Chapter, Paragraph
1 Inl,3 | Kerken, in de persoon van de geestelijke herders elkaar in onderling
2 Inl,3 | zijn naar een waarachtige geestelijke ontmoeting, naar een onderlinge
3 Inl,3 | gevoel van verdriet omdat de geestelijke herders van continentaal
4 Inl,4 | van een stoutmoedigheid, geestelijke vurigheid en ijver die van
5 I,5 | Jezus Christus rond hun geestelijke herders, en anderzijds door
6 I,6 | wieg gestaan van andere geestelijke tradities zoals boeddhisme,
7 I,6 | jongeren, verlangen vurig naar geestelijke waarden, hetgeen blijkt
8 I,9 | daarna. Zij waren bron van geestelijke energie voor de Kerk, vooral
9 I,9 | voorbeeld een bron is "van geestelijke rijkdom en een krachtig
10 IV,20 | Geneesheer, Bevrijder, Geestelijke Leidsman, Verlicht Persoon,
11 IV,21 | leven binnendringen.~De geestelijke herders moeten krachtens
12 IV,22 | theologen in eenheid met de geestelijke herders en met het volk
13 IV,23 | en beschouwing zal weinig geestelijke invloed of missionair succes
14 IV,23 | vertegenwoordigers van niet-christelijke geestelijke tradities mij gesterkt in
15 V,25 | beschrijven als een rond hun geestelijke herder verzamelde communio
16 V,25 | synodevaders hebben daarom de geestelijke herders dringend gevraagd
17 V,25 | verbondenheid van hart met de geestelijke herders van de Kerk en het
18 V,25 | ommekeer in het leven. 134 De geestelijke herders moeten deze groepen
19 V,25 | bewegingen samenwerken met de geestelijke herders in een geest van
20 V,26 | Naast de noodzakelijke geestelijke vormen van ondersteuning
21 V,28 | het verlenen van morele, geestelijke en materiële steun, en tot
22 V,31 | van de Kerk, met name de geestelijke herders, de Heer van de
23 VII,42| in Azië werkzaam zijn.~De geestelijke herders~
24 VII,43| vaardigheid in het geven van geestelijke leiding en de andere aspecten
25 VII,45| van het volk van God.~De geestelijke herders hebben de taak te
26 VII,47| Azië jeugdzielzorgers en geestelijke leiders worden aangesteld
27 VII,47| aangesteld om te zorgen voor de geestelijke vorming en het apostolaat
28 VII,48| ruimte wordt geboden voor geestelijke en zedelijke waarden. Met
|