16. Het woord 'jubileum' doet denken aan blijdschap,
niet alleen inwendige blijdschap, maar de blijdschap die ook naar buiten
zichtbaar wordt, want de komst van God is een ook uitwendig, zichtbaar,
hoorbaar en tastbaar gebeuren, zoals Johannes zegt (1 Joh 1,1). Het is dus goed
dat van deze blijdschap over zijn komst ook naar buiten blijk wordt gegeven. Daarmee wordt zichtbaar
dat de kerk zich verheugt over het heil. Ze wekt iedereen op tot
blijdschap en tracht de nodige voorwaarden te scheppen opdat iedereen deel
heeft aan de kracht van het heil. Vandaar dat het jaar 2000 gevierd zal worden
als het grote Jubileumjaar.
Wat de inhoud betreft zal het grote Jubileumjaar in zekere zin niet van
alle andere verschillen. Maar tegelijk zal het anders zijn, groter dan welk
jaar ook. Want de kerk respecteert de maten van de tijd: uren, dagen, jaren,
eeuwen. In dat opzicht vervolgt zij samen met iedere mens haar weg, waarbij ze
eenieder zich ervan bewust maakt dat elk van deze afgebakende periodes
vervuld is van Gods tegenwoordigheid en van zijn heilbrengend handelen. In
die geest verblijdt zich de kerk, brengt ze dank, vraagt ze om vergeving, richt
zij smeekbeden tot de Heer van de geschiedenis en van het geweten der mensen.
Op dit uitzonderlijke moment, aan de vooravond van een nieuw millennium, is een
van de vurigste gebeden van de kerk tot de Heer dat onder alle christenen van
de verschillende belijdenissen de eenheid mag groeien en tot volledige
gemeenschap worden. Ik bid dat het Jubileumjaar een goede gelegenheid zal zijn
tot vruchtbare samenwerking op de vele terreinen die ons verbinden; deze zijn
veel talrijker dan die welke ons scheiden. Wat zou het daarom goed zijn als
men, met respect voor de programmaÕs van de verschillende kerken en
gemeenschappen, zou komen tot oecumenische plannen om het Jubileumjaar voor te
bereiden en te vieren. Op die wijze zou dit jaar aan de wereld nog
overtuigender doen blijken dat alle volgelingen van Christus vastbesloten zijn
om zo spoedig als maar mogelijk is de volledige eenheid tot stand te brengen,
wetende dat 'bij God niets onmogelijk is'.
|