Chapter, Verse
1 1, 1 | 1 HET Boek der geschiedenissen van Tobias,
2 1, 2 | van Enemessar, de koning der Assyriërs, uit Thisbe: welke
3 1, 2 | is aan de rechter zijde der stad, eigenlijk Naftali
4 1, 3 | levens gewandeld in de wegen der waarheid, en der gerechtigheid,
5 1, 3 | de wegen der waarheid, en der gerechtigheid, en heb veel
6 1, 3 | vertrokken waren in het land der Assyriërs, naar Nineve.~
7 1, 5 | zouden offeren, en de tempel der woning van de Allerhoogste
8 1, 5 | gebouwd voor alle geslachten der wereld. En al de stammen,
9 1, 6 | eerstelingen en de tienden der vruchten, en de eerste wol,
10 1, 11| waren, gegeten van de broden der heidenen,~
11 1, 20| en geworpen bij de muur der stad Nineve, die begroef
12 2, 2 | hetwelk is het heilig feest der zeven weken, zo werd mij
13 2, 6 | 6 En ik werd gedachtig der profetie van Amos gelijk
14 3, 2 | rechtvaardig oordeel in der eeuwigheid.~
15 3, 4 | en tot een spreekwoord der versmading alle de volken,
16 3, 14| heilig en dierbaar is in der eeuwigheid. Dat u al uw
17 3, 14| al uw werken prijzen in der eeuwigheid.~
18 4, 6 | wandel niet in de wegen der ongerechtigheid. Want als
19 4, 8 | aalmoezen naar de menigte der dingen.~
20 4, 13| vaders, dewijl wij kinderen der profeten zijn. Noach, Abraham,
21 4, 18| overvloedig over het graf der rechtvaardigen, en geef
22 5, 19| van het vee en de tienden der vruchten.~
23 6, 22| dewijl deze u is bereid van der eeuwigheid, en gij zult
24 7, 20| dochter, de Here des hemels en der aarde geve u vreugde voor
25 8, 2 | van Rafaël, en nam de as der reukofferen, en legde het
26 8, 5 | heilig en heerlijk is in der eeuwigheid, u moeten de
27 8, 6 | uit deze is het geslacht der mensen geboren. Gij hebt
28 8, 11| 11 Zend een der dienstmaagden, en laat haar
29 8, 17| hem met ede, eer de dagen der bruiloft geëindigd waren,
30 8, 17| tenzij de veertien dagen der bruiloft volbracht zouden
31 10, 1 | elke dag; en als de dagen der reis vervuld waren, en zij
32 10, 9 | Totdat de veertien dagen der bruiloft voleindigd waren,
33 11, 13| En geloofd zij uw naam in der eeuwigheid.~
34 12, 7 | verheffe, en de redenen der werken Gods eerbiedig aanwijze;
35 12, 15| engelen, die de gebeden der heiligen voor God brengen,
36 12, 18| God; daarom looft hem in der eeuwigheid.~
37 13, 2 | 2 Geloofd zij God die in der eeuwigheid leeft, en geloofd
38 13, 5 | mond, en gij zult de Here der gerechtigheid loven, en
39 13, 5 | loven, en zult de Koning der eeuwigheid verheffen.~
40 13, 10| ontfermen over de kinderen der rechtvaardigen.~
41 13, 11| goed, en looft de Koning der eeuwigheid, opdat zijn tabernakel
42 13, 12| liefhebbe, in alle geslachten der wereld.~
43 13, 15| vervrolijk u over de kinderen der rechtvaardigen, want zij
44 13, 15| worden, en zij zullen de Here der rechtvaardigen loven.~
45 13, 16| zullen zich vervrolijken in der eeuwigheid.~
46 14, 7 | eerste was, totdat de tijden der wereld zullen vervuld zijn.
47 14, 7 | zijn voor alle geslachten der wereld, gelijk de profeten
|