Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
volken 3
volks 1
vond 2
voor 36
voorbij 1
voorgaanden 1
voorgekomen 1
Frequency    [«  »]
47 der
38 zoon
37 uit
36 voor
36 want
35 zo
33 god

Het boek Tobit (Tobias)

IntraText - Concordances

voor

   Chapter, Verse
1 1, 5 | was geheiligd en gebouwd voor alle geslachten der wereld. 2 1, 6 | priesters, de zonen Aärons, voor het altaar.~ 3 1, 14| genade, en aangenaamheid voor Enemessar, en ik werd zijn 4 1, 25| En Achiachar verzocht het voor mij, en ik kwam weder te 5 3, 5 | hebben niet oprechtelijk voor u gewandeld.~ 6 3, 6 | naar hetgeen behagelijk is voor u; beveel dat men mijn geest 7 3, 20| noch zoon, dat ik mijzelf voor die mocht bewaren tot een 8 3, 24| dezer beiden werd verhoord voor de heerlijkheid des groten 9 4, 12| aalmoes is een goede gift, voor al degenen, die deze doen, 10 4, 14| dochteren uws volks, om uit hen voor uzelf een huisvrouw te nemen. 11 4, 15| loon van geen mens, die voor u gearbeid heeft, bij u 12 4, 21| doet hetgeen behaaglijk is voor hem.~ 13 5, 25| hand, als hij uit en ingaat voor ons?~ 14 6, 9 | geest, moet gij roken die voor die man of die vrouw, en 15 6, 18| vrouw zijn. En heb geen zorg voor die duivel.~ 16 7, 9 | en zetten hun veel spijs voor. Maar Tobias zeide tot Rafaël: 17 7, 9 | hij stelde Raguël die rede voor.~ 18 7, 20| der aarde geve u vreugde voor deze uw droefheid, heb goede 19 10, 13| opdat ik mij verheugen mag voor de Here. En zie ik geef 20 11, 3 | 3 Laat ons vooruit lopen voor uw vrouw, en het huis bereiden.~ 21 11, 18| Tobias bekende openlijk voor hen, dat God zich zijner 22 12, 7 | heerlijkheid, en dankt hem voor het aanschijn aller levenden, 23 12, 11| 11 Ik zal voor ulieden geen zaak verbergen; 24 12, 12| gedachtenis van ulieder gebed voor het aangezicht des heiligen.~ 25 12, 15| de gebeden der heiligen voor God brengen, en ingaan voor 26 12, 15| voor God brengen, en ingaan voor het aanschijn van de heerlijkheid 27 13, 3 | hem, gij kinderen Israëls, voor de heidenen, dewijl hij 28 13, 3 | heerlijkheid, en verheft hem voor het aanschijn van alles 29 13, 4 | uw ziel, om oprechtheid voor zijn aanschijn te bewijzen, 30 13, 4 | en zal zijn aangezicht voor u niet verbergen, en gij 31 13, 7 | zondaars, en doet gerechtigheid voor zijn aanschijn; wie weet 32 13, 13| hun handen, en dat, gaven voor de Koning des hemels. Alle 33 14, 6 | mijn kind; want ik houd voor gewis, dat alles wat Jona 34 14, 6 | Medië zal meer vrede zijn voor een tijd) en dat onze broeders 35 14, 6 | worden, en zal woest zijn voor een tijd.~ 36 14, 7 | een heerlijk gebouw zijn voor alle geslachten der wereld,


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License