23. Naarmate de christelijke gemeenschap dieper geworteld is in de
Godservaring welke voortkomt uit een levend geloof, zal ze anderen op
geloofwaardiger wijze kunnen verkondigen dat het Rijk van God in Jezus Christus
in vervulling is gegaan. Dat zal gebeuren door getrouw te luisteren naar het
Woord van God, door gebed en beschouwing, door viering van Jezus’ geheim in de
sacramenten, met name in de eucharistie, en door het voorbeeld te geven van een
ware verbondenheid in leven en oprechte liefde. Centraal in het hart van de
particuliere Kerk moet de beschouwing staan van Jezus Christus, mensgeworden
God; constant moet ze streven naar inniger eenheid met Hem wiens zending zij
voortzet. Missie is een beschouwend handelen en een actieve beschouwing.
Maar een missionaris die geen diepe Godservaring bezit in gebed en beschouwing
zal weinig geestelijke invloed of missionair succes hebben. Deze opmerking
ontleen ik aan mijn eigen ervaring als priester; zoals ik elders heb
geschreven, hebben mijn contacten met vertegenwoordigers van niet-christelijke
geestelijke tradities mij gesterkt in de overtuiging dat de toekomst van de
missie grotendeels afhangt van de contemplatie. 108 In Azië,
thuisland van grote godsdiensten, waar mensen en hele volkeren dorsten naar het
goddelijke, is het de roeping van de Kerk een Kerk van gebed te zijn, door en
door spiritueel te zijn, ook al is ze betrokken bij de menselijke en sociale
zorgen van iedere dag. Iedere christen heeft behoefte aan een echte missionaire
spiritualiteit van gebed en contemplatie.
In Azië wordt iemand die werkelijk godsdienstig is, gemakkelijk
gerespecteerd en gevolgd. Men heeft er grote hoogachting voor gebed, vasten en
verschillende vormen van ascese. Zelfverloochening, onthechting, nederigheid,
eenvoud en zwijgen worden door de aanhangers van alle godsdiensten als grote
waarden beschouwd. Opdat het gebed niet losgemaakt wordt van de zorg voor de
mensen hebben de synodevaders erop gewezen dat "het werk van
gerechtigheid, naastenliefde en mededogen nauw verbonden is met een oprecht
leven van gebed en beschouwing, en dat deze spiritualiteit bovendien de bron
zal zijn van heel onze evangelisatiearbeid".109 In de volle
overtuiging van het belang van een waarachtig getuigenis bij de evangelisatie
van Azië hebben de synodevaders verklaard: "De Blijde Boodschap van
Jezus Christus kan alleen worden verkondigd door mensen die gegrepen zijn en
geïnspireerd worden door de in Jezus Christus zichtbaar geworden liefde
van de Vader voor zijn kinderen. Deze verkondiging is een opdracht waarvoor
heilige mannen en vrouwen nodig zijn die door hun leven de Heiland doen kennen
en liefhebben. Vuur kan alleen worden ontstoken door iets dat zelf brandt. Zo
kan de Blijde Boodschap in Azië alleen dan met succes verkondigd worden
indien bisschoppen, priesters, religieuzen en leken zelf verteerd worden van
liefde voor Christus en branden van ijver om Hem steeds meer te doen kennen,
intenser te doen liefhebben en inniger te doen volgen." 110 De
christenen die over Christus spreken moeten de boodschap die zij verkondigen in
hun leven gestalte geven.
Wat dit betreft vraagt een bijzondere omstandigheid in de situatie van
Azië onze aandacht. De Kerk weet dat het zwijgend getuigenis van het
leven ook nu nog het enige middel blijft om het Rijk van God te verkondigen
in veel gebieden van Azië waar openlijke verkondiging verboden is en geen
of slechts systematisch beperkte godsdienstvrijheid heerst. De Kerk doorleeft
dit soort van getuigenis bewust, en ziet daarin het middel om "haar
kruis" op zich te nemen (vgl. Lc 9,23); toch blijft ze onvermoeibaar de
regeringen erop wijzen dat de godsdienstvrijheid een fundamenteel mensenrecht
is, en vraagt ze hun dit te erkennen. Het is goed hier te herinneren aan hetgeen
het Tweede Vaticaans Concilie heeft gezegd: "De menselijke persoon heeft
recht op godsdienstvrijheid. Deze vrijheid bestaat hierin, dat alle mensen vrij
moeten zijn van dwang, of die nu door enkelingen, door sociale groepen, of door
enige menselijke macht wordt uitgeoefend, en wel zo, dat in godsdienstige
aangelegenheden niemand wordt gedwongen te handelen tegen zijn geweten in, noch
wordt belemmerd om, binnen passende grenzen, privé of publiek, alleen of
samen met anderen volgens zijn geweten te handelen." 111 In
sommige Aziatische landen moet dit beginsel nog erkend en in praktijk gebracht
worden.
Het is dus duidelijk dat de verkondiging van Jezus Christus in Azië
zowel wat inhoud als methode betreft veel complexe aspecten heeft. De
synodevaders waren zich zeer wel bewust van de gewettigde verscheidenheid aan
manieren om Jezus te verkondigen, steeds echter op voorwaarde dat wanneer het
geloof wordt overgedragen, dit geloof in volle omvang gerespecteerd wordt. De
Synode heeft erop gewezen dat "de evangelisatie tegenwoordig een rijk en
dynamisch gebeuren is. Het heeft verscheidene kanten en elementen: getuigenis,
dialoog, verkondiging, catechese, bekering, doopsel, opname in de kerkelijke
gemeenschap, vestiging van de Kerk, inculturatie en de integrale ontwikkeling
van de mens. Sommige van deze elementen staan met elkaar in verband, andere
zijn opeenvolgende fasen van het totale evangelisatieproces." 112
Maar wat in het totale missiewerk verkondigd moet worden is de volledige
waarheid van Jezus Christus. Om iemand geleidelijk Christus te leren kennen
is het geoorloofd en noodzakelijk bepaalde aspecten van het ondoorgrondelijke
geheim van Jezus te benadrukken, maar in geen enkel opzicht mag daarbij het
geloof worden aangetast. Als iemand het geloof aanvaardt moet dit uiteindelijk
berusten op het volledig verstaan van de persoon van Jezus Christus, de Heer
van allen die "dezelfde is, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid"
(Heb 13,8), zoals de Kerk overal en te allen tijde heeft geleerd.
|