Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Ioannes Paulus PP. II
Tertio Millennio Adveniente

IntraText CT - Text

  • I "Jezus Christus is dezelfde gisteren en vandaag" (Heb 13,8)
    • 5
Previous - Next

Click here to hide the links to concordance

5. Het feit dat de Zoon van God "één van de onzen" is geworden, heeft zich in alle nederigheid voltrokken. Het is dus niet verwonderlijk dat de profane geschiedschrijving, die zich bezig hield met meer spectaculaire gebeurtenissen en prominenter persoonlijkheden, aanvankelijk op Hem slechts korte hoewel duidelijke toespelingen heeft gemaakt. Christus wordt bijvoorbeeld genoemd in de Joodse Oudheden, een door de geschiedschrijver Flavius Josephus tussen 93 en 94 te Rome geschreven werk, 4 en vooral in de Annalen van Tacitus die tussen 115 en 120 werden geschreven. Bij het verslag over de brand van Rome in 64, waarvan Nero valselijk de christenen de schuld gaf, wordt door de schrijver uitdrukkelijk gesproken over Christus "ter dood gebracht door de landvoogd Pontius Pilatus onder keizer Tiberius". 5 Ook Suetonius deelt ons in zijn rond 121 geschreven biografie van keizer Claudius mee dat de joden uit Rome werden verdreven omdat "zij op aanstichting van een zekere Chrestos veelvuldig onlusten veroorzaakten". 6 De meeste geleerden blijken er in hun uitleg van overtuigd te zijn dat deze tekst betrekking heeft op Jezus Christus, die bij de joodse kringen in Rome een bron van onderlinge strijd was geworden. Er is nog een ander belangrijk getuigenis, waaruit de snelle verspreiding van het christendom blijkt: het getuigenis van Plinius de Jongere, gouverneur van Bithynia, die aan keizer Trajanus tussen 111 en 113 meldt dat een groot aantal mensen gewoon waren bijeen te komen "op een vaste dag en voor de dageraad, om in beurtzang een loflied te zingen tot Christus als tot een God". 7
Maar de grote gebeurtenis, waaraan de niet-christelijke schrijvers slechts terloops een enkel woord wijden, wordt in het volle licht geplaatst door de geschriften van het Nieuwe Testament, die weliswaar geloofsdocumenten zijn, maar zelfs als historische getuigenissen daarom niet minder betrouwbaar zijn in al wat zij verhalen. Christus, ware God en ware mens, Heer van het heelal, is ook Heer van de geschiedenis, waarvan Hij de "Alfa en Omega" (Apk 1,8;21, 6), "het Begin en het Einde" (Apk 21, 6) is. In Hem heeft de Vader het laatste woord gesproken over de mens en zijn geschiedenis. Dat wordt kernachtig gezegd in de brief aan de Hebreeën: "Nadat God eertijds vele malen en op velerlei wijze tot onze vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij nu, op het einde der tijden, tot ons gesproken door de Zoon" (1,1-2).




4. Vgl. Ant, Iud. 20,200, en de welbekende en veel besproken passage 18,63-64.


5. Annales 15, 44, 3.


6. Vita Claudii, 25, 4.


7. Epist. 10,96.





Previous - Next

Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library

Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License