Chapter, Paragraph
1 Inl,1 | de tijd gekomen was" (Gal 4,4) zond Hij zijn eniggeboren
2 Inl,1 | tijd gekomen was" (Gal 4,4) zond Hij zijn eniggeboren
3 Inl,4 | 4. Door middel van deze postsynodale
4 II,12 | absolute Heiland (vgl. Heb 1,1-4). Als beslissend Woord van
5 II,12 | kunnen laten redden" (Hnd 4,12).~De zending van de Heiland
6 II,13(43) | Encycliek Redemptor hominis (4 maart 1979), 10.~
7 II,14 | tot bestaan (vgl. Joh 1,1-4.10; Kol 1,15-20). Maar als
8 III,15 | aangenomen kinderen (vgl. Gal 4,5). Herboren door het doopsel
9 III,15(55) | Kerk Ad gentes divinitus, 4 en 15; Tweede Vaticaans
10 III,16 | sterken (vgl. Mc 1,12; Lc 4,1; Mt 4,1). In de synagoge
11 III,16 | vgl. Mc 1,12; Lc 4,1; Mt 4,1). In de synagoge van Nazaret
12 III,16 | genadejaar van de Heer (vgl. Lc 4,18-19). Door de kracht van
13 III,17 | opgebouwd (vgl. 1 Kor 12,4; Ef 4,11-16). De Geest brengt
14 III,17 | opgebouwd (vgl. 1 Kor 12,4; Ef 4,11-16). De Geest brengt
15 III,18 | levend water" (vgl. Joh 4,10-15), een dorst die de
16 IV,19 | omwille van Jezus" (2 Kor 4,5). Gezegend met de gave
17 IV,20 | waarheid spreekt in liefde" (Ef 4,15) verkondigt de Kerk de
18 IV,20(70) | Vgl. Dignitatis humanae, 3-4; Redemptoris missio, 39;
19 IV,21(89) | tijdens de Mis te Calcutta (4 februari 1986), 3, in: Insegnamenti
20 V,24 | kunnen leiden (vgl. Rom 6,4). Centraal in het mysterie
21 V,24(117) | t.a.p.; Lumen gentium, 4.~
22 V,25 | liefhebben (vgl. Hnd 2,44-47; 4,32-35). Ze willen hen ook
23 V,30(150) | audiëntie (26 juli 1995), 4, in: Insegnamenti XVIII,
24 V,31(155) | van Azië (23 juni 1990), 4, in: aas 83 (1991), 101
25 VI,38 | leren ze niet meer" (Js 2,4).~De Synode heeft veel getuigenissen
26 VI,41(203) | evangelie van Mattheüs, 50, 3-4, in: pg 58, 508-509.~
27 VII,45(223)| audiëntie (13 juli 1994), 4, in: Insegnamenti XVII,
28 VII,46(230)| achtergrond (29 november 1980), 4, in: Insegnamenti III, 2 (
29 Conclu,50 | onpas" door te geven (2 Tim 4,2). Hun sterkte ontlenen
30 Conclu,50 | alleen geven kan (vgl. Joh 4,10-15). De volgelingen van
|