Chapter, Verse
1 1, 15| Zacharia, en Jeduthun, die door de koning gesteld was.~
2 1, 27| 27 Ik ben tegen u door God de Here niet uitgezonden,
3 1, 32| zulks altijd geschieden zou door geheel het geslacht Israëls.~
4 1, 33| Josia in het bijzonder, die door hem zijn gedaan, en van
5 1, 33| Heren. En hetgeen tevoren door hem gedaan was, en hetgeen
6 1, 47| niet voor de woorden, die door Jeremia de profeet gesproken
7 1, 50| hunner vaderen zond tot hen, door zijn boden om hen tot bekering
8 1, 57| woord des Heren, gesproken door de mond van Jeremia;~
9 2, 1 | Heren vervuld werd dat hij door de mond van Jeremia gesproken
10 2, 2 | zijn koninkrijk, en mede door schriften, zeggende:~
11 2, 12| 12 En door deze werden zij overgeleverd
12 2, 15| deze zijn wedergebracht door Schesbatzar, met degenen,
13 3, 6 | hem een wagen geven, die door paarden met gouden tomen
14 4, 45| verbrand hebben, toen Judea door de Chaldeeën is verwoest.~
15 4, 46| is de heerlijkheid, die door mij van u geeist wordt.
16 6, 14| zeer vele jaren gebouwd door een groot en machtig koning
17 6, 24| men offeranden doen zou door gedurig vuur.~
18 7, 1 | gehoorzaam geweest aan hetgeen door de koning Darius was verordineerd;~
19 7, 4 | En zij volbrachten die, door het bevel des Heren de God
20 8, 3 | in de wet van Mozes, die door de Gods Israëls was gegeven.~
21 8, 73| die toen bewogen werden door het woord des Heren, de
22 8, 81| zo zijn wij niet verlaten door de Here onze God, maar hij
23 8, 83| die gij ons gegeven hebt door de dienst uwer knechten
24 8, 84| hebben, is een land, dat door de bezoedeling van de vreemde
25 8, 94| twijfel, maar laat daarover door ons een eed geschieden voor
26 9, 3 | een aankondiging gedaan door geheel Judea en Jeruzalem,
27 9, 39| wet Mozes zou halen, die door de Here, de God Israëls
|