Chapter, Paragraph
1 Inl,1 | 12) en riep Mozes om zijn volk naar de vrijheid te leiden (
2 Inl,1 | het door Hem uitverkoren volk door vele profeten, rechters,
3 Inl,1 | de verwachtingen van zijn volk heeft Hij tot de zijne gemaakt.
4 Inl,1 | gemaakt. Hij heeft van dit volk gehouden en hun joodse overleveringen
5 Inl,1 | tijd had God immers dit volk uitverkoren en zich eraan
6 I,5 | toebehoren tot een bepaald volk en een bepaald land. … Het
7 I,5 | daar haar zending. Wil het volk van God in Azië door middel
8 I,7 | het religieus karakter van volk, gezinnen en hele samenlevingen".18
9 I,8 | gemaakt van het Chinese volk, en de vurige hoop uitgesproken
10 I,9 | de geschiedenis van het volk van God op het continent.~
11 II,11 | alledag waren ontleend; het volk erkende dat Hij met gezag
12 II,14 | Er is geen mens, geen volk, geen cultuur waarin Jezus’
13 IV,21 | inculturatieproces moet het gehele volk van God worden betrokken,
14 IV,22 | geestelijke herders en met het volk te werken: in eenheid met
15 IV,22 | versterking van het geloof van het volk, dient steeds verenigbaar
16 IV,22 | is, zal blijken als het volk zich meer betrokken toont
17 IV,22 | van het evangelie heel het volk van God aangaat, is daarnaast
18 V,24 | het menselijk geslacht één volk van God vormt, tot één lichaam
19 V,24 | beschrijven als het pelgrimerende volk van God, waarmee in zekere
20 V,25 | en leven van geheel het volk van God. In het diepe besef
21 V,25 | parochie en van het gehele volk van God. De inbreng van
22 V,28 | uw liefde voor uw grote volk te laten lijden onder uw
23 V,28 | om hulp te bieden aan het volk van Noord-Korea, dat verstoken
24 V,31 | God. Alleen wanneer het volk van God de gave erkent die
25 VI,33 | Zij stelden dat heel het volk van God in Azië duidelijk
26 VI,38 | speerpunten tot sikkels. Geen volk heft het zwaard meer tegen
27 VI,38 | het lijden van het Irakese volk, en over het gegeven dat
28 VI,38 | solidariteit uitspreken met het volk van Irak, en heel bijzonder
29 VI,38 | aan dit zwaar beproefde volk bespaard blijft. 192~Globalisering~
30 VII,42| is en dat voor het gehele volk van God evangelisatie een
31 VII,42| plicht is. 204 Aangezien het volk van God in zijn geheel wordt
32 VII,43| volmacht en het gezag om het volk van God te onderrichten,
33 VII,45| leven en de zending van het volk van God.~De geestelijke
|