Chapter, Paragraph
1 Inl,1 | volheid van de tijd gekomen was" (Gal 4,4) zond Hij zijn
2 Inl,2 | belangrijk kenmerk van dit plan was dat er Synodes per continent
3 Inl,3 | viering van de Synode zelf was een bevestiging van het
4 Inl,3 | overstijgt. Bijzonder ontroerend was de ontmoeting van de nieuwe
5 Inl,3 | in gesprek te gaan. Toch was er ook een gevoel van verdriet
6 Inl,3 | sterken (vgl. Lc 22,32), was werkelijk een bevestiging
7 Inl,3 | bleek hoe waar Jezus’ woord was: "Ik ben met jullie, alle
8 Inl,3 | dagen" (Mt 28,20). De Synode was een genadenrijke tijd omdat
9 Inl,3 | omdat ze een ontmoeting was met de Heiland die in zijn
10 Inl,4 | onder bisschoppen. De Synode was een vierend herinneren aan
11 Inl,4 | zal ontbreken. De Synode was ook een gelegenheid om haar
12 Inl,4 | menselijke prestaties, maar was een viering in het besef
13 Inl,4 | geringe aantal van haar leden was de Synode ook een oproep
14 Inl,4 | ophoudt te schenken.~De Synode was niet alleen een gedenken
15 I,7 | over de hele wereld bekend was vanwege haar liefde en belangeloze
16 I,9 | van vervolging. Armenië was het eerste land dat in zijn
17 I,9 | omdat men niet voorbereid was op de ontmoeting met de
18 I,9 | de koloniale machten.~Zo was de situatie op de vooravond
19 II,10 | continent de verkondiging was van Jezus Christus, waarlijk
20 II,11 | in het nederige Betlehem was Hij even weerloos als ieder
21 II,11 | heerser (vgl. Mt 2,13-15). Hij was zijn menselijke ouders onderdanig;
22 II,11 | verlatenen, de geringen was Hij nabij, en Hij verklaarde
23 II,11 | waren, omdat God met hen was. Hij zat aan tafel met zondaars
24 II,11 | Vader er ook voor hen plaats was, indien zij zich afwendden
25 II,11 | van zijn leerlingen. Nooit was het goddelijk mededogen
26 II,11 | van iedereen verlaten, als was Hij verslagen. Hij werd
27 II,11 | tot de Vader van Wie Hij was uitgegaan.~Samen met alle
28 II,11 | door de oerzonde een breuk was ontstaan in de relatie tussen
29 II,11 | bepalingen, die in ons nadeel was en tegen ons getuigde, verscheurd.
30 II,11 | geopenbaard hebben dat Hij de Zoon was van God, het van eeuwigheid
31 II,12 | zorgen van mijn pontificaat was de gelovigen te wijzen op
32 II,12 | worden geschonken, want deze was de enige die volledig kon
33 II,13 | Jezus, dat geheel gewijd was aan de liefde en dienst
34 II,13 | alles wat Hij zei en deed, was Jezus de stem, de handen
35 II,14 | van God, "reeds aanwezig was in de Schepping, in de geschiedenis
36 II,14 | de menswording aanwezig was in de kosmos, kwam de wereld
37 III,16 | dat het Rijk Gods gekomen was (vgl. Mt 12,28). Na zijn
38 III,18 | Geest die in Azië werkzaam was in de tijd van de aartsvaders
39 V,25 | zittingen van de Synode was een goede gelegenheid om
40 V,28 | mensen met God en met elkaar, was zo vaak een plaats van conflicten
41 VI,32(164)| Vertrekpunt in veel opzichten was de encycliek Rerum novarum
42 VI,32(164)| XIII (15 mei 1891). Deze was de eerste van een reeks
43 VI,41 | behandeling het grootst was. Vele malen hebben we de
|