn
5 I,6 | alleen de mens naar God, maar God komt in eigen persoon
6 I,6 | naar God" (vgl. Hnd 17,27), maar een antwoord in geloof op
7 I,7 | niet alleen tot de mens, maar zoekt Hij hem op. De menswording
8 II,9 | onmiddellijk duidelijk gegeven. Maar er is in de mens een onweerstaanbaar
9 II,11 | alleen af door zijn woord maar in de eerste plaats door
10 II,12 | vrijlating van de slaven, maar ook in de kwijtschelding
11 II,12 | eens in de vijftig jaar. Maar in het jubeljaar werden
12 II,13 | wat werkelijk gebeurde. Maar van de andere kant werden
13 II,14 | alleen 'in Urbe' gevierd, maar ook 'extra Urbem'. Dit laatste
14 II,15 | gebonden aan de geboortedatum, maar ook viert men andere gedenkdagen
15 II,15 | parallel op profaan terrein, maar de christenen geven er altijd
16 II,15 | alleen voor de christenen maar, gezien de prominente rol
17 II,16 | alleen inwendige blijdschap, maar de blijdschap die ook naar
18 II,16 | alle andere verschillen. Maar tegelijk zal het anders
19 II,16 | vastbesloten zijn om zo spoedig als maar mogelijk is de volledige
20 III,17 | tussen de jaren 1000 en 2000. Maar op bijzondere wijze kijken
21 III,17 | geschiedenis van de mens, maar ook van Gods ingrijpen in
22 III,18 | ingeluid. Dat is juist, maar tegelijk kan er moeilijk
23 III,19 | bekering (vgl. Lc 3,1-17), maar het heeft in zich iets van
24 III,20 | heerschappij over alle dingen, maar ook als Degene die de waarborg
25 III,25 | wereldwijde betekenis hadden maar daarom niet minder belangrijk
26 III,27 | zuigeling vergeten?" (Js 49,15).~Maar na 1989 zijn we geconfronteerd
27 IV,31 | herdenken van de gebeurtenissen, maar waarbij ook het heilskarakter
28 IV,32 | gelooft niet verloren gaat maar het eeuwige leven heeft" (
29 IV,32 | Verlossing hebben aanvaard.~Maar de vreugde van ieder jubileum
30 IV,33 | mensheid niet enkel een eeuw maar een millennium achter zich
31 IV,34 | eenheid wordt gestimuleerd.~Maar wij weten allemaal dat het
32 IV,34 | eenheid zullen zijn gekomen, maar dat toch het overwinnen
33 IV,34 | over de leer voortzetten, maar zich vooral meer wijden
34 IV,34 | eenheid intenser geworden, maar er moet met nog meer aandrang
35 IV,35 | andere wijze te onttrekken. Maar het beschouwen van de verzachtende
36 IV,36 | is op hun zedelijk leven maar ook op hun bidden en zelfs
37 IV,37 | vergoten voor Christus, maar ook voorgangers in het geloof,
38 IV,52 | is op technisch gebied, maar innerlijk is verschraald
39 IV,55 | tegelijk daarop vooruit.~Maar omdat Christus de enige
|