38. Aan het einde van de twintigste eeuw wordt de wereld nog steeds bedreigd
door krachten die leiden tot botsingen en oorlogen, en Azië is daar zeker
niet van verschoond gebleven. Onder die krachten vallen allerlei soorten van
onverdraagzaam- heid en uitsluiting op maatschappelijk, cultureel, politiek en
ook op godsdienstig gebied. Iedere dag opnieuw worden individuen en hele
volkeren geteisterd door nieuw geweld, en er ontstaat een cultuur van de dood,
waarbij men op niet te rechtvaardigen wijze zijn toevlucht neemt tot geweld om
spanningen op te lossen. In deze angstaanjagende situatie van conflicten in
zoveel delen van de wereld dient de Kerk zich krachtig in te zetten voor het
internationaal en interreligieus streven om vrede, gerechtigheid en verzoening
te doen zegevieren. De Kerk blijft benadrukken dat conflicten door
onderhandelen en niet door wapens moeten worden opgelost, en ze ziet uit naar
de dag waarop de landen niet langer oorlog als middel zullen beschouwen om hun
eisen te verwezenlijken of geschillen te slechten. Ze is ervan overtuigd dat
oorlog meer problemen schept dan oplost, dat met elkaar praten de enige juiste
en nobele methode is om tot overeenstemming en verzoening te komen en dat, waar
men de kunst verstaat om geduldig en redelijk aan het bouwen van vrede te
werken, dit heel bijzonder door God gezegend wordt.
Bijzonder verontrustend in Azië is de voortdurende aankoop van
massavernietigingswapens, een immorele en nodeloze uitgave in de begroting van
de naties, terwijl deze in sommige gevallen zelfs voor de meest elementaire
behoeften van de bevolking niet toereikend is. Ook hebben de synodevaders
gesproken over het grote aantal landmijnen in Azië waardoor
honderdduizenden onschuldigen gedood of verminkt zijn, en vruchtbare gronden
die voor voedselproductie hadden kunnen dienen, onbruikbaar zijn geworden.
190 Allen, met name de regeringsleiders, hebben de plicht met grotere
kracht aan ontwapening te werken. Tenslotte heeft de Synode gevraagd dat aan
bouw, verkoop en gebruik van atoomwapens en van chemische en biologische wapens
een eind zou worden gemaakt; ze heeft hen die landmijnen hebben gelegd,
opgeroepen te helpen bij de opruimings- en herstelwerkzaamheden. 191
Bovenal hebben de synodevaders God, die het diepste van ieder menselijk geweten
kent, gesmeekt het verlangen naar vrede te willen wekken bij mensen die het
liefst de weg van het geweld willen volgen, zodat het bijbels visioen in
vervulling gaat: "Dan smeden zij hun zwaarden om tot ploegscharen en hun
speerpunten tot sikkels. Geen volk heft het zwaard meer tegen een ander en
oorlog leren ze niet meer" (Js 2,4).
De Synode heeft veel getuigenissen gehoord over het lijden van het
Irakese volk, en over het gegeven dat veel Irakezen, met name kinderen,
gestorven zijn door gebrek aan geneesmiddelen en andere eerste levensbehoeften
tengevolge van het nog steeds van kracht zijnde embargo. Samen met de
synodevaders wil ik nogmaals mijn solidariteit uitspreken met het volk van
Irak, en heel bijzonder leef ik biddend en hopend mee met de zonen en dochters
van de Kerk in dat land. De Synode heeft God gebeden, geest en hart te
verlichten van hen die geroepen zijn om een billijke oplossing te vinden voor
de crisis zodat verder leed aan dit zwaar beproefde volk bespaard blijft. 192
Globalisering
|